Asset 14

De lucht was nog lang niet opgeklaard

Kort verhaal: De lucht was nog lang niet opgeklaard 2

'Hij moest zijn benen en voeten nu vertellen dat hij nog steeds vooruit wilde. Zij probeerden hem op hun beurt te vertellen dat het beter was om te stoppen, maar hij luisterde niet.' Een echte non-stopweek stopt natuurlijk niet na zeven dagen. Op de achtste dag van de non-stopweek een kort verhaal van Tim Nikken over een man die begint met fietsen en daar niet meer mee ophoudt.

De lucht was nog lang niet opgeklaard. Het enige dat voor verlossing kon zorgen was de zon. Hij dacht dat hij her en der een paar blauwe gaten in het wolkendek zag, maar het was niet genoeg om droog de stad door te komen. Hij had niet uit het raam gekeken en was zonder paraplu op zijn fiets gestapt. De eerste regendruppels deerden hem niet zoveel. Hij had al jong leren fietsen en genoot na al die jaren nog steeds van het naar voren roetsjen van de tweewieler. Hij kon ook zonder handen fietsen, maar dat hoorde niet bij een zichzelf respecterende man, vond hij. Zijn voeten, met reliëf en groeven in de zolen van zijn stevige leren schoenen, had hij daadkrachtig op zijn trappers geplant. Zij bepaalden het ritme, het tempo. Het ging van snel naar sneller. Alles hier was tempo.

Hij wist waar hij naartoe fietste. Naar een plek waar het niet regende en waar misschien een paar warme stralen zijn gezicht zouden verwarmen. Het bovenste gedeelte van zijn gezicht dan; op het onderste gedeelte van zijn gezicht hadden zijn haren zich in de loop der jaren tot een baard gevormd. De kapper knipte er om de zoveel tijd een stukje beschaving in. Hij had op zijn nog korte tocht over het fietspad al veel mensen ingehaald. Ze waren jong en oud, en hij schamperde om hun paraplu’s en regenjassen. Zijn jas was geen regenjas en werd daarom steeds zwaarder, maar functioneerde nog wel naar behoren. Om zijn benen droeg hij een spijkerbroek die doorweekt aan zijn dijen plakte. In zijn fietsdrift merkte hij echter niks van het ongemak. Zijn handen, koud door regen en wind, had hij vastberaden om het stuur geklemd. Zijn vingers en handen waren zowel wit van het knijpen als rood van de wind en regen. Desondanks bleef hij keurig en daadkrachtig doortrappen. Voor hem fietste een koppel hand in hand. Ze leken geen haast te hebben en hij haalde ze hoofdschuddend in. De weg begon te slingeren. Hij keek achterom en zag dat de mensen die hij had ingehaald verdwenen waren. Toen hij zijn hoofd terug naar voren draaide, sloeg de regen hem weer in het gezicht. Hoewel hij geen gaten in het wolkendek zag, was hij er van overtuigd dat als hij maar lang genoeg door zou trappen, de lucht zou klaren. Kort verhaal: De lucht was nog lang niet opgeklaard 1Er ging een steek door hem heen. In de verte zag hij een bliksemflits. Hij telde de seconden tussen de bliksemflits en de donderslag. Het waren meer dan tien tellen. Zijn spijkerbroek plakte nu van zijn bovenbenen tot zijn schenen aan hem vast. Via het water begon de kou tot hem door te dringen. Hij schudde zijn hoofd, maar het water bleef plakken. Zijn wenkbrauwen fungeerden als afdak, maar ze waren overbelast en het water droop over zijn gezicht. Hij keek naar zijn handen die nog steeds het stuur omklemden. Met moeite kreeg hij zijn rechterhand open en kwam het gerimpelde rubberen handvat tevoorschijn. Hij veegde met zijn mouw over zijn gezicht en nam wat water mee. Het trappen ging niet meer automatisch. Een overdekte picknickplaats met prullenbak en gecombineerde banktafel langs de kant van de weg zag er welkom uit, maar hij stopte niet. Hij moest zijn benen en voeten nu vertellen dat hij nog steeds vooruit wilde. Zij probeerden hem op hun beurt te vertellen dat het beter was om te stoppen, maar hij luisterde niet. Weldra zou de lucht klaren. Zijn gemoed bleef vol verwachting.

Toen hij na nog een stuk doorfietsen besloot om te gaan zitten op een alleenstaande bank, was hij teleurgesteld. Hij stak woedend zijn vuist in de lucht en mompelde een aantal verwensingen. Een reactie bleef uit. Het was inmiddels donker geworden en hij had het erg koud. Bewegen kon hij niet meer, dus had hij geen andere keuze dan op het bankje te gaan liggen. Uit zijn leren jas kon hij nog net een stukje drop vissen dat hij hongerig opat. Het viel rauw op zijn maag, maar het was beter dan volledig leeg te zijn van binnen. Gelukkig was hij doorweekt, dus als iemand hem zou zien zouden de tranen die zachtjes uit zijn ogen stroomden niet opvallen. Hij dacht terug aan de weg die hij had afgelegd. Op het moment dat hij de deur was uitgestapt had hij een duidelijk visioen voor ogen gehad.

Er moest ergens een gat in het wolkendek te vinden zijn.

Er moest ergens een gat in het wolkendek te vinden zijn. Hij had flink de vaart erin gehouden en zich door niets of niemand laten stoppen onderweg. Als je met zo’n machtig doel fietst dan behoor je ergens te geraken. Het had hem echter nergens gebracht, slechts in deze penibele situatie. Hij begon te twijfelen of hij wel de juiste route had afgelegd. Het was duidelijk niet de juiste route als deze hem niet op zijn bestemming had gebracht. Zijn verdriet sloeg om in een na-morren en grommen en ondanks de kou deed hij zijn ogen dicht en probeerde het zichzelf zo comfortabel mogelijk te maken op de houten planken. De planken waren wat soppig geworden van de regenval, maar het liggen werd er niet beter op. Zijn lichaam was van schokkend rillen naar af en toe een enkele ril gegaan die met horten en stoten werd geproduceerd. Langzaamaan raakte zijn lichaam uitgeput van het schokken en met een laatste boze uitademing sliep hij in. De nacht zou bijzonder onplezierig worden. De kou was niet meer kwijt te raken en de lucht was afgekoeld tot een uiterst onaangename temperatuur.

Toen brak het ochtendgloren aan. Er klonken geluiden, maar er kwam amper licht aan te pas. Hij wist dat het tijd was om op te staan. Zijn verkrampte benen en rug konden het niet langer verdragen om nog op de houten bank te liggen. Om het zichzelf gemakkelijker te maken deed hij zijn schoenen uit en vervolgens zijn spijkerbroek, die nog steeds om zijn bovenbenen plakte evenals aan de rest van zijn onderstel. De bovenkant van zijn spijkerbroek ging nog makkelijk naar beneden, maar de rest ging moeilijker. Hij gebruikte de lap stof die bevrijd was aan de bovenkant om de rest van zijn broek af te rollen. Om zijn laatste voet bleef de broekspijp steken en hij moest op zijn andere voet om het bankje heen hinkelen om zijn evenwicht te bewaren. Na enig wrikken, verder hinkelen, wanhoop en doorzetten, kreeg hij met één harde ruk de natte broek van zijn been en slaakte een schreeuw van vreugde. Hij hield de natte spijkerbroek in zijn handen en zweepte er mee op het bankje dat hem zo had gekweld in de nacht. De broek maakte een luide knal toen deze op het bankje terechtkwam en de klap gaf een onmiddellijke bevrediging. Hij besloot het bankje er flink van langs te geven en na een aantal luide klappen kreeg hij het weer warm. Hij begon rondjes te lopen om het bankje, slingerde de spijkerbroek als een lasso boven zijn hoofd en gaf af en toe een tik aan de bank. Om meer bewegingsvrijheid te creëren schoof hij ook zijn natte onderbroek af. Dit ging een stuk makkelijker dan de spijkerbroek. De leren jas beperkte zijn autonomie echter een stuk meer dan de onderbroek. Uit ermee. Hij legde de broek op de bank en smeet zijn jas op de grond.

Met het uitdoen van de kledingstukken viel er steeds meer schroom van hem af.

Met het uitdoen van de kledingstukken viel er steeds meer schroom van hem af en na het verliezen van zijn trui en T-shirt rekte hij zich uit, pakte de spijkerbroek weer op en begon te dansen om het bankje. Na elke ronde werden de klappen minder frequent, en ook de intensiteit van de dans nam af. Na een laatste vreugderonde ging hij opgewarmd en uitgeput op de overwonnen bank zitten. Hij had zich in tijden niet zo voldaan gevoeld en vroeg zich niet af waarom. Hij spande om beurten zijn linker en rechterbil als na-effect van de rondedans. Zijn lichaam ontspande zich en terwijl hij zijn ogen dicht deed voelde hij een ongekende warmte vanbinnen. Plots herinnerde hij zich waarom hij op aarde was. Hij pakte zijn mannelijkheid eerst met zijn linkerhand en daarna met zijn rechterhand vast. Vervolgens liet hij zijn vergeten trots glunderend omhoog steken – alvorens hij er aan begon te trekken. Het begon nu beetje bij beetje lichter te worden en het rumoer in de buurt van het bankje nam toe. Hij kon de geluiden niet precies onderscheiden en was ook meer gericht op zichzelf dan op de buitenwereld. Hij hoorde de vogels fluiten zoals zij dat doen in de buitenlucht en iets van een ritmisch gespetter, misschien dat er een vijver of plas in de buurt was. Terwijl hij zich daar in het schemerdonker aan het bevredigen was stond de wereld even stil. Ten langen leste vielen de eerste volledige zonnestralen op zijn lichaam. Niet alleen op zijn gezicht zoals hij eerst had gewild, maar ook op zijn armen en borst en handen en alles wat maar een huid had en dingen kon voelen. De zon sprak hem toe. Ga heen en vertel anderen over mijn weldaad. Hij keek omhoog en wist dat het goed was. Voor deze stralen was hij gaan fietsen. Hij nam zich voor om alles te onthouden. Daarna begon het weer te spetteren en de stralen verdwenen een voor een. Hij wist dat hij weer terug zou moeten, maar genoot nog even van het moment. Hij pakte zijn fiets en liet zijn kleren achter.

Kort verhaal: De lucht was nog lang niet opgeklaard

 

 

Mail

Tim Nikken is schrijver, doet af en toe zaken als literair agent en werkt als consultant op de Zuidas. Hij verwondert zich dagelijks over de constante, maar ook onvoorspelbare menselijke conditie.

Annelien Smet is een Gentse illustratrice wiens werk is verbonden met muziek. Voor elk werk luistert ze onophoudelijk naar één nummer om in een sfeer te blijven. "Een nummer dat goed gemixt is, genoeg 'ademt' en mijn binnenste met een diepe bas doet daveren. Dat inspireert."

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
Lees meer
test
het laatste
Kür op muziek

Kür op muziek

”Onlangs las ik over wezentjes die alleen bestaan in de droom van een slapende vrouw.” Nelson Morus schreef een kort verhaal over geforceerde gezelligheid, chatbotgesprekken over lievelingsgerechten, hectiek en de alledaagse sleur. Lees meer

Zo het begon 1

Zo het begon

Nele Peeters schreef een ontroerend verhaal, vol treffende zinnen en beelden. Het is dromerig verhaal, over eenzaamheid, hoop, zorgzaamheid en zwaarte. Lees meer

 1

Het model

De hoofdpersoon in dit verhaal van Feico Sobel poseert op een doordeweekse avond naakt voor een schilderklasje in Spijkenisse. De sessie ontaardt in een bizarre erotische nachtmerrie waarin onze verteller zich totaal verliest. Lees meer

Weke delen

Weke delen

Op de laatste dag van de zomervakantie bedenken vier vrienden een ultieme streek om ‘de Pedofiel’ in het dorp te leveren. Maar tussen Reinout en Jordan is iets anders aan de hand. Een coming of age- verhaal van Nelson Morus over vriendschap, angst, en schaamte. Lees meer

De kieuwbogen kleuren zalmroze

De kieuwbogen kleuren zalmroze

In de zomer van 2022 voltrok zich een milieuramp in de rivier de Oder. Honderdduizenden dode vissen dreven toen naar het oppervlak van de rivier. Emma Zuiderveen schreef een gedichtenreeks waarin ze de oorzaken en gevolgen van deze ramp op zowel individuele als collectieve schaal onderzoekt. Lees meer

De vrouw met de rode haren (ILY)

De vrouw met de rode haren (ILY)

Een verhaal van Ida Blom over de beklemming van verlies en herinnering en het zoeken naar het verleden in het heden. Lees meer

Roku City/heterotopie/spiegels

Roku City / heterotopie / spiegels

Mel Kikkert schreef een multimedia verhaal over Roku een streamingdienst die in de VS ontstaan is. In 2017 bracht Roku een screen saver uit, die je zag als je niets aan het kijken was op hun service. Lees meer

De sofaconstante

De sofaconstante

Uschi Cop schreef een claustrofobische verhalenbundel over zes levens die getekend zijn door een verlangen naar zingeving. De sofaconstante is een voorpublicatie van een van die verhalen uit haar bundel 'Zwaktebod'. Lees meer

Voesten

Voesten

"Misschien is dat man zijn hier: hetzelfde bewegen als de anderen." Voesten van Werner de Valk is een kort verhaal over een eiland met een duistere traditie en over het moeten bewijzen van mannelijkheid. Lees meer

Muze

Muze

Loren Snel schreef een roman over hoe samen te zijn met een ander en intussen trouw te blijven aan jezelf. Haar debuut verschijnt 25 oktober bij uitgeverij Prometheus. Hier lees je een voorpublicatie. Lees meer

Jari

Jari

Dave Boomkens schreef een verhaal over troosteloosheid, onmacht en opgroeien. Over hoe je in een treurig flatgebouw, tussen de nieuwsprogrammering en sportwedstrijden door, een vriend kunt vinden en verliezen. Lees meer

Geef de dag een naam

Geef de dag een naam

Op een hete zomerdag wordt Felipe zwetend wakker. Deze dag, die heet en broeierig is, brengt hem uit evenwicht, tot hij uiteindelijk doet wat hij gezworen had nooit te doen: hij begint te drinken. Een fragment uit de afstudeernovelle van Tiemen Hageman over het verleden proberen los te laten, het leven ruimte geven en adolescent worden. Lees meer

Tussen de randen van een aquarium

Tussen de randen van een aquarium

Wie ben je als je alles kunt zijn? In het fragmentarische afstudeerwerk van Ettie Edens veranderen mensen onder andere in een hoopje, een steen, een natuurkundedocent, water, iemand die limonade drinkt en een lantaarnpaal. Lees meer

Mycelium

Mycelium

Wat als schimmelsporen zich met iedere adem dieper in je longen graven? Met ‘Mycelium’ won Olga Ponjee de juryprijs van Het Rode Oor 2023, de erotische schrijfwedstrijd van Vlaams-Nederlands huis deBuren. Lees meer

Bösendorfer 1

Bösendorfer

Bij Snelders blinkt de piano van het poetsen en de handen van de vijftigjarige eigenaar zijn door ouderdom stram geworden. Wat gebeurt er als een twintiger op bezoek komt om de Bösendorfer te bezichtigen? Met ‘Bösendorfer’ won Nick De Weerdt Het Rode Oor 2023, de erotische schrijfwedstrijd van Vlaams-Nederlands huis deBuren. Lees meer

In mijn droom besta ik uit pixels

In mijn droom besta ik uit pixels

Terra van Dorst keek maandenlang naar livestreams van pleinen en stranden. Dit vertaalde ze naar gedichten over een straat waarin ze haar ouders vindt, een man die haar een sjaal wil verkopen waar je in kan wonen en de zee. Het resultaat is de bundel 'in mijn droom besta ik uit pixels' waarmee ze deze zomer afstudeerde bij de opleiding Creative Writing aan ArtEZ. Lees meer

Pulpa

Pulpa

Ileen Rook schreef een afstudeernovelle over autoriteit, de supermarkt en een teveel aan tanden. Wie is Aline, waar komen al die tanden vandaan en hoe kan ze grip krijgen op een realiteit die steeds verder van haar verwijderd raakt? Lees meer

:Voorpublicatie Magazine Aaah: Mijn vader de eendenmosseljager

🎧 Mijn vader de eendenmosseljager

‘Dat zijn de zenuwen, die horen erbij. Een goede percebeiro is altijd bang.’ Een voorpublicatie uit Aaah!, het nieuwe magazine van Hard//hoofd. Lees meer

Ik kan u nergens vinden

Ik kan u nergens vinden

In dit verhaal van Werner de Valk, praten twee huisgenoten onder het genot van een glas wijn over het bestaan van God. Nooit een goed idee als je je ergert aan elkaar. Lees meer

Biecht

Biecht

‘Ik ben buschauffeur en ik rijd altijd expres de halte een paar meter voorbij zodat alle wachtende mensen een drafje moeten inzetten om de bus toch te halen.’ Een verhaal van Hanne Craye dat je leidt langs zonden, intieme geheimen en de juridische voorwaarden van een biecht. Lees meer

Word trouwe lezer van Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Meld je aan als abonnee voor slechts €2,50 per maand en ontvang ons papieren magazine twee keer per jaar in de bus. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer