Hard//hoofd

Zomerboek 'Summer of 2069'

Hoe de laatste Tasmaanse buidelwolf doodvroor

Tekst Roos Euwe

Het is wachten op de volgende ecologische ramp. Wellicht ook meteen de laatste. Het besef dat het voor ons al te laat kan zijn ontbreekt. Wat kan ons ervan doordringen dat het vijf voor twaalf is, vraagt Roos zich af. "Klinkt er dan een alarmbel?"


Op vrijdag 10 mei keek ik met mijn huisgenoot naar het journaal. We doen dat soms, niet echt om op de hoogte te zijn van het nieuws maar omdat we ons verbazen over de bizarre selectie die er wordt gemaakt uit alles wat er op één dag is gebeurd. We kijken, we luisteren, we lachen en we zijn ook een keer verontwaardigd. Dan volgt het weerbericht.

Voor meteorologen is het doorkruisen van de CO2-waarde van 400 ppm een belangrijke gebeurtenis. Weerman Peter Kuipers Munneke legt uit wat de relatie is tussen de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer en de gemiddelde temperatuur op aarde.

Weerman Peter vertelt dat dit de hoogst gemeten concentratie CO2 is in de afgelopen 800.000 jaar. Hij heeft meerdere tabellen om dat te laten zien en elke tabel toont een stijgende lijn. "De grens van 400 ppm maakt niet zozeer het verschil tussen ‘niets aan de hand’ en een enorme klimaatcatastrofe, maar het is wel een soort alarmbel."



Peter vertelt dit op een manier alsof er vannacht wellicht een buitje kan vallen. Misschien is dat nog wel verontrustender dan wanneer Peter wanhopig schreeuwend of huilend had geprobeerd de kijker iets van de ernst van zijn cijfers en tabellen bij te brengen. 400 ppm. Als het nog geen klimaatcatastrofe is, wat is het dan wel? Mijn huisgenoot en ik keken elkaar aan. Dit is misschien niet alleen voor meteorologen een belangrijke gebeurtenis. We horen vaker dat het vijf voor twaalf is als het over het milieu gaat. Ik geloof dat, want eigenlijk begrijp ik te weinig van de oorzaken en gevolgen van hoe wij met de natuur omgaan. Maar, bedacht ik me na het weerbericht van 10 mei, hoe weten we wanneer het twaalf uur is? Klinkt er dan misschien een echte alarmbel? Ik vraag me af welk beeld er voor nodig is om mij iets rationeel te laten begrijpen én gevoelsmatig te laten beseffen van de omvang en het belang van de huidige milieu- en klimaatcrisis. De gortdroge getallen in de tabel van weerman Peter kan ik rationeel begrijpen maar spreken niet tot de verbeelding; angstaanjagende apocalyptische beelden van overstromingen werken alleen maar op de onderbuik en zorgen evenmin dat ik het snap. De vraag die zich stelt is niet wanneer maar hoe die alarmbel klinkt. Welke representatie van de ecologische ramp die zich op dit moment aan het voltrekken is, kan die alarmbel zijn?

Een week nadat ik weerman Peter zag luisterde ik naar een aflevering van de radioshow This American Life waarin de geïnterviewden vertellen hoe ze zich engageren voor het milieu. De aflevering heet ‘Hot in my backyard’ en gaat over hoe voor hen de klimaatverandering zich verplaatste van een ver van hun bed naar hun eigen achtertuin. Klimatoloog Nolan wist wel dat klimaatverandering bestond; de cijfers en tabellen die hij dagelijks onder ogen kreeg waren duidelijk. Toch drong het pas tot hem door toen door een grote bosbrand zijn buurmeisje overleed. Toen werden de cijfers en tabellen verbonden met de wereld waarin hij leefde. Je moet als mens dus de feiten en verbanden op een rationele manier begrijpen en ook op een gevoelsmatige manier beseffen, voordat het kwartje valt en je in actie komt. Het feit ‘de temperatuur op aarde stijgt naarmate de concentratie CO2 toeneemt’ moet op één of andere manier gekoppeld worden aan een ervaring om bij iemand iets teweeg te brengen. Dat betekent niet per se dat eerst je eigen huis in brand moet vliegen of je buurmeisje moet sterven, voordat je de alarmbel hoort. Het kan ook door een representatie van de realiteit zoals een verhaal over een bosbrand, een tekening van een boom, een fictieve film over een meisje dat in het bos woont. Onze verbeelding kan die representatie weer verbinden aan de realiteit en zorgt ervoor dat we het rationeel begrijpen én gevoelsmatig beseffen.

Voor theatermaker Jozef Wouters is het verhaal van Benjamin zo'n representatie. Benjamin is de laatste Tasmaanse buidelwolf die in de nacht van 7 op 8 september 1936 buiten doodvroor omdat zijn verzorger het deurtje van het nachtverblijf was vergeten open te zetten. Zo kan een diersoort dus uitsterven. Zo kan een alarmbel klinken. Jozef Wouter bouwde dit voorjaar van steigerpijpen een extra vleugel aan het Museum voor Natuurwetenschappen in Brussel, de vleugel voor de collectie recent uitgestorven diersoorten. In zijn installatie en de bijbehorende theatervoorstelling The Zoological Institute for Recently Extinct Species geeft hij ons verschillende verbeeldingen en verhalen om iets duidelijk te maken van de niet te onderschatten invloed van de mens op de natuur.


Het Zoological Institute voor Recently Extinct Species © Bluebird Conspiracy


In de installatie en voorstelling zien we een replica van Benjamins hok en een foto. We horen nog vijfdertig verhalen over uitgestorven dieren en natuurschoon die de ontzagwekkende en tegelijkertijd respectloze houding van de mens ten opzichte van de natuur tonen. Zoals het verhaal van wetenschapper Gerard Krefft die noteerde dat "mijn eetlust het weer eens heeft gewonnen van mijn liefde voor de wetenschap", nadat hij de laatste Big Footed Bandicoot had opgegeten. Of de man die vond dat alle vogelsoorten die William Shakespeare in zijn toneelstukken en gedichten noemt in de Verenigde Staten aanwezig zouden moeten zijn. In 1890 liet hij zestig spreeuwen los in New York; dat was het begin van een gigantische spreeuwenplaag.

De verhalen zijn door hun kleinheid te bevatten en geven tegelijkertijd een idee van de onvoorstelbare grootte van de problematiek. Jozef had ook honderd verhalen kunnen vertellen. Of duizend. Maar hopelijk zijn zesendertig genoeg om dat ene beeld, dat ene verhaal te horen dat klinkt als een alarmbel. Het ontbreekt de meeste mensen aan verhalen en verbeeldingen om ons te laten begrijpen hoe we met die wereld omgaan. Volgens Jozef komt dat niet omdat het we niet willen begrijpen, maar omdat we dat niet kunnen. Ons menselijke idee van tijd is ontoereikend om de gevolgen van onze daden en die van onze voorouders te overzien en de geologische tijdsschaal waarop deze ramp zich voltrekt te kunnen bevatten. We zijn een diersoort die vooral heel veel niet weet en voortdurend keuzes maakt zonder de gevolgen te kennen. Hoe kleiner de verhalen die Jozef vertelt, hoe meer ik begrijp dat de wereldomvattende problematiek onbegrijpelijk is, en dat dat besef essentieel is. ‘Hoe verbeeld je het niet-weten?’

De Vlaamse dramaturge Marianne van Kerkhoven schreef eens in een essay [pdf] dat we, wanneer we naar de geschiedenis kijken, geneigd zijn ordeningen en causale verbanden te creëren waar er meestal al lange, onzichtbare processen aan vooraf zijn gegaan. Ik lees haar essay opnieuw, vervang het woordje ‘geschiedenis’ door ‘milieucatastrofe’, en er valt opnieuw een kwartje. We zien de lange processen en de trage veranderingen niet, maar alleen de korte omwentelingen die in één mensenleven passen. We zien liever een ordening met duidelijke oorzaken en gevolgen dan een chaotische wirwar waarin alles met alles te maken heeft: milieu, economie, politiek, globalisering, zon in maart, regen in augustus, de prijs van benzine. We begrijpen het niet omdat we dat niet willen, maar omdat we het niet kunnen. Dat is niet erg, we moeten het alleen niet vergeten. Bovendien hebben we de verbeelding waarmee we onze wereld telkens opnieuw kunnen bekijken, begrijpen en niet-begrijpen. Uiteindelijk hebben we beelden nodig die ons niet alleen de dingen zelf laten begrijpen, maar tegelijkertijd de onbegrijpelijkheid ervan doen inzien. Niet met cijfers of tabellen, maar met meer verhalen zoals die van de laatste Tasmaanse buidelwolf of van de vogels van Shakespeare.

Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd op 25 september 2013.
We willen je iets vertellen. Hard//hoofd is al bijna tien jaar een vrijhaven voor jonge en experimentele kunst, journalistiek en literatuur. Een walhalla voor hemelbestormers en constructieve twijfelaars, een speeltuin voor talentvolle dromers en ontheemde jonge honden. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Én onze site is helemaal gratis.

Hoe graag we ook zouden willen; zonder jou kunnen we dit niet blijven doen. We hebben namelijk te weinig inkomsten om dit vol te houden. Met jouw hulp kunnen we de journalistiek, kunst en literatuur van de toekomst mogelijk blijven maken, en zelfs versterken.

Als je ons steunt, dan maken wij jou meteen kunstverzamelaar door je speciaal geselecteerde kunstwerken toe te sturen. Verzamel kunst en help je favoriete tijdschrift het volgende decennium door. We zullen je eeuwig dankbaar zijn. Draag Hard//hoofd een warm hart toe. Word kunstverzamelaar
Deel
Roos Euwe
b
a
a

Hard//hoofd is al bijna tien jaar een artistieke en journalistieke vrijhaven voor jong talent en experiment. Dat kunnen we niet blijven zonder jouw hulp. Steun Hard//hoofd en verzamel kunst.

Steun Hard//Hoofd