Asset 14

Kinderfestival

Het bos bestaat tachtig jaar en dat moet gevierd worden. Er is een kinderfestival, met een theatervoorstelling en tal van activiteiten.
‘‘Waarom gaan we niet gewoon naar de speeltuin?’’ vraagt Annika argwanend terwijl we de stad doorfietsen.
‘‘Het is toch leuk om een keer wat anders te doen? Bovendien is de speeltuin niet jarig. Het bos is jarig. Daarom is er feest.’’
‘‘Het bos was toch ook niet op mijn verjaardag?’’
‘‘Annika, denk toch eens na. Al die bomen zouden toch nooit in onze woonkamer passen?’’
Achter mij wordt opstandig gezwegen.
‘‘Het wordt hartstikke leuk, lieverd. Er is theater. En er zijn activiteiten.’’
‘‘Wat zijn akkievietreiten nou weer?’’
‘‘Gewoon, dingen. Om te doen. Hartstikke leuk.’’
Ik stop langs het fietspad om het kaartje op mijn telefoon nog eens goed te bestuderen.
‘‘Zijn we verdwaald, papa?’’
‘‘Natuurlijk, lieverd.’’

De rij voor de ingang beweegt zich tergend traag. De zon schijnt ondraaglijk, het zweet gutst langs mijn lijf.
‘‘Ballonnen, ballonnen!’’ hoor ik Annika jubelen. In de verte houdt een man verkleed als boom een gekleurde tros vast. Ik voel mijn plakkerige hand de grip op die van mijn dochter kwijt raken.
‘‘Hier blijven!’’ commandeer ik voor de vorm en begin dan achter haar aan te rennen. Zij huppelt vrolijk langs alle benen heen, ik wurm me er een weg achteraan.
‘‘Let dan toch op je kind,’’ wordt er gesist.
Goddank weet ik Annika vast te pakken en naar mij toe te trekken. Ik hoop schuld in haar blik te zien, maar wat ik zie lijkt eerder op medelijden. Net als ik met mijn verplichte preek wil beginnen, vult een verschrikkelijke duizeligheid mijn hoofd. Zo dadelijk stort ik nog neer in het gras en zal een EHBO-dienst de rest van ons dagprogramma mogen verzorgen. Uit mijn tas haal ik een waterfles en zet deze aan mijn mond.
‘‘Gadverdamme, wat een misselijke manier om voor te dringen,’’ gromt een gespierde man met een kleuter op zijn blote schouders.
‘‘Heeft u het tegen mij?’’ vraag ik, bijna monter vanwege het verkoelende water en de wegzakkende duizeligheid.
‘‘Dacht je dat ik deze truc nooit gezien had? Je koter weg laten rennen om lekker een plekje vooraan te bemachtigen? Mooi voorbeeld geef je dan. Het is dat die kids er bij zijn, anders zou ik je in een driedubbele knoop leggen.’’
Trillend als een rietje loop ik met Annika terug naar de plek waarvan ik denk dat we er net stonden.

Illustratie: Merlijn van Bijsterveld

Wanneer we na drie kwartier de ingang naderen zien we de reden voor deze file: een uitgebreide tassencontrole. Een hoogzwangere vrouw met een duobuggy schreeuwt tegen een man in een oranje hesje, die potjes Olvarit uit haar luiertas haalt en in een container werpt.
‘‘Dit kunt u toch niet maken! Hoe moet ik nou mijn baby’s voeden?’’
‘‘Dat is uw probleem, mevrouw. Glaswerk op het terrein is verboden. De regels zijn er ook voor uw veiligheid.’’
‘‘Hé, zo praat je niet tegen een dame,’’ roept de man die mij van voordringen betichtte. Blijkbaar hebben we hem toch weer bijna ingehaald.
‘‘Ja, doe eens even normaal man,’’ valt iemand hem bij.
‘‘Zij begon anders met schreeuwen hoor,’’ stamelt de controleur.
‘‘Waarom is iedereen boos?’’ vraagt Annika.
‘‘Omdat de zon schijnt,’’ fluister ik.

