Illustratie: Joost Dekkers

Het ware festivalgeluk is een zitzak" />

Illustratie: Joost Dekkers

Het ware festivalgeluk is een zitzak" />
Asset 14

Koprol

Deze zomer neemt Sara je mee. Ze bezoekt de lowbudget festivals Boom in Portugal, Teknival in locatie onbekend en Fusion in Duitsland. In vijf columns vertelt ze over de fascinatie voor het festival, hedonisme, commercialiteit, massaliteit en het 'we are one'-gevoel. Deel 2 gaat over Fusion en festivalgeluk.

Een zacht briesje strijkt langs mijn gezicht. Hij doet het zeil klapperen en de bladeren ritselen. Het is warm, een graad of 25. Aangenaam warm, niet te. We hebben een groot blauw zeil in het midden van ons kamp gespannen, dat wat schaduw biedt. Met mijn hoofd uit en mijn benen in de zon, is de temperatuur nagenoeg perfect. Ik lig uitgestrekt op de fatboy. Je weet wel, zo’n grote zitzak. Een weldoener heeft die helemaal uit Nederland meegesleept. Hij vormt zich naadloos naar mijn lichaam, een stuk comfortabeler dan het matje in mijn tent. Mijn rug, die pijn doet van het lopen en dansen, tintelt van genoegen. Alle vermoeidheid zakt zo het kussen in. Meestal strijden vier man tegelijk om een stukje fatboy, maar op dit heerlijke moment is hij helemaal voor mij alleen. Naast me staat een doos kersen. Lui, zonder mijn hoofd op te heffen, graai ik er nu en dan een paar uit. Ze zijn zoet, zonder uitzondering. Dit geluk blijft maar duren en ik vergeet bijna dat ik op een festival ben met vijftien verschillende stages, waar geweldig acts bezig zijn die ik stuk voor stuk mis.

Fusion, zo heet het festival. Een stukje ten noorden van Berlijn, waar een oude sovjet luchtmachtbasis is omgetoverd tot een volwassen pretpark. Het is een extreem divers festijn met theater, film, vuur en muziek, die alles beslaat tussen jazz, punk, tekno en gipsy. Fusion is booming. Sinds een paar jaar worden de 60.000 toegangskaarten zelfs op voorhand verloot, als bij een studie geneeskunde, omdat er zoveel animo voor is. En wie geen kaartje heeft, springt over het hek, want Fusion is ongeëvenaard.

Wat Fusion een uitgesproken ander karakter geeft dan de meeste festivals, is dat het nooit afgebroken wordt. Het gehele terrein is aangekocht door de organisatie en dus blijft na afloop alles staan en breiden zij de attracties elk jaar verder uit met lasershows, installaties, grotere dansvloeren en overtreffende kunstwerken. In en om de voormalig hangars verrijzen steeds maar meer podia. De meeste festivals worden in korte tijd uit de grond gestampt, met behulp van grote circustenten, opblaasconstructies en andere prefab oplossingen. Maar Fusion is geen fastfood, of coffee-to-go, Fusion is coffee-to-stay-forever.

Toch is het geen festival van massieve overdaad. Wel van fantasierijke details. Overal is gezorgd voor een finishing touch. Ik hou van die toewijding. In de paar jaar dat ik terugkerend bezoeker ben, weten de organisatoren me steeds weer te verrassen: de omgeving is vertrouwd, maar altijd fris, nieuw, anders.

Illustratie: Joost Dekkers

Om me heen stijgt niet iedereen op naar de zevende hemel. Ik hoor een vriend kreunen. Hij is door de zon uit zijn tent gebrand en ligt nu buiten in een poging een paar noodzakelijke uren slaap te pakken. Gekweld kijkt hij mij aan als hij kuchend en rochelend omhoog komt. Ik geef hem een knipoog. Dit, bedenk ik, is nou festivalgeluk. Voor mij bedoel ik, niet voor hem. Het gaat om dit specifieke gevoel dat ieder moment goed besteed is, waardoor haast verdwijnt en vooral de angst om iets te missen. Want er is veel te missen.

Een festival, ieder festival, heeft een programma. Hoewel zo’n programma de essentie van het hele gebeuren is, kan het ook de bron van een hoop ellende zijn. Argeloos begin je met lezen en voor je het in de gaten hebt zijn de dagen vol gepland. Je moet dit zien, daar bij zijn, keuzes maken en medestanders voor jouw agenda vinden. Twijfel en teleurstelling liggen onvermijdelijk op de loer.

Het zien van een geweldige dj of mijn favoriete band kan een hoogtepunt zijn, maar dat is niet waar ik voor kom. Ik kom voor die onvoorspelbare random momenten van geluk, die ik liggend, zittend of springend kan ervaren. Het mooie van Fusion is dat zij weet van dat geluk. Fusion nodigt je uit voor het festival, voor de sfeer. Tijdens de kaartverkoop is niet bekend wie zullen optreden. Pas als iedereen een kaartje heeft gekocht, verschijnt de line-up op internet. Van de honderden artiesten ken ik meestal maar enkele namen. Op Fusion spelen doorgaans niet de groten der aarde. Het prettige daarvan is dat je simpelweg niet weet wat je mist en er des te meer mogelijkheid is om je te laten verrassen door volkomen onbekende helden.

In een energieke opwelling spring ik van de fatboy, ik trek de vriend uit zijn slaapzak en klop het stof van hem af. Met enige aarzeling en onder gemompeld protest laat hij zich door mijn enthousiasme overrompelen. Samen gaan we op zoek naar muziek, ik huppelend, hij sjokkend als een zwaarbeladen ezel. Aangekomen bij een bandje dat iets speelt dat het midden houdt tussen kumbia, klezmer en Ierse volksmuziek gaan we op onze buik in het gras liggen, koud drankje in de hand, en binnen vijf minuten zie ik een glimlach door zijn grauwe gezicht heen breken. Ik voel de impuls om een handstand te maken of een dubbele salto te springen, maar door gebrek aan gymnastische kwaliteiten, hou ik het bij een koprol. En dat zegt heel wat, ik maak nooit een koprol.

--
Sara Kee (1984) is schrijfster en filosofe. Ze schreef voor 'De Groene Amsterdammer', maakte de documentaire 'Wavumba - zij die naar vis ruiken' en reisde de hele wereld over. Haar eerste bundel reisverhalen verscheen onder de titel 'Reis! Alleen over de wereld' bij uitgeverij Nijgh & van Ditmar (2012).

Deze columns verschijnen in samenwerking met Vlaams-Nederlands cultuurhuis deBuren.

Mail

Joost Dekkers

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer