Asset 14

De truttige stad

Maartje woonde ooit in een woonwagen naast Artis en was er erg gelukkig. Toen het Doklaantje, waar de woonwagen stond, bedreigd werd door uitbreidingsplannen van de dierentuin, besloot ze op geheel eigen wijze de strijd aan te gaan.

Twee jaar woonde ik in een woonwagen naast Artis. Als ik terugdenk aan die periode word ik altijd een beetje verdrietig en nostalgisch. Want de wagen stond in het Doklaantje, het mooiste (en misschien wel laatste) groene rafelrandje van de binnenstad. Dit bospaadje tussen het Entrepotdok en de parkeerplaats was ontstaan toen woningnood eind jaren zeventig jonge avonturiers naar het braakliggende rangeerterrein naast de dierentuin duwde. Mensen woonden in zelfgebouwde hutten, gaten in de grond, woonboten en caravans. Er werden bomen geplant en tuintjes aangelegd die snel weer verwilderden. In 1986 kocht de gemeente de grond van de NS en werden de ligplaatsen van de boten gelegaliseerd. Twee jaar later deed de gemeente de grond aan Artis cadeau en werd de bewoners verzocht te vertrekken.

Toen ik in 2008 in de woonwagen ging wonen, was alleen de harde kern over. Er liepen nog een aantal procedures, laatste strohalmen, maar we wisten dat elke maand de laatste kon zijn. Toch woonde ik met veel plezier in mijn witte houten wagen met afgerond dak en de wielen er nog onder. Een paar keer heb ik een voorbijganger het liedje van Pipo de Clown horen neuriën.

Het was mijn eerste eigen plekje, nog nooit was ik zo lang alleen geweest. Er gingen dagen voorbij dat ik niemand sprak, maar eenzaam was het nooit. De wanden van een woonwagen zijn dun en tussen de kieren en gaten in het plafond lekte de omgeving naar binnen. Ik hoorde reigers op het dak landen en met berkentakjes wegvliegen naar hun nesten hoog in de bomen van de dierentuin. In het weekeinde werd ik wakker van ruziënde auto’s en slaande gezinnen, de laag grommende file naar de parkeerplaats en de kletsende hefbomen.

Volgens mijn huurbaas, die in een schip aan de kade woonde, sliep er soms een zwerver onder mijn wagen. Als ik het een vervelend idee vond, kon hij wel een paar pallets komen brengen om de kruipruimte op te vullen. Ik zei dat dat niet nodig was, ik vond het wel spannend. ’s Nachts fantaseerde ik dat er een ruige maar aantrekkelijke man onder mij lag. Soms hoorde ik geritsel en gekraak dat onmogelijk van een dier afkomstig kon zijn, maar in het donker klinkt alles groter. Wanneer ik de volgende ochtend ging kijken, wees niets erop dat er die nacht onder mij geslapen was.

De woonwagen was heel romantisch, en in die tijd was ik dat ook. Daarom had ik weinig problemen met de wellicht fictieve zwerver. Bovendien was het koud, die winters dat ik op het Doklaantje woonde. Ik kon me moeilijk voorstellen dat iemand in de open lucht kon slapen. Als ik met natte haren naar bed ging, bevroren ze op mijn kussen. ’s Ochtends hingen er ijspegels aan het kraantje in de keuken dat ‘s nachts moest blijven lopen opdat de waterleiding niet bevroor.

Lente was het fijnste seizoen in de woonwagen. De geur van uitkomende knoppen en krokussen drong mijn huis binnen. ’s Nachts kon eindelijk de kraan dichtgedraaid blijven. Het vroor niet meer. De tuinslang die mijn waterleiding was ontspande in het gras.

Maar het voorjaar van 2010 leek iedereen wat terneergeslagen. Alsof de tweede straffe winter op rij teveel was geweest. Opnieuw was een bezwaar door de gemeente afgewezen. Het Doklaantje begon leeg te lopen, de bewoners leken moegestreden. Elke maand stonden we langs de kade te zwaaien, als een van de buren vertrok. De woonark werd weggesleept. Het tuinhekje, de plantenpotten, de moestuin en het bankje in de zon, ze bleven haveloos achter.

Het was verdrietig om mensen afscheid te zien nemen van een plek die ze zo lang als thuis hadden gezien. Wanneer je in een woonboot woont neem je je huis altijd mee, maar ook de wanden van een schip zijn dun en dus is een ligplaats voor bewoners heel belangrijk. Toch weet ik zeker dat we allemaal met liefde waren vertrokken als de plannen van de dierentuin niet zo cru waren geweest. De afgelopen dertig jaar is het Doklaantje een uniek stukje stadsnatuur geworden. Het is een laatste rafelrandje in een keurige wijk in een keurige ansichtkaartstad. Er groeien wilde orchideeën en bomen die nog als zaailingen uit het Bulderbos zijn gered toen de polderbaan van Schiphol alsnog werd aangelegd. Dit stukje stadsnatuur moet een ondergrondse parkeergarage worden en een kunstmatige savanne voor de olifanten. Natuurlijk gun ik olifanten meer ruimte, eerlijk gezegd gun ik ze vooral een verblijf buiten een dierentuin, maar het is toch op zijn minst merkwaardig te noemen dat Artis liever de natuur cultiveert dan conserveert.

DeTuttigeStad_Lisa-MarievanBarneveld
Beeld: Lisa-Marie van Barneveld

Ik besloot daarom de dierentuin met haar eigen wapens te bestrijden. In een laatste poging het Doklaantje te redden ging ik op zoek naar een zeldzame pad. De Vroedmeesterpad, een onooglijk beestje met een gedrongen lijf en wrattige huid, staat op de rode lijst en heeft een hoge beschermingsstatus. Uit een opgave van de Dienst Ruimtelijke Ordening bleek dat het beestje in het gebied zou kunnen voorkomen. Het zou niet de eerste keer zijn dat een zeldzame kikker of pad roet in het eten van een projectontwikkelaar gooit. Ik schakelde de hulp in van een natuurwetenschappelijk centrum en betaalde voor de uitvoering van een natuurwaardenonderzoek. Zo wandelden op een ochtend in november twee mannen in regenkleding en lieslaarzen het Doklaantje in. Boven hun hoofden droegen ze een kano met daarin schepnetjes en peddels.

Ze maakten notities en namen foto’s. Soms hurkte er een enthousiast bij een boomstronk en gebaarde hij iets naar zijn collega. Ik volgde het tafereel van een afstandje en hoopte de onderzoekers gunstig te stemmen met koffie en koekjes. Na afloop maakten ze een rapport op waarin ze het Doklaantje omschreven als een ‘kleine oase in een sterk verstedelijkte en verharde omgeving’. Ze hadden een grote variatie aan inheemse flora en fauna gevonden, waaronder een aantal beschermde soorten. ‘Vooral de grote diversiteit, met name voor het stedelijk gebied, is bijzonder te noemen,’ schreven ze. Maar de Vroedmeesterpad zat er niet bij en dus viel mijn snode plan in het water. De onderzoekers deden nog een beroep op de dierentuin en de gemeente om zich verantwoordelijk te voelen voor de natuurlijke rijkdom van het gebied. Daar is nooit op gereageerd. Een paar maanden later vertrok mijn huisbaas en moest ik mijn woonwagen verlaten. De pipowagen werd voor een euro overgenomen door een vrouw van middelbare leeftijd met blond haar en paardrijlaarzen. Een hijskraan tilde de wagen over de schutting op een vrachtwagen en kort daarna werd mijn huis weggereden.

Ik heb nog een nacht in de woonwagen geslapen, jaren later. De blonde paardrijvrouw had hem laten opknappen en verhuurt hem nu als Bed & Breakfast in haar achtertuin in Drenthe. Het smoezelige tapijt is eruit, evenals de oliekachel. De houten vloer is wit gelakt, voor de ramen hangen roze-wit geblokte gordijntjes en er liggen kussens met de woorden HOME en LOVE erop. We waren op een ‘romantisch weekeindje weg’ en mijn vriend begreep niet waarom ik zo verdrietig was. Ik wees naar de gordijntjes, de aangebouwde douche met stoomcabine waar badjassen voor ons klaar hingen, de picknickmand met croissantjes en mini-jampotjes en ook weer roze-wit geblokte servetten. Het was alsof je onverwachts je ex tegenkomt, en opeens wordt geconfronteerd met een periode die definitief achter je ligt. Je bent ieder op je eigen manier veranderd, en van de persoon die je toen was is nog maar weinig over.

Het onmogelijke was gebeurd: mijn woonwagen was tuttig geworden. En ik realiseerde me dat mijn avontuurlijke leven al een tijdje onherroepelijk voorbij was. Nu vind ik dat geen probleem, er zijn nieuw avonturen die zich aankondigen en ik ben heel gelukkig in onze eengezinswoning, elke ochtend geniet ik intens van een warme douche. Maar ik ben zo bang voor de tijd dat niet alleen mijn woonwagen, maar heel de stad Amsterdam schoon gelakt en roze-wit geblokt is.

Dit stuk verscheen eerder op Tirade.nu.

Mail

Maartje Smits Maartje Smits is schrijvend detective en imker. In 2015 verscheen haar dichtbundel Als je een meisje bent bij uitgeverij De Harmonie.

Lisa-Marie van Barneveld is editorial illustrator. Ze houdt van korte deadlines en moeilijke onderwerpen. Haar geheime superkracht is meer verf op haar handen/kleren/tafel/kat krijgen dan op het papier.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Gatool Katawazi
    Gatool KatawaziRedacteur
het laatste
Aantekeningen uit Aalten

Aantekeningen uit Aalten

Willemijn Kranendonk reflecteert in deze gedichtenreeks over koolmeesjes en eenzaamheid op haar verhuizing naar de Achterhoek. Lees meer

Pleinvrees

Pleinvrees

Ezra Hakze onderzoekt in deze actuele gedichtenreeks verschillende ervaringen die te maken hebben met thuis zijn. Lees meer

Vrije val

Vrije val

Een bekend gevoel voor velen: vastzitten op een feestje waar je niet wilt zijn. De vrouw in dit verhaal zoekt naar manieren om zichzelf en haar gebroken hart staande te houden in het nachtelijk gewoel. Lees meer

Hoe de zwarte dichteres May Ayim een slavenfort veroverde

Hoe de zwarte dichteres May Ayim een slavenfort veroverde

Een promenade die oorspronkelijk naar de oprichter van het fort was vernoemd, kreeg niet lang geleden een nieuwe naam. Lees meer

Magma

Magma in mijn onderbuik

'Bij Cas liet ik los dat het drie uur ’s nachts was, dat ik morgen om acht uur op mijn werk moest zijn.' Een kort verhaal van Joanne van Beek. Lees meer

Zoek naar de oorsprong

Zoek naar de oorsprong

Babeth Fonchie schreef drie gedichten over geknutselde ouderfiguren en vroege herinneringen. Lees meer

Ons hulsel ligt verscholen

Emma Zuiderveen onderzoekt de digitale werkelijkheid in deze twee gedichten over performance, schijn en vega-worst. Lees meer

Automatische concepten 36

So simple that we couldn't

Twee mannen zoeken antwoorden op vragen die ze niet begrijpen, om tot een allesomvattend inzicht te komen. Lees meer

Hemellichaamgedichten

Alle sterrenstelsels drijven langzaam uit elkaar

Yentl van Stokkum is behoorlijk fan van sterrenkunde. Voor de Kosmische Week schreef ze een reeks gedichten over astronauten, zwarte gaten en afgebeeld worden met een stralenkrans (ook al ben je daar eigenlijk te bescheiden voor). Lees meer

De aarde als jukebox

De aarde als jukebox

Imre van Son nodigt je met dit verhaal uit om deel te nemen aan een kosmische Zoom-vergadering. Wees gewaarschuwd: ‘Subtiele signalen die je in een offline-gesprek opvangt – lichaamstaal gezichtsuitdrukkingen, robot-expressie – ontbreken of worden vertekend in een online conversatie.’ Lees meer

Wat zich ontvouwt in de ruimte

Wat zich ontvouwt in de ruimte

Al jaren kijkt Marte Hoogenboom uit naar de lancering van James Webb, de opvolger van de beroemde Hubble-telescoop. We doen alles om onze plek in het heelal te begrijpen, terwijl we soms alleen maar willen horen dat het wel goedkomt met ons. Lees meer

Het Archief der Verloren Gedachten

Het Archief der Verloren Gedachten

Voor de Kosmische Week schreef Annemieke Dannenberg een kort verhaal over Gijsje Nachtegaal: een eenzame oudere die op zoek is naar een verloren gedachte... en daarbij wordt geholpen door een mysterieus call-center. Lees meer

Azul

Azul

'Azul', een kort verhaal van Nora van Arkel, verkent de uitwassen van een driehoeksverhouding. Hoe verwerk je verlies wanneer je aan de kant bent gezet? Lees meer

 1

Op de plaats rust

‘Het is best ingewikkeld om te beseffen dat iemand dood is als je diegene niet dood hebt gezien. Zonder die bevestiging blijft de dood altijd een suggestie.’ Annelies van Wijk schreef een kort verhaal over hoe het besef van de dood maar moeizaam inzinkt. Lees meer

Iets dat me niet langer platlegt

Iets dat me niet langer platlegt

Emma Stomp dicht over de mooiste uren in haar lichaam, dans en een kalm soort verliefdheid. Lees meer

 1

Noren

'Ze dacht aan het pluisje in haar nachtkastje. Een opwelling was het geweest, een plotseling verlangen naar een tastbaar stukje hém; naar een aandenken dat ook later, na afloop, zou beklijven. Het was hoe dan ook eenmalig, sprak ze zichzelf toe.' Lees meer

Roulette 5

Roulette

Vier studievriendinnen met een voorliefde voor gokken tarten het lot door een oude dramaturgische wet op de proef te stellen. Lees meer

Kadaver

Kadaver

De koffer staat klaar in de gang. Kennissen hebben ondertussen hun eigen vrienden en de verteller van dit verhaal vraagt zich af of het konijn vandaag al gegeten heeft. Een verhaal van Claartje Chajes over vriendschap en verder gaan. Lees meer

Glory hole

Glory hole

In een openbaar toilet op de luchthaven van San Francisco zit een gat in de muur. Zachtjes zoemt een camera, een lens is zichtbaar, iemand haalt zachtjes zijn neus op. De geluiden onthullen iemand die geconcentreerd iets in beeld wil brengen. Lees meer

Automatische concepten 32

Het glas had jouw vorm

Thijs Joores bespreekt in zijn gedichten een donkere kant van trots: over het Imposter Syndrome en thuiskomen bij je ouders waar je kindertekeningen nog op het toilet hangen. Lees meer

Steun de makers van de toekomst. Sluit je aan bij Hard//hoofd.

Jouw steun maakt mogelijk dat wij onze makers een vrije ruimte kunnen blijven bieden en hen optimaal kunnen ondersteunen. Sluit je nu aan en ontvang kunst van talentvolle kunstenaars.

Sluit je aan