We zijn eindelijk binnen.
‘‘Zullen we dan maar een ijsje gaan halen?’’
‘‘Jaaaaaaaaaaaaaaaa!’’
En zo staan we opnieuw in een rij. Na twintig minuten zijn we aan de beurt.
‘‘Graag een hoorntje met citroen en een hoorntje met aardbei’’.
‘‘Een goede keuze. Dat is dan twee muntjes,’’ zegt de ijscojongen.
‘‘Twee euro?’’
‘‘Nee, twee muntjes.’’

De rij voor de muntjes gaat gelukkig een stuk vlotter. Na een kwartier zijn we aan de beurt. De rij voor de ijscokar is ditmaal echter een stuk langer. Zeker een half uur moeten we wachten. Annika blijft braaf mijn hand vasthouden. Ik begin mij zorgen te maken of zij zo nog wel oog zal hebben voor de festiviteiten; hitte en verveling laten haar steeds zwaarder tegen mijn been leunen. Als ik zeg dat we aan de beurt zijn, schrikt ze wakker.
‘‘Wil je nog steeds aardbei?’’ vraag ik aan haar.
‘‘Ja, lekker, aardbei-ijs!’’ roept ze verrukt.
‘‘Een hoorntje met aardbei en een hoorntje met citroen,’’ herhaal ik tegen de ijscojongen. God, wat zal zo’n verfrissend vruchtenijsje mij goed doen.
‘‘Sorry, bijna alles is op,’’ deelt de jongen mede. ‘‘We hebben alleen nog rum-rozijnen.’’

De voorstelling heet Het winderige prinsje en gaat over een knappe prins – gespeeld door een potige vrouw van middelbare leeftijd – die maar geen prinses kan vinden, omdat hij elke keer wanneer een romantisch moment zich aandient een oorverdovende scheet moet laten. Sommige kinderen lachen, misschien wel omdat dat van ze verwacht wordt. De meeste staren verwachtingsvol naar het podium, alsof de ware toedracht van het gebeuren elk moment kan worden onthuld.
‘‘Ik vind het vies,’’ snikt een jongetje.
‘‘Zo goed Paddington, dat je met ons wil delen wat het bij jou losmaakt,’’ straalt zijn moeder en ze geeft hem een stengel selderij.
Annika houdt haar armen naar mij gestrekt. Zij weet dat ik haar niet meer op mag tillen van de fysiotherapeut. En het gaat zo goed, want ik heb al zeker twee weken nauwelijks last meer van mijn rug. Maar als ik haar nu laat staan, kan zij onmogelijk iets zien van wat er op het podium gebeurt. Ik zet haar op mijn nek. Vechtend tegen de pijn kijk ik naar de rest van de voorstelling. Als ze stil zit gaat het nog wel, maar wanneer de prins haar ritmisch ruftend maant zijn bewegingen te volgen op de beat van Right Said Freds 'I’m Too Sexy' voel ik mijn wervelkolom in elkaar storten. Ik probeer voor de zoveelste keer een vriendin te bellen die hier ook ergens met haar kroost moet rondlopen. Alle kinderen die ik zie hebben telefoonnummers op hun arm, maar er lijkt geen enkel bereik op dit festival te zijn.

Na de voorstelling is het weer tijd voor een rij, nu om geschminkt te worden. Dit is veruit de langste rij van de dag. Wanneer we na anderhalf uur wachten in de brandende zon aan de beurt zijn, is Annika diep in slaap.
‘‘Oh, ik weet eigenlijk niet of wij dat mogen, slapende kinderen schminken,’’ weifelt het meisje.
‘‘Jawel, dat mag jij,’’ zeg ik dreigend. ‘‘Als zij wakker wordt is ze een leeuw.’’
Als Annika wakker wordt moet ze plassen. Heel nodig plassen.
‘‘Jullie mogen zo gewoon weer in de rij aansluiten hoor,’’ zegt het meisje. ‘‘Dan maak ik het af, dat is geen enkel probleem.’’
Met een halve leeuw sluit ik mij aan bij de rij voor de wc.
‘‘Je houdt het op hoor,’’ zeg ik tegen haar. ‘‘Leeuwen plassen niet in hun broek. En ik heb geen schone kleren bij me.’’

‘‘Laten we naar huis gaan,’’ opper ik moedeloos wanneer we de wc’s verlaten. Annika lijkt bij dit vooruitzicht volledig op te leven. We lopen naar de uitgang van het festival. Nog net op tijd bedenk ik dat onze muntjes nog niet op zijn. Gelukkig zie ik een standje met waterijs en de rij is niet eens al te lang. Een kwartiertje wachten kan er nu nog wel bij. Met vier raketjes à 2,50 per stuk stappen we op de fiets.
‘‘Gaan we morgen weer gewoon naar de speeltuin?’’ vraagt Annika hoopvol.
Ik beloof haar plechtig om nooit meer origineel te doen.

Mail

Kasper van Royen is Hard//hoofd-redactielid, is naast vader ook filosoof, ex-docent, ex-dichter, ex-echtgenoot, popfetisjist en postbode.

Merlijn van Bijsterveld is illustrator. Zijn illustraties zijn vaak humoristisch van aard waarbij hij een andere draai aan de context geeft.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
Levensweg

Levensweg

Als Aisha een trouwerij op een Limburgse boerderij bezoekt, mijmert ze ineens over haar eigen bruiloft. Ach, trouwen is niks voor haar. Toch? Lees meer

Marktplaatsgekkies

Marktplaatsgekkies

Marthe van Bronkhorst besluit de relatiemarkt opnieuw te betreden en vraagt zich af: ben ik een koopje, of een langetermijn-investering? Lees meer

:Dit is Europa: een half-ontspoorde trein

Dit is Europa: een half-ontspoorde trein

Marthe van Bronkhorst bekijkt Europa als een treinreis en stemmen voor de Europese Parlementsverkiezingen als het zijn van de conducteur op die rammelende trein. Lees meer

Ik wil het woord tokkie nooit meer horen

Ik wil het woord tokkie nooit meer horen

"Ofwel we noemen mij voortaan een tokkie, en ik zal de titel met trots dragen. Of we stoppen met het gebruik van het woord tokkie en laten het weer alleen een familienaam zijn." In deze gastcolumn geeft Anne Schepers een ijzersterk pleidooi tegen het negatieve gebruik van het woord 'tokkie'. Lees meer

Tot morgen

Tot morgen

Na bijna vier jaar als columnist voor Hard//hoofd is het voor Eva tijd voor iets nieuws, maar afscheid nemen is niet haar ding. 'Dus lieve lezers: voor jullie nu een kus op de wang, en tot morgen!' Lees meer

Wat je niet zult zien op het nieuws

Wat je niet zult zien op het nieuws

Marthe van Bronkhorst beschrijft dat wat ongezien blijft op het nieuws over de demonstaties bij de UvA. 'Maar het is wel gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.' Lees meer

Mooi weer spelen

Mooi weer spelen

Als Aisha’s eerste therapiesessie niet voelt als de warme deken waar ze op hoopte, mist ze groepsgenoot S., die haar een spiegel voorhield. Lees meer

Verdomme, ik heb wel geleefd

Maar verdomme, we hebben wel gelééfd

Marthe van Bronkhorst schreef in 2019 een toneelstuk dat bijna volledig werkelijkheid is geworden. Kan ze de slotscène nog weren uit de realiteit? Lees meer

Alles wat ik wil en absoluut niet nodig heb

Alles wat ik wil en absoluut niet nodig heb

Wanneer Eva op bezoek is bij haar zus, vraagt die of Eva haar eicellen al in heeft laten vriezen. Het laat Eva nadenken over hoe ze de vraag 'Wil ik een kind?' überhaupt kan beantwoorden. 'De vraag omtrent het ouderschap is bij uitstek een gevoelskwestie, en mijn gevoel volgen is nooit mijn sterkste punt geweest.' Lees meer

Niet

Niet

'Naarmate die vakantie vorderde, begon ik die ‘niet’ te bezien in het licht van een oude angst die soms omhoogkomt. Wanneer namelijk mijn vriendin zei: ‘dat is een lantaarnpaal’ en ik zei ‘niet’, begon ik me af te vragen of we inderdaad wel dezelfde lantaarnpaal zagen.' In deze column schrijft Anne Schepers over het woord 'niet' en de gevolgen die het kan hebben voor een discussie. Lees meer

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn

Mijn week met morele ambitie: wat ik leerde ondanks Rutger Bregman

Marthe van Bronkhorst probeerde morele ambitie een week uit en leerde ervan - ondanks Rutger Bregman. Lees meer

Eva heeft u toegevoegd aan een nieuwe groepschat

Eva heeft u toegevoegd aan een nieuwe groepschat

Eva nodigt twee vrienden uit om bij haar te komen eten. Ze hoopt dat dit het begin zal zijn van een nieuwe vriendengroep. Lees meer

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn 1

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn

Marthe van Bronkhorst bekijkt hypocrisie als spectrum: hoe hypocriet ben jij op een schaal van Frans Bauer tot Johan Derksen? Lees meer

In je eentje achterblijven

In je eentje achterblijven

Als vriendin K. op een date gaat, denkt Eva van den Boogaard na over hun onuitgesproken pact. Zo lang ze beiden ongelukkig in de liefde zijn, hebben ze elkaar. Maar wat als er iemand dat pact uitstapt? Lees meer

Geld lenen

Geld lenen

‘Het spijt me,’ zeg ik. ‘Voor dit alles.’ Ik gebaar om me heen. ‘Voor Nederland.’ In deze column van Anne Schepers ontmoeten twee vrouwen, die uitkijken naar hun avond in een wijnbar, een man die een treinkaartje naar Ter Apel bij elkaar probeert te sprokkelen. Lees meer

Als je wordt uitgenodigd voor een euthanasiefeest, dan ga je

Als je wordt uitgenodigd voor een euthanasiefeest, dan ga je

'Als je je psycholoog écht een brevet van onkunde wil geven, moet je haar uitnodigen voor je euthanasiefeest.' Lees meer

Ik ook op jou

Ik ook op jou

Op een avond zegt iemand tegen Eva dat hij verliefd op haar is. Terwijl hij wacht op een antwoord, denkt Eva na over wat verliefd zijn eigenlijk is. Lees meer

Herhaalrecept

Herhaalrecept

Op een ochtend wordt Aisha Mansaray wakker in een parelmoeren bubbel. Ze onderzoekt hoe ze met haar depressie op de randen van de realiteit kan leven, zonder de grip erop te verliezen. ‘Mijn aandoening was een zuigend ding geweest dat zich om mij heen had gewikkeld, lelijk, en meer levend dan ik.’ Lees meer

Geen geld maakt ook niet gelukkig

Geen geld maakt ook niet gelukkig

Marthe van Bronkhorst maakt de balans op tussen S en M, die beide alles kwijt zijn: de een is ingebed in het zorgsysteem, de ander moet niks hebben van de verzorgingsstaat. Lees meer

‘Stel je voor dat het gewoon wérkt’

‘Stel je voor dat het gewoon wérkt’

Grootgebracht met het idee dat 'natuurlijke' oplossingen de voorkeur hebben boven synthetische medicatie stond Eva niet te springen om angstremmers te gaan gebruiken. Maar wat als het nou gewoon werkt? Lees meer

Hard//hoofd zoekt vóór 28 juli 2.000 trouwe lezers!

Hard//hoofd verschijnt weer op papier! In ‘Lief kutland’ klinken de begintonen van waaruit vrije utopieën werkelijkheid worden, of waarmee we ongelimiteerd verdriet en woede botvieren op alles wat er misgaat. Fantaseer je met ons mee? Schrijf je vóór 28 juli in voor slechts €2,50 per maand en ontvang ‘Lief kutland’ in september in de brievenbus. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer