Lewis Hine - Paris Gamin, George Eastman House.

“Als ik het verhaal in woorden kon vertellen, zou ik geen camera meezeulen.”" />

Lewis Hine - Paris Gamin, George Eastman House.

“Als ik het verhaal in woorden kon vertellen, zou ik geen camera meezeulen.”" />
Asset 14

Fotograferen om de wereld te veranderen

Lewis Hine begint te fotograferen om de activiteiten van de school waar hij lesgeeft te documenteren. Maar het duurt niet lang voordat hij eropuit trekt. Zijn eerste tochten leiden hem naar Ellis Island, waar hij net gearriveerde immigranten fotografeert. Het is het begin van een lange carrière als sociaal betrokken fotograaf. Al bestond die term toen nog niet.

“Lieve zonen” begint iedere brief die een oude vrouw op Sicilië aan haar naar Amerika geëmigreerde kinderen stuurt in het verhaal 'De andere zoon' van de Italiaanse schrijver Luigi Pirandello (1867-1936). Veertien jaar eerder zijn de twee jongens vertrokken. Ze hadden haar op het hart gedrukt te zullen terugkeren, maar braken die belofte toen ze fortuin maakten. Op de foto Climbing into America (1905) van Lewis Hine staan precies twee van zulke jonge mannen. Hun nationaliteit wordt niet vermeld, maar gezien de grote hoeveelheden Italianen op de andere foto's uit dezelfde periode is er een gerede kans dat ook zij uit Italië zijn afgereisd naar the land of plenty. Ik stel me voor hoe de twee mannen die op Ellis Island, de andere oever, op de eerste treden van een trap staan de verloren zonen zijn. Op het punt het leed van hun moeder achter zich te laten en te ontdekken of het lot hun gunstiger is gezind. De jongste van de twee staat met één voet op de trap en balanceert op de rand van volwassenheid. Zijn snor lijkt ouder dan hijzelf. In zijn hand klemt hij enkele papieren, zijn papieren, ongetwijfeld. Bovenaan de trap, onzichtbaar voor de kijker, staat een tafel van waarachter artsen de fysieke gesteldheid van de immigranten controleren. Wie buiten adem bovenkomt, of moeite heeft zijn bagage te dragen, loopt het risico zonder pardon te worden teruggestuurd.

Misschien zijn het wel helemaal geen Italianen op de foto. Er arriveerden in die tijd wel meer mensen op Ellis Island. Een deel daarvan vertrok uit Rotterdam, en op een steenworp afstand van het hoofdkwartier van de Holland-Amerika Lijn toont het Nederlands Fotomuseum een overzicht van het werk van Lewis Wickes Hine (1874-1940).

The Sky Boy (1931), George Eastman House.

Oshkosh

Hine groeit op in een stadje met de prettige naam Oshkosh, in Wisconsin. Zijn vader sterft omstreeks de tijd dat Hine van school gaat. Hine heeft vervolgens verschillende baantjes en studeert parttime aan de Universiteit. Als veelbelovende jongeman uit de lagere middenklasse wordt Hine opgepikt door Frank Manny, een professor aan de Oshkosh State Normal School, een progressieve leraarsopleiding. Manny stimuleert Hine om in Chicago pedagogie te studeren. Wanneer Manny eenmaal directeur is van de vooruitstrevende Ethical Culture School in New York, neemt hij Hine in dienst en spoort hij hem aan zichzelf de basisbeginselen van de fotografie bij te brengen. In eerste instantie slechts om het werk van de school te documenteren, maar het duurt niet lang voordat Hine zijn leerlingen begint in te wijden in de fotografie, en hij er zelf op uittrekt om te fotograferen. Zijn eerste tochten leiden hem naar Ellis Island. Aangezien Hine met een logge camera en glasplaten werkt, en het op Ellis Island een nogal duistere bedoening is, zijn de foto's onvermijdelijk geënsceneerd. Maar door taalbarrières en de hectiek op het eiland lijkt het onwaarschijnlijk dat Hine meer kon doen dan mensen duidelijk maken dat ze even stil moesten staan en in de camera moesten kijken. Toch zijn de meeste foto's sereen. Het zijn portretten van individuen, even weggehaald uit de grijze massa, die vaak aan de randen van het beeld of in de achtergrond wel zichtbaar blijft.

De meeste foto's zijn sereen. Het zijn portretten van individuen, even weggehaald uit de grijze massa.

Niet lang nadat Felix Adler, de stichter van de Ethical Culture School, het National Child Labor Committee (NCLC) opricht, treedt Hine in dienst als officiële fotograaf. Hij trekt namens de organisatie door het land om kinderarbeid te documenteren. Vijftigduizend mijl legt hij in de eerste drie jaar af. Van Oklahoma naar Chicago en van New York naar Georgia en Mississippi, even gejaagd als Jack Kerouac maar met het oog voor de minder bedeelden van John Steinbeck. Over diens The Grapes of Wrath schreef The Guardian ooit: “Een verschrikkelijk en verontwaardigd boek; maar niet zonder passages van lyrische schoonheid, en de uiteindelijke indruk is die van menselijke waardigheid onder de meest wanhopige omstandigheden.” Vooral dat laatste zou ook een beschrijving van Hine's foto's kunnen zijn.

Katoenplukkers en garnalenrapers

Kinderarbeid is in veel staten verboden en de wijdverbreidheid ervan is niet alom bekend. Hine fotografeert newsgirls en newsboys, kinderen die in yarn mills werken of steenkool breken, katoenplukkers en garnalenrapers. De foto's worden door het NCLC gebruikt voor posters, pamfletten en brochures. Af en toe zijn de kinderen netjes gekleed – als kleine volwassenen arbeiders – maar vaker vuil en met ogen waaruit meer levenservaring spreekt dan je ze gunt. Alleen de newsies wekken soms de indruk een leven te leiden waarin het avontuur van 's nachts op straat zijn, opweegt tegen de beproevingen, maar ook zij zien er maar al te vaak vermoeid en koud uit.

Al gauw fotografeert Hine, altijd in opdracht, overal aan de zelfkant van de maatschappij. Armoedige interieurs van kledingstellers, Europese fabrieksarbeiders in Pittsburgh, straattaferelen in New York en, in opdracht van het Rode Kruis, Oost- en Zuid-Europeanen die ontheemd zijn door de Eerste Wereldoorlog. Hij beschouwt zichzelf niet in de eerste plaats als fotograaf, laat staan als kunstenaar. Hine is een verzamelaar van bewijs en zegt over zijn methode: “Als ik het verhaal in woorden kon vertellen, zou ik geen camera meezeulen.”

Paris Gamin, George Eastman House.

Hoewel zijn foto's worden gebruikt om misstanden aan de kaak te stellen – en hij de reformistische agenda van zijn opdrachtgevers onderschrijft en duidelijk gelooft in de kracht van fotografie om verandering teweeg te brengen – is hij nergens een openbaar aanklager. Zijn toon is beheerst, rechttoe rechtaan. Hij is opgeleid als onderwijzer en blijft dat wanneer hij de camera ter hand neemt.

Beaumont Newhall, auteur van het eerste overzichtswerk over de geschiedenis van de fotografie, categoriseert Hine als een van de pioniers van de documentaire fotografie, maar klaagt tegen Ansel Adams (misschien wel de grootste Amerikaanse fotograaf van de twintigste eeuw) steen en been over de kwaliteit van Hine's afdrukken: “Zijn techniek is, in één woord (sic), heel slecht; het succes van zijn foto's ligt in de ongewone manier waarop ze het onderwerp interpreteren.” Hine fotografeert zoals gezegd voor pamfletten en posters en is zich bewust van de gebrekkige kwaliteit van dat soort drukwerk. Toch is het wat overdreven te stellen dat zijn techniek armzalig was. Hij heeft een scherp oog voor compositie en over zijn Ellis Island-foto's schreef de fotograaf Walter Rosenblum, ietwat pathetisch maar niet onterecht: “[Ze] behoren tot het beste dat de fotografie te bieden heeft. Ze vormen het eenentwintigste-eeuwse epische gedicht van de Nieuwe Wereld, een lofzang ter ere van hen die naar onze kust kwamen voor hun levensonderhoud, en in ruil, ons hebben onderhouden.”

Morele uitingen

Hine's foto's zijn in de eerste plaats morele uitingen, geen esthetische. Het maakt hem een goede fotograaf zoals Leni Riefenstahl een slechte filmmaker was. Als Thriumph des Willens de verheerlijking van een massapsychose was, dan zijn Hine's foto's duizenden kleine odes aan de wilskracht en levenslust van individuele mensen. De foto Happy street boy in Pennsylvania mill town (1910) toont een vuil jongetje, hij mist twee voortanden maar grijnst alsof de tooth fairy de vorige nacht is langsgekomen. Het is de individuele imperfectie die het geheel menselijk maakt.

Men at Work is een ode aan de mensen die met hun zweet betalen voor het comfort van anderen

In een begeleidend essay beschrijft de curator, Alison Nordström van het George Eastman House, de beheerder van Hine's nalatenschap, hoe de fotograaf in de jaren dertig meer en meer moeite heeft in zijn levensonderhoud te voorzien. De belangrijkste reden hiervoor is dat de fotografische school die hij pionierde, de betrokken documentaire fotografie, na de Russische Revolutie van 1917 langzaam verandert. De liberaal-progressieve idealen van Hine raken bij links Amerika uit de gratie en worden ingewisseld voor constructivistische en modernistische ideeën. Hine probeert zichzelf opnieuw uit te vinden en zoekt toenadering tot industriëlen die zijn progressieve ideeën delen. Zijn belangrijkste werk uit deze periode is tegelijkertijd het enige dat hij bij leven in boekvorm publiceert: Men at Work. Het is een lofdicht op Amerikaanse arbeiders in het algemeen, en de mensen die het Empire State Building bouwen in het bijzonder. Ook hier geen verheerlijking van een amorf geheel als 'de arbeidersklasse', maar een ode aan individuele mensen die met hun zweet betalen voor het comfort van anderen.

Steelworker standing on a beam, touching the tip of the Chrysler Building (ca. 1931), George Eastman House.

In de inleiding schrijft Hine: “Dit is een boek over Mannen die Werken; mannen gezegend met moed, kunde, durf en fantasie. Steden bouwen zichzelf niet, machines kunnen geen machines maken […] We noemen dit de Machine Age. Maar hoe meer machines we gebruiken, hoe meer echte mannen we nodig hebben om ze maken en te besturen.” Niet in het boekje terug te vinden, maar wel op de tentoonstelling te zien is de foto Steelworker standing on a beam, touching the tip of the Chrysler Building (ca. 1931). Een in een overall gestoken man op gympen bovenop het Empire State Building – hij heeft iets weg van Kirk Douglas – poseert met een strak gezicht en leunend op een kabel voor Hine. Als je de titel niet hebt gelezen, duurt het even voordat je ziet dat Hine met het perspectief speelt en de man met zijn vinger de punt van het kleinere Chryslergebouw lijkt te raken. Dat past mooi bij de fantasie die Hine de mannen toeschrijft, maar het effect is vooral dat je een individu ziet, en geen symbool.

Men at Work ontleent zijn motto aan een speech van de pragmatische filosoof William James, waarin deze betoogde dat economieën in vredestijd niet alleen gebaseerd kunnen zijn op het voorzien in de behoefte aan plezier. Hij stelde dat krijgshaftige waarden als gehoorzaamheid en opofferingsgezindheid altijd de basis moeten vormen. Het lijkt een vreemde keus van Hine, overtuigd als hij is van de waarde van het individu. Maar de speech was getiteld The Moral Equivalent of War, en dat komt gevaarlijk dicht bij de beste omschrijving van het werk van Lewis Hine: het morele equivalent van kunst.

De tentoonstelling 'Lewis Hine: Fotograferen voor verandering' is tot en met 6 januari 2013 te zien in het Nederlands Fotomuseum, Rotterdam. Na de tentoonstelling in het Nederlands Fotomuseum gaat het werk terug naar het George Eastman House in Amerika om de komende jaren te rusten in een donker depot. Dit stuk verscheen eerder, in licht gewijzigde vorm, ook in weekblad de Groene Amsterdammer.

Mail

Jan Postma Jan Postma (Delft, 1985) is politicoloog, fotograaf, journalist, parttime einzelgänger en meer. Maar, voordat u zich een beeld denkt te kunnen vormen, toch vooral dat laatste.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
:Kraamtranen: hoe de postpartum depressie de roze wolk van het moederschap doorprikt

Kraamtranen: hoe de postpartum depressie de roze wolk van het moederschap doorprikt

In ons collectieve geheugen lijkt er weinig plaats voor moeders* die na de bevalling lijden aan depressieve gevoelens: deze verhalen ondermijnen het klassieke beeld van het moederschap als een roze wolk. Gelukkig brengen steeds meer vertellingen nuance aan, waarbij de vraag rijst in hoeverre we als maatschappij verantwoordelijkheid dragen voor de eenzaamheid die kersverse moeders kan overvallen. Een essay door Anne Louïse van den Dool. Lees meer

:Over taboedoorbrekende literatuur en langharige auteurs: I Hate Henry

Over taboedoorbrekende literatuur en langharige auteurs: I Hate Henry

Is literatuur links of rechts? Sarah Neutkens duikt in twee klassiekers en gaat na of ze wel zo links zijn als vaak wordt beweerd. Lees meer

:Een lesje kapitalisme: door Shein betalen we straks dubbel bij Zara

Een lesje kapitalisme: door Shein betalen we straks dubbel bij Zara

Wanneer goedkoop steeds goedkoper wordt en luxe verder naar de sterren rijkt, rekt het middensegment zich onverstoorbaar op. In haar column toont Loïs Blank hoe ooit betaalbare merken via een facelift hun high-end ambities najagen. Wanneer zijn we uitgespeeld in dit kapitalistische spel? Lees meer

:Terugblik op de lancering van 'Harnas' in Museum Arnhem 13

Terugblik op de lancering van ‘Harnas’ magazine in Museum Arnhem

Afgelopen maand werd ons nieuwste nummer feestelijk gelanceerd in Museum Arnhem, want Hard//hoofd en Museum Arnhem bundelden de krachten! De tentoonstelling Naakt dat raakt vindt literaire en poëtische verdieping in een speciaal katern in Hard//hoofd magazine Harnas. We blikken terug op het evenement. Lees meer

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

over samen niet weten

Anne Louïse van den Dool won met het essay 'Een middenwereld: over samen niet weten' de derde plaats van Hooray for the Essay 2026. Lees meer

Het sanatorium

Het sanatorium

Elin ligt roerloos op de ligstoel van een sanatorium, hoog in de bergen. Stil en uitgespreid op het terras wordt ze geconfronteerd met een doordringende geur, die ze niet kan identificeren. In dit surreële, filosofische verhaal zoekt Stefanie Gordin naar de betekenis en de verstikkende werking van rust. Lees meer

Introverte mensen zijn awesome

Introverte mensen zijn awesome

In een wereld van schreeuwende extraversie, eert Marthe van Bronkhorst de introverten. 'Doe mij maar ‘raven’-energy. ' Lees meer

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

Tweede plaats Hooray for the Essay 2026 - Dat is dan jouw waarheid

Saar Lermytte won de tweede plek van Hooray for the Essay 2026 met het essay Dat is dan jouw waarheid Lees meer

Dogs that cannot touch each other

Dogs that cannot touch each other

Een theatrale vertelling van Louky van Eijkelenburg over warmte, wrangheid en het controversiële kunstwerk 'Dogs That Cannot Touch Each Other'. Lees meer

:De strijd om vorm: looksmaxxen met volume of bevrijding uit de vorige eeuw?

De strijd om vorm

Dior en Chanel grijpen terug op historische silhouetten, en dat wordt breed gevierd. In haar column onderzoekt Loïs Blank of we ons voldoende bewust zijn van de oude idealen die daarin meekomen, en wat het over onze tijd zegt dat we daar zo enthousiast applaus voor geven. Lees meer

Steen 1

Steen

Stel je eens voor hoe een relatie met een steen kan beginnen, hoe die eruitziet en waarin jullie elkaar zullen vinden. Sjoukje Kamphorst neemt je mee op een literaire reis langs verloren zwerfkeien, gebarsten geliefdes en zinloos geploeter. ‘Wat een steen te zeggen heeft, kan alleen maar van groot gewicht zijn.’ Lees meer

Oproep: De Stoute Stift

De Stoute Stift

Doe mee aan De Stoute Stift, een zoektocht naar vier Nederlandse en vier Vlaamse illustratoren die een beeld willen maken bij de beste verhalen van de erotische schrijfwedstrijd Het Rode Oor. Deadline: 1 mei 2026. Lees meer

Kwetsuur

KWETSUUR

Het prinsessenbed en de koffiepauze in een hospice vormen het decor van dit gedicht van Kim Liesa Wolgast. Koffie, lametta en aquarelpapier zijn de rekwisieten van het sterftheater, waar de tijd stilstaat en zich tegelijkertijd steeds herhaalt. Lees meer

:Podcast: Maandagavond – De uitnodiging

Podcast: Maandagavond – Het cadeau

Voor de één is het 't allerbelangrijkste onderdeel van een feest, voor de ander een leeg ritueel vol onnodige spulletjes. In de derde aflevering van dit Maandagavond-seizoen draait alles om ‘Het Cadeau’. Met Rebekka de Wit, die het publiek uithoort over pijnlijke ‘kutcadeaus’, Suzanne Grotenhuis, die getuige was van de perfecte aankoop, en Freek Vielen die trakteert op een tekst uit hun gloednieuwe jubileumboek. Lees meer

Materiaal van een lichaam 1

Materiaal van een lichaam

In dit verhaal van Merel Nijhuis en beeld van Jasmijn Vermeeren exposeert een disabled kunstenaar haar werk tussen de zoemende TL-verlichting, kunstkijkers en hun opmerkingen. Ze probeert een balans te zoeken tussen genoeg informatie geven over haar werk en het ontwijken van de daaropvolgende validistische vragen. Lees meer

We willen het ook voor jou veilig houden

We willen het ook voor jou veilig houden

Claire heeft het voor elkaar: luxe kleding, een indrukwekkend cv en een leidinggevende functie. Tot ze op het matje wordt geroepen vanwege grensoverschrijdend gedrag. Claire snapt het niet. Wat is er gebeurd? Wanneer zijn de regels veranderd? Wie heeft de nieuwe normen bedacht? Emma Stomp duikt in dit verhaal in Claires hoofd en laat het... Lees meer

Hard//hoofd zoekt een nieuwe uitgever/zakelijk leider

Hard//hoofd zoekt een nieuwe uitgever (zakelijk leider) [deadline verstreken]

Maak jij een vrije ruimte voor experiment voor nieuwe schrijvers, makers en denkers mogelijk? Word de nieuwe uitgever van Hard//hoofd! Lees meer

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

Melissa Dhondt won de eerste prijs van Hooray for the Essay 2026, met haar essay ‘Wat zo is’ waarin ze haar moeders relatie tot alcohol op een invoelende manier beschrijft. De wedstrijd is een samenwerking tussen DeBuren, Rekto:Verso en Hard//hoofd. Lees meer

Demystificeren en normaliseren: 'Naakt dat raakt' in Museum Arnhem

Demystificeren en normaliseren: 'Naakt dat raakt' in Museum Arnhem

Kijk, voel, denk opnieuw. In Naakt dat raakt tonen kunstenaars dat naakt meer is dan bloot: het is een middel voor autonomie, identiteit en verzet. Sanne de Rooij gidst je met een kunsthistorische blik door de tentoonstelling van Museum Arnhem en gaat in gesprek met conservator Manon Braat: ‘Ik wil blijven geloven dat kunst een verandering teweeg kan brengen.’ Lees meer

De onderste sport

De onderste sport

Walde groeit op onder de kassa in de supermarkt. Daar hoort hij de verhalen van alle klanten die bij zijn moeder afrekenen. In dit verhaal van Jelt Roos wordt onze drang ambitieuze levens te leiden bekeken door de lens van klassenongelijkheid. Is het beter om te streven of in je eigen vak te blijven? Lees meer

Lees Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Schrijf je nu in voor slechts €3 per maand en ontvang in september je eerste papieren tijdschrift. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer!