Asset 14

Alsof het stil was

Alsof het stil was 1

 

Een moeder logeert een nacht bij haar dochter op de studentenkamer. Terwijl ze de slaap niet kunnen vatten denken ze aan hun liefdes en aan elkaar.

In mijn studentenkamer lig ik op de smoezelige logeermatras die we uit het washok boven in het huis hebben gehaald en ligt mijn moeder in mijn bed. Het is een warme zomerdag geweest. We kunnen allebei de slaap niet vatten. De hele nacht niet. Ik weet niet wat haar wakker houdt – de bedompte overblijfselen van de hitte, de ruimte die haar niet vertrouwd is. We weten beiden dat de ander wakker is, maar we zeggen niets. Voelt het voor mama ook vervreemdend aan om op dezelfde kamer te slapen?

Ik denk aan de nacht na deze. Met heel mijn wezen wil ik die aanstaande nacht. Ik geloof niet dat mama dat doorheeft. Het is interessant hoe de werkelijkheid voor de een zo overduidelijk vol van dat ene kan zijn, terwijl de ander er geen weet van heeft. Je bent als kind wel eens bang dat een ander je kan horen denken, maar dat is nooit waar gebleken. Dus doen we alsof het stil is, al voelt de nacht luid als krekels die op een savanne in mijn hoofd tsjirpen. Ze zitten in mijn lichaam en roepen naar elkaar.

*

Ondanks dat ze niet naast me ligt, voel ik haar woelen. Het vult de ruimte.

Wanneer ik hier zo op de kamer van mijn dochter lig, is het even alsof ik terug in de tijd ben. Als ik me genoeg concentreer, lijkt het te kunnen. Zelf had ik als student de luxe dat mijn vader een verdieping voor me kon betalen en heb ik nooit in een studentenhuis gewoond. Soms mis ik dat appartementje in het centrum nog wel. Als je in het centrum woont, geeft dat je toch meer het gevoel dat je ergens aan deelneemt, er meer toe doet. Het leeft er en daardoor leef jij misschien ook wat meer. Laten we eerlijk zijn, het was ook de tijd dat wonen nog betaalbaar was. En toch knaagt het zo af en toe wel aan me dat ik er niet op die manier voor mijn dochter kan zijn.

Ik vind het fijn om wat langer met Sarah te zijn en hoop dat zij dat ook vindt. Als ze bij mij langskomt, gaat ze meestal diezelfde avond weer terug. Het was op mijn voorstel, dit weekend. Mijn haar prikt tegen mijn gezicht. Sarah draait zich op haar andere zij. Ik doe hetzelfde. Ondanks dat ze niet naast me ligt, voel ik haar woelen. Het vult de ruimte.

*

Waarom ligt ze niet gewoon stil? Het is al vervelend genoeg dat ik niet kan slapen. Ik wil op zijn minst dat mijn moeder stil ligt. Ik moet opeens denken aan die keer dat we een ijsje gingen halen na afloop van een concert van haar. Ik moet een jaar of negen geweest zijn en was zo overdonderd door de veelheid aan soorten dat ik daar maar stond, en stond, en simpelweg niet wist welke smaak ik op dat moment in mijn mond wilde proeven. Ik vroeg me af hoe je nou eigenlijk dingen weet. Wat betekent het om iets te weten. Mama werd van gêne steeds ongeduriger. Zij had geleerd om maar gewoon te kiezen, die en die, want ze wist het zelf eigenlijk ook nooit echt. Gewoon dóén en dan komt er wel een leven uit en dat leven is vervolgens wat voorbestemd was. Met een snel lachje naar het meisje achter de toonbank greep ze mij hardhandig bij mijn arm en maande me om op te schieten. Ik koos voor citroen, terwijl ik wist dat van de zuurte mijn gehemelte altijd gaat kriebelen. Ik realiseer me dat mijn mond droog is maar ik geen glas water naast de matras heb gezet.

*

Ik ben blij dat ik op Sarahs matras lig en niet op dat vlekkerige geval. Al is deze eigenlijk te hard om echt lekker op te liggen. Mijn eigen matras is in feite doorgezakt, het is al twintig jaar oud, maar die holte vind ik juist zo fijn. Het stelt me gerust, alsof de holte me vasthoudt en ik iets minder alleen in bed lig.

De mensen met wie ik in bed heb gelegen...

Grappig dat ik toch eerst aan Sarah denk, haar zachte voetjes die me ergens halverwege mijn benen raakten. Ik leek haar nooit te kunnen grijpen. Ze had altijd iets vluchtigs voor me, maar dan lag ze daar. Zo stil en zo aanwezig. Dáár waar ze overdag nooit helemaal hier was. Ze werd vaak midden in de nacht wakker en dan hoorde ik mijn deur weer voorzichtig opengaan. Wanneer ze naast me was gekropen, was ze vaak zo weg en bleef ik wakker om zo lang mogelijk van die aanwezigheid te genieten.

*

Ik weet wel dat ik morgen naast hem lig. Ik wil het zo vurig dat de tijd zich lijkt samen te ballen en ik het al bijna kan aanraken.

De zware lucht herinnert me aan de avonden in Italië, waar ik nog maar een week geleden was. Op zwoele avonden buiten – de temperatuur zakte iets maar lichamen raakten niet afgekoeld – leerde ik vreemden kennen, voorbijgangers in mijn reisverhaal. In het buitenland zet verlorenheid zich om in iets positiefs, of op zijn minst is het daar op zijn plek. Ik sliep in kamers in goedkope hostels zonder raam dat open kon en werd desondanks opgegeten door de muggen. Ik kon daar ook niet slapen en als dan het scherm van mijn telefoon oplichtte en ik zijn naam zag staan, werd alles wakker. De jongen met wie ik de nacht na deze in bed zal liggen (ik weet het zeker) vroeg me hoe mijn dag was geweest. In welke stad bevond ik me nu, wat was het mooist geweest, had ik lekker gegeten die avond. Plagend, of ik nog leuke Italiaanse jongens was tegen gekomen. Hijzelf was thuis, aan het schrijven, en had mij minder te vertellen dan ik hem. Soms was hij gaan zwemmen of een stuk gaan lopen. Hij maakte groentelasagne. Eigenlijk weet ik niet of hij anders zal zijn dan de mensen die ik vluchtig op reis ontmoette. Ik weet wel dat ik morgen naast hem lig. Ik wil het zo vurig dat de tijd zich lijkt samen te ballen en ik het al bijna kan aanraken. Hem. Zijn buik, ik voel hoe die zich tegen mijn gebolde rug drukt. Mijn hand is zijn hand die tegen mijn borst aan ligt.

Mama heeft geen idee.

*

Maar dan de anderen. Ik weet nog die keer dat hij bij mij at, samen met mijn vriendin Dorothée. De Italiaan. Hij was een vriend van Dorothée en dit was pas de tweede keer dat ik hem zag. De Italiaan was cellist, wij zochten een cellist. We hadden de hele dag gerepeteerd, nauwelijks tijd gehad om te lunchen, maar op zuidelijke tijd gingen we dan uiteindelijk pasta koken. Tagliatelle met spinazie en veel knoflook, Parmezaan, ik weet het nog zo. Ik vond zijn bruine handen zo mooi, hoe ze de slierten uit de kom op onze borden schepten. Hoe vastberaden ze de strijkstok over de snaren hadden laten gaan en hoe trefzeker maar liefdevol zijn vingers over de hals bewogen. Het was broeierig die avond, net als nu. Waarschijnlijk moet ik er daarom aan denken.

Is het echt zo warm op deze kamer of ben ik gewoon rusteloos, vraag ik me af. Het is te koud als ik het laken van me afgooi, maar het witte laken plakt, of ik plak aan het laken. Sarah draait zich alweer om.

*

Ik hoor mama stoeien met haar beddengoed. Als ik mijn ogen open doe, zie ik dat we met onze gezichten naar elkaar toe liggen. Ik geloof dat zij haar ogen dicht heeft, maar draai me toch om.

*

Nu besef ik dat relaties elastieken zijn die vrij ver kunnen uitrekken maar waar de rek ook uit kan gaan, zodat ze niet zomaar meer terugschieten.

Er is iets aan de vertrouwdheid van haar spullen en tegelijkertijd de onpersoonlijkheid van dit huis, die linoleumvloer en dat rode lichtje van het brandalarm, dat me niet op mijn gemak doet voelen. Ik hoor niet thuis in dit decor van haar leven, voel me er niet alleen een bezoeker maar ook een beetje een indringer. Ik proef gejaagdheid in hoe Sarah met me is en weet niet zo goed hoe dat komt. Soms denk ik wel dat ik haar te veel aan haar lot heb overgelaten. Vroeger vond ik dat ik er best veel was, genoeg, maar als ik eerlijk ben was ik in gedachten vaak ergens anders. Ik vond dat ik een eigen leven moest behouden, de onafhankelijke vrouw die ik was, moest blijven, en dat het goed was dat zij leerde om op haar eigen benen te staan. De band tussen moeder en dochter is er toch wel, ging ik vanuit. Nu besef ik dat relaties elastieken zijn die vrij ver kunnen uitrekken maar waar de rek ook uit kan gaan, zodat ze niet zomaar meer terugschieten.

*

Maanlicht schijnt door de witte gordijnen en wordt al bijna daglicht. Ik val niet in slaap tot half vijf in de ochtend. Er mag dan wel een hoeslaken tussen mij en de matras zitten, ik ben er toch niet gerust op. De vlekken zijn aanwezig. Het matras is te zacht. Mama ligt in mijn bed en daar ben ik het niet mee eens. Er krijst een pauw op de boerderij tegenover ons. Verder is het stil, behalve dan de draaigeluiden van mama en mij. Ik denk aan hem, aan seks, aan hoe zijn lichaam zal zijn en hoop maar dat mama het niet doorheeft. Natuurlijk heeft ze dat niet.

Als gedachten te horen waren, had ze wel geweten dat citroen niet mijn lievelingsijs is.

Mail

Janna Claudius is een creatieve duizendpoot en wou dat er meer uren in dagen zaten, want niets-tijd vindt ze net zo vruchtbaar. Ze fotografeert, kleit, tekent en heeft een liefde voor textiel ontdekt. Schrijven is, met name in dagboekvorm, een constante in haar leven.

Dünya Atay is een Turkse illustrator, graphic designer en muralist uit Den Haag. Het bespelen, bevragen en meestal het afwijzen van wat echt is om een eigen werkelijkheid te scheppen is waar ze haar dagen mee vult.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
Lees meer
het laatste
Een dag uit het leven

Een dag in het hoofd van een lichaam dat niet uit bed raakt

Er zijn zoveel dingen die je zou kunnen zijn. Bioboer, au-pair à Paris, muze, schrijver, schilder, heks... En tegelijk heb je maar één leven om al je ambities in waar te maken. Lies Jo Vandenhende deconstrueert deze tragiek liefdevol door ons een dag mee te nemen in het hoofd van een lichaam dat niet uit bed raakt. Met een illustratie van Tonke Koppelaar. Lees meer

Een ritje maken

Een ritje maken

In dit verhaal van Sonja Buljevac maken Renée en haar oma een wandeling bij de boulevard van Vlissingen. Terwijl haar oma volop geniet, wordt Renée geconfronteerd met de gebeurtenissen van de vorige nacht. Lees meer

De dochter van Baba Yaga met illustratie van Micky Dirkzwager

De dochter van Baba Yaga

Saar, een slapeloze studente, leeft op dubbeldrop en kan haar ex niet vergeten. Op een nacht belt ze haar moeder. ‘Vanaf mijn drieëntwintigste werd het allemaal beter, Saar.’ Is er hoop? Een rauw sprookje van Lena Plantinga over het herstellen van je vrouwelijke intuïtie, of pogingen doen tot. Lees meer

De tanden van opa

De tanden van opa

Bart en zijn vader brengen het kunstgebit van Barts opa terug naar een Duitse soldaat. Een verhaal van Pieter Drift over het onkenbare verleden en de anoniem gestorven vijand die we nooit helemaal zullen kennen. Lees meer

Ik Zeg Emily

Het verlangen naar Emily is simpel

De debuutbundel van Yentl van Stokkum bevindt zich tussen poëzie en spookverhaal in, waarin een jonge dichter het graf bezoekt van een door haar geliefde schrijver en bezeten terugkeert. Lees meer

Automatische concepten 51

[Hier komt nog iets]

Roos Vlogman is sinds het schrijven van haar eigen roman geobsedeerd door het verschil tussen verzinnen en vertellen. Gaat het vertellen haar zelf altijd makkelijk af? Lees haar tips om inspiratie te krijgen van naaktkatten, op tijd te stoppen met schrijven en om soms net te doen alsof je geen ambities hebt. Lees meer

Kleine witte slang (reptiel

Kleine witte slang (reptiel)

Drie mensen zorgen samen voor een kleine witte slang. De slang lijkt alleen niets van hen aan te willen nemen. Is dat iets ergs, of wordt er een probleem gemaakt waar geen oplossing voor is? Een kort verhaal van Eva Salman over een advertentie op marktplaats, een stoel waarin nooit iemand zit en over hoe soms je best doen niet alles oplost. Lees meer

Kinken in een ruggengraat

Kinken in een ruggengraat

''We liggen samen in bed en ik vraag je om een herhaling van de tijd.
‘Herhaling bestaat niet,’ zeg je, ‘alleen verandering.’''
Een kort verhaal van Welmoed Jonas over hoe nachtvlinders elkaar kunnen vinden in het donker en het wachten op een nieuwe huid. Lees meer

Het Hoofd//stuk: Een ongepland moederboek

Een ongepland moederboek

Helena Hoogenkamp vertelt over hoe haar debuutroman helemaal geen verhaal over moeders moest worden, maar over liefde. Uiteindelijk schreef ze óók over moeders, maar vooral over een verlangen dat zo groot is dat niet uitgesproken kan worden. Maar wat laat je weg en wat vertel je juist wel als je wil vertellen over het onzegbare? Lees meer

Vitamine D

Vitamine D

De hoofdpersoon van dit korte verhaal spreekt met haar therapeut af in de trein. Lekker efficiënt en zo krijgt ze korting op de sessie. Nadeel is wel dat de andere forenzen zich met de therapie gaan bemoeien. Of is dat juist een voordeel? Lees meer

Asrest 1

Nieuwe materialen voor de huid

Voor de Klimaatweek schreef Pieter Van de Walle een gedicht bij het element water, waarin een onheilspellende stilte voor de storm weerklinkt. Lees meer

Asrest

Asrest

Voor de Klimaatweek schreef Meliza De Vries een gedicht bij het element vuur, vol vlammen die telkens weer vergeten worden. Lees meer

onder ons vergeten

onder ons vergeten

Voor de Klimaatweek schreef Johannes Lievens een gedicht bij het element aarde, over vallen en loslaten. Lees meer

De hitte is zwaar als ze op je valt

Voor de Klimaatweek schreef Anke Verschueren een gedicht bij het element lucht, waarin iemand bijzondere souvenirs van omzwervingen verzamelt. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (IV)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (IV)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

 1

Waarom ik geen danser kon worden

In het Hoofd//stuk doen schrijvers een poging om de weg naar het verhaal vast te leggen. Welke tips hadden zij willen krijgen toen ze begonnen? Welk advies zullen ze nooit en dan ook nooit meer opvolgen? Wat is hun advies? Lees het in het Hoofd//stuk. Annelies van Wijk trapt af met de vraag hoe je (g)een alwetende verteller wordt. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (III)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (III)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (II)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (II)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

Dit. Is. Goddelijk. Alternatief kerstverhaal Annemieke Dannenberg Dymphie Huijsen

Dit. Is. Goddelijk.

Joost is op vakantie in Spanje met zijn zwangere vriendin. Maar is de baby van hem, of van Marina’s open relatiescharrel HG? Begint Joost ongelovig te worden, of moet hij zijn liefdesbaby maar gewoon omarmen?
Een tragikomisch kerstverhaal door Annemieke Dannenberg. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (I)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (I)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer