Asset 14

Vies!?

Wat is vies? Haren op je hoofd zijn prima, haren op de vloer zijn vies. En niet iedere anus is even afstotelijk. Toch?

“Wat heb je liever?”, vroeg een vriend me. “Een anus die naar ijs smaakt, of ijs dat naar anus smaakt?” Na een hartgrondig “Gedverdemme!” ging ik serieus overwegen (“wiens anus is dat dan?”, “smaakt het ijs naar een schone anus?”, “mag ik toegeven dat ik niet weet hoe een anus smaakt?”), om ten slotte tot de conclusie te komen dat het toch allebei ranzig blijft. Waarom? Ja, die anus hè, hoe goed je dat ding ook boent, het blijft het afvoerputje van het lichaam. En toch, de anus van diegene op wie je verliefd bent is ineens zo smerig niet meer. Ligt het dan vooral aan het idee van de combinatie van ijs en anus?

Waarom vinden we iets ‘vies’? Verschillende sociale wetenschappers hebben zich op deze kwestie gestort. Evolutionaire verklaringen liggen voor de hand: we vinden datgene vies wat een gevaar oplevert voor ons eigen overleven of onze nakomelingen in gevaar brengt. Eten met een bittere smaak heeft een grotere kans om giftig te zijn dan eten met een zoete smaak. Poep zit vol bacteriën. Incest kan leiden tot mismaakte baby’s en homoseksualiteit tot een gebrek aan baby’s. Maar de lijst met dingen waar mensen van kunnen walgen is vele malen langer, en hangt voor een groot deel af van de cultuur waarin iemand opgroeit.

Gods lijst van viezigheden

De mooiste, meest compacte definitie van wat ‘vies’ is, vind ik die van de Britse antropologe Mary Douglas: “Dirt is matter out of place”. In Purity and Danger (1966) noemt Douglas een hele lijst dieren die in het Oude Testament als “onrein” worden bestempeld. Wat hebben die dieren, van kreeft tot varken, van sprinkhaan tot struisvogel, gemeen? Het is niet hun eigen vieze gedrag (varkens schijnen uitgesproken schoon te zijn) en het zijn dus ook niet alleen dieren met duivelse (gespleten) hoeven (integendeel, de meeste dieren met gespleten hoeven mag je van God gewoon eten). Nee, stelt Douglas, onrein zijn de dieren die tussen categorieën vallen, de ambigue dieren. Dieren met gespleten hoeven horen gras te eten, varkens doen dat niet, ergo: varkens zijn onrein. Een andere indeling van dieren had weer tot andere onreinheidscriteria kunnen leiden, maar binnen de categorieën die God in zijn hoofd had, was dit logisch.

Animatie: Gemma Pauwels

Al kwam Douglas later terug op haar interpretatie van de Bijbelse dieren, haar definitie “dirt is matter out of place” blijft sterk. Er zijn ongetwijfeld uitzonderingen te bedenken, en dat iets buiten de nette categorieën valt is vaak juist grappig, het is eerder absurd dan vies, maar in veel gevallen klopt het. Haren op je hoofd zijn prima, haren op de vloer vies. Etensresten worden pas walgelijk als het avondeten voorbij is, of als ze op een andere plek dan je bord terechtkomen.

Julia Kristeva, de vaak onbegrijpelijke psychoanalytische filosofe, bouwde voort op Douglas' ideeën in haar boeken over “het abjecte”. Het abjecte is datgene wat we willen afstoten, dat waar we van walgen, wat we onrein vinden, omdat het “identity, system, order” verstoort – “the in-between, the ambiguous, the composite”. Het mooie is, aldus Kristeva, die vanuit haar Freudiaanse achtergrond een speciale voorliefde voor het weggedrukte en dus het abjecte heeft, dat je er nooit echt vanaf komt: “from its place of banishment, the abject does not cease challenging its master.” Het abjecte is niet alleen wat we smerig vinden, maar ook wat ons fascineert, wat ons blijft plagen en onze zekerheden op losse schroeven zet. Het gaat bij het abjecte om het overschrijden van grenzen en het doorbreken van taboes. Je kunt dat zien in een broodje poep, maar critici als Kristeva en Bataille zien het liever in de roes, de waanzin, in nietsontziende pornografie en kunst. Denk aan Baudelaires fleurs du mal, Hermann Nitsch' bloederige performances, of GG Allins wanstaltelijke punkconcerten. Je onderdompelen in modder omdat het moet, omdat het je dichter bij de dood brengt, bij het wegvagen van het hinderlijke zelf. Weg met het ego, lang leve de transgressie!

Besmettelijke afkeer

In theorie klinkt dat allemaal heel mooi en emancipatorisch verantwoord, maar in de praktijk gaat het opzoeken van hoeren met een venerische ziekte in de naam der transgressie een beetje ver. Veel viezigheid blijft gewoon vies in plaats van bevrijdend. Toch is het zinvol om je af te vragen of je walging wel altijd terecht is. In Yuck! The Moral Significance and Nature of Disgust (2011) laat filosoof Daniël Kelly overtuigend zien hoe gemakkelijk we een afkeer van iets kunnen krijgen en hoe besmettelijk die afkeer is. Zo haalt hij een onderzoek aan waarin mensen verschillende truien voorgelegd kregen, allemaal even goed schoongemaakt, maar sommige waren voor de wasbeurt al eens door iemand gedragen. Het simpele feit dat een (gezonde) onbekende de trui gedragen had maakte die trui al ‘viezer’, maar de participanten hadden pas echt moeite met de truien waarvan gezegd werd dat ze gedragen waren door mensen die een ongeluk hadden gehad. Een trui waarvan de onderzoekers zeiden dat die door Hitler gedragen was, leverde de grootste weerstand op. Nog leuker is het onderzoek waarin mensen gehypnotiseerd werden zodat ze een willekeurig woord (“often”) walgelijk gingen vinden. Vervolgens kregen ze dit verhaaltje voorgelegd: “Dan is a student council representative at his school. This semester he is in charge of scheduling discussions about academic issues. He often picks topics that appeal to both professors and students in order to stimulate discussion.” De gehypnotiseerde proefpersonen vonden Dan een slijmbal en een snob, al konden de meesten hun afkeer niet goed uitleggen: “it just seems like he’s up to something.”

Walging gaat vaak samen met bijgeloof. Het is een heel lichamelijke impuls, ook als het over niet-fysieke, morele zaken gaat. Pas achteraf gaan we rationaliseren waarom iets ons braakneigingen geeft. Meestal komen we daar niet echt uit – “Het is gewoon smerig.” Misschien moeten we onszelf daar wat minder mee weg laten komen. Een beetje meer tolerantie tegenover wat we op het eerste gezicht vies vinden kan niet zoveel kwaad. Zuiverheidsdrang kan een stuk gevaarlijker zijn, zoals socioloog Klaus Theweleit liet zien in zijn dikke boek, Männerfantasien (1977), over de reinheidsideeën van de nazi’s. Zij waren bang voor alles wat hun mannelijkheid kon infecteren, kon verzwakken, alles wat ook maar deed denken aan dood en ziekte. Volgens Theweleit hadden de nazi’s het liefste niet alleen de (voor hen) feminiene joden uitgeroeid, maar alle vrouwen. Het liefste waren zij van gepantserd, roestvrij staal geweest. Onaantastbaar en puur. Nee, dan is Annie M.G. Schmidts Floddertje een stuk sympathieker. Een kind dat nooit eens op een vies speeltoestel klimt groeit uit tot een allergisch bleek mormeltje. We hebben de viezigheid nodig, net zo goed als de zuiverheid, de spanning, de uitwisseling ertussen. Maar als het op ijs aankomt, prefereer ik voorlopig vanille of chocola.

Mail

Emy Koopman Emy Koopman is schrijver en was jarenlang Hard//hoofd-redactielid. Ze debuteerde in 2016 met de roman Orewoet.

Gemma Pauwels is freelance illustrator en woont in Amsterdam.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer