Asset 14

A supposedly fun thing I’ll never do again

Laat ik het maar gelijk toegeven: ik ben verliefd. Het is, daar moet ik eerlijk in zijn, nog een kalverliefde. Met het ‘echte’ werk, vuistdikke romans, moet ik nog kennismaken. Ze liggen in mijn kast te wachten tot ze meegenomen worden op een lange vakantie die almaar op zich laat wachten. Ik wilde deze TIP uitstellen totdat ik al het werk had gelezen en er een afgewogen totaaloordeel over kon geven, de expert uit kon hangen, maar ik ben nu eenmaal verliefd: ik moet vertellen over deze man, nu! Want David Foster Wallace, je hebt het anderen vast al eens horen zeggen, was geniaal. De verhalenbundel Brief interviews with hideous men en de essaybundel A supposedly fun thing I’ll never do again behoren tot het beste wat ik de afgelopen jaren gelezen heb. Het zijn bundels waarin ik ezelsoren heb gevouwen, waaruit ik stukken over heb getypt om naar mensen te mailen, bundels die ik uitleen aan wie er maar een oog op werpt (deze verliefdheid is onzelfzuchtig).

De David Foster Wallace die ik ken, is boven alles hilarisch

Wat velen lijkt te weerhouden van het lezen van David Foster Wallace is het hele academische discours rondom de arme man. Met DFW maak je goede sier op universiteiten. The Pale King doorworstelen als proeve van intellectueel kunnen. Laat ik de mythe doorbreken: David Foster Wallace hoeft niet ingewikkeld te zijn. De David Foster Wallace die ik ken, is boven alles hilarisch.

De essays zijn daarbij nog beter dan de verhalen. Wallace streed tegen de ironische levenshouding van de jaren negentig, die houding waar we nog steeds mee worstelen (“make no mistake: irony tyrannizes us.”). Hij probeerde een nieuw soort authenticiteit te bereiken, in het volle bewustzijn dat authenticiteit een fictie is. In zijn verhalen leidt dat soms tot verwarrende metafictie die in zichzelf vastgedraaid raakt. Maar bij de essays heb je werkelijk het gevoel dat je in zijn hoofd zit. Of hij nu bij een tennistoernooi is of op een state fair, Wallace blijft je net zo lang voeren met waanzinnige details tot je bedwelmd aan zijn lippen hangt, niet in staat om deze fascinerende wereld naast je neer te leggen. Tennis laat me koud, maar als DFW erover vertelt kan ik me ineens niets spannenders voorstellen. Zijn enthousiasme is aanstekelijk en de omvang van zijn vocabulaire indrukwekkend. Noem me een stuud, maar van enorme vocabulaires gaat mijn hart sneller kloppen. Tegelijkertijd gooit Wallace gerust de meest dagelijke spreektaal (“like when”) door zijn zinnen, alsof je samen in een bar zit.

Het is lastig een compact stukje uit de essays in A supposedly fun thing I’ll never do again te citeren om aan te geven hoe goed die bundel is. Wallace komt namelijk steeds terug op bepaalde ideeën die hij eerder in een essay heeft geopperd, met terzijdes en voetnoten die maken dat je terstond wilt gaan applaudiseren, maar die weinig zeggen zonder de context van de rest van het stuk. Ik zal één poging doen. DFW over wat er zo typisch is aan David Lynch’ personages:

"I’ve noted that a good 65% of the people in metropolitan bus terminals between the hours of midnight and 6:00 A.M. tend to qualify as Lynchian figures – flamboyantly unattractive, enfeebled, grotesque, freighted with a woe out of all proportion to evident circumstances. Or we’ve all seen people assume sudden and grotesque facial expressions – e.g. like when receiving shocking news, or biting into something that turns out to be foul, or around small kids for no particular reason other than to be weird – but I’ve determined that a sudden grotesque facial expression won’t qualify as a really Lynchian facial expression unless the expression is held for several moments longer than the circumstances could even possibly warrant, is just held there, fixed and grotesque, until it starts to signify about seventeen different things at once. [voetnoot] (And as an aside, but a true aside, I’ll add that I have had since 1986 a personal rule w/r/t dating, which is that any date where I go to a female’s residence to pick her up and have any kind of conversation with parents or roommates that’s an even remotely Lynchian conversation is automatically the only date I ever have with that female, regardless of her appeal in other areas. And that this rule, developed after seeing Blue Velvet, has served me remarkably well and kept me out of all kinds of hair-raising entanglements and jams, and that friends to whom I’ve promulgated the rule but who have willfully ignored it and have continued dating females with clear elements of Lynchianism in their characters or associations have done so to their regret.)"

Alleen al de woorden “flamboyantly unattractive” doen het voor mij, en dan zijn er ook nog de quasi-nonchalante afkortingen (e.g., w/r/t), de rake theorie die in enkele zinnen uiteengezet wordt, en de voetnoot die een verhaal binnen een essay is. Ik ben bang dat ik met dit relatief korte citaat bij lange na niet over heb weten te brengen hoe geweldig de essays van David Foster Wallace zijn. Nu ik het zo zie staan, losgerukt uit de wereld waarin het thuishoort, lijkt het naakt en onvolkomen. Het is als vertellen waarom je net op die ene persoon verliefd bent geworden: je kunt eigenschappen en uiterlijkheden noemen, en wat iemand zei of deed wat je raakte, maar je weet terwijl je het vertelt dat diegene aan wie je het vertelt niet zal zien wat jij ziet (al is dat in het geval van verliefdheid op personen maar beter ook). Als je wilt weten of jij ook verliefd kunt worden op DFW, dan zul je de essays zelf in hun totaliteit moeten ondergaan.

Mail

Emy Koopman Emy Koopman is schrijver en was jarenlang Hard//hoofd-redactielid. Ze debuteerde in 2016 met de roman Orewoet.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer