Illustratie: Floris Solleveld De traditionele televisie heeft zijn langste tijd gehad. Waarom zouden we nog naar Zomergasten kijken als je alle fragmenten zo op YouTube kunt vinden? Alleen maar omdat het al heel lang bestaat?" /> Illustratie: Floris Solleveld De traditionele televisie heeft zijn langste tijd gehad. Waarom zouden we nog naar Zomergasten kijken als je alle fragmenten zo op YouTube kunt vinden? Alleen maar omdat het al heel lang bestaat?" />
Asset 14

Zomergasten is een instituut!

Dat TV een hopeloos verouderd medium is, moge duidelijk zijn. Maar net zoals in de muziekindustrie en krantenbranche, lijken de verantwoordelijken zich dat nog niet te realiseren. Hierdoor missen ze kansen, maar uiteindelijk zal de macht weer bij makers komen te liggen en dat is goed nieuws.

Tijdens de laatste uitzending van Zomergasten vond er een stille revolutie plaats. Jelle Brandt Cortius en Paulien Cornelisse waren al een paar uur aan het praten en het was weer tijd voor een fragment. Jelle keek met zijn waterige ogen de camera in en legde uit dat de beelden dit keer niet uit een film, serie of televisieprogramma afkomstig waren, maar van de videosite YouTube. Dat dit een unicum in de geschiedenis van het programma was, vertelde hij er niet bij. Het betrof een van de vele filmpjes waarbij je snel gemonteerd allerlei mensen dezelfde cliché-uitspraak ziet doen, in dit geval het ‘I’m not here to make friends, I’m here to win’ uit Amerikaanse realityshows als America’s Next Top Model, Hell’s Kitchen en Survivor. Na het fragment ging het kort over YouTube, over hoe daar eigenlijk alles te vinden is en dat we Zomergasten niet meer nodig hebben voor een nostalgisch tv-avondje. Maar, zo voegde Paulien er snel aan toe, Zomergasten was natuurlijk een instituut en veel leuker dan YouTube. Ze lachten opgelucht en de avond zette zich voort.

Maar het duo ging wat mij betreft te snel aan deze significante gebeurtenis voorbij. Het vertonen van een internetfilmpje in het langstlopende (en nog altijd goed bekeken) programma van de publieke omroep staat symbool voor een verschuiving die al langer plaatsvindt. Waar Brandt Cortius en Cornelisse het moment bijna zenuwachtig wegwuifden, sloegen ze in feite de spijker op zijn kop. Inderdaad, waarom zouden we nog naar Zomergasten kijken? Waarom zitten we hondstrouw op de bank, heimelijk wachtend op dat fragment dat we zelf na al die jaren terug willen zien, terwijl we het zelf met een druk op de knop kunnen vinden? Omdat het een instituut is?

De verwijzing het instituut van Zomergasten is typerend voor de koppigheid waarmee de traditionele media de ogen sluiten voor de ontwikkelingen op internet. Het lijkt hetzelfde argument waarmee de voortgang van de papieren krant verdedigd wordt. De Krant zal nooit verdwijnen, zo zegt men dan, omdat mensen altijd het nieuws aan de ontbijttafel zullen willen lezen. Dit werd ook een aantal jaar geleden over de CD gezegd: mensen zullen soms downloaden, maar de charme van het fysieke object dat CD (of soms zelfs nog LP) heet, zal altijd blijven bestaan. Nu verkeert bijna elke CD-winkel in nood en loopt de iTunes Store beter dan ooit. Het is niet slim om je vast te houden aan de status van een fenomeen dat wordt ingehaald door de realiteit. Instituten zijn romantisch, maar de postmoderne mens is uiteindelijk alleen loyaal aan zichzelf. Zodra hij een manier vindt om iets gemakkelijker en goedkoper te doen, stapt hij moeiteloos over.


Illustratie: Floris Solleveld

In 2007 schreef ik voor de VARAgids een artikel over de opkomst van internettelevisie, omdat ik vermoedde dat er iets aan het veranderen was. Op dat moment spraken de cijfers mij nog tegen: volgens het CBS keken jongeren nog steeds even veel TV als in 1997, hoewel het internetgebruik groeide. De kopstukken van omroepen, TV-aanbieders en programma’s riepen dan ook in koor dat ‘het avondje thuis op de bank nooit zal verdwijnen’. Ik wist echter dat mijn generatie al lang niet meer het leven leidde waarbij ze genoegen namen met een vaste programmering en een apparaat dat op een vaste plek in de woonkamer staat. De twintiger wil de laatste gedownloade aflevering van Family Guy op zijn of haar laptop kijken in een café met Wifi. Wie nog wacht tot deze serie wordt aangekocht door een Nederlandse zender om vervolgens elke zondag om 22.00 te gaan zitten voor een aflevering die in Amerika al een jaar geleden werd uitgezonden, moet wel gek of ultraconservatief zijn.

Inmiddels bevestigen de cijfers mijn vermoedens. Volgens onderzoek van het Amerikaanse onderzoeksbedrijf The Diffusion Group zal in de VS rond 2020 meer internettelevisie dan ‘gewone’ televisie gekeken worden. Het CBS gaf recentelijk aan dat nu 90% van de jongeren tussen 12 en 25 jaar dagelijks op internet actief is om films en series te downloaden en TV terug te kijken op de omroepsites. Bovendien keek in 2008 nog maar 62% van deze groep meer dan 10 uur per week televisie (in 2000 was dit nog 76%). Een simpele rondvraag onder mijn vrienden toont aan dat bijna niemand van hen nog televisie kijkt en dat een groot deel het ding zelfs helemaal niet meer in bezit heeft. Ikzelf kijk alleen nog voetbal op TV, omdat ik daar nog geen online alternatief voor heb gevonden.

Het is dus niet genoeg om te zeggen dat ‘het avondje thuis op de bank’ of een programma als Zomergasten instituten zijn en dat ze daarom zullen voortbestaan. Bestaansrecht komt nooit puur en alleen voort uit de leeftijd van een persoon of instantie. De televisiewereld heeft, net als de krantenbranche, een enorm probleem, dat niet langer ontkend kan worden. De omroepen zullen creatief moeten zijn om de (jonge) kijkers te behouden of terug te winnen. Op TV bestaat al het ‘zapgevaar’, waar de uitspraak ‘blijf kijken!’ uit voortkomt. Maar met het internet erbij heb je niet de overzichtelijke concurrentie van het programma dat op hetzelfde tijdstip op een ander net wordt uitgezonden, er is een hele wereld aan alternatieven beschikbaar. De Nederlandse stand-up comedian Merijn Scholten maakte daar ooit een goede grap over. Zijn vriendin roept van boven wanneer hij naar bed komt. Hij antwoordt: “Zo meteen! Eerst nog even YouTube af kijken!”

De grote winnaar is de consument. Mensen kijken niet meer zoals vroeger vanzelfsprekend televisie, omdat ze nu eenmaal niets anders te doen hadden. Maar dat betekent niet dat het format van een televisieprogramma dood is. Als iets echt goed is, zal men kijken, al dan niet online. Natuurlijk kun je de doelpunten van FC Groningen-Ajax gemakkelijk via Voetbaltube vinden, maar als Studio Sport een niet te missen programma is, zul je dat prefereren. Zoals de downloadrevolutie binnen de muziekindustrie de macht van platenmaatschappijen naar (beginnende) muzikanten verschoof, zo kan ook hier de kwaliteit overwinnen. Laten we hopen dat binnen het verroeste TV-aanbod jonge makers met originele ideeën de ruimte gaan krijgen.

Het zal niet lang duren voor het onderscheid tussen een televisie en een computer helemaal verdwijnt. Alle programma’s zullen op den duur online bekeken worden. Daarvoor moeten sites als uitzendinggemist.nl nog grondig verbeterd worden, zoals blogger Alexander Klöpping onlangs terecht in nrc.next betoogde. Amerikaanse topseries als South Park en The Daily Show bieden de laatste afleveringen al jarenlang gratis in hoge kwaliteit (met een beetje reclame tussendoor) op hun websites aan. De Wereld Draait Door en Pauw en Witteman zijn voorbeelden van Nederlandse programma’s die dit ook goed aanpakken. Maar het belangrijkste blijft dat mensen echt willen kijken. Niet omdat iets een instituut of een hype is, maar omdat het ze verrijkt. Zomergasten zal blijven bestaan vanwege de boeiende gasten en de diepgaande gesprekken, niet vanwege de fragmenten die we zelf ook kunnen opzoeken. Hopelijk knopen ze dat in Hilversum goed in hun oren.

Mail

Rutger Lemm is schrijver, grappenmaker en scenarist. In 2015 verscheen zijn debuut, 'Een grootse mislukking'. Hij is een van de oprichters van Hard//hoofd.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer