Asset 14

De horrorsprookjes van Leon de Winter

Weerwoord: De horrorsprookjes van Leon de Winter

Julius Koetsier bindt in Weerwoord de strijd aan met de dogma’s en de dooddoeners die hij tegenkomt in de gevestigde opiniesecties. Hij fluit praatjesmakers die uit de bocht vliegen terug en voorziet hun meningen van een ongevraagd weerwoord. Deze week: Leon de Winter probeerde sceptische voetnoten te plaatsen bij wetenschappelijk klimaatonderzoek. Het bleef bij een poging tot.

“De hete hangijzers blijven ook in 2019 migratie en klimaat. Laat ik ze nog eens omschrijven.” Zo opent Leon de Winter zijn eerste column van het jaar in de Telegraaf. Zijn ‘omschrijving’ blijkt een koortsige opsomming van waanbeelden. Hij begint met de gebruikelijke relativering van klimaatwetenschapsontkenners:

    “De aarde heeft in haar vierenhalf miljard jaar oude geschiedenis perioden gekend waarop letterlijk alles bedekt was met sneeuw en ijs, en er zijn perioden geweest waarop de polen ijsvrij waren en het veel warmer was. Er waren geen mensen, dus de veranderingen ontstonden niet door menselijke activiteiten.”

Er zijn lange perioden geweest dat menselijk leven op (grote delen van) de aarde onmogelijk was. Ik heb nooit begrepen waarom dat gegeven de zorg weg zou moeten nemen dat Nederland straks onder water staat.

    “De aarde heeft geen ‘vast’ klimaat, nee, het is nog ingewikkelder.”

De Winter trekt meteen het gelijk aan zijn kant door iets te ontkennen wat niemand beweert: dat de aarde een vast klimaat heeft. Zijn opmerking ‘het is nog ingewikkelder’ kan de indruk van expertise wekken zonder dat hij iets inhoudelijks zegt. Stel je dergelijke retoriek voor bij andere maatschappelijke kwesties. Als iemand opmerkt dat de Nederlandse bevolking groeit, zou ik kunnen zeggen: ‘De bevolking is altijd aan verandering onderhevig. Nederland heeft geen ‘vast’ aantal inwoners, nee, het is veel ingewikkelder dan jij voordoet.’ Daarmee zou ik precies even veel ontkrachten als De Winter doet.

    “[W]e kunnen de huidige temperatuur van de aarde niet eens meten, behalve met software die de grote delen van het oppervlak waarop geen apparatuur staat, zoals de oceanen, een temperatuur toewijst.”

Ook als De Winters informatie klopte, zou de uitspraak onzinnig zijn. ‘We kunnen de temperatuur niet meten, behalve met een meetmethode.’ ‘We kunnen de lengte van deze deur niet meten, behalve met een meetlint.’

Binnen de wetenschappelijke arena is de overweldigende consensus al lang duidelijk: de aarde wordt warmer door menselijk toedoen.

Ik zou niet weten op welke software De Winter doelt, maar de bewering dat de temperatuur van de aarde maar op één manier gemeten wordt is onjuist. Er zijn verschillende manieren waarop wetenschappers de temperatuur van verschillende delen van de aarde bepalen (niet: ‘een temperatuur toewijzen’). En nee, op het oppervlak van de oceaan staat geen apparatuur. Daar dríjft apparatuur, op schepen en boeien.

    “De VN heeft rapporten laten opstellen, aangedreven door activisten die beweren dat de mensheid de aarde naar de verdoemenis helpt, waarin dat dramatische opwarmen als een zekerheid wordt voorgesteld. Maar er zijn veel wetenschappers die beweren dat de opwarming binnen de marges valt van de afgelopen tweehonderd jaar.”

‘Veel’ is een relatief begrip. Als alle wetenschappers die het oneens zijn met de wetenschappelijke consensus over klimaatverandering in een bus gaan zitten, dan zitten er veel mensen in die bus. Maar 97% van de wetenschappers die er onderzoek naar hebben gedaan staat nog buiten.

    “Wie heeft gelijk? Onze politieke elites hebben die discussie vermeden.”

Dat klopt niet, zoals ondervonden kan worden door te googelen op ‘Wilders klimaatverandering’ of ‘Baudet klimaatverandering’ (of gebruik anders de milieuvriendelijker zoekmachine Ecosia).

    “Den Haag heeft nooit discussierondes gehouden tussen voor- en tegenstanders van de gedachte dat mensen verantwoordelijk zijn voor een versnelde klimaatopwarming.”

Dat is een goede zaak. Politici zijn er niet om te bepalen welke wetenschappers gelijk hebben. Die discussie hoort zich af te spelen binnen de wetenschappelijke arena, en daar is de overweldigende consensus al lang duidelijk: de aarde wordt warmer door menselijk toedoen.

    “Toch zijn er plannen, radicaal en fundamenteel, die bouwen op de heilige overtuiging dat menselijke activiteiten het leven op aarde op den duur onmogelijk gaan maken.”

Met de termen ‘radicaal’, ‘fundamenteel’ en ‘heilige overtuiging’ roept De Winter de associatie op met religieuze fanaten. Zo wordt een rationele conclusie gebaseerd op empirische feiten gereduceerd tot geloof. De Winter maakt dat nog explicieter:

    • “Het is duidelijk dat met de gedachte dat mensen een Apocalyps over zich afroepen veel meer aan de hand is. In een geseculariseerde samenleving heeft het idee dat we de ‘aarde moeten redden’ een metafysische, zeg gerust religieuze echo: Moeder Aarde, Vader Zon, de Windgoden.

 

    We moeten zuiniger zijn, vromer, spiritueler, en ons onderdeel voelen van een groot levend organisme dat de aarde en haar schil vormen.”

Het nietszeggende ‘het is duidelijk dat er meer aan de hand is’ moet rechtvaardigen dat De Winter een hoop religieuze ideeën projecteert op klimaatmaatregelen. Maar waar in het klimaatakkoord wordt opgeroepen tot ‘vromer’ en ‘spiritueler’ leven?

Het zal een chaos zijn in de duistere vergaderzalen waar deze James Bond-schurken samenkomen.

Er zijn inderdaad genoeg mensen die hun milieuzorgen koppelen aan hippie-ideeën over ‘contact met de aarde’ (en als dat voor hen een effectieve motivatie is om energiezuinig te leven lijkt me dat prima), maar dat geluid komt niet vanuit klimaatwetenschappers of de ‘politieke elite’ waartegen De Winter ageert. Het gaat helemaal niet om het redden van de aarde. Om met George Carlin te spreken: ‘The planet is fine. The people are fucked.’

    “Naast klimaatakkoorden worden we geconfronteerd met ongrijpbare besluitvormingsprocessen rondom migratie. De druk op Europa vanuit Afrika en het Midden-Oosten heeft alles te maken met de Afrikaanse en Arabische gevolgen van bevolkingsexplosies, maar dat willen onze elites niet bespreken.”

Wederom geeft De Winter er blijk van de Nederlandse politiek niet bepaald op de voet te volgen – of hij moet in de waan verkeren dat succesvolle politici als Wilders, Baudet en Dijkhoff niet tot de elite behoren.

    “Europa, zo luidt de wens van onze elites, moet een multicultureel en post-nationaal immigratiecontinent worden dat geleid wordt door een bureaucratisch en technocratisch centrum om de volledige Europese eenwording tot stand te brengen en de eigenheid van Europese volken op te heffen.”

Het is nog altijd niet duidelijk hoe De Winter ‘onze elites’ definieert, en waar hij dit inzicht in hun geheime wensen vandaan haalt is nog mysterieuzer. Maar als hij gelijk heeft, hoeven we ons niet zo’n zorgen te maken over die sinistere elites met hun snode plannen. Ze lijken zelf niet te weten waar ze mee bezig zijn. Ze willen ‘volledige Europese eenwording’ tot stand brengen middels immigratie. Ze willen een multicultureel Europa, en dan willen ze ‘de eigenheid van Europese volkeren opheffen’: ze willen Europa dus multicultureler maken, zodat Europa monocultureel wordt. Het zal een chaos zijn in de duistere vergaderzalen waar deze James Bond-schurken samenkomen.

    “Voor de transnationale elites, waartoe ook de meeste mediawerkers en academici behoren, hebben de socialistische utopieën van een ‘nieuwe mens’ niet aan glans ingeboet. De agenda? We moeten uiteindelijk geleid worden door een visionaire wereldregering die het leven van de mensheid vormgeeft en sanctioneert. Daarvoor is totale controle over communicatiemiddelen nodig.”

Een bekentenis: ik koos deze column voor deze rubriek omdat ik het mezelf eens makkelijk wilde maken. Leon de Winter leek me geen moeilijk doelwit. Het weerleggen van zijn argumenten blijkt nu echter toch een uitdaging, omdat hij er eenvoudigweg geen noemt. In zijn beschrijving van de complotten die ‘de transnationale elites’ smeden wordt hij nooit specifiek. Door concrete voorbeelden te vermijden kan hij angst zaaien door suggestie. Zoals in een enge film. Hoe minder je van het monster ziet, hoe griezeliger het is. Als het monster onthuld wordt, is dat vaak dodelijk voor de spanning: het blijkt niet overtuigend, misschien zelfs belachelijk. Daarom is het belangrijk dat De Winter zo vaag mogelijk blijft over het monster in zijn horrorsprookje.

    “Maatregelen tegen ‘fake news’ omvatten de mogelijkheid om sociaal-ongewenste communicatie te onderdrukken teneinde fundamentele kritiek op klimaatakkoorden en internationale migratiepacten te smoren (en eventueel lastpakken, dwarsliggers en narren het zwijgen op te leggen).”

De op dit moment voorgestelde maatregelen tegen ‘fake news’ betreffen vooral voorlichtingscampagnes en omvatten niet de mogelijkheid wie dan ook het zwijgen op te leggen. Maar als De Winter werkelijk vreest dat hij binnenkort geen ‘fundamentele kritiek’ meer mag leveren, dan zou je toch verwachten dat hij dat nú doet, nu het nog kan. In plaats daarvan komt hij met vage complottheorieën waarin hij niets concreets zegt.

Mike Hughes is een aanhanger van de complottheorie dat de aarde plat is. Vorig jaar lanceerde hij zich met een zelfgebouwde raket 572 meter de lucht in om de waarheid van zijn overtuiging te bewijzen. Het verschil tussen Hughes en De Winter is dat Hughes concreet is, duidelijk achter zijn ideeën staat en de bewijslast niet ontloopt. En dat je met hem kunt lachen.



Beeld: Martin Abegglen via Flickr.

Mail

Julius Koetsier is columnist, filmcriticus, vertaler, video-editor en zo af en toe iets anders.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Wat je niet zult zien op tv

Wat je niet zult zien op tv

Hoe links is linkse televisie? Marthe van Bronkhorst kwam achter de schermen en kon haar ogen eigenlijk niet geloven. Lees meer

Hoeveel romcoms tot ik het voel? 1

Hoeveel romcoms tot ik het voel?

De liefde is een onuitputtelijke bron van inspiratie. In films, boeken en muziek blijven mensen proberen haar te vangen, en al die creatieve expressie wordt gretig geconsumeerd – ook door Nouhaila el Khannoussi, die ondanks haar fascinatie voor fictieve liefdes zelf nog nooit verliefd is geweest. In dit persoonlijke essay vraagt ze zich af wat verliefdheid eigenlijk is. Lees meer

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer