Twee mensen eten curry in een Japans restaurant. Ze praten, ontwijken, botsen niet. Maar het scheelt weinig. Buiten tikt de regen, binnen klinkt Highway to Hell. In Dogs that cannot touch each other beschrijft Louky van Eijkelenburg warmte en wrangheid tegelijkertijd.
We bevinden ons in een commerciële Japanse currytent, op de achtergrond klinkt een zachte gitaarcover van Highway to Hell. Het is er rustig, de clientèle bestaat uit een man (in gedachten verzonken), een gezinnetje (met baby) en twee toeristen (Duits). De serveerster vraagt ons in accentloos Engels of we al een keuze hebben kunnen maken, ze kijkt ons met grote vragende ogen aan.
I would like a beer
I would like the sake
Okay, yeah, no problem.
Have you picked a curry yet?
The fried shrimp medium spicy
with the gyozas on the side
Any toppings?
No topping
I’ll have the vegan katsu
with fried onions
Medium spicy?
Extra spicy
Okay perfect!
Thank you
Thank you
De serveerster verlaat onze tafel, haar paardenstaart zwiept van rechts naar links op de maat van iedere pas.
Niet alles is een wedstrijd
Ik had gewoon zin in pikant
Dogs That Cannot Touch Each Other.
Zo luidt de naam van het kunstwerk dat in 2003 werd gecreëerd door de Chinese kunstenaars Sun Yuan en Peng Yu. Acht treadmills, opgedeeld in vier paren van twee, met op elke treadmill een gevechtspitbull. Er klinkt gehijg, gegrom, geblaf. De honden rennen, klaar om elkaar aan stukken te scheuren. Nooit zullen zij elkaar raken.
We kijken hoe buiten een maaltijdbezorger zijn fiets parkeert, hij laat de vierkante tas nonchalant van zijn schouders glijden en komt daarna naar binnen, een koude vlaag doet onze servetjes opwaaien. De serveerster gebaart hem de deur te sluiten, daarna brengt ze onze drankjes. Zijn pubersnor verraadt dat hij niet ouder kan zijn dan 18, misschien spaart hij voor een fatbike. Hij leunt nonchalant tegen een van de barkrukken bij het raam en haalt zijn telefoon uit zijn zak. Zijn oranje regenjack matcht moeiteloos met de mangaposters aan de muur.
Mag ik je sake proeven?
Alsjeblieft
Ik heb wel eens beter geproefd
Mag ik een slokje van je bier proeven?
Het is bier
Dus?
Je weet hoe bier smaakt
Jij weet ook hoe sake smaakt
Niet alle sake smaakt hetzelfde
Niet al het bier smaakt hetzelfde
Alle Jupiler wel
De Duitse toeristen zijn een koppel, ze voeren elkaar edamame en breken geen moment oogcontact. Jij kijkt gebiologeerd naar de bezorger, hij zucht luidop en tikt op een denkbeeldig horloge om zijn pols. Zelfs al zouden we het aandurven om elkaar in de ogen aan te kijken, dan wordt ons zicht belemmerd. Jouw depressie en mijn bewijsdrang hangen als grijze wolken tussen ons in. Ze zijn het perfecte excuus. Ze dragen alle schuld.
Het kunstwerk is controversieel, meerdere organisaties voor dierenrechten hebben zich er al over uitgesproken, waaronder PETA. Ze vinden het onethisch om dieren in een stressvolle situatie te plaatsen voor de kunst, daarnaast zou het werk hondengevechten promoten, of op z’n minst normaliseren. De kunstenaars zelf zijn het hier niet mee eens, volgens hen werden de dieren tussen de performances in uitstekend verzorgd, bovendien zijn de pitbulls van nature agressief. Zij volgen, net als mensen, hun instinct. De context zet niet aan tot geweld, zij ontbloot enkel wat er al is.
De serveerster zet onze borden neer. Er staat een blikje gevuld met bestek en eetstokjes op onze tafel. Ik wil een vork pakken, maar zie jou voor de stokjes gaan. Je haalt ze zorgvuldig uit het papiertje en breekt ze zonder splinters in tweeën. Ik doe hetzelfde.
Mag ik een gyoza?
Ze zijn veggie, niet vegan
Oh
Neem je het me kwalijk dat ik niet
bij het klimaatprotest was?
Nee
Ik doe mijn best
Dat weet je
Het probleem ligt bij de grote bedrijven en de machthebbers
Niet bij het individu
Ik heb gewoon echt een hekel aan protesteren
Ik neem je niks kwalijk
De bezorger rolt met zijn ogen, net wanneer hij zijn jas uit wil trekken wordt er vanuit de keuken naar de serveerster geschreeuwd, ze haast zich erheen en komt met een beige zak terug. Hij pakt hem snel van haar over en verlaat de zaak, de deur laat hij wagenwijd open staan, enkele servetjes vliegen op en dwarrelen neer. Je kijkt even om je heen, de serveerster is net bezig de tafel van het gezinnetje af te ruimen, je staat zelf op om de deur te sluiten, onderweg raap je de gevallen servetjes van de grond en leg je ze terug op tafel. De baby begint te huilen, ik weet dat het je stoort, je doet hard je best om het niet te laten blijken.
Het zal niet lang meer duren tot je je zal beklagen over de kwaliteit van het eten. Ik wist al dat je het niet lekker zou vinden vanaf het moment dat we hier binnenkwamen. Van buiten zag het er minder commercieel uit. Was er meer tijd geweest, dan had ik iets anders gekozen. Het is veel verantwoordelijkheid om altijd keuzes te moeten maken.
Is jouw curry ook zo zout?
Nee
Ik vind het echt te zout
Op tafel staat een kleine collectie flesjes en vaatjes; peper en zout, sojasaus, tabasco en chilivlokken. Ik schuif ze naar je toe.
De pitbulls werden allemaal apart vervoerd naar Beijing, waar de performance plaatsvond. Eén limousine en hondentrainer per pitbull. Samen vervoeren ging niet, daar waren ze te territoriaal voor, ze zouden elkaar kapot hebben gebeten.
Waarom blijf je nooit meer slapen?
Waarom moet ik altijd het initiatief nemen?
Ik weet het niet
Waarom doe je dan niet meer je best om
het wel te weten?
Ik ben daar niet goed in
Je kunt het toch proberen?
Er stroomt bloed naar je wangen. Je prikt herhaaldelijk in een van de fried shrimps.
Hij is al dood hoor
Je legt het stokje neer. Je nagels zijn inmiddels zo kort dat je begint te bijten op de velletjes ernaast. Ik neem muizenhapjes, het eten met stokjes gaat me niet zo goed af als ik had gehoopt. Er vormt een druppel bloed aan je rechter ringvinger, je steekt ‘m eerst in je mond en daarna in je broekzak, met je andere hand breng je het glas bier naar je lippen.
Hou je nog van me?
Je verslikt je, enkele druppels bier sproeien over mijn vegan katsu.
‘No matter the question, Japanese curry is always the answer’ flikkert er op het scherm achter je, gevolgd door een plaatje van een zwaaiende Hello Kitty.
Waarom moet je altijd alles in vraag stellen?
Laat de dingen gewoon voor wat ze zijn
Wat als ik niet weet wat de dingen zijn?
Des te beter om ze gewoon te laten
We eten.
De performance bestaat uit drie sets van zeven minuten. Zeven minuten rennen, zeven minuten rusten en dan weer zeven minuten rennen. Tijdens de rustmomenten wordt er een scherm tussen de pitbulls geplaatst, ze krijgen water en worden gemasseerd. Na zeven minuten wordt het scherm weggehaald. De instincten kicken in, de woede druipt van de puntige hoektanden, de treadmills maken overuren.
De Duitse toeristen lachen hardop, ik ben direct op mijn hoede; wat als ze ons uitlachen? Het is een angst die afstamt uit mijn puberjaren. Mijn argwaan blijkt onterecht, de toeristen zijn niet bezig met wat er in het restaurant gebeurt, ze hebben enkel oog voor elkaar.
Sorry
Ik doe echt heel hard mijn best om er voor je te zijn
Misschien is het beter als ik je met rust laat
Misschien wel
Meen je dat?
Ik weet het niet
Sorry
Dat is oké, het is echt oké
Het is beter als we eerst aan onszelf werken
Ik zie je echt graag
Ik jou ook
Er is gewoon veel waar ik aan moet werken
Je schuift je bord voor je uit en drinkt het glas bier in een teug leeg. Ik giet een klein beetje tabasco bij mijn sake
Waarom doe je dat?
Om iets te voelen
Het gezinnetje vertrekt, de kinderwagen blijft steken tussen de deur, de servetjes wapperen. Ook de man rekent af. Daarna komt de serveerster onze kant opgelopen.
How was your meal?
All fine thank you
Je vond het te zout toch?
Het is oké
Ik ga er iets van zeggen
Laat gaan
His curry was too salty
Oh, I’m sorry to hear that
It’s fine
Is there anything I can do for you?
It’s all fine, don’t worry
I’m sorry
Just the bill please
Ik betaal wel
We horen de serveerster hetzelfde gesprekje voeren met de toeristen. Ze vragen haar een foto te maken, twee lachende Duitse toeristen in een Japanse currytent in Brussel. Het is al lang geleden dat we zo op een foto stonden. Het is al lang geleden dat het niet uitmaakte waar we aten. Ik heb je al lang niet meer zien lachen.
Zullen we gaan?
Enkele treadmills zijn doorverkocht aan een hondentrainer, die het uiterst effectieve apparaten vond om de pitbulls mee te trainen. De pitbulls uit de performance leven niet meer. Als ze niet vechtend zijn gestorven, dan wel door ouderdom.
Louky van Eijkelenburg (1997) is afgestudeerd als theaterregisseur aan het Ritcs in Brussel. Muziek en tekst vormen belangrijke bouwblokken in diens werk. Afgelopen jaar maakte hen de café-voorstelling Rattus en een muzikaal concert met de naam Ja Maar en de Sombermannen. Hen is ook actief als regieassistent bij Opera Vlaanderen.
Eva ten Cate (zij/haar, 2002) is een kunstenaar en illustrator. Haar werk wordt gekenmerkt door vaak opeenvolgende beelden met strakke lijnen en ruizige kleuren. Graag laat ze je beter kijken naar de schijnbaar kleine handelingen en objecten om ons heen, om ze zo meer waarde te geven.


















