Asset 14

Geobsedeerde Te Nijenhuis weet niet wat IQ is

Weerwoord: Geobsedeerde Te Nijenhuis weet niet wat IQ is

Julius Koetsier bindt in Weerwoord de strijd aan met de dogma’s en de dooddoeners die hij tegenkomt in de gevestigde opiniesecties. Hij fluit praatjesmakers die uit de bocht vliegen terug en voorziet hun meningen van een ongevraagd weerwoord. Deze week: Jan te Nijenhuis doet een poging om lang verworpen ideeën over IQ goed te praten, maar praat zichzelf jammerlijk vast.

Afgelopen zaterdag sprak de controversiële onderzoeker Dr. Jan te Nijenhuis op de bijeenkomst van de JFVD, de jongerenvereniging van FvD. Hij kwam vertellen over de vermeende daling van het IQ in ‘de Westerse wereld’. Een goede gelegenheid om terug te kijken naar een artikel over groepsverschillen in IQ dat Te Nijenhuis vorig jaar schreef op TPO.

Aanleiding was de kritiek van Kajsa Ollongren op uitspraken van FvD-er Yernaz Ramautarsing over ras en IQ. Te Nijenhuis vraagt zich af:

    “Moeten ministers tegenwoordig bepalen welke standpunten correct zijn of mogen wetenschappers dat zelf bepalen?”

Het gaat hier echter niet om een discussie tussen wetenschappers en ministers, maar om een minister die reageert op de uitspraken van een andere politicus. Te Nijenhuis probeert de indruk te wekken dat alle wetenschappers menen dat er etniciteitsgebonden verschillen in IQ zijn. Hij doet alsof de discussie binnen het academische veld allang afgerond is, en de weerstand vanuit de maatschappij puur het gevolg is van politieke correctheid. De werkelijkheid is dat er momenteel geen hard bewijs is voor een genetische component in IQ-verschillen.

Te Nijenhuis haalt een herinnering op aan de Buikhuisen-affaire uit de jaren 70.

    “Wouter Buikhuisen was een criminoloog die dacht dat criminaliteit gedeeltelijk biologisch bepaald was. We weten nu dat hij helemaal gelijk had en zijn tijd ver vooruit was, maar in de jaren ‘70 [sic] was dat standpunt taboe.”

‘We’ weten dat helemaal niet. Buikhuisens onderzoek is altijd onderwerp van kritiek gebleven. En niet alleen omdat zijn standpunt ‘taboe’ was, ook op zijn methodiek hadden collega’s veel aan te merken.

    “Buikhuisen had op een gegeven moment genoeg van alle tegenwerking en het gebrek aan een open discussie, zegde zijn baan aan de Universiteit Leiden op, en begon een antiekzaak.”

Een moker is handig gereedschap, maar niet geschikt voor hersenchirurgie.

Dat was pas in 1988. In 1981 werd Buikhuisen overgeplaatst naar een andere faculteit, nadat zijn vakgroep had geklaagd dat hij gewoon niet goed presteerde: hij had geen onderzoeksvoorstel afgerond en onttrok zich aan vergaderingen. Uiteindelijk stopte hij op doktersadvies bij de Universiteit.

    “Het is goed om te zien dat allerlei intelligentie-onderzoekers de poging van minister Ollongren om de discussie stop te zetten saboteren door allerlei interviews te geven en mee te doen aan discussieprogramma’s op de radio.”

Door andere opvattingen dan de zijne weg te zetten als ‘pogingen de discussie stop te zetten’, doet Te Nijenhuis hier zelf waarvan hij Ollongren beschuldigt.

    “IQ-tests zijn de beste instrumenten die 100 jaar psychologie heeft voortgebracht.”

Dat hangt ervan af waarvoor je ze gebruikt. Een moker is handig gereedschap, maar niet geschikt voor hersenchirurgie. Een IQ-test (altijd individueel afgenomen door iemand die daarvoor geschoold is) kan van waarde zijn, maar dat is binnen de psychologie nog altijd onderwerp van debat.

    “Het zijn uitstekende voorspellers van schoolprestaties en werkprestaties. Aangezien integratie van immigranten loopt via de schoolbankjes en de werkvloer is het gemiddelde IQ van een groep immigranten essentieel voor de integratie in de Nederlandse samenleving.”

Integratie betekent opname in de groep. Hoezo loopt die alleen via de schoolbankjes en de werkvloer? Een Marokkaanse Rotterdammer die wedstrijden Ajax-Feyenoord bezoekt en samen met Feyenoord-hooligans antisemitische leuzen scandeert en bushokjes sloopt, is gewoon geïntegreerd, ongeacht zijn IQ. Het feit dat Islamitische basisscholen telkens bovengemiddeld scoren bij de Cito-toets, wijst op minder integratie.

    “Hoe groot zijn de IQ-verschillen binnen Nederland? Autochtone Nederlanders hebben een gemiddeld IQ van 100. In mijn onderzoek kwam naar voren dat Roma (Zigeuners) een gemiddeld IQ van 74 hebben.”

Het is misschien niet vreemd dat Te Nijenhuis zo vaag doet over zijn onderzoek. Het is ook nooit gepubliceerd.

Waar verwijst Te Nijenhuis naar met ‘mijn onderzoek’? In deze lijst met zijn academische publicaties is niets over Roma te vinden. Maar in 2015 sprak hij over Roma op de controversiële London Conference on Intelligence. De LCU vond plaats van 2014 en 2017 en werd bezocht door allerlei openlijk extreemrechtse sprekers. Gezien de reputatie die de conferentie inmiddels geniet, is het misschien niet vreemd dat Te Nijenhuis zo vaag doet over zijn onderzoek. Het is ook nooit gepubliceerd. De enige bron over het Roma-onderzoek die ik kon vinden, is het programma van de LCU 2015. De aankondiging van Te Nijenhuis’ presentatie begint met de woorden: “The Roma are the only major European ethnic group the average IQ of which is unknown.” Daarna wordt uitgelegd dat er slechts een schatting gegeven kan worden. Zelfs zijn eigen onderzoek kent Te Nijenhuis niet goed.

    “Surinamers, Antillianen, Marokkanen, en Turken hebben een gemiddeld IQ van ongeveer 85. Chinese Nederlanders hebben een gemiddeld IQ van 105 en Joden hebben een gemiddeld IQ van 112.”

Ook voor deze cijfers geeft Te Nijenhuis geen bron. Wellicht verwijst hij naar dit onderzoek – maar nu ben ik zijn werk aan het doen.

    “Het lage gemiddelde IQ van veel immigrantengroepen vertaalt zich in fors lagere scholingsprestaties. In een grote school met allerlei leerlingen zijn bij zowel autochtone als autochtone [sic] leerlingen zwakke, gemiddelde, en hele goede studenten, maar zullen de beste leerlingen vooral autochtoon zijn en zullen veel van de zwakkere leerlingen allochtoon zijn. Op de werkvloer vertaalt het lagere gemiddelde IQ zich ook in lagere arbeidsprestaties. De gemiddelde allochtone werknemer verdient 10.000 – 15.000 euro per jaar minder voor het bedrijf dan de gemiddelde autochtone werknemer. Kortom, men moet de scores op de IQ-test serieus nemen.”

Cito zelf heeft altijd willen vermijden dat de toets gezien wordt als een meetinstrument voor intelligentie.

Dit is retorische gymnastiek. Te Nijenhuis noemt twee (wederom bronloze) stellingen: dat ‘veel’ zwakkere leerlingen allochtoon zijn, en dat allochtone werknemers gemiddeld minder geld binnenhalen voor hun bedrijf. Direct acht hij een causaal verband bewezen. En dan heeft dat ook nog eens allemaal met IQ te maken (en niet met, bijvoorbeeld, bewezen discriminatie op de arbeidsmarkt).

    “Aan het eind van de basisschool krijgen kinderen de Cito-toets. Allochtone kinderen scoren gemiddeld fors lager dan autochtone kinderen op wat 90% een IQ-test is, wat tot lagere schooladviezen zou moeten leiden.”

De Cito-toets is absoluut niet ‘90% een IQ-test’. Het is een leervorderingstoets. Cito zelf heeft altijd willen vermijden dat de toets gezien wordt als een meetinstrument voor intelligentie.

    “In een studie uit 2016 lieten Rindermann, Coyle en Becker zien hoe 86 experts in intelligentie-onderzoek denken over de oorzaken van de groepsverschillen in gemiddeld IQ. Wat opvalt is dat de groep experts die denkt dat verschillen 0% genetisch zijn een minderheid is: 17%. Maar liefst 83% van de experts denkt dat er een kleine, een stevige, tot zeer grote rol is van genen. De tweede groep denkt dat grofweg de helft van de IQ-verschillen tussen groepen genetisch bepaald is.”

Te Nijenhuis doelt op dit onderzoek, maar heeft bijzonder slordig gelezen. Zo waren het geen 86 maar 71 experts (de auteurs merken zelf op dat het een laag aantal is). Ook die 17% en 83% kloppen niet. Te Nijenhuis is echter niet bewust misleidend geweest, maar puur slordig, want als hij de werkelijke cijfers wist had hij die zeker genoemd: slechts 7% van de ondervraagden stelde met zekerheid dat genen helemaal geen invloed hebben, en 6% kon die vraag niet beantwoorden. De rest denkt dus dat genen ten minste een beetje invloed hebben. Let wel: er is een groot verschil tussen ‘ten minste een beetje invloed’ en ‘grote invloed’. Bovendien was slechts één van de ondervraagden van mening dat cultuur en educatie niet van invloed zijn op IQ. Tot slot citeer ik uit het onderzoek: “The sum of both education factors yielded the highest rating (21.64%). Of all factors, genes had by far the largest standard deviation (SD = 23.85; all other factors, SD < 10), indicating disagreement about the importance of genetic influences.”

    “Meerdere onderzoekers zijn bezig het land-IQ van alle landen in de wereld te meten. (...) Iets belangrijks als lange-termijn economische ontwikkeling van landen kan uitstekend voorspeld worden met land-IQ. Er is een groot aantal variabelen, dat heel goed voorspeld kan worden met land-IQ. Een ander voorbeeld is corruptie: landen met een laag IQ zijn veelal corrupt, terwijl landen met een hoog IQ, zoals Nederland, maar een fractie van die corruptie van laag-IQ-landen hebben.”

Wederom blijkt Te Nijenhuis niet op de hoogte van het verschil tussen correlatie en causatie. In arme en corrupte landen is minder toegang tot educatie, dus zal het gemeten IQ daar lager liggen. Te Nijenhuis heeft nota bene zelf een bron aangehaald die stelt dat cultuur, opvoeding en scholing als invloedrijker gezien worden dan genen.

    “Als men ervan uitgaat dat alle groepen zelfde gemiddelde IQ hebben en dan ziet dat sommige groepen minder succesvol zijn dan anderen, dan hebben conclusies in termen van racisme en discriminatie een zekere logica. Het steeds maar weer racisme, racisme, racisme roepen gecombineerd met het taboeïseren van een eeuw aan wetenschappelijke bevindingen op het gebied van groepsverschillen in IQ leidt tot haat tussen bevolkingsgroepen in de samenleving.”

Het is duidelijk dat Te Nijenhuis alleen die wetenschappelijke bevindingen bedoelt die zijn visie ondersteunen. Wanneer academici er anders over denken, komt dat immers omdat ze de feiten niet onder ogen willen zien. Hij negeert de wetenschappelijke consensus en gaat slordig om met terminologie: hij maakt geen onderscheid tussen het gemeten IQ en het ware IQ en hij lijkt IQ gelijk te stellen aan het veel bredere begrip intelligentie.

Daarnaast zet hij kritiek op zijn standpunt weg als inhoudsloos geroep en probeert hij de discussie te smoren, door te waarschuwen voor ‘haat tussen bevolkingsgroepen.’ Wie is hier nu aan het taboeïseren?



Beeld: Marco Okhuizen

Mail

Julius Koetsier is columnist, filmcriticus, vertaler, video-editor en zo af en toe iets anders.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer