Asset 14

De laatste reuzenalk en wat hij ons leert over de klimaatcrisis

Reuzenalken

In een opslagruimte van het Museum voor Natuurwetenschappen in Brussel staat een opgezette reuzenalk. Het museum heeft een wat verouderde voorgevel, beplakt met bruine keramiek, zodat het toegangsgebouw eruitziet als een versleten houten kist, een schatkist die pas binnenin zijn kostbaarheden prijsgeeft. Voor het gebouw staat een houten standbeeld van een iguanodon, een dinosaurus, want een van de schatten van het museum zijn de acht iguanodonskeletten die het rijk is. Een andere kostbare schat van het museum is de opgezette reuzenalk. Een reuzenalk lijkt, of beter: leek, op een pinguïn. Het dier in Brussel was het laatste van zijn soort. Hij werd voor tachtig rijksdaalders vermoord. Nu staat hij met stro gevuld op een houten plankje, verborgen in een opslagplaats: twee witte vlekken op het zwarte hoofd, een dikke grove snavel en kleine vleugels waarmee hij niet meer zwemmen zal.

De reuzenalk was een zeevogel die niet kon vliegen, ongeveer 75 cm groot. Hij kwam voor in de hele Noord-Atlantische oceaan, ook aan onze Noordzeekust. Eeuwenlang werd hij opgejaagd en opgegeten door hongerige matrozen, of doodgeknuppeld en gepluimd voor zijn zachte dons en olie. Totdat er zo weinig dieren overbleven, dat een opgezette reuzenalk een gewilde trofee werd voor verzamelaars en musea. In 1844 was het voorbij: de laatste twee reuzenalken werden vermoord. Eén ervan kwam in Brussel terecht. Dat betekent niet dat je hem in het museum kan bezichtigen. Hij wordt niet tentoongesteld, naar verluidt om de vogel te beschermen tegen schadelijke uv-stralen en insecten.

Het verhaal van de laatste reuzenalk is ook ons verhaal: het leert ons een belangrijke les over hoe we met de klimaatcrisis omgaan en hoe onherroepelijk de gevolgen kunnen zijn. Het was al een paar eeuwen duidelijk dat de reuzenalk stond te verdwijnen als er niet ingegrepen werd. Een eerste beschermingsmaatregel werd al genomen in het midden van de zestiende eeuw. Toch deed de mens, nonchalant en wreed onverschillig, de reuzenalk verdwijnen. Vandaag maken we een klimaatcrisis door. We weten wat ons te doen staat om die crisis af te wenden of te beheersen. We weten het al lang, zeker al sinds het midden van vorige eeuw. Maar toch lijkt het ons als mensheid voorlopig niet te lukken om daadkrachtig in te grijpen en echt het verschil te maken. Het verhaal van de laatste reuzenalk is een waarschuwing en een symbool voor wat de mens de planeet en zichzelf aanricht. Daarom is het belangrijk om zijn verhaal te vertellen, en hem uit die donkere opslagruimte te halen.

In de lente van 1844 broeden de laatste twee reuzenalken, een mannetje en een vrouwtje, een ei uit op Vuureiland, een eilandje voor de IJslandse kust. Vuureiland, Eldey in het IJslands, is niet meer dan een steile grijze rots, hier en daar bedekt met wat guano en mos. Drie mannen, IJslanders, komen het eiland opgeklommen: Brandsson, Ketilsson en Ísleifsson. Ze zijn op zoek naar reuzenalken, en tussen de talloze zeekoeten en gewone alken merken ze al snel het paartje op en lopen op de twee af. De vogels vluchten naar de klif, waardig, met kleine stapjes, het hoofd omhoog en zonder schreeuw. Brandsson kan al snel een van de twee in een hoek drijven en vastgrijpen. Ísleifsson pakt de andere vast, net aan de afgrond van de hoge rots. Ze wurgen beide vogels en gooien hen in hun boot. De laatste reuzenalken zijn dood.

