Kijk, voel, denk opnieuw. In de tentoonstelling Naakt dat raakt tonen kunstenaars dat naakt meer is dan bloot: het is een middel voor autonomie, identiteit en verzet. Met deze tentoonstelling laat Museum Arnhem zien dat talloze kunstenaars werken buiten de traditionele, westerse, door mannen gedomineerde marges van het verbeelden van naakt. Sanne de Rooij gidst je met een kunsthistorische blik door de tentoonstelling en gaat in gesprek met conservator Manon Braat: ‘Ik wil blijven geloven dat kunst een verandering teweeg kan brengen.’
Hieronder lees je de verkorte versie van het artikel dat eerder in ons magazine Harnas verscheen.
In 1990 stapt in het Harmony Theater in New York een vrouw het podium op. Ze neemt plaats op een stoel en toont het publiek een reeks zelfgetekende afbeeldingen van het vrouwelijke voortplantingssysteem: eierstokken, de baarmoeder en de baarmoedermond. Dan spreidt ze haar benen. Met een eendenbek en een zaklamp naast zich, nodigt Annie M. Sprinkle (1954) – voormalig sekswerker, kunstenaar en seksuoloog – het publiek uit om haar eigen baarmoedermond van dichtbij te komen bekijken:
You may be wondering why I'm going to show you my cervix. What is this all about? There are probably thousand reasons. [...] Reason number one: a cervix is such a beautiful thing and most people go through their whole lives and never get to see one. I'm really proud of mine, and I'd like to give that opportunity to anyone who'd like to have it.
Met A Public Cervix Announcement (1990) bestrijdt Sprinkle taboes rond geslachtsorganen. Deze inmiddels iconische performance past in de ontwikkeling van feministische kunst uit de tweede helft van de twintigste eeuw, waarin vrouwelijke en/of queer kunstenaars hun eigen – vaak naakte – lichaam gebruiken als instrument voor lichamelijke autonomie, seksuele vrijheid en zelfrepresentatie. Sprinkle presenteert haar naakte lichaam zonder schaamte – niet als pornografisch object, maar als bron van kennis. Het tonen van haar baarmoedermond wordt een daad van autonomie, educatie en politiek verzet. Op een humoristische, speelse en uitnodigende manier creëert ze een positief, niet-moraliserend narratief rond kennis van genitaliën: ‘Wasn’t that fun?’
In de westerse kunstgeschiedenis zijn naakte lichamen van jonge vrouwen, mensen van kleur en queer personen veelal geseksualiseerd, exotiserend en/of fetisjerend weergegeven – vaak vanuit het perspectief en de voorkeuren van witte, cisgender heteroseksuele mannen. Kortom: eurocentrische mannelijke kunstenaars die werkten voor een eurocentrisch mannelijk publiek. Voor veel feministische kunstcritici is Gustave Courbets L’Origine du monde [De oorsprong van de wereld] (1866) een van de bekendste voorbeelden van deze white male gaze. Het negentiende-eeuwse topstuk van het Parijse Musée d’Orsay toont een realistisch geschilderd frontaal aanzicht van een vulva. Courbet (1819-1877) maakt het werk in opdracht van de Turks-Egyptische diplomaat Khalil Bey (1831-1879), wiens omvangrijke kunstcollectie volledig is gewijd aan ‘de viering van het vrouwelijke lichaam’.
Hoewel het museum benadrukt dat L’Origine du monde dankzij Courbets grote virtuositeit de pornografie ‘overstijgt’, blijft het geschilderd vanuit een klassiek, voyeuristisch perspectief: de blik is volledig in close-up gericht op de vulva van een anonieme, feitelijk ‘onthoofde’ vrouw. Bovendien is het Courbet en niet het model zélf die haar genitaliën toont. Geïnspireerd door Sprinkles performance neemt in 2014 de Luxemburgse kunstenaar Deborah de Robertis (1984) plaats voor het schilderij in Musée d’Orsay, waar het werk al decennialang permanent wordt getoond. Ze spreidt haar benen en onthult haar vulva. Maar met haar eigen lichaam ‘ontstijgt’ De Robertis de pornografie blijkbaar niet: het museum laat de zaal onmiddellijk ontruimen en de kunstenaar wordt gearresteerd wegens openbare schennispleging.
De autonomie om naakt te tonen is nog altijd ongelijk verdeeld
De controverse rond De Robertis toont aan hoezeer de autonomie om naakt te tonen nog altijd ongelijk verdeeld is. Precies daar haakt de nieuwe tentoonstelling in Museum Arnhem op in. De performance van De Robertis voor het werk van Courbet vormt het startpunt van Naakt dat raakt, een tentoonstelling over het naakte lichaam in de beeldende kunst van eind negentiende eeuw tot nu. Met deze tentoonstelling laat het museum zien dat talloze kunstenaars werken buiten de traditionele, westerse, door mannen gedomineerde marges van het verbeelden van naakt. De kunstenaars in de tentoonstelling delen een belangrijk fundamenteel doel in hun artistiek verzet: het demystificeren en normaliseren van gemarginaliseerde lichamen.
Uitsluitend naakt
De aanleiding voor Naakt dat raakt is een resultaat van concrete observaties binnen Museum Arnhem, vertelt conservator hedendaagse kunst en samensteller van de tentoonstelling Manon Braat. De afgelopen jaren ontvangt het museum opvallend meer klachten dan voorheen van bezoekers – hoofdzakelijk ouders – over de aanwezigheid van naakte beelden in de tijdelijke tentoonstellingen en vaste collectiepresentatie. ‘Museumbezoekers vinden het lastig om met naakt geconfronteerd te worden,’ vertelt Braat. ‘Bij rondleidingen, aan de informatiebalie en via de mail ontvangen we met regelmaat klachten over naakte voorstellingen in het museum. Mensen hadden van tevoren gewaarschuwd willen worden dat zijzelf of hun kinderen kunstwerken van naakte lichamen te zien zouden krijgen.’ Opvallend genoeg gaan de klachten niet over expliciete beelden of pornografische werken, maar over ‘alledaagse’ naakten. De blote billen en borsten in de foto’s en video’s van Lydia Schouten en Maria Roosens iconische glazen sculptuur Borstentros (2008-2010) in de beeldentuin blijken voor een merkbaar aantal bezoekers aanstootgevend.
Hoe moet een museum omgaan met een publiek dat zich steeds vaker ongemakkelijk voelt bij naakt?
De aanhoudende klachten leiden tot een interne discussie bij Museum Arnhem. Hoe moet een museum omgaan met een publiek dat zich steeds vaker ongemakkelijk voelt bij naakt? De collectiepresentaties, waarvan een belangrijk deel is ingericht voor educatie, worden tijdelijk strenger bekeken, waarbij naakte voorstellingen minder prominent worden getoond. ‘Maar het museum wilde niet vervallen in zelfcensuur,’ zegt Braat stellig. Zij en haar collega’s besluiten ‘unaniem’ niet tegemoet te komen aan het ongemak van de museumbezoekers, maar de discussie juist aan te gaan met een tentoonstelling waarin uitsluitend naakt getoond wordt.
Naakt dat raakt
Hoewel naakt een eeuwenoud thema is in de kunstgeschiedenis, verdient het ‘een frisse blik’ volgens Braat. Zoals de Nigeriaanse onderzoeker Oyèrónkẹ́ Oyěwùmí (1957) twintig jaar geleden al in Visualizing the Body: Western Theories and African Subjects beschreef, heeft de westerse wereld eeuwenlang alles wat niet wit, mannelijk en cisgender is vooral als een ‘lichaam’ gezien. Lichamen worden gebruikt om verschillen te benadrukken, om groepen te rangschikken, en om te bepalen wie geacht wordt rationeel en autonoom te zijn, en – vooral – wie niet. Vrouwen, queer personen en mensen van kleur worden minder als individu met een stem gezien, en meer als een fysiek object, stelt Oyěwùmí. Deze ‘verlichamelijking’ heeft ook de kunstgeschiedenis sterk gevormd. Veel mensen uit gemarginaliseerde groepen worden niet als personen erkend, maar louter als passief voorwerp dat door anderen bekeken mag worden.
Het naakte lichaam, niet als object van normen of begeerte, maar als een drager van ervaringen, stemmen en politieke betekenissen
In Naakt dat raakt keren die rollen om. Braat maakt voor de tentoonstelling de zeer bewuste keuze om geen voyeuristische werken te tonen. Geen enkel beeld dat de eeuwenoude objectiverende traditie bevestigt, géén white male gaze. Zo ontvouwt zich in Museum Arnhem een alternatieve geschiedenis van het naakte lichaam in de kunst. De tentoonstelling nodigt uit om opnieuw te kijken naar het naakte lichaam, niet als object van normen of begeerte, maar als een drager van ervaringen, stemmen en politieke betekenissen. Braat: ‘De tentoonstelling biedt een veel breder en inclusiever perspectief op naakt in de westerse kunstgeschiedenis. Naakt wordt vaak geassocieerd met sensatie en pornografie. Ik wil mensen, jong en oud, eraan herinneren dat lichamen er zijn in verscheidene vormen, kleuren, leeftijden en genders. Je ziet hier geen perfecte of bewerkte lichamen, maar echte mensen. En ja, soms kan dat ongemakkelijk zijn. Maar dat is niet erg. Voor mij is het vooral belangrijk te laten zien waarom kunstenaars naakt gebruiken om hun verhaal te vertellen. En hoe dit ons uitnodigt anders te kijken, niet alleen naar anderen, maar ook naar onszelf.’
Naakt dat raakt toont hoe onze huidige tijd een meer gedifferentieerde en open blik nodig heeft op een kunsthistorische canon die lange tijd door de witte mannelijke blik is gedomineerd. Niet om te provoceren, maar om alternatieve perspectieven zichtbaar te maken en om een tegenstem te bieden aan het terugkerende patriarchale, koloniale en heteronormatieve discours. Het resultaat is dus verre van een neutrale presentatie van naakte lichamen, maar een herbevestiging van Museum Arnhems institutionele identiteit: een museum dat er openlijk voor staat dat het veroordelen van naakt nooit de basis mag vormen voor haar beleid, en weigert te voldoen aan de eisen van bezoekers om het naakt van de muren te halen.
Naakt dat raakt is van 14 maart tot en met 20 september 2026 te zien in Museum Arnhem.
Deelnemende kunstenaars zijn Laura Aguilar, Corine Bakker, Maria Beatriz, Antoine Berghs, Barbara Bloom, Louise Bourgeois, melanie bonajo & Emmeline de Mooij, Anne Brigman, Miriam Cahn, Robert Colescott, Monika Dahlberg, Ada Dispa, Marlene Dumas, Mary Beth Edelson, Berthe Edersheim, Angèle Etoundi Essamba, Leo Xander Foo, Alicia Framis, Jaimy Gail, Jaya Ganguly, Guerilla Girls, Nan Goldin, Gopikrishna, Jonas van der Haegen, Anya Janssen, Ineke Kaagman, Vicky Kanellopoulos, Bharti Kher, Michael Kirkham, Kinke Kooi, Bas Kosters, Kiki Lamers, Jocelyn Lee, Fêla Kefi Leroux, Hans van Manen, Sally Mann, Monali Meher, Amagul Menlibayeva, Ana Mendieta, Duane Michals, Bahman Mohasses, Evgeni Mokhorev, Henk Mual, Zanele Muholi, Hanna Nagel, Amy Nimr, Erwin Olaf, Helma Pantus, Rosana Paulino, Edith Pijpers, Carla van de Puttelaar, Esmet Rahim, Hanny Ramaer, L.A. Raeven, Kliment Nikolaevich Redko, Coba Ritsema, Suze Robertson, Maria Roosen, Tracey Rose, Takano Ryudai, Viviane Sassen, Carolee Schneemann, Lydia Schouten, Gazbia Sirry, Buhlebezwe Siwani, Frank Meadow Sutcliffe, Sarah Taibah, Henry Taylor, Cornelie Tollens, Charley Toorop, Yulia Tsvetkova, Suzanne Valadon, Aji V.N., Lionel Wendt, Joel Peter Witkin, Li Xinmo en Pan Yuliang. Kijk voor meer informatie op museumarnhem.nl/nl/tentoonstellingen/naakt-dat-raakt.
Headerbeeld: Bush compulsion a primitive breakthrough in the mind van melanie bonajo (in samenwerking met Emmeline de Mooij) uit 2008. Dit werk is onderdeel van de tentoonstelling Naakt dat raakt.
















