Asset 14

Vrijheid is frictie

Hoe word je de auteur van je eigen daden? Of: wanneer is een keuze echt een keuze en niet zomaar willekeur? Floris Solleveld zet zijn strategieën voor beter redeneren uiteen.

Het leven is vol van tragedies. Ik bestel een lamsspies en vraag me direct af of ik niet beter de coq au vin had kunnen nemen – en zodra de lamsspies geserveerd wordt, weet ik zeker dat ik liever de coq au vin had genomen. Dat is overkomelijk, maar binnen de microkosmos van die keuze is het tragisch. Wat ik ook doe, er is geen manier om aan de teleurstelling over mijn eigen keuzes te ontkomen.

We verhogen de inzet wat. Een fascinerend persoon vraagt of ik naar een of ander poëziefestival ergens ver weg in het Westelijk Havengebied kom. Dat festival interesseert me natuurlijk geen klap maar die persoon wel, en ik moet eigenlijk eerst nog wat achttiende-eeuwse boeken doornemen voor mijn proefschrift. Dus ik sms terug ‘misschien’ en spring op de fiets met het plan om alleen even langs te flitsen, hoi te zeggen en weer weg te gaan. Blijkt een uur fietsen later dat er vijftien euro entree geheven wordt. Da’s toch wel veel geld om even hoi te zeggen. Dus ik zeg ‘nee bedankt’ en fiets weer terug. Het was best een mooie dag om gewoon een stukje te fietsen, maar toch: leg me uit waar ik mee bezig ben.

Het was best een mooie dag om gewoon een stukje te fietsen, maar toch: leg me uit waar ik mee bezig ben.

Het tragische is dat dit alles helemaal niet zo irrationeel is. De coq au vin was misschien ook tegengevallen en eigenlijk hou ik helemaal niet van poëziefestivals. Ik weet wat ik doe en waarom ik het doe, en toch lijk ik een soort speelbal van mijn eigen keuzes te worden. Er is simpelweg geen doorslaggevende reden om het een of het ander te kiezen, en dat is nou juist wat het een echte keuze maakt. Anders konden we onze keuzes wel laten bepalen door een keuzeoptimalisatiealgoritme, en daarmee eigenlijk onze vrije wil inruilen voor een procedure.

En het wordt nog erger: een keuze wordt niet beter als je er langer over nadenkt. Als je de Nijmeegse psycholoog Ap Dijksterhuis moet geloven blijkt dat zelfs uit onderzoek. Er zijn meestal maar een paar transparante factoren die je snel kunt overzien en de rest is bam, knopen doorhakken. Maar moeten we dan maar het toeval of een impuls laten beslissen, bij gebrek aan doorslaggevende redenen? Alsof dat een vrijere beslissing is. De tragedie is inherent aan het kiezen: het is ook altijd een keuze om iets niet te doen. Elke keuze is een tragedie.

Het lijkt op wat de theoretisch linguïst Ray Jackendoff in Consciousness and the Computational Mind het ‘mind-mind-probleem’ heeft genoemd. Hij onderscheidt tussen het ‘bewuste’ en het ‘computationele’ brein. En wat dat laatste doet, bijvoorbeeld in het vormen en ontleden van zinnen, het aansturen van lichaamsdelen, en ook in het maken van beslissingen, is voor het bewuste brein niet of niet geheel transparant. We weten niet echt hoe semantiek werkt en toch begrijpen we elkaar best aardig, en je kunt pas echt fietsen als je er niet meer over hoeft na te denken.

Je kunt pas echt fietsen als je er niet meer over hoeft na te denken.

Er is dan weer ander onderzoek waaruit blijkt dat een keuze – bijvoorbeeld om een knopje om te draaien in een testsituatie – al seconden voordat de testpersoon zich dat bewust is in het brein gevormd is. Persoonlijk maak ik me daar niet zo druk om. Alsof zo’n voorgesorteerde keuze minder vrij is dan een logisch dwingende keuze of een onverklaarbare impuls. Alledaagse handelingen doe je toch al op de automatische piloot. En de meeste dingen die ik overdag doe zijn toch aanzienlijk meer op mijn persoon toegesneden, en hopelijk ook wat interessanter, dan een knopje omdraaien in een testsituatie. Er is niks tragisch aan dat aan-uit-knopje. Ik had niet stiekem gehoopt dat het eigenlijk nog uit stond.

En daarmee komen we bij de kernvraag: hoe zorg je ervoor dat het jouw keuze wordt, in plaats van een vorm van ‘gedrag vertonen’? Hoe ontkom je aan de Scylla en Charybdis van dwang en willekeur, en wel op zo’n manier dat de uitkomst er ook nog eens toe doet?

Laten we het niet meteen metafysisch opvatten, maar er een tweede-orde-vraagstuk van maken: hoe kies ik mijn keuzes? Je kunt een zestal strategieën onderscheiden, die ik in het onderstaande schema heb opgesomd.
tabelfloris01
Wat er nog niet in dit rijtje is meegenomen is De Ander. Want daar heb je ook nog mee te maken. Maar dat geeft niet zo, want als je die meeneemt in de berekening krijg je een analoog rijtje. Met ook ongeveer dezelfde bezwaren: onbekommerd met anderen omgaan is even dom als impulsief handelen, altruïsme is ook self-kicking, en conformisme is zeer beslist ook een vorm van onderdrukking. tabelfloris02Is nou een van deze strategieën per se het beste? Ik gebruik ze allemaal weleens (sommige wat beter dan andere). Soms is het wel zo rationeel om gewoon een impuls te volgen – anders ben ik de rest van de dag bezig met niet een ijsje te kopen, of niet naar een zeker poëziefestival in Ruigoord te gaan. En dat geldt ook voor morele impulsen: als je ergens langer over moet nadenken, weet je eigenlijk al dat het moreel troebel is. Mijn vuistregel is: is je impuls niet immoreel of schadelijk, handel er dan naar.

Ik heb een tijdlang een principe aangehangen dat je in twee woorden kon samenvatten: MAXIMUM AGENCY.

Oftewel: kies de theorie die jou het meeste keuzevrijheid laat. Maar daar ben ik een beetje van teruggekomen. Want het klinkt leuk als slogan in blokletters, maar als je probeert uit te werken wat het nou eigenlijk moet betekenen krijg je Nietzscheaanse paradoxen. ‘Ik wil dat het niet zo is, dus is het niet zo’. Of: ‘Do I contradict myself? Very well, I contradict myself’. En wat wil je nu precies doen met die maximale agency? Jezelf feliciteren dat je de Übermensch bent?

Je moet toch iets, wees dan maar liever inspirerend, empathisch en niet saai.

Het punt is: ook als je geen Nietzscheaanse fantasieën hebt, ontkom je er niet aan om bij tijd en wijle ‘de auteur van je eigen daden’ te zijn. Probeer maar eens om niet te reflecteren op je keuzes, en er geen consequenties uit te trekken, en probeer, om de inzet weer wat te verhogen, dan ook nog eens sociaal te functioneren. Dus: omdat je er toch niet aan ontkomt, kun je het maar beter goed doen. Je moet toch iets, wees dan maar liever inspirerend, empathisch en niet saai.

Maar het zou wel weer erg geforceerd worden als je niet het recht had om soms wel saai te zijn. Zelfs een beetje gebrek aan empathie moet mogen van tijd tot tijd. En je hebt dan misschien niet het recht om soms gemeen te zijn, maar het zou ook saai zijn als je het helemaal niet kunt. Want dat beperkt toch wel danig je handelingspotentieel.

Het punt is óók: je hebt je opties niet voor het uitkiezen, en zelfs je gedachten niet. Het is al heel wat als je iets kunt kiezen wat bij je past en niet voor al te grote morele dilemma’s komt te staan, want soms heb je ook gewoon ‘morele pech’. Ik kan niet zeggen dat ik ervoor heb gekozen een soort halve dandy te worden of als promovendus cultuurgeschiedenis te belanden op de negende verdieping van de Erasmustoren van de Radboud Universiteit Nijmegen. Terwijl ik toch echt die zijden sjaal zelf gekocht heb en dat onderzoeksvoorstel zelf ingediend, dus om nou andersom te zeggen dat ik per ongeluk die toren in ben gerold en door omstandigheden in het keurslijf van mijn getailleerde overhemden werd gedwongen, nee.
Ins Blaue hinein (small)Hoe word ik de ‘auteur van mijn eigen daden’? Ik heb die vraag eerder weleens gebruikt om uit te leggen waarom mensen kunst maken. Want als je ergens ‘auteurschap’ kunt claimen, is het daar. Als jij het niet maakt, gebeurt het niet, tenminste niet op die manier. En daarom is kunstenaar zijn ook zo vet frustrerend, want als je eenmaal weet hoe het moet, is het een kunstje geworden en kun je wel weer inpakken. En daarom is het in de kunst ook rationeel om idiote dingen te doen. De gracht in fietsen of vierentwintig uur stilstaan op de Noordpool of zo, en dat bij voorkeur uit volle overtuiging. Want je moet je ergens mee onderscheiden. Immers: iemand moet het doen.

Zegt dat ook iets over het leven buiten de veilige witte muren van de kunstwereld? Ja, op twee manieren. Allereerst de voorspelbare boodschap. De maatschappij zou er flink op vooruitgaan als we allemaal wat lyrischer zouden leven. (Je moet alleen wel weten wanneer je daarmee moet ophouden, want anders wordt het een non-stop egotrip. Mensen die denken dat hun leven zélf een kunstwerk is zijn doorgaans tamelijk vermoeiend.)

Het is, banaler gezegd, een soort van schuren aan jezelf.

Waar het me echt om gaat, en dat is dus de tweede manier, is keuzes maken. Want iedereen die weleens iets maakt weet dat het er anders uit komt dan je dacht. Het materiaal denkt zogezegd mee. Stelliger nog, wat je van tevoren kunt bedenken is voorspelbaar. Als je niet met het ding in de clinch raakt, als het niet schuurt, is het ook niet interessant. De vrijheid – en dat is dus, ahem, wat de Kunst ons Leert – zit juist in de frictie. Het is, banaler gezegd, een soort van schuren aan jezelf.

Dat is een mooie afsluitende slogan, en mijn spreektijd is nu ook wel zo’n beetje op. Maar ik wil toch nog wel even wat toelichten. Als je hier een School of Life-verhaal van wilt maken: dream big, vertrouw je intuïtie, leef dichterlijk en omarm de frictie – prima, maar het napraten van Alain de Botton lijkt me niet de manier om de auteur van jezelf te worden. Je kunt dit ook zien als een pleidooi voor bildung: ga eens wat vaker naar museum of theater, en lees daarna een goed boek – ook prima, maar waarschijnlijk vond je dat toch al, dus dan vraag ik me af waar je die zelfbevestiging voor nodig hebt. Dus nee, ik wil eerder een theoretisch punt maken, en dat is dat we anders moeten denken over redeneren. Dat we redeneren niet alleen moeten zien als een kwestie van premissen en gevolgtrekkingen, maar ook als een creatief proces, eigenlijk als een soort van kunst. Zodat het soms ook rationeel kan zijn om iets stoms te doen. Want elke keuze is een tragedie en dat is ook goed zo, maar schuren blijft het toch.

Mail

Floris Solleveld is Hard//hoofd-redactielid en overdag historicus en filosoof. Tussendoor tekent hij met inkt en penseel en schrijft over interdisciplinaire podiumkunsten. Of over politiek. Soms ook poëzie.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer