Asset 14

De komst van de vreemdeling

In een hete zomer wordt een volkstuinencomplex opgeschrikt door de komst van een onbekende man. Een verhaal in zeven delen. Deze week: de komst van de vreemdeling.

Het was de avond van een lange warme dag. Op de weg kon je Avar zien, hij liep snel, zijn schep leunde op zijn schouder. Een vreemde tijd om nog aan het werk te zijn. Hij stond stil bij nummer 57. Het tuinhek van zijn huisje had de vorm van een opkomende zon, de tralies vormden de stralen. Hij had het zelf gemaakt.
Avar zette zijn schep tegen de muur en pakte zijn sleutel.
Op dat moment klonk er vanaf de weg een ongewoon geluid. Het was een zacht geratel: iets werd over het grind gesleept.
Avar deed een paar stappen richting de weg. Een donkere figuur liep aan de overkant in de berm, een koffer achter zich aanslepend. Avar draaide zich om en stootte zich aan de schep die tegen het muurtje stond. Het ijzer schraapte over het steen.
De figuur stond stil. Hij keek richting Avar.
‘Hee,’ riep hij.
Avar liep achteruit het donker in. Hij sloot de deur van zijn huisje achter zich.

De dood van Fernando

Midden op de tafel in de kantine lag een vogel. Het was een zwarte vogel, een kauwtje. Hij lag op zijn zij, zijn pootjes tegen zijn lijf gekruld. De borstkas was plat en ingedeukt. Hij bewoog niet.
‘Hij ligt als een baby,’ zei Peter uiteindelijk.
De anderen zeiden niks. Ze keken naar de vogel. Het was een warme dag en er kwam een vervelende geur van af.
Het was Avar die hem gevonden had. Peter had de hele ochtend door het tuinencomplex rondgelopen, zijn blik op de lucht gericht en roepend om zijn vogel. Hij had die vogel al sinds hij vijftien jaar was. Er was een ei uit het nest in zijn tuin gevallen, hij zette er een lamp op en noemde hem Fernando. De vogel was helemaal tam, je kon hem zo oppakken en in je handen houden. En overal waar Peter naar toe ging vloog Fernando achter hem aan.
Peter was een erg simpele jongen die weinig behoefte aan gezelschap had. Maar hij en Fernando waren onafscheidelijk. ‘s Avonds rende Peter rondjes om zijn huisje om de vogel af te schudden, voordat hij naar binnen kon gaan.
Nu was de vogel dood. Avar had hem achter het schuurtje bij de takkenversnipperaar gevonden. Nel Schenk had een schoenendoos gehaald en naast de vogel gezet.
‘Hij was gisteravond niet naar zijn hok gekomen,’ zei Peter. ‘Ik had er een vetbol ingelegd.’
Hij drukte op het borstkastje van de vogel.
‘Het lijkt wel alsof hij is fijngeknepen.’
Avar hoestte. ‘We moeten niemand zomaar beschuldigen,’ zei hij luid. ‘Dat is alles wat ik erover wil zeggen.’ Hij pakte de vogel op en legde hem in de schoenendoos. ‘Verder schijnt het zo te zijn dat er gisteravond laat een vreemdeling naar het volkstuinencomplex is gekomen. En het schijnt dat hij richting het schuurtje liep. Maar hoe dat precies zit weet ik niet.’
‘Er staat een man achter het raam,’ zei Nel Schenk.
Ze keken allemaal naar het raam. Er stond inderdaad een man achter het raam, en het was zonder twijfel de vreemdeling. Hij keek naar binnen. De tuinbewoners keken naar buiten. Niemand zei iets, er was alleen het geluid van het ingehouden snikken van Peter.

Illustratie: Bette Adriaanse

De brief

IK BEN DE BROER VAN JASPER IK PAS OP ZIJN HUIS NUMMER 13 TOT HIJ TERUG IS.
KEES
De brief hing op de deur van de kantine. Het was op net briefpapier geschreven, en met zilveren stukjes tape aan de deur geplakt. Het papier was vochtig van de ochtenddauw. Het moest er die nacht zijn opgehangen.
‘Waarom kan hij dat niet zelf komen zeggen?’ vroeg Avar. ‘En waarom moet hij het zonodig ’s nachts ophangen, als normale mensen slapen?’
Avar stond op het grindpad voor de kantine samen met zijn dochter Sunshine, Nel Schenk en Jaap, de penningmeester. Ze keken naar huisje 13. De vreemdeling lag in de tuin in een hangmat een sigaret te roken. Hij had een zonnebril op en het was niet duidelijk of hij ook naar hen keek. Sunshine stak haar hand op.
‘Niet doen,’ zei Avar.
Hij hield zijn hand boven zijn ogen om de zon tegen te houden en tuurde naar de overkant.
‘Hij lijkt helemaal niet op Jasper,’ zei hij.
Jasper was een grote, blonde man met een gezicht dat altijd een beetje rood was van de drank. Hij was de vorige zomer naar Canada vertrokken, en had zijn huisje achtergelaten zonder ook maar iets mee te nemen. Zijn kleren lagen op de stoel, zijn schoenen bij de deur, zelfs zijn boterhammen lagen nog op tafel toen hij vertrok. Hij was de voorzitter van het bestuur van het tuinencomplex geweest en dat was hij nog steeds, want niemand had zich aangemeld om hem te vervangen. Ze wachten eigenlijk gewoon tot hij terug kwam.
‘Hij heeft zijn naam ook heel onwennig opgeschreven,’ zei Avar. ‘Het lijkt helemaal niet alsof hij het al vaak heeft opgeschreven.’
‘Hij ziet er niet uit alsof hij Kees heet,’ zei Nel Schenk. ‘Hij ziet er eerder uit als een ..’ Ze woog wat klanken op haar tong, terwijl ze met haar hand wapperde. ‘Een Woe, Woewoe, ofzoiets.’
‘Nu woont hij in het huis van Jasper,’ zei Avar. ‘Wie weet hoe lang hij blijft.’
‘Er komen hier nooit nieuwe mensen,’ zei Nel Schenk. ‘En dan net nu dat met Peters vogel is gebeurd.’
Avar knikte langzaam. ‘Wij hebben het recht om ons prettig te voelen,’ zei hij.
Nel Schenk knikte ook.
Dat was een ding dat zeker was.
‘Jasper heeft aan zijn financiële verplichtingen voldaan,’ zei Jaap, die sinds het vertrek van Jasper niet alleen penningmeester was, maar in zijn eentje het volledige bestuur vormde. ‘Zolang aan alle financiële verplichtingen is voldaan mag je uitnodigen wie je wilt.’
‘Ik wil alleen maar zeggen dat als mensen je een vervelend gevoel geven dat iets betekent,’ zei Avar.
‘Mensen die je een vervelend gevoel geven moet je voor op je hoede zijn,’ zei Nel Schenk. ‘Zo simpel is het.’
Ze keken naar de vreemdeling die uit zijn hangmat was opgestaan en zijn kruiwagen pakte.
‘Iedereen is hier welkom,’ zei Jaap. ‘Zolang hij zich aan het reglement houdt.’
Avar wees naar de vreemdeling. Hij stond bij de algemene grindplaats en laadde zijn kruiwagen vol.

-

Bette Adriaanse is schrijfster en beeldend kunstenaar. Ze maakt tekeningen, schrijft fabels, verhalen, en heeft net haar eerste boek af. Ze publiceert in Engeland en Nederland. www.betteadriaanse.nl

Mail

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer