Illustratie: Kathrin Klingner

Bij groen denkt een Amerikaan aan dollars, niet aan duurzaamheid. Sustainability is overgeleverd aan de markt en dat betekent vooralsnog weinig goeds." />

Illustratie: Kathrin Klingner

Bij groen denkt een Amerikaan aan dollars, niet aan duurzaamheid. Sustainability is overgeleverd aan de markt en dat betekent vooralsnog weinig goeds." />
Asset 14

New York

Ecologisch besef is hip, maar inmiddels ontkent zelfs de grootste scepticus niet meer dat het ook broodnodig is om te kunnen blijven leven op een overbevolkte aardkloot met beperkte fossiele brandstoffen. Hoe pakken we dat aan? Hard//hoofd stuurde vijf redacteuren naar vijf steden voor een reportage over duurzaamheid: Parijs, Amsterdam, New York, Tel Aviv en Londen. Deel vier rapporteert vanuit New York: de rol van verenigingen in de milieubeweging en het makke van de markt.

In 1831 ging de Franse gedeputeerde Alexis deToqueville naar Amerika. Hij reisde twee jaar lang door de Nieuwe Wereld, en bracht bij thuiskomst verslag uit in het vuistdikke De la Démocracie en Amerique, een boek vol observaties en analyses van de Amerikaanse volksaard en samenleving. "Wanneer men dieper in het nationale karakter van de Amerikanen graaft," schreef deToqueville, "dan ziet men dat ze de waarde van alles in deze wereld bepalen aan de hand van het antwoord op één enkele vraag: ‘hoeveel geld levert het op?'"

Er is in twee eeuwen tijd vrij weinig veranderd. Duurzaamheid (sustainability) is in Amerika volledig aan de markt overgeleverd. Tijdens zijn jaarlijkse State of the Union toespraak zei President Obama afgelopen januari dat ‘doorbraken in schone energie’ er alleen zullen komen ‘if businesses know there will be a market for what they're selling.’ Weet je nog dat George W. Bush na 11 september 2001 propageerde dat Amerikanen het best blijk van hun vaderlandsliefde konden geven door te gaan winkelen? Tien jaar later moet consumptie niet alleen de economie, maar ook de planeet redden.

Dit is uiteraard volstrekt paradoxaal. In een maatschappij waar je standaard twee plastic tasjes en tien servetjes bij om het even welk product krijgt (servetjes bij m’n koffie? Bij m’n flesje water?), in een land dat verantwoordelijk is voor bijna twintig procent van de globale CO2-uitstoot, en dat zodanig van olie afhankelijk is dat het regelmatig een bloedneus veinst wanneer dictators in olierijke landen nare dingen uitspoken, is het enige juiste antwoord op het duurzaamheidsvraagstuk minder consumptie, niet meer. Maar niemand heeft ons beloofd dat de wetten van de logica nog tijdens ons leven zouden regeren, net zomin als iemand ooit gezegd heeft dat het allemaal gemakkelijk zou zijn (al zei ook niemand dat het zo moeilijk zou zijn). Dus laten we eens bekijken hoe die duurzaamheid-door-consumptie er in de praktijk uitziet.

Illustratie: Kathrin Klingner

Lifestyle

Om dat te doen gaan we eerst weer even terug naar deToqueville. Want één van de dingen die hem nog meer opvielen, in 1831, was het rijke verenigingsleven in Amerika. "Amerikanen van alle leeftijden, uit alle omstandigheden, en van alle achtergronden vormen constant verenigingen," schreef Alexis. Religieus, ethisch, serieus, onzinnig, algemeen, besloten, enorm, piepklein: wel ‘duizend soorten’ clubs had je in Amerika, van groepen die een kerk wilden bouwen tot groepen die vermaak wilden bieden. De staat was klein en terughoudend; wie iets voor elkaar wilde krijgen rekende niet op overheid of adel, maar organiseerde zich.

Nog altijd is er in de Verenigde Staten voor bijna alles wel een gezelschap, actiegroep, of vereniging te vinden – en het lidmaatschap van zo’n groep vormt voor velen de basis van hun identiteit. Dus: je fietst niet gewoon, nee, je bent een cyclist, lid van Transportation Alternatives en immer herkenbaar aan je petje en de legging onder je broek. Je maakt geen avondeten, nee, je bent into cooking, en regelmatig te vinden op thema-avonden met kookboekauteurs in hippe kookwinkels. Niet zo verrassend dus dat ook duurzaamheid – hier ook wel bekend als green, organic, of local – in Amerika eerst en vooral een lifestyle is. (De demografie is overigens ongeveer hetzelfde als in andere grote steden in de wereld: de duurzame Amerikaan is overwegend blank, hoog opgeleid, linksig maar niet alternatief, en naast duurzaamheid ook geïnteresseerd in yoga, wijn, en andere dingen waar witte mensen van houden.)

Het aanhangen van een levensstijl of het uitdragen van een identiteit gebeurt in Amerika eerst en vooral door middel van consumptie. Voor de duurzame levensstijl betekent dat voornamelijk de consumptie van voedsel – eten moet je immers meerdere keren per dag en leent zich dus uitstekend voor een voortdurende oefening in identiteit. In New York, een stad met 8,2 miljoen inwoners and growing, en vastgoedprijzen waar je misselijk van wordt, is er weinig ruimte om duurzaam, biologisch, voedsel te verbouwen. Twee fenomenen geven hier een antwoord op: farmers markets en rooftop farming.

Het dak op

De boerenmarkt vind je dagelijks op allerlei verschillende plekken in de stad; je kan er terecht voor producten van boerderijen uit de omgeving. De producten zijn duur maar local, en hebben dus een kleinere carbon footprint dan de appels uit China of de tomaten uit Holland die je in de reguliere supermarkt vindt. De markt waar ik op zaterdag mijn brood haal is zo de perfecte plek voor de conspicuous consumption van een duurzame levensstijl.

Maar het kan altijd beter: veel van de producten op de boerenmarkt zijn wel lokaal maar niet biologisch, en er is hier en daar zelfs sprake fraude en misleiding. Nóg lokaler (en beter controleerbaar) is het verbouwen van voedsel op je dak – en in het volgebouwde New York is er aan daken geen gebrek. Zodoende zijn er restaurants en hotels die hun gasten voedsel van het dak serveren, en menig buurtvereniging is bezig een eigen daktuintje op te zetten. New Yorks miljonair burgemeester Michael Bloomberg subsidieert zulke projecten maar wat graag; en ook in andere steden wordt urban farming flink aangemoedigd. Volgens sommige wetenschappers kan de toekomst van duurzaamheid sowieso het dak op: vertical farming is volgens hen de toekomst. En de markt doet hier z’n werk; er valt best wat geld te verdienen met het verkopen van groene producten. Groen is het nieuwe zwart.

Overheid

De vraag is natuurlijk of het helpt. En het antwoord is: ja, tot op zekere hoogte. Dat is een flauwe woordspeling, maar toch: urban farming is een sympathiek initiatief dat inderdaad het energieverbruik en de uitstoot die normaal bij de productie en het vervoer van voedsel komen kijken, een stuk omlaag brengt.

Maar het is ook verraderlijk. Want wanneer duurzaamheid-als-lifestyle neerkomt op het consumeren van lokaal verbouwd voedsel (of van American Apparel T-shirts of duurzame koffie in wegwerpbekers), dan komen we er niet. Duurzame ontwikkeling behelst immers meer dan voedsel; het gaat ook om energie, bevolkingsgroei, vervuiling, en transport. Om dat aan te pakken is marktwerking niet voldoende, want de markt gaat trans-Atlantische vluchten niet zodanig belasten dat internationale studenten het wel uit hun hoofd laten om meerdere keren per jaar op en neer te vliegen tussen Amsterdam en New York. De markt gaat het gebruik van plastic verpakkingsmateriaal en andere vervuilende gemakken ook niet bestraffen – de mens is vol goede bedoelingen, maar de mens is ook gemakzuchtig. En onze bereidheid offers te brengen uit naam van duurzaamheid is verre van eindeloos.

En daarmee zijn we terug bij deTocqueville en zijn verenigingen: de reden dat Amerikanen zo goed waren in organiseren, schreef hij immers, was zowel oorzaak als gevolg van de regeringsvorm in dit land: democratie. "In Frankrijk staat de regering aan het hoofd van een onderneming, en in Engeland een rijke edelman," schreef deTocqueville; "in Amerika is dat steevast een vereniging." Maar verenigingen zijn niet zaligmakend. Het zal best zo zijn dat een beter milieu bij jezelf begint, maar om dat af te dwingen heb je toch een sterke overheid of een verlicht despoot of een natuurramp van Bijbelse proporties nodig. Noch Obama, noch zijn oppositie staan een grotere, machtiger regering voor, en een waarachtig verlicht despoot is nog nooit ergens opgestaan. So you do the math: duurzaamheid in Amerika is een leuke hobby, maar het is bovenal illusie. And that’s all, folks!

Mail

Lynn

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer