Asset 14

The Big Jackfruit

Op zijn culinaire reizen stelt Hendrawanto altijd dezelfde vraag aan de locals die hij ontmoet: wat kan hij zich als nieuwsgierige chef absoluut niet veroorloven om niet gegeten te hebben?

“Als je iets typisch uit Yogyakarta wil proeven, moet je Gudeg proberen", zegt Erni met ernstige blik. Erni is een in Yogyakarta geboren en getogen dame die ik op een reis door Java een jaar eerder heb leren kennen. Ze werkt voor de Islamitische radiozender in Yogyakarta. Ze is zelf geen Moslim, maar moet verplicht een hoofddoek dragen op het werk.

Ik knik. Ik probeer al jaren zo min mogelijk producten te consumeren waarvoor reclame wordt gemaakt op televisie, dus mond-tot-mondreclame is doorgaans het enige waarvoor ik vatbaar ben. Afhankelijk van de bron natuurlijk. Gelukkig is Erni een ervaringsdeskundige en heb ik nog nooit een spotje voor Gudeg op televisie gezien. We rijden diezelfde avond op onze scooters naar haar favoriete Gudegspot. We dragen beiden een mondkapje tegen de uitlaatgassen van het drukke verkeer.

Er staan al zeventien mensen voor ons wanneer Gudeg Pawon om elf uur de deuren opent. Wij staan nog buiten. Een grote kakkerlak loopt op de muur naast me omhoog. Graatmagere zwerfhonden liggen op straat te wachten op kruimels eten. De locals voor en achter mij in de rij zien er geduldig uit. Alsof ik de enige ben die nog nooit een BigMac heeft besteld bij de McDonalds. Normaal wekt in een lange rij staan de nodige irritaties op bij mensen, inclusief gesteun en gekreun. Het gebrek hieraan doet vermoeden dat deze mensen allang weten dat het wachten hier de moeite waard is.

Illustratie: Lisa-Marie van Barneveld

Natuurlijk ben ik benieuwd hoe de maaltijd die ik nog nooit heb gegeten eruit zal zien, maar ik kan mijn nieuwsgierigheid bedwingen. Zeer binnenkort heb ik mijn eigen bordje Gudeg op Instagramafstand voor me op tafel staan. Dan pas wil ik al mijn zintuigen er aan blootstellen. “Ik hoop dat er nog wat is als wij straks aan de beurt zijn”. Het bezorgde gezicht van Erni laat me koud als een kapotte kachel. Ik ben nu al te dankbaar en te blij hier te zijn.

Gisteren nog aten we in het Kraton, het Paleis van de Sultan van Yogyakarta. Het Bale Raosrestaurant serveert alleen de favoriete gerechten van de Sultan. De nederigheid waarmee onze in traditionele Javaanse kledij uitgedoste bedienden het ons zo goed mogelijk naar wens probeerden te maken, deed me als een Sultan voelen. Een ervaring op zich, maar ook een verrassend betaalbare vaste prik voor de meeste toeristen. Want met vijf personen eten als een Sultan kost minder dan een dag je auto parkeren in Amsterdam.

In de buurt van het Kraton in het centrum van Yogyakarta zijn ook talloze Gudegrestaurants van naam en faam te vinden, maar ik sta hier in een donker, vies steegje ergens in een achterbuurt. Wachtend op mijn eerste Gudegervaring. Tussen de locals. Zonder Erni had ik nu waarschijnlijk bij Gudeg Yu Djum gezeten. Daar worden alle toeristen naartoe verwezen.

Eindelijk staan we dan in de deuropening van de keuken waar de Gudeg wordt gemaakt. De rij binnen is gelukkig niet langer dan de rij die zich inmiddels achter ons heeft gevormd. Dat maakt het wachten toch iets minder triest. Binnen staat een enorm, half afgebrokkeld stenen fornuis. Grote pannen die eruitzien alsof ze, vanaf het moment dat ze zijn geslagen, elke seconde zijn gebruikt. Ze staan tjokvol op houtvuren of leeg tussen bergen afwas op de vloer. Alhoewel: met mijn westerse blik ziet alles eruit als afwas.

Aan de muur hangt een pagina van een oude krant met een reportage over Gudeg Pawon. Op de foto bij het artikel staat dezelfde Gudegchef die hier staat te koken in zijn primitieve keuken. Wel dertig jaar jonger en stralend als een rocklegende. Volgens Erni is hij een van de beste en beroemdste Gudeg chefs ooit. Nu ziet hij eruit als iemands vader.

Recht voor mijn neus voert chef Pawon zijn routineuze handelingen uit. De hypothetische robot die hem eventueel ooit zou moeten vervangen, ligt duidelijk nog niet eens op de tekentafel. Zijn overzicht en delegeerkunst (snauwen naar zijn vrouw en dochter) zijn imponerend. Zijn dochter schept duidelijk de rijst niet snel genoeg uit de rijstmand en krijgt strenge corrigerende aanwijzingen. Zijn vrouw lijkt hem alleen in de weg te staan, terwijl ze zijn bewegingen imiteert als een wereldkampioene luchtgitaarspelen. Na decennia ervaring is kennelijk alleen zijn manier van werken goed genoeg. Aan alles zie ik dat hij het liefste alle borden zelf wil opscheppen. Zijn vrouw en dochter helpen hem toch wanneer zij stiekem kans zien.

23:58 uur. Eindelijk! Erni bestelt twee porties voor ons. Ik neem er niks te drinken bij. Buiten aan tafel kijk ik aandachtig naar alles wat er op mijn bord ligt.

Het belangrijkste ingrediënt om Gudeg mee te maken ziet er in de verste verte niet uit zoals ik 'nanka' of 'gori' (jackfruit) ken. Sjalot, knoflook, zout, kokosvlees, palmsuiker, korianderzaad, en kemirinoten worden vermalen tot een kruidige 'bumbu'. Deze kruidenpasta wordt toegevoegd aan water en ouderwets met de hand geperste kokosmelk. Dit wordt zachtjes en langzaam op een houtvuur met de toevoeging van cassave- en teakbladeren gekookt, totdat het indikt tot een rijke en bruine substantie. De in stukjes gesneden jonge jackfruit gaat in enorme pannen waar de ingedikte bumbu met nog meer kokosmelk en palmsuiker en wat zout aan is toegevoegd. Dit wordt wederom langzaam op een zacht houtvuur gegaard, ditmaal ruim twaalf uur. De jackfruit laten ze vervolgens een paar uur uitlekken in rieten manden waarna ze het nog kort roerbakken. Het eindresultaat is gekaramelliseerde jackfruit met het aroma van houtvuur. Het normaal witte of licht oranje vruchtvlees heeft nu een karakteristieke roodbruine kleur gekregen. De smaak is intens, maar niet te zoet. De normaal zachte en sappige textuur is vervangen voor een super malse en doch bijna stevige vlezige textuur. Het valt met weinig kauwen al uit elkaar en smelt weg op je tong.

Hoe dan ook had ik jackfruit tot nu toe alleen nog maar als vers en rijp fruit genuttigd, of in koekjes, cake en ijsvorm. Als warm gerecht boeit het me enorm, hoewel ik doorgaans geen fan ben van fruit in de warme keuken. Samen met witte rijst, Ayam Opor (pittig kip gerecht), Telur Pindang (gekookt ei), Tofu en/of Tempe bacem (gerecht van gefermenteerde sojabonen) en Sambal Goreng Krecek (stoof van krokante runderhuid) ligt deze bereiding van jackfruit op mijn bord zoals het al generaties lang doet. Ik snuffel aan de verschillende gerechten als een hond aan de kont van een soortgenoot. Het ruikt als goed volk. Met zo min mogelijk verwachtingen neem ik mijn allereerste hap van mijn allereerste Gudeg.

Ruim na middernacht dagdroom ik over het uitbaten van een restaurant in Amsterdam dat om 23:00 uur opengaat en binnen anderhalf uur uitverkoopt. Mijn bord ziet er bijna afgelikt schoon uit. Mijn maag snort verrast en tevreden. Ik heb er ruim een kwartier over gedaan, want een maaltijd waar zoveel uren van aandacht en arbeid inzit, hork ik niet in een paar minuten naar achteren. Nee, ik nam beschaafde hapjes waarin elk element van Gudeg vertegenwoordigd was. Soms combineerde ik een beetje van dit gerecht met dat en dat gerecht met dit, zodat ik elk contrast qua smaak en textuur kon ervaren. Rustig kauwend. Vaak ook met de mond open, zodat er altijd genoeg zuurstof was om de aroma's maximaal tot recht te laten komen.

Er wordt een bordje met de tekst 'habis' (op/uitverkocht) opgehangen. Laatkomers druipen licht teleurgesteld af. Erni heeft geen medelijden. “Gudeg is hier altijd en overal verkrijgbaar. Yogyakarta is een stad die nooit slaapt en anders maakt Gudeg haar wakker.” Ik geloofde haar. Als New York 'the Big Apple' is dan is Jogjakarta 'the Big Jackfruit'.

---
Hendrawanto van der Uilskuiken is chef en copywriter.

Mail

Lisa-Marie van Barneveld is editorial illustrator. Ze houdt van korte deadlines en moeilijke onderwerpen. Haar geheime superkracht is meer verf op haar handen/kleren/tafel/kat krijgen dan op het papier.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer