Het Met Gala vroeg dit jaar om mode als belichaamde kunst, maar wat betekent dat eigenlijk? In haar column gebruikt Loïs Blank de rode loper als uitgangspunt voor een kritische blik op hoe mode, lichamelijkheid en creativiteit zich nog tot elkaar verhouden.
Zoals wel vaker bij het Met Gala was het thema dit jaar zó conceptueel dat niet alle gasten het voor elkaar kregen zich volgens het thema te kleden. Het thema was ‘Fashion is art’, door het Met toegelicht als: ‘The show will examine the centrality of the dressed body, [...] to create pairings that not only illuminate the indivisible connection between clothing and the body but also the complex interplay between artistic representations of the body and fashion as an embodied artform.’
Beroemdheden liepen de trappen van het Met op in een outfit die vrij letterlijk gebaseerd was op een kunstwerk. Er waren veel referenties naar schilderkunst: Madonna liep samen met zeven andere vrouwen de loper over om het schilderij ‘The Temptation of St. Anthony’ van Leonora Carrington na te doen en Hunter Schafer en Gracie Abrams lieten zich inspireren door Gustav Klimt.
Anderen namen de beeldhouwkunst als leidraad. In de categorie ‘verkleed als letterlijke standbeelden’ zagen we Kylie Jenner (Venus de Milo) en Kendall Jenner (Nikè van Samothrake), maar de standbeeldoutfit die écht liet zien hoe het thema níet van de grond kwam, was die van Heidi Klum.
Alle outfits die een ander kunstwerk ‘namaken’, herschrijven het thema ‘Fashion is art’ naar ‘Fashion is other arts’. Juist door zo sterk te refereren aan andere kunstwerken, worden die outfits uithangborden voor andere kunstwerken. Maar een uithangbord voor een ander kunstwerk is op zichzelf niet per se kunst. Door als standbeelden rond te paraderen benadrukken ze het marmeren lichaam, het perfect gesculpteerde lichaam, het gemaakte lichaam. Ze benadrukken het niet-lichaam.
Waar dat aan voorbij gaat, is dat mode juist intrinsiek verweven is met het lichaam - het Met schreef niet voor niets ‘fashion as embodied artform’. Mode komt niet om het lichaam heen, het moet zich er altijd tot verhouden. Zelfs ondraagbare mode kan alleen ondraagbaar zijn door rekening te houden met lichamelijke draagbaarheid en dat te vermijden.
Daarnaast is mode als kunstvorm niet gedoemd een reproductie van andere kunst te zijn. Doordat het een kunstvorm is waarvoor het lichaam vereist is, draagt het altijd de potentie om lichamen ruimte te geven. Elk t-shirt kan een podium geven aan een lichaam, je hoeft het alleen maar aan te trekken.
We zien en voelen onze lichamen onder maatschappelijke en politieke druk staan, en dit thema was een mooie uitnodiging om daarop in te haken. Je zou zeggen dat de staat van de wereld een bruikbare inspiratiebron is voor een statement over lichamelijkheid, maar dan moet je je niet laten afleiden door Klimt of een beeldhouwwerk.
We leven in een lichaamsontkennende wereld
Toen ik ‘embodied art’ intikte, dacht Google Translate dat ik ‘embodied artificial intelligence’ bedoelde. Kijkend naar het Met Gala is dat helemaal niet zo’n vreemd idee: waren al die letterlijke referenties naar andere kunstwerken niet vooral herhalingen? Namen die outfits niet andere kunsten als data om daar een denkproces op los te laten en tot een outfit te komen? Weten we nog wat kunst is en hoe we het kunnen maken, of vervalt ons eigen creatieve denkproces langzaam tot een AI-methode?
Dat de beroemdheden op het Met Gala moeite hebben met een intrinsieke erkenning van het lichaam is niet verrassend: We leven in een lichaamsontkennende wereld. Bigtechbedrijven doen er alles aan om niet mensenlevens, maar AI centraal te stellen. Binnen het thema migratie gaat het vaker over ‘crisis’ en ‘instroom’ dan over de lichamelijke ervaringen van mensen. En de modeindustrie doet ook mee aan ontlichaming - ik schreef eerder over de AI-pasfunctie in de Zara-app.
Toch waren er ook succesvolle outfits te zien op het gala: Cardi B maakte in Marc Jacobs een statement over lichaamsvormen in een jurk die de vorm van haar lichaam veranderde, Jeremy Pope droeg een Vivienne Westwood-parelblazer met de print van een torso - een herinterpretatie van de ‘Martyr of love’-blazer van Westwood die te zien is in de Met tentoonstelling. Pope’s blazer heeft op de rug een print van bloedende zweepslagen - zijn ‘Slave to Love’-blazer benadrukt de historische connectie tussen de modeindustrie en het slavernijverleden.
Maar het meest onverwachte, doch geniale detail van lichamelijkheid op het gala? Blue Ivy’s tanlines. Haar Balenciaga-jurk was strapless en daardoor waren de tanlines op haar schouders duidelijk zichtbaar. Dát is lichamelijkheid. De keuze om ze niet in te kleuren met make-up past perfect bij het thema. Haar tanlines benadrukken het embodied in ‘embodied art’, terwijl Kylie en Kendall Jenner in hun standbeeldoutfits beide korsetten droegen met neptepels erop. Die neptepels vagen lichamelijkheid juist weg, omdat ze een imitatie zijn van de tepels van marmeren beelden, en geen benadrukking van het lichaam van de drager. Een kopie dragen van een lichaam geeft niet per se een podium aan lichamelijkheid: tepels in een korset zijn verstopt, ook als het korset neptepels heeft.
De les van dit Met Gala? Het aanscherpen van onze blik over ontlichaming in deze AI-gedreven wereld.
Loïs Blank Loïs Blank (zij/haar, 1998) studeerde af in filosofie van de mode en is mateloos geïnteresseerd in cultuur en esthetiek. Ze werkt als online redacteur bij Mediahuis, is adjunct-uitgever van Hard//hoofd en schrijft maandelijks een column over mode.
Amber Pieren (2001) is een illustrator uit Amersfoort. Haar interesse in de huidige tijdgeest en ‘pop culture’ zorgen voor kleurrijke digitale beeldverhalen met een vleugje humor. De illustraties zijn opgebouwd door middel van een mix van lijnwerk, kleurvlakken en tekst. Het liefst een beetje bizar en het liefst met het gebruik van neon roze.


















