Illustratie Assa Ariyoshi

Ze heeft mij uitgekozen, zegt ze, want ik deed haar aan haar neef denken, maar dan minder goed gekleed." />

Illustratie Assa Ariyoshi

Ze heeft mij uitgekozen, zegt ze, want ik deed haar aan haar neef denken, maar dan minder goed gekleed." />
Asset 14

Niels Gerson Lohman

In de rubriek hard//hoofdstuk een voorpublicatie van een nog te verschijnen boek. Vandaag een hoofdstuk uit de debuutroman Een rijk alleen van Niels Gerson Lohman. Hij schreef tussen april en oktober 2010 vreemde reisverhalen voor hard//hoofd. Met trots presenteren wij een hoofdstuk uit de roman waar deze reisverhalen in verwerkt zijn.

Illustratie Assa Ariyoshi

Ik heb een blond, mager vriendinnetje, Jana, dat geregeld in haar buik knijpt en met een babystemmetje piept ‘vetje!’
We staan op het punt samen te gaan wonen. Haar ouders hebben een appartement voor haar gekocht op de gracht en ik ga erbij. Ze is grappig en kan niet zo goed dansen, dus maakt ze sprongetjes waarbij ze haar hoofd in haar nek gooit, de handjes flappert en heen en weer springt. Ik durf niet voor haar te dansen, want ik kan nog steeds niet dansen en vergeten. Ze heeft mij uitgekozen, zegt ze, want ik deed haar aan haar neef denken, maar dan minder goed gekleed.
Er was me verteld dat Jana waarschijnlijk niet geïnteresseerd zou zijn in quasi-alternatieve types zoals ik, maar meer in Ajacieden. We kregen inderdaad iets in een periode dat ik meer bezig was met zaken als concentratiekampen dan met mijn uiterlijk, dat is waar. Ze overkwam me een beetje, moet ik bekennen, maar er gebeurde nét niet genoeg op een iets te beheerst en te snel afgelopen schoolfeest om tijdens de daaropvolgende kerstvakantie te blijven flirten per sms. Ze stuurde een sms’je dat ze in Parijs zat met pijnlijke voeten van het winkelen en ik bood haar vervolgens aan nieuwe voeten te komen brengen. Ik kreeg geen antwoord, omdat ze, zo hoorde ik later, bang was dat ik het meende.
Toen ze terug was deden we alles volgens het boekje, zoals zoenen bij haar voordeur met de fietsen nog tussen ons in, en lippen die elkaar eerder los weten te laten dan de trappers van haar mountainbike en de spaken van mijn barrel. De spanning zat hem in het ritueel van de date. Het uitkiezen van het restaurant (waar een mooie vriendin werkte, zodat ze zag dat ik ook mooie mensen ken, zoals Ajacieden), het uitkiezen van de film erna (zo’n onbegrijpelijke, die, als ik het me goed herinner, ging over een muzikant die gevangen zit in een schilderij van een dwerg die achteruit praat vanwege twee lesbiennes die eigenlijk dood zijn omdat een boze indiaan zich achter een container heeft verstopt).

Ze is opgegroeid in een gouden kooitje.
Haar vader is een creatieve legende, een soort beroemdheid, wat de vrouwen in zijn vergulde kooi hem soms opvallend kwalijk nemen. Dan kwetteren ze verongelijkt, ze vragen hem dingen zonder op een antwoord te wachten, terwijl hij achterover zit om leeg te lopen van de dag. Hij wacht en kijkt mij door zijn gigantische montuur moe, lachend aan. Alsof hij wil zeggen: ja jongen, maar maak je geen zorgen hoor, het is verder prima vertoeven. En alsof hij ze dan wil straffen staat hij op en wrijft zich in zijn handen, precies zoals opa deed in afwachting van jenever, hij knoopt zijn ribfluwelen colbert dicht en haalt een zwaar vulpotlood uit zijn borstzak. Hij kijkt me aan met hoog opgeheven wenkbrauwen en mompelt ‘even een tekeningetje maken’. Dan zet hij koers naar zijn tekentafel in de kelder.
Hij leert me dat Kuifje een uitstekende combinatie is met het doen van een grote behoefte, dat goud het best tot zijn recht komt in donkere ruimten en dat je het dragen van blauwe pakken te allen tijde moet vermijden. Dat soort dingen.
In de zomer zitten we in Frankrijk in het huisje van de familie van Jana. We maken ritjes in de Mehari naar plekken waar scènes uit Tati-films zijn opgenomen, en we bezoeken de lokale excentriekelingen, zoals Graham, de magere juwelenmaker uit Londen met zijn vooroorlogse motor en zelfgestookte likeuren. Of Thom en Alain, het homostel dat Eminem blaast in hun Porsche Cayenne. Overdag hannes ik met een tekentafel en ’s avonds spelen we petanque onder het genot van worstjes en augurken, met niemand iets te maken behalve met een familie die de mijne niet is.
Jana wil dat ik iets meer ben zoals haar neef. Haar neef heeft overal vriendjes en komt in alle clubs gratis naar binnen. Soms koopt hij een huis, hij knapt het op en verkoopt het door, zodat hij geld heeft voor een surfvakantie. Niemand neemt snellere beslissingen dan hij. Als ik een beslissing moet nemen, dan beweeg ik eerst mijn voorhoofd heen-en-weer alsof ik er liggende achtjes mee wil tekenen. Jana vindt dat vervelend. Volgens mij neem ik veel betere beslissingen dan de neef van Jana, het zijn er gewoon een stuk minder.
Jana vindt dat ik best wat vlotter mag zijn. Ik verander graag, liever dan dat ik mezelf blijf, maar ik denk niet dat ik dat uit kan leggen. We waren een keer met haar neef in een club, toen hij zei dat Jana gek werd van de beren die ik op de weg zie. Ik vond het beeld van mijzelf op een weg met beren heel grappig, omdat ik zelf erg smal ben en beren erg dik zijn. Ik wilde hem graag laten weten dat ik zijn grap zeer waardeerde, dus elke keer dat we ons langs dikke mensen wurmden, riep ik: ‘Beren op de weg!’ Maar Jana en haar neef konden er niet om lachen.

Mijn vader woont nog steeds in de Prinsenstraat, op de verdieping boven zijn stamcafé. Soms lopen Jana en ik langs het café, want het gouden kooitje is om de hoek. Hij zit er wat gebogen achter het raam, steeds verder van zijn tafeltje omdat zijn buik in de weg begint te zitten. Jana komt er liever niet, dus we lopen er snel langs, aan de overkant van de straat. Er liggen laagjes kranten om Alexander heen, maar hij slaat de pagina’s niet om. Hij heeft altijd een hand aan zijn gezicht, zijn gelige nagels drukken de rimpels steeds dieper in zijn voorhoofd. Zo nu en dan tuurt hij als een slinkse uil boven zijn grote ronde bril met dun montuur uit, dan duikt hij weer in zijn kranten met het begin van een rochel. Het is alsof hij in steeds kleinere cirkels beweegt. In het midden van die cirkel staat een biertje op een cafétafel.
Beer en ik logeerden soms bij hem in de Prinsenstraat, maar nooit langer dan één nacht. We konden niets met de computer, want die zat tjokvol virussen die Beer erop had gezet. De computer mocht nooit uit en er zat alleen dos op, dus als we een spelletje wilden spelen, moesten we het eerst zelf schrijven in programmeertaal. Maar omdat het heel moeilijk is een spelletje te schrijven in programmeertaal, besloten we dat we beter konden proberen nog meer virussen voor de computer te maken, zodat er sneller een nieuwe computer moest komen waarmee we wel gewoon spelletjes konden spelen.
Sinds de dood van Beer zegt Alexander dat er iets in hem is geknapt, en terwijl hij dat zegt, vouwt hij vier vingers in zijn handpalm en drukt zijn duim op zijn wijsvinger, alsof zijn hand een blikje prik is dat langzaam leegloopt. Hij zegt dat hij geen energie meer heeft en dat hij nooit zal vergeten hoe het café hem heeft opgevangen. Elke dag eet hij niet meer dan een tosti en een portie ossenworst, altijd met de krant voor zijn neus, want dat is zijn oude beroep. ’s Middags zit hij in De Vergulde Gaper, ’s avonds in De Klok.

Als ik er kom is het café vrijwel leeg, het doet me hier altijd denken aan Beers favoriete attractie in het Stedelijk Museum: The Beanery van Edward Kienholz, het café met de klokkenhoofdmensen, waar hij me zo vaak over heeft verteld, maar waar ik samen met hem nooit ben geweest. Alexander kijkt me verbaasd en wat geamuseerd aan, alsof hij een binnenpretje onderdrukt.
‘Hey!’
‘Hey!’
Ik bestel een colaatje dat naar chloor ruikt en naar bier smaakt.
‘Moet je niet iets zeggen?’ vraag ik.
‘Wat dan?’
‘Nou, gefeliciteerd!’
‘Ben je jarig dan? Wat grappig!’ zegt mijn vader.
‘Hoezo?’
‘Nou, ik heb een zoon die ook jarig is vandaag!’
Het is lang geleden dat mijn vader weer grappig was, maar dit is niet het soort humor dat ik van hem ken. Leuk.
‘Dat is inderdaad grappig. Misschien ken ik hem wel,’ speel ik mee.
Het is even stil.
‘Zeg, waar woon je eigenlijk?’ vraagt Alexander.
‘Ik woon op het Minervaplein.’
‘Hè? Wat toevallig!’
‘Hoezo?’ Ik wist niet dat mijn vader zo leuk acteert. Hij doet het olijk en opgewekt.
‘Nou, ik heb een zoon die daar ook woont!’
‘Ja, dat weet ik! We zijn hele goeie...’
Het dringt nu pas tot me door. Hij probeert erachter te komen wie ik ben.

Vandaag verschijnt Een rijk alleen bij uitgeverij Nijgh en Van Ditmar. Het is te koop voor 17,50.

Mail

Redactie

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Hoeveel romcoms tot ik het voel? 1

Hoeveel romcoms tot ik het voel?

De liefde is een onuitputtelijke bron van inspiratie. In films, boeken en muziek blijven mensen proberen haar te vangen, en al die creatieve expressie wordt gretig geconsumeerd – ook door Nouhaila el Khannoussi, die ondanks haar fascinatie voor fictieve liefdes zelf nog nooit verliefd is geweest. In dit persoonlijke essay vraagt ze zich af wat verliefdheid eigenlijk is. Lees meer

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer