Asset 14

Cyborg ratrace

We hebben steeds meer technologische, medische en digitale middelen tot onze beschikking om onszelf en de wereld om ons heen te verbeteren. Maar welke gevolgen heeft deze zoektocht naar perfectie? Waar trekken we de grens? En wanneer vinden we iets niet meer ‘natuurlijk’? Siri Beerends verkent de grenzen van ons maakbare ik in een serie essays. Dit is deel V.

Een extra zintuig erbij of een chip in je hersenen waarmee je jezelf aansluit op het internet; dat klinkt als science-fiction maar is het niet. De  nieuwste technologische snufjes beperken zich allang niet meer tot losse apparaten die we in onze broekzakken steken. Tegenwoordig kun je tech-onderdelen laten implanteren. Zo lopen er al duizenden mensen rond met een Radio Frequency Identification chip onder hun huid waardoor een smartphone of elektronisch slot hen herkent. Veilig is het niet want de informatie in de chip is slecht beschermd en identiteitsdiefstal is mogelijk.

De digitale versmelting tussen mens en machine maakt het mogelijk om ons te ontwikkelen tot cybernetisch organisme, oftewel ‘cyborg’. Dat is hard nodig want er zou een zogenaamde robot-takeover dreigen die mensen overbodig maakt. Volgens techvisionair Elon Musk moeten we ons als de wiedeweerga upgraden met technologische snufjes omdat kunstmatige intelligentie onze menselijke intelligentie zal overtreffen. Maar hoe reëel is de samensmelting van mens en machine en de dreigende robot-takeover? En hoe zit het met de belangen achter deze futuristische technologieën?

DIY-bodyhacking

Het installeren van technologieën in het lichaam wordt ook wel body hacking genoemd. Er is een wereldwijde beweging van mensen die aan do-it-yourself bodyhacking doen. De aanpassingen lopen uiteen van een USB-stick als vinger, een gehoorapparaat dat wifi-signalen ontvangt, een chip die medische informatie doorstuurt naar een smartphone, tot een implantaat dat gaat trillen als ergens op aarde een aardbeving plaatsvindt. Wat deze hobbyisten met elkaar gemeen hebben is dat zij de menselijke evolutie te traag vinden en daarom de natuur een handje ‘’helpen’’.

De meest bekende body hacker is Neil Harbisson, hij heeft een antenne aan zijn hoofd waarmee hij kleuren kan horen. Een camera aan de antenne registreert het lichtspectrum dat door een chip in zijn schedel wordt vertaald naar trillingen die hij waarneemt als tonen. Harbisson hoort kleuren die onze aangeboren zintuigen niet kunnen waarnemen zoals infrarood en ultraviolet. Hij ervaart inmiddels geen verschil meer tussen de software en zijn eigen hersenen.

Het bedrijf Cyborg Nest wil body hacking commercieel uitbaten. Hun eerste product is de North Sense: een met piercings aan de huid bevestigd apparaat dat vibreert als de drager richting het noorden staat. Na een tijdje merkt de drager niets meer van het getril op de borst en is er een permanent verhoogd bewustzijn van de positie in de ruimte, de North Sense is dan een extra zintuig geworden dat natuurlijk aanvoelt. Volgens neuropsycholoog Manfred Clynes, de grondlegger van het cyborg concept, is het niet bewust bezig zijn met de technologie in je lijf een belangrijk kenmerk van de cyborg.

Maar in hoeverre is iemand met een stukje elektronica in zijn lichaam een cyborg? Volgens de cybernetica is er sprake van een versmelting tussen mens en machine als zij wederzijds informatie delen. De sensor van Harbisson deelt geen informatie van Harbisson zelf. Iemand met een apparaat, chip of sensor onder de huid is dus nog niet meteen een cyborg. Toch zijn we in zekere zin allang versmolten met onze machines. Veel mensen zitten permanent vastgelijmd aan hun smartphone, delen grote hoeveelheden data en laten hun leven sturen door geavanceerde computeralgoritmes.

Robot take-over

Als het aan Elon Musk ligt is het installeren van chips en sensoren onder de huid slechts kinderspel. Om te kunnen concurreren met robots moeten we échte cyborgs worden en onze hersenen fysiek laten samensmelten met de chips van computers. Om deze reden richtte hij NeuraLink op, een start-up die werkt aan de ontwikkeling van een ultradun elektronisch weefsel dat we in onze hersenen kunnen implanteren. Het groeit mee met de hersenen en geeft toegang tot het internet.

Musk is niet de enige die zich op hersencomputers stort, ook Facebook is hiermee bezig. Zij werken aan een interface die dove mensen weer moet laten horen door middel van trillingen op de huid. Daarnaast werken ze aan een brein-computer interface waardoor je zeer snel kunt typen door aan woorden te denken die vervolgens op het computerscherm verschijnen. Ernstig verlamde patiënten maken al gebruik van deze technologie.

Voor commerciële bedrijven is dit soort technologie een goudmijn. Neem bijvoorbeeld die brein-computer interface van Facebook: wanneer typen, klikken en swipen zonder handen onze eerste natuur is geworden neemt het totaal aantal online uren toe waardoor we op nog grotere schaal data zullen genereren voor de datahandel van Facebook. Bovendien erg handig voor alle zombies die toch al permanent op hun smartphone zitten: krijgen ze tenminste geen last van een text-nek of lamme Whatsapp-hand.

Ook NeuraLink wil hersencomputers ontwikkelen om gezonde mensen slimmer te maken. Terwijl ontwikkelaars enthousiast verder knutselen waarschuwen onderzoekers dat onze levens kwetsbaarder worden door ons voor elke pietluttigheid aan te sluiten op het internet. Mensen met verkeerde intenties kunnen bijvoorbeeld neurale devices hacken en signalen verstoren. Deze ‘neuro criminelen’ kunnen in je hoofd kruipen, je gedrag sturen, je emoties beïnvloeden en zelfs dodelijk letsel toebrengen.

Omdat er nogal wat bezwaren zijn om aan de hersenen van gezonde mensen te sleutelen, wordt het doemscenario van de robotovername gretig ingezet. Concurreren met robots moet dé motivatie worden waarom gezonde mensen massaal aan de kunstmatige zintuigen en hersencomputers gaan. En als we niet tegen robots hoeven te concurreren dan wel tegen onze technologisch verbeterde medemens.

Van DIY naar BUY

Volgens start-ups als Cyborg Nest zullen kunstmatige zintuigen dan ook mainstream worden. Apparaten, chips en sensoren die je aan je lichaam kunt bevestigen of onder je huid kunt implanteren zullen deel uit gaan maken van een miljardenindustrie, gedomineerd door multinationale tech-giganten. De winst in een dergelijke samenleving gaat naar Google, Apple, Facebook en Amazon. Er worden miljarden in geïnvesteerd door tech-utopisten als Larry Page en Sergey Brin (Google), Mark Zuckerberg (Facebook), Jeff Bezos (Amazon), Travis Kalanick (Uber), Peter Thiel (PayPal) en Elon Musk (Tesla, SpaceX).

Neil Harbisson vindt aangeboren zintuigen te beperkt en beschouwt kunstmatige zintuigen als een middel waarmee mensen hun wereld kunnen vergroten. Dat is mooi, maar wanneer multinationale tech-giganten chips, sensoren en hersencomputers gaan ontwikkelen is het nog maar de vraag hoe horizonverbredend dat effect zal zijn. Ooit streefde Facebook er ook naar om de wereld van mensen te vergroten. Inmiddels hangen de meeste gebruikers in filterbubbels en wordt er behalve de winstomvang van Facebook weinig vergroot. Techniekfilosoof Bernard Stiegler waarschuwt dan ook niet voor niets voor de automatische samenleving waarin mensen onderworpen zijn aan digitaal-economische systemen. De mens dreigt een datapakket te worden dat door middel van algoritmen wordt aangepast aan Apple en Facebook, in plaats van andersom.

Permanent ontevreden

In plaats van mee te doen aan een technologische ratrace waar vooral het bedrijfsleven en Silicon Valley van profiteren, kunnen we beter investeren in menselijke capaciteiten zoals creativiteit en empathie waarmee we ons kunnen onderscheiden van machines. In plaats van meer op machines te willen lijken, moeten we ons richten op een goede samenwerking tussen mens en machine. Zo kunnen nieuwe technologieën optimaal ingezet worden voor onze vrijheid en autonomie. Op dit moment gebeurt het tegenovergestelde: mensen onderwerpen zich aan artificiële intelligentie en digitalisering.

De robots die onze banen overnemen zijn  het probleem namelijk niet, deze bevrijden ons juist van zware arbeid. De technologische snufjes die we in onze lichamen implanteren vormen wel een potentieel probleem: deze maken ons niet vrijer, autonomer en gelukkiger. Mensen worden gelukkig van ploeteren en moeite doen voor een prestatie. Hoe intensiever het leerproces, des te bevredigender het resultaat. Met al die technologische hulpmiddelen neemt deze vorm van voldoening steeds meer af.

Door het toenemend aantal middelen waarmee we onszelf kunnen upgraden naar een ‘betere’ versie, ligt het risico op de loer dat we permanent ontevreden blijven met de nieuwste versie van onszelf. Incasseringsvermogen, veerkracht en het kunnen accepteren van imperfecties zijn eigenschappen waarvan we vervreemd raken terwijl deze juist bijdragen aan menselijke ontwikkeling en levensgeluk.

Mail

Siri Beerends is cultuursocioloog . Sinds ze The Truman Show gezien heeft, is ze gefascineerd door de culturele obsessie met ‘echt’ versus ‘nep’. Ze bezit een bescheiden argwaan tegenover massaal aangehangen standpunten en voelt zich prettig in de rol van advocaat van de duivel.

Kalle Wolters (1993) is een illustrator uit Groningen. Geïnspireerd door de Klare Lijn en affiches van de Russische Avant-garde ontwerpt hij posters, verpakkingen en maakt hij illustraties bij artikelen. Daarnaast maakt hij deel uit van het illustratiecollectief Knetterijs.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Batik Karas

Batik Karas

In dit verhaal van Ariane Waitz gaat de hoofdpersoon op een vervreemdende reis door Indonesië. Via de eeuwenoude Javaanse kunstvorm batik probeert zij zich te verbinden met het land van haar grootouders. Lees meer

Wat je niet zult zien op tv

Wat je niet zult zien op tv

Hoe links is linkse televisie? Marthe van Bronkhorst kwam achter de schermen en kon haar ogen eigenlijk niet geloven. Lees meer

Hoeveel romcoms tot ik het voel? 1

Hoeveel romcoms tot ik het voel?

De liefde is een onuitputtelijke bron van inspiratie. In films, boeken en muziek blijven mensen proberen haar te vangen, en al die creatieve expressie wordt gretig geconsumeerd – ook door Nouhaila el Khannoussi, die ondanks haar fascinatie voor fictieve liefdes zelf nog nooit verliefd is geweest. In dit persoonlijke essay vraagt ze zich af wat verliefdheid eigenlijk is. Lees meer

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer