Asset 14

Drang

Kort verhaal: Drang 1

Een alcoholiste verschijnt dronken bij haar therapie. Als zij haar verhaal doet, blijkt ze minder rouwig om haar keuze dan in eerste instantie de bedoeling lijkt. Een kort verhaal van Roos Vlogman over impulsbeheersing.

‘Merk je het erg, hoe dronken ik ben?’
Ik zorg ervoor dat mijn voeten recht op de grond blijven staan, een basis, verankering. Zo nu en dan heb ik het gevoel dat ik val. Het is een loom neerdalen, zoals het moment dat je veter zich om de trapper van je fiets wikkelt en je weet dat je niet overeind kan blijven. Er is een soort vrede met dit vallen verbonden. Toch pak ik steeds even de armleuningen van de stoel vast om me ervan te verzekeren dat het niet echt gebeurt. Ik concentreer me op Diederiks handen, die rusten op het schrift. Hij heeft een felgekleurde pen vast. Zijn nagels zijn langer dan die van de meeste mannen, een randje wit, netjes gemanicuurd. Hij etaleert zogenaamd subtiel zijn elegante levensstijl, alsof die van mij verwerpelijk is. Ik heb rouwrandjes onder mijn nagels, rouwrandjes onder mijn ogen. Ik vind Diederik plots meedogenloos.
‘Waarom denk je dat je vandaag dronkener bent dan anders?’
‘Normaal ben ik niet dronken.’
‘Goed, waarom je vandaag dronken bent en anders niet.’
‘Dat heb ik je al proberen uit te leggen.’ Weer een langzaam vallen.

Diederik kijkt met een medelijdende blik naar me die ik ook krijg als ik een fles wodka koop, alsof ik die in een paar uur tijd tot de bodem leegdrink. Ik ben geen mateloos mens. Vanaf het moment dat je echt verslaafd raakt en rillend, zwetend wakker schrikt - als de alcohol zich in je organen genesteld heeft, zoemt hij daar rond tot hij wordt gewekt - vanaf dat moment is er niet veel nodig om steeds dezelfde roes op te wekken. Soms ben ik na drie bier al zo aangeschoten dat ik mezelf aan de vensterbank omhoog moet houden, de volgende dag met nieuwe blauwe plekken wakker word. Dat efficiënte lichaam van me benut elke druppel drank die binnenkomt, slaat hem op. Maar er moet wel iets binnenkomen.
‘Vanochtend was mijn fles wijn leeg. Ik moet me misrekend hebben. Vanochtend, tien voor half zes, was er niets in huis te vinden. Het was te laat voor de kroeg, te vroeg voor de supermarkt.’
‘En toen?’
‘Toen heb ik een glas water gedronken. Pas als je tong zo droog is dat je mond niet meer goed dichtgaat, proef je dat kraanwater zoet is. Is dat je weleens opgevallen?’
‘Wat voelde je?’
‘Denk maar niet dat ik een van je schema’s heb ingevuld. Rot op met je gebeurtenis, gevoel, gedachten en gedrag. Godverdomde omstandigheden, dat zou een goede vijfde G zijn. Wat er gebeurde was dat mijn drank op was en ik nieuwe ging halen. Waar dan ook.’
Ik heb mijn dochters fiets uit de schuur gepakt. De bel was kapot. Bij elke bocht die ik maakte en bij alle drempels waar ik overheen ging rinkelde hij; een lusteloos ‘hier ben ik’. Het trillen in mijn lichaam werd erger, waardoor het trappen steeds langzamer ging.
‘De luiken van de nachtwinkel buiten het centrum waren neergelaten. Ik heb daar op het scherm staan bonken tot het vel op mijn knokkels geschaafd was. Het was zo oneerlijk. Een nachtwinkel hoort toch in de nacht open te zijn?’
Na drie kwartier was de misselijkheid zo heftig dat ik mezelf frisse lucht moest toewuiven met een flyer die daar op de grond lag. Ik vervloekte de zomer die zelfs ’s ochtends vroeg al aan je bleef plakken. Nog anderhalf uur tot de Deen openging. Onder het luik was een spleet van zo’n tien centimeter. Ik ging op mijn hurken zitten en duwde mijn vingers in de spleet, probeerde het scherm van ‘De Rijnroos’ omhoog te tillen. Er kraakte iets.

Diederik doet niet eens zijn best om zijn afkeur te verbloemen. Zijn kleine geniepige oogjes staren naar me vanuit het loshangend vel van zijn gezicht.
‘Ik ruik vanaf hier je kegel, dus het is je gelukt.’
‘Natuurlijk is het gelukt, maar niet bij de nachtwinkel. De kracht was al vrij snel uit mijn armen verdwenen. Het rolluik was niet in beweging gekomen. Ken je dat gevoel? Dat je eerst volledig opgaat in het moment, en er dan opeens boven komt te hangen? Je dan pas realiseert hoe gek het is wat je doet?’
Diederik lijkt me een man die nergens volledig in opgaat. Een man die niet liefheeft, niet geniet, niet haat, alleen maar observeert. Ik kan in bed tegen een onbekende man aanrijden; als een hond plakkerig tegen zijn behaarde been wrijven, tot ik nat genoeg ben om hem bij me binnen te laten dringen. Handen en monden overal, krabbend, klauwend, kauwend. Er is maar een heel klein moment van boven jezelf hangen nodig om die lust weg te doen sijpelen, om twee lichamen te zien die elkaar nooit op precies de juiste manier kunnen aanraken. Maar Diederik, met zijn dode oogjes, zijn opgewreven verschijning, belandt niet met een vreemde in bed. Die ziet zichzelf zitten, aan de bar, ziet zichzelf een vrouw bekijken en alleen naar huis gaan.

‘Ik had mezelf plat op de grond laten zakken om mijn laatste beetje kracht te zetten. En toen realiseerde ik me dat het gek was wat ik deed. Dat ik een klein klein klein mens was, nergens goed voor. En meteen kwam ik tot bezinning. Ik herinnerde me namelijk het tankstation, het tankstation aan de hoge ring, met de 24-uursshop. Tegen de tijd dat ik daar aankwam, was het zo warm dat het zweet in straaltjes over mijn slapen liep. Ik kocht drie flessen zure witte wijn: een om mezelf te straffen, een om mezelf te troosten en een om mezelf te belonen.’
‘Met welke ben je begonnen, de straf, het troosten of de beloning?’
‘Ik heb ze in die volgorde afgewerkt. Maar ik heb het laatste restje beloning in mijn tas meegenomen, dat mag ik na afloop van dit gesprek opdrinken.’
Diederik haalt adem alsof hij iets gaat zeggen en stopt dan het uiteinde van zijn pen in zijn mond. Hij kauwt op het dopje, begint toch met praten: ‘Ik hoor een soort trots in je stem.’
Ik ben ook trots. Drie flessen, en dan stoppen met drinken voor ze op zijn, dat kost wilskracht. Een restje bewaren voor later, net op het moment dat het zo lekker begint te branden in je buik, dat is doorzettingsvermogen. ‘Dat moet je je wel verbeelden. Ik ben hier om beter te worden, Diederik.’



Mail

Roos Vlogman (1992) is afgestudeerd aan de opleiding Creative Writing. In 2016 won zij de juryprijs bij de schrijfwedstrijd Write Now!. Ze schrijft columns, verhalen en gedichten voor o.a. Trouw en De Gids. Het afgelopen jaar nam ze deel aan het Slow Writing Lab, een talentontwikkelingstraject van het Nederlands Letterenfonds, waarvoor ze in november een maand in Zuid-Afrika is geweest om aan haar poëziedebuut te werken.

Marieke Honingh is een illustrator wonend en werkend in Amsterdam. Ze laat zich inspireren door de natuur, verhalen, oude ambachten en kleine dingen om haar heen waarbij eenzaamheid, verstilde landschappen en het dagelijkse leven een rol spelen.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
Lees meer
het laatste
Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (IV)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (IV)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

 1

Waarom ik geen danser kon worden

In het Hoofd//stuk doen schrijvers een poging om de weg naar het verhaal vast te leggen. Welke tips hadden zij willen krijgen toen ze begonnen? Welk advies zullen ze nooit en dan ook nooit meer opvolgen? Wat is hun advies? Lees het in het Hoofd//stuk. Annelies van Wijk trapt af met de vraag hoe je (g)een alwetende verteller wordt. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (III)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (III)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (II)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (II)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

Dit. Is. Goddelijk. Alternatief kerstverhaal Annemieke Dannenberg Dymphie Huijsen

Dit. Is. Goddelijk.

Joost is op vakantie in Spanje met zijn zwangere vriendin. Maar is de baby van hem, of van Marina’s open relatiescharrel HG? Begint Joost ongelovig te worden, of moet hij zijn liefdesbaby maar gewoon omarmen?
Een tragikomisch kerstverhaal door Annemieke Dannenberg. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (I)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (I)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

Roodborstjes

Roodborstjes

Een kort verhaal over sterren en waxinelichtjes, over dromenvangers en warhoofdvragen. En over menselijke roodborstjes. Lees meer

Prooidier

Prooidier

In haar afstudeerbundel Prooidier, waarmee ze de Nieuwe Types Afstudeerprijs won, onderzoekt Tessa van Rooijen het onderdeel zijn van de natuur en (niet) zijn als alle andere vrouwen. Lees meer

Ik eindig steeds een stukje kleiner

Ik eindig steeds een stukje kleiner

Eline van Wieren dicht over jezelf opeten, een mintgroene jumpsuit en het hebben van een moeilijke relatie met je lichaam. Lees meer

Of gewoon een boom

Of gewoon een boom

''We kunnen met schuim een nieuwe dampkring spuiten 
en van oceanen spiegels maken
alle fietshelmen, alle daken 
bedekken met restjes zilverpapier'' Lees meer

Pictionary voor beginners

Pictionary voor beginners

"Ik wil je zeggen dat dit het moment is
het moment om mijn mond als een schelp aan je oren te leggen
en de hele wereld die nu zee is daar te horen ruisen." Lees meer

Tabak en rooksignalen

Tabak en rooksignalen

De verteller van dit verhaal leeft al meer dan twee jaar teruggetrokken in een blokhut in het bos, tot op een dag zijn voorraad tabak op is. Er zit niks anders op dan terug te keren naar de bewoonde wereld. Lees meer

Zilt

Zilt

''wij zeggen dat het niet erg is van de barsten
die we met onze vingertoppen volgen
als autowegen naar het zuiden''
Ellis Meeusen is één van de 160 klimaatdichters die samen de bundel Zwemlessen voor later maakten. Zij hebben één gedeelde zorg: de toestand van de aarde. Geïllustreerd door Lisette van der Maten. Lees meer

Is dit nu wat ze bedoelen met tot stof wederkeren

Is dit nu wat ze bedoelen met tot stof wederkeren

''In de winter vermijd ik de hoofdstad. Er slapen meer mensen op straat dan ik aan het kind in mij kan uitleggen.'' Lies Jo Vandenhende is één van de 160 klimaatdichters die samen de bundel Zwemlessen voor later maakten. Zij hebben één gedeelde zorg: de toestand van de aarde. Geïllustreerd door Jamie Nee. Lees meer

Het Waait 5

Het Waait

'Een groot gedeelte van ouder zijn is voor mij niet begrijpen waarom iedereen hetzelfde klinkt.' Daniëlle Zawadi onderzoekt in deze poëtische monoloog de eenzaamheid van in het midden staan, het begrip Sonder en hoe je moet praten met een zielenknijper. Lees meer

Kind zonder uitknop

Kind zonder uitknop

Frederike Luijten schreef een experimentele reeks gedichten over ADHD, waarin mensen in bomen veranderen en lucky paper stars vouwen als oplossing voor hun angsten. Lees meer

Hemellichamen

Hemellichamen

In drie gedichten beschrijft theatermaker en schrijver Anne Chris van Doesburg de ruimte tussen twee lichamen. Hoe houd je elkaar vast als je niet weet hoe je je tot elkaar moet verhouden? Over het hebben van mythische waarde, plaatjes in een weckpot en elkaar uren vasthouden. Lees meer

Heimwee is de wreedste pijn

Heimwee is de wreedste pijn

Is heimwee vertaalbaar? Marthe van Bronkhorst reflecteert op de emotie in haar vertalingen van drie romantische dichters die zeer onder hun heimwee leden. Lees meer

Ter Reparatie

Ter Reparatie

Soms past toch niet alles op de manier waarop je het je had voorgesteld. Vrienden doen alles voor elkaar, toch? Een kort verhaal over elkaar net missen, drie vrienden en een paarse trui. Lees meer

Nog even, langzaam

Nog even, langzaam

Soms heb je heimwee naar dingen die er nog zijn. Nora van Arkel schreef een gedicht over heimwee naar een relatie die nog niet voorbij is: 'hier, fluister ik maar alles / wat ik voel is morgen'. Lees meer

Steun de makers van de toekomst. Sluit je aan bij Hard//hoofd.

Jouw steun maakt mogelijk dat wij onze makers een vrije ruimte kunnen blijven bieden en hen optimaal kunnen ondersteunen. Sluit je nu aan en ontvang kunst van talentvolle kunstenaars.

Sluit je aan