‘Wat opviel was niet alleen wat er werd verteld, maar vooral wat er ontbrak.’ Wanneer haar opa na vijftig jaar terugkeert naar zijn geboorteland, realiseert Julia Jouwe zich pas hoezeer het ontbreken van West-Papua in het collectieve geheugen van Nederland invloed op haar heeft. Ze maakte het haar missie om te onderzoeken waarom verhalen uit West-Papua zo lang ontbraken én om ervoor te zorgen dat deze nu wel gehoord worden. ‘Dominante narratieven over Papua’s zijn nooit onschuldig geweest, maar gebaseerd op koloniale logica.’
Vooravond
Mijn dertiende verjaardag was anders dan alle eerdere keren dat ik jarig was. Het bleek de vooravond te zijn van grote veranderingen. Er waren een paar ooms bij die nooit eerder op mijn verjaarsfeestje waren geweest. Twee daarvan waren om een speciale reden vanuit West-Papua naar Nederland gekomen. Een van hen is inmiddels helaas veel te vroeg overleden, maar ik kan me nog goed herinneren dat hij die avond voor me zong. Met een loepzuivere gospelstem zong hij happy birthday zoals daarna nooit meer iemand dat voor me heeft gedaan. Heel de avond zongen we met z’n allen verder in de gloednieuwe uitbouw die mijn ouders aan het huis hadden geplaatst. Het was een geweldig feest en ik voelde aan alles dat er iets bijzonders aan de hand was. Dit zou de laatste dag zijn dat alles nog was zoals het altijd was geweest. Er stond iets te gebeuren dat zich door de komst van mijn drie ooms al aankondigde.
De eerste grote verandering vond de volgende dag plaats, op 11 januari 2010. Met zonsopgang vertrokken we naar Schiphol. Mijn ouders, mijn broer en ik. Mijn avo, dat betekent ‘opa’ in onze dorpstaal, zou die dag terug emigreren naar het land waar hij bijna vijftig jaar persona non grata was geweest: West-Papua. Hij had deze dag, in mijn herinnering, uitgekozen omdat hij mijn verjaardag niet wilde missen. Onderweg naar Schiphol dacht ik slaperig terug aan het feestje. Voortaan zou hij er niet meer bij zijn als ik weer een jaartje ouder zou worden. In onze woonkamer, waar hij altijd op dezelfde stoel plaatsnam, rechtop, leunend op zijn wandelstok en een vermakelijke blik in zijn ogen; daar zou hij dan niet meer zitten.
***

Dit is een voorpublicatie uit het aanstaande Hard//hoofd magazine 'Sporen', waarvoor Hard//hoofd samenwerkte met festival Read My World. Wil je dit magazine thuis ontvangen? Meld je aan als magazineabonnee vóór 1 augustus! ! Wil je naar het Read My World festival, koop hier een ticket!
***
We werden die ochtend verwacht bij de VIP-ingang van Schiphol, waar een hele delegatie met voornamelijk mannen in pakken, klaarstond om hem op te vangen. Ze moesten om alles wat avo zei lachen. Er was maar één vrouw bij. Zij droeg make-up die zichtbaar lichter was dan haar eigen huidskleur. De mannen waren Indonesische diplomaten en enkele Papua’s die hem zouden begeleiden bij zijn reis. Ook waren er Indonesische journalisten, zoals deze vrouw. Later, toen ik avo daar ging opzoeken nadat hij er was gaan wonen, begreep ik hoezeer men zich conformeert aan een koloniaal schoonheidsideaal, zichtbaar in de huidblekende crèmes die overal in de schappen lagen.
Aan de manier waarop avo werd benaderd zag ik hoe belangrijk hij was, en hoe licht en ontspannen hij zich daartussen bewoog, met de lachers op zijn hand. Het maakte diepe indruk op me. Zijn terugkeer was een high profile gebeurtenis in Indonesië. Het leek erop dat de Indonesische regering de dialoog met de Papua’s ernstig opnam, door de oudste in het buitenland levende Papua-verzetsstrijder terug te laten keren naar zijn geboorteland. De Indonesische president had er zelf de opdracht toe gegeven. Dat hij na een decennialange politieke strijd tegen Indonesië inging op een uitnodiging om in Jakarta te komen praten, was voor velen een verrassing. Ook voor mij, al kon ik de betekenis van die gebeurtenis nog niet bevatten. Avo was een groot politiek leider en een van de ‘founding fathers’ van het Papuanationalisme. Al direct na de Tweede Wereldoorlog had hij zich uitgesproken tegen de overname van Westelijk Nieuw-Guinea door de Republiek Indonesië, toen dat idee onderdeel werd van Sukarno’s anti-Nederlandse retoriek. In de jaren vijftig bekritiseerde hij Nederlandse koloniale bestuurders om hun traagheid bij het inschakelen van Papua’s in het bestuur. Door die kritische houding belandde hij ook op de radar van de BVD (Binnenlandse Veiligheidsdienst), die hem tot in de jaren tachtig in de gaten zou houden.
Als je Papua bent, word je vaak geboren als ambassadeur van dat verhaal
De verhalen die avo altijd vertelde, begonnen toen pas in mijn hoofd tot leven te komen. Zoals het verhaal over 1962, toen werd het Akkoord van New York ondertekend waarin Nederland de macht over West-Papua overdroeg aan Indonesië. Avo was nog geen jaar eerder verkozen tot vice-voorzitter van de Nieuw-Guinea Raad, een vertegenwoordigend bestuur bedoeld ter voorbereiding op onafhankelijkheid. In datzelfde jaar ontwierp hij de Morgenster, de nationale vlag van de Papua’s die het ideaal van een vrije, onafhankelijke Papuanatie symboliseert. De Papua’s wilden die overdracht niet. Door zijn streven naar onafhankelijkheid moest hij met zijn gezin, waaronder mijn vader, vluchten naar Nederland. Het ontbreken van West-Papua in het collectieve geheugen van Nederland had ook invloed op mij gehad. Hoe kon dit verhaal al die tijd langs mij heen zijn gegaan?
Ambassadeur
West-Papua is een plek waar de meeste mensen weinig tot niets over weten, maar waar je als Papua bijna altijd iets over moet kunnen zeggen. Dat het een voormalige kolonie van Nederland is. Dat het na vertrek van de Nederlanders door Indonesië wordt bezet. Dat er sindsdien naar schatting 500.000 Papua’s zijn vermoord. Dat de bevolking al decennialang strijdt voor onafhankelijkheid. Het is Papua’s verboden in eigen land de Morgenstervlag te hijsen. Je kunt er zelfs tot vijftien jaar gevangenisstraf voor krijgen. Het zijn zinnen die zich herhalen, omdat ze telkens opnieuw moeten worden uitgelegd. Als je Papua bent, word je vaak geboren als ambassadeur van dat verhaal, door vragen over waar je vandaan komt of in gesprekken waarin je merkt dat er iets van je verwacht wordt. Jij bent dan degene die context moet geven, die moet aanvullen wat ontbreekt. Maar waarom ontbreekt West-Papua in het collectieve geheugen van Nederland?
Wat opviel was niet alleen wat er werd verteld, maar vooral wat er ontbrak
De missie om op zoek te gaan naar antwoorden op die vraag, was misschien wel de grootste verandering die avo met zijn vertrek, vlak na mijn dertiende verjaardag, in gang had gezet. Toen ik journalistiek ging studeren, begon ik te zoeken naar wat er eigenlijk was gebeurd. Ik voerde gesprekken met mijn vader en tante en ik keek in kranten en archieven. Op die manier putte ik aan de ene kant kennis uit mijn familie en gemeenschap door naar verhalen te luisteren en aan de andere kant doorzocht ik geschreven bronnen die vooral het Nederlandse overheidsperspectief weergaven. Wat opviel was niet alleen wat er werd verteld, maar vooral wat er ontbrak. In de Nederlandse berichtgeving over West-Papua ging het zelden over de Papua’s zelf, maar kwam het conflict vooral naar voren als een kwestie tussen Nederland en Indonesië. Nederland leek in die verhalen een land met enkel goede bedoelingen, een kleine, rechtvaardige natie die probeerde het juiste te doen. De nadruk lag op voorbereiding, op zorgvuldigheid, op het idee dat Nederland de Papua’s begeleidde naar zelfbestuur.
Arnold Ap - Misteri Hidup
Tak terbayang juga tak terduga
Beginilah kenyataan ini
Aku terkurung di dalam duniaku
Yang kudamba
Yang kunanti
Tiada lain hanya kebebasan
Andai saja aku burung elang
Terbang tinggi mata menelusup
Tapi sayang nasib burung sial
Jadi buruan akhirnya terbunuh
Yang kudamba
Yang kunanti
Tiada lain hanya kebebasan
Yang kudamba
Yang kunanti
Tiada lain hanya kebebasan
Tiada lain hanya kebebasan
Wat daarachter lag, de politieke druk, de belangen, de in het geheim gemaakte keuzes, verdwenen achter een scherm van goede intenties. Wat wel in de berichtgeving terechtkwam, kreeg des te meer gewicht. Papua’s kwamen zelf nauwelijks aan het woord en als dat wel gebeurde, werden ze vaak neergezet als onontwikkeld, nog niet klaar om voor zichzelf te spreken. Door Papua’s als primitief neer te zetten werd de Nederlandse aanwezigheid gerechtvaardigd. Tegelijkertijd gebeurde er achter dat zorgvuldig opgebouwde imago van Nederland iets anders.
Archieven en objectiviteit
Nederland had in de jaren vijftig altijd volgehouden dat financiële belangen geen rol speelden, terwijl men toen al lang wist hoe rijk de bodem van West-Papua was en hoeveel er te verdienen viel. Zelfs in 1962 hield men de Papua’s nog voor dat hun toekomst openlag, dat zelfbestuur werd voorbereid, terwijl achter de schermen de overdracht aan Indonesië al stilletjes vorm kreeg. In de tussentijd werden er bedrijven opgericht en constructies opgezet die ervoor zorgden dat Nederland hoe dan ook zou profiteren van de lucratieve mijnbouw. Diplomaten en politici bewogen zich tussen publieke functies en private belangen en speelden daarmee een dubbelspel. Wat naar buiten toe werd gepresenteerd als zorgvuldige dekolonisatie, bleek in de praktijk een proces waarin economische en geopolitieke belangen zwaarder wogen dan de rechten van de mensen om wie het ging.
Dominante narratieven over Papua’s zijn nooit onschuldig geweest, maar gebaseerd op koloniale logica. Papua’s werden consequent neergezet als ‘primitief’, als mensen die nog in het stenen tijdperk zouden leven. Een beeld dat niet alleen feitelijk onjuist is, maar vooral functioneert om ongelijkheid te rechtvaardigen. Door Papua’s te positioneren als achtergesteld en niet klaar voor zelfbestuur, werd hun politieke stem ondermijnd en kon Nederlands aanwezigheid worden gepresenteerd als noodzakelijk en zelfs moreel juist. Tegelijkertijd bevestigde dit beeld het Nederlandse zelfbeeld van ‘goede kolonisator’: een landsbestuur dat niet uit eigenbelang handelde, maar uit zorg en verantwoordelijkheid. Binnen dat kader ontstond ook een impliciete eis van dankbaarheid. Alsof dat wat werd afgenomen tegelijkertijd als gift moest worden gezien. Deze framing was geen bijzaak, maar een voorwaarde. Het maakte het mogelijk om exploitatie, uitsluiting en het negeren van Papua-perspectieven logisch en acceptabel te laten lijken.
Wat doen onze voorouderbeelden in die anonieme, meterslange opslagkasten, ontdaan van alle connectie waarvoor ze ooit gemaakt zijn?
Ook de archieven worden volgens koloniale narratieven vormgegeven, en dus gepresenteerd als neutrale, objectieve bewaarplaatsen. Inmiddels is er enige verandering gaande. Instituten als het Nationaal Archief, de Koninklijke Bibliotheek en het Wereldmuseum zijn zich van die koloniale narratieven bewust aan het worden, al staan orale tradities nog niet op hetzelfde niveau als geschreven bronnen in de archiveringspraktijk. Het Wereldmuseum heeft in de afgelopen jaren de Papuagemeenschap uitgenodigd voor een reeks depotbezoeken. Dit zorgde bij Papua’s van verschillende generaties voor een diepgaande verbinding met de objecten en verhalen van hun voorouders. Voor oudere generaties was het een emotioneel weerzien, voor ons jongeren een bijzondere kennismaking die op de een of andere manier ook voelde als een weerzien. Het zorgde ook voor een ongemakkelijk gevoel: wat doen onze voorouderbeelden in die anonieme, meterslange opslagkasten, ontdaan van alle connectie met diegenen waarvoor ze ooit gemaakt zijn? De bezoeken hebben het museum geholpen onze verhalen recht te doen in de bijzondere tentoonstelling Tijd Voor Papua in Leiden. Daar vertellen de objecten andere verhalen dan de gangbare koloniale frames en narratieven.
Muzikaal erfgoed
Voor latere generaties Papua's in de Nederlandse diaspora is de vraag naar het terugvinden van de sporen van hun voorouders en tradities, en het op basis hiervan vertellen van eigen verhalen, opgeleefd in initiatieven zoals Saudara Papua. Dit is een muziekgroep die tot stand kwam tijdens mijn eigen zoektocht naar onze eigen verhalen en de drang om die te blijven vertellen op een eigen manier. Uit muziek wordt namelijk veel kennis en kracht geput. Ik raakte in het bijzonder geïnspireerd toen ik vijf jaar geleden de toen 81-jarige Eef Mamoribo interviewde. Zij speelt een belangrijke rol in het in de diaspora levend houden van het muzikale erfgoed van Papua. Thuis luisterden wij vroeger eigenlijk nooit naar Papua muziek. De soundtrack van mijn jeugd bestond uit disco en soul, muziek die op een andere plek is ontstaan, maar net zo goed is geworteld in ervaringen van verzet, overleven en het terugclaimen van ruimte. Mijn vader zei dat avo vroeger ook nooit Papuamuziek draaide. Avo was, net als mijn vader, dol op soulmuziek. Als hij terugkwam van lobbyreizen naar de Verenigde Staten in de jaren zestig en zeventig, nam hij in zijn koffer steevast de zwarte Amerikaanse muziek van die tijd mee naar huis. Juist daarom wilde ik die Papuamuziek opnieuw leren kennen, omdat de strijd voor mij steeds belangrijker werd, en ik begreep dat muziek daar een onlosmakelijk onderdeel van was. Daar horen ook de liederen bij van Arnold Ap, de in 1984 door het Indonesische leger vermoorde cultureel antroploog, bandleider en hoeder van de Papuacultuur.
Wat in officiële bronnen naar voren komt als zorgvuldige politiek en weloverwogen besluitvorming, blijkt vooral een kwestie van perspectief en presentatie
In een context waarin veel Papuaverhalen niet werden erkend of vastgelegd, werden die liederen een manier om geschiedenis, identiteit en verzet hoorbaar te houden. Eef Mamoribo zong niet alleen om te herinneren, maar ook omdat zwijgen geen optie was. Zingen werd een manier om te blijven spreken, juist daar waar er niet geluisterd werd. Eind jaren zeventig reisde zij naar West Papua en nam de muziek van Arnold Ap mee terug naar de Nederlandse Papuagemeenschap. Muziek is in die zin voor velen van ons een soort weapon of choice en wordt door Indonesië ook als daadwerkelijke dreiging gezien. De moord op Arnold Ap is daar het meest schrijnende voorbeeld van. Papuajongeren vertellen zelf hun eigen verhalen. Kleinkinderen van Arnold Ap maken nu deel uit van Saudara Papua hier in Nederland.Misschien is dat het antwoord op de onwetendheid en de oorverdovende stilte waarmee ze in de hen omringende Nederlandse samenleving zijn opgegroeid.
Waniambey
Oh hai mokho rahiat
Rahiat jom
Inggros nuk khai rin
Tadit's miar birt' bat
Waniambey waniambey.. e..e
Ari-ari neru siya
Mokhoiruk waniambey .. e..e..e..e
Ardi injat cet'rot's bey
Neru siya mokhoiruk
Geboorterecht
Wat in officiële bronnen naar voren komt als zorgvuldige politiek en weloverwogen besluitvorming, blijkt bij nader inzien vooral een kwestie van perspectief en presentatie. Thuis aan onze eettafel vertelde avo andere verhalen dan die uit gearchiveerde bronnen naar voren komt; verhalen over wat hij zag als verraad. Hij kon elk gesprek die kant op sturen. Het maakte niet uit waar het gesprek aan tafel over begon – hij bracht het terug naar wat er met zijn land was gebeurd, naar de keuzes die waren gemaakt en wat die hadden betekend. Zelfs tijdens het kerstdiner ging het daarover. Dan kon hij uitgebreid vertellen, af en toe zoekend naar woorden voor wat er niet klopte, maar vooral ook naar een pad vooruit. Hij was een optimist en bleef geloven dat de Papua’s ooit hun recht zouden krijgen. Als kind begreep ik niet alles, maar ik voelde wel hoe wrang het was: dat iets wat voor hem zo onrechtvaardig was, ergens anders werd beschreven als zorgvuldig en weloverwogen.
Nederland stelde lange tijd dat het handelde in het belang van de Papua’s, zonder economische motieven, terwijl er tegelijkertijd al intensief werd gezocht naar en onderhandeld over de exploitatie van de in de bodem vrijwel onuitputtelijk aanwezige grondstoffen. De taal van ‘voorbereiding op zelfbestuur’ en ‘goede bedoelingen’ functioneerde daarmee niet alleen als uitleg, maar ook als verantwoording. Het legitimeerde bepaalde keuzes en hield de belangen van de oorspronkelijke inwoners buiten beeld. Die manier van vertellen is niet verdwenen. Ook vandaag worden economische en geopolitieke belangen opnieuw verpakt in termen van ontwikkeling en vooruitgang, terwijl de gevolgen voor de mensen om wie het gaat nauwelijks centraal staan.
Teruggaan naar het land van mijn familie en onze voorouders is geen vanzelfsprekendheid meer, maar een afweging
Zo ook in de klimaatcrisis. Oplossingen worden gezocht in technologie, in groei en nieuwe vormen van extractie. Meer mijnbouw, meer grondstoffen, dit keer onder de noemer van duurzaamheid en vergroening. West-Papua wordt daarin opnieuw gezien als bron: niet alleen van koper en goud, maar ook van nikkel, essentieel voor de energietransitie. Maar wat als vooruitgang wordt gepresenteerd, betekent ter plekke opnieuw ontbossing, vervuiling en verlies van land. De kennis die nodig is om anders met die crisis om te gaan, ligt juist bij de gemeenschappen die al generaties lang in harmonie met de hen omringende omgeving leven. In de Papuagemeenschap bestaat die kennis nog steeds. Je ziet het terug in de manier waarop er met de natuur wordt omgegaan, in wat wel en niet wordt genomen, in het besef dat land geen grondstof is maar een voorwaarde voor leven. Papua’s leven al duizenden jaren in harmonie met de natuur, duurzaam en gericht op respectvol behoud van de aarde. Toch wordt die kennis zelden meegenomen in hoe oplossingen worden bedacht, alsof alleen dat wat kan worden gemeten, geëxploiteerd of verhandeld telt. Terwijl juist daar, buiten dat kader, andere manieren van denken en handelen bestaan die niet alleen relevant zijn, maar noodzakelijk.
Orisyun
Orisyun isew Mandep fyara wriwek
Nafek ro masen di bo brin mandira
Napyum ra sye napyum ra da
nadawer
Makamyun swaro beswar bepondi
na
Awino kamamo sup ine ma
Yabuki mananis diwa muno
Yaswari na yaswari sof fioro
Vertaling:
The sun sets, there behind the waves
of the sea
The sky shines in its beautiful colors
It remind me of loving memories from
back then
Mother and father, i love this country
as I love you
I will love you until the end of time
forever
Soms denk ik terug aan die ochtend op Schiphol. Voor mij begon het daar. Avo heeft de laatste etappe van zijn terugreis niet kunnen afronden. Hij kwam tot Jakarta, waar hij de laatste jaren van zijn leven sleet. Van de Indonesische belofte om hem terug te laten keren naar West-Papua kwam niets terecht. Dat het uiteindelijk niet lukte, was misschien bitter, maar hij wist ongetwijfeld dat er risico’s aan kleefden en toch durfde hij het aan. Zijn stap zette iets bij mij in beweging. Iets wat ik die dag al wel voelde, maar nog niet volledig kon overzien. Dat kwam later. Ik ging me erin verdiepen, reisde zelf naar Papua en zag hoe de verhalen die ik kende zich verhouden tot de plek waar ze over gaan.
Sinds ik me explicieter uitspreek over de schrijnende situatie op West Papua, ben ik niet meer teruggegaan. Juist dat uitspreken maakt afstand soms onvermijdelijk. Hoe meer ik me verbind met wat daar gebeurt, hoe groter het risico wordt. Niet alleen voor mij, maar ook voor de mensen daar met wie ik verbonden ben. Teruggaan naar het land van mijn familie en onze voorouders is daardoor geen vanzelfsprekendheid meer, maar een afweging. Misschien betekent betrokkenheid als ambassadeur van dit verhaal niet alleen dat je fysiek op die plek aanwezig bent of er naartoe kunt gaan, maar ook dat je soms op afstand moet blijven. Maar in de maand dat dit magazine op je deurmat ligt komen de verhalen uit Papua naar Nederland toe. Het Read My World Festival, dat plaatsvindt in september, zal enkele Papua’s over laten komen om ons hier hun verhalen te vertellen. Het voelt altijd als een voorrecht om mensen uit Papua hier in Nederland te ontvangen, zodat we kunnen luisteren zonder dat iemand daarvoor afstand hoeft te nemen van zijn eigen plek. Dat het archief zich verplaatst. Al is het maar even.
Wil je meer weten over de mijnbouw in West-Papua? Luister dan bijvoorbeeld naar de podcast Goudeerlijk: het verhaal van Papua gemaakt door Astrid Cornelisse en Julia Jouwe voor Omroep Zwart en NPO Luister.
Julia Jouwe kreeg van haar avo (grootvader) de traditonele naam Feje, wat ‘de zorgzame’ betekent. Voor haar betekent zorgzaam zijn dat je van je gemeenschap houdt en je uitspreekt over onrecht.
Amber Toorop is documentairefotografe. In haar werk onderzoekt ze op wat voor manieren mensen zich verbonden voelen met een thuis, een plek en een land.
