Het is plots duister geworden over het hele eiland

Ketilsson en Ísleifsson klimmen de boot in, die klaar is om terug naar IJsland te varen met de negen andere expeditieleden die aan boord waren gebleven. Brandsson blijft verstijfd staan. Het is plots duister geworden over het hele eiland. De zee is nog woester dan gewoonlijk. Heeft de oude Jón Brandsson schrik van het helse water en blijft hij daarom op de rots staan? Of ziet hij plots de enormiteit in van wat hij gedaan heeft?

Het eiland was de laatste plek waar ze überhaupt nog reuzenalken hoopten te vinden, en bij het opklauteren van de steile rots heeft hij goed gezien dat er maar twee van die soort waren. Zeekoeten en gewone alken, ja, die waren er in overvloed. Maar reuzenalken, daar waren er maar twee van, en die liggen nu levenloos in de boot. Het ei dat het paar aan het uitbroeden was, hebben ze gebroken achtergelaten. Brandsson blijft nog steeds onbeweeglijk staan. Zijn makkers worden ongeduldig en schreeuwen dat hij de boot in moet klimmen. De voorman zwaait met de zware bootshaak en dreigt hem ermee vast te haken. Uiteindelijk zwicht Brandsson voor de druk, grijpt het touw dat naar hem wordt gegooid en wordt door de branding heen naar de boot getrokken. De boot vertrekt, met Jón Brandsson en de twee dode vogels aan boord.

Hoe de laatste twee reuzenalken precies aan hun einde kwamen, werd opgeschreven door twee Britse ornithologen, John Wolley en Alfred Newton. Zij trokken in 1858 naar IJsland en konden met de nog levende expeditieleden praten. Wat er echter daarna precies gebeurde met de twee vogels, was lang onduidelijk. We weten dat de expeditieleider de dode dieren verkocht, voor tachtig daalders, aan een handelaar. Die handelaar verkocht op zijn beurt de buit aan de apotheker van Reykjavik. De ingewanden kwamen, op sterk water, in Kopenhagen terecht. Waar de huiden, de opgezette vogels, uiteindelijk terechtkwamen was toen nog onbekend. Tot Jessica Thomas, een doctoraatsstudente aan de universiteit van Bangor in Wales samen met veertien andere wetenschappers in 2017 een artikel publiceerde in Genes, een wetenschappelijk tijdschrift over genetica. Ze vergeleken het mitochondriaal genoom van de ingewanden van de twee laatste reuzenalken in Kopenhagen, in de collectie van het Natuurhistorisch Museum van Denemarken, met het mitochondriaal genoom van vijf opgezette vogels in Bremen, Kiel, Los Angeles, Oldenburg, en ook in het museum in Brussel.

Wat bleek: de ingewanden van de laatste mannelijke reuzenalk kwamen genetisch overeen met de opgezette reuzenalk in Brussel. Het ziet ernaar uit dat de mannetjesvogel in 1847 door een handelaar werd verkocht aan burggraaf du Bus de Gisignies, de eerste directeur van het toen pas opgerichte museum in Brussel. Waar zijn vrouwtje is terechtgekomen, kon het onderzoek in Genes niet bevestigen. Maar recenter onderzoek door hetzelfde team toont aan dat haar opgezette huid zich bevindt in het Natuurhistorisch Museum van Cincinnati, Ohio.

De reuzenalk verdween aan het begin van de Industriële Revolutie, toen er van een klimaatcrisis nog geen sprake was. Door die crisis kunnen we de komende jaren nog heel veel andere soorten kwijtraken. Binnenkort zien we mogelijk voor de laatste keer een grutto of een kievit op een weide in ons land. Volgens de Rode Lijst van de IUCN, de internationale unie voor natuurbescherming, zijn meer dan 47000 soorten op aarde met uitsterven bedreigd: 41% van de amfibieën, 37% van de haaien en roggen, 44% van de rifbouwende koralen, 27% van de zoogdieren, en 12% van de soorten vogels. Naast het grootschalig verlies van leefgebieden door ontbossing en landbouw, is klimaatverandering een van de belangrijkste oorzaken van het verlies in biodiversiteit.

We verliezen niet enkel planten of dieren door de klimaatcrisis

Maar we verliezen niet enkel planten of dieren door de klimaatcrisis. De Alpen verliezen de komende decennia de helft van hun gletsjers. Veel skioorden, zeker de lager gelegen stations, zullen de komende jaren onherroepelijk de deuren sluiten. Binnenkort gaan we de laatste keer op strandvakantie in Zuid-Europa in de zomer, want het wordt er ondraaglijk heet in de zomermaanden. In de zomer van 2024 verloren meer dan zestigduizend mensen het leven door de hitte in Europa, de meeste in Italië en Spanje. Over niet al te lange tijd organiseren we de allerlaatste keer een Elfstedentocht, of ligt dat al achter ons? Weldra is het allemaal opgeborgen in de stoffige archiefkast van onze herinneringen, ver van uv-stralen en insecten.

Het is belangrijk om stil te staan bij wat we verliezen of kunnen verliezen. De Gentse hoogleraar Stef Craps schreef in een artikel in de NRC dat klimaatrouw een voorwaarde voor verandering is. Ecologische rouw ‘scherpt onze aandacht, maakt zichtbaar wat anders onder het tapijt verdwijnt, en doorbreekt de verlammende spreidstand tussen weten en leven.’ Misschien is het daarom goed te rouwen om de reuzenalk, die wij nooit levend hebben gezien. Hij herinnert ons eraan dat ons handelen kan leiden tot onomkeerbare, onherstelbare schade, en hij stelt ons de vraag: ‘Wat doe jij?’

Wij lijken, met onze aanzienlijke klimaatvoetafdruk, op de IJslandse vissers die de reuzenalk de wereld uithielpen. Want terwijl de laatste reuzenalken werden vermoord door specifiek aanwijsbare personen die hen vingen en de nek omwrongen, is dat vandaag veel gecompliceerder. Als een dier of plant uitsterft door de klimaatcrisis, of mensen vroegtijdig sterven, hoe bepaal je dan wie uiteindelijk verantwoordelijk is? Misschien was ik het wel of jij? Misschien was het mijn uitstoot die finaal de doorslag gaf. We zijn allen mede verantwoordelijk, zonder dat we daadwerkelijk een eilandje opklimmen en een arm dier in de ogen kijken.

We lijken op de oude Jón Brandsson, die aarzelt om weer de boot in te klimmen. Was het de twijfel, de wroeging over wat hij gedaan had, het begrip over zijn verantwoordelijkheid? Net zoals wij soms twijfelen over onze voetafdruk en onze verantwoordelijkheid. Maar soms zijn we gewoon de voorman die met de bootshaak zwaait. ‘Stop met twijfelen, kom terug die boot in,’ roepen we tegen anderen of tegen onszelf. Klimaat, milieu, allemaal goed en wel. Maar hoe zit het met onze industrie, met de boeren? Het moet wel wat redelijk en betaalbaar zijn. Onze economie moet competitief kunnen blijven. Stop met zeuren en haast je. De boot wacht niet.

Veertien jaar na de bewuste dag waarop de reuzenalk uitstierf, werden de IJslandse vissers opgezocht door de twee Britse ornithologen. Van de twaalf expeditieleden waren er nog tien in leven. Ik vermoed dat Jón Brandsson, die in het verslag oud werd genoemd, al overleden was. Het verslag van de ornithologen is vrij feitelijk, en zegt niet wat de vissers vonden over wat ze gedaan hadden. Hadden ze spijt? Het verslag vertelt het niet. Maar ik kan me niet inbeelden dat ze bijzonder trots waren op wat ze gedaan hadden.

Zullen we trots zijn op wat we gedaan hebben, of eerder een beetje beschaamd?

Zal een wetenschapper of journalist, of misschien een kind of kleinkind, ons vragen stellen wanneer we ouder zijn, binnen veertien jaar of later? Al die dingen, planten, dieren, mensen die we verloren zullen hebben of misschien net niet: wat is onze rol daarin geweest? Zullen we trots zijn op wat we gedaan hebben, of eerder een beetje beschaamd?

In het museum in Brussel is de laatste reuzenalk, op zijn houten plankje in een kast, niet te zien. Wel kun je in een van de museumzalen, op een paar stappen van de bekende Galerij der Dinosauriërs, een opgezette buidelwolf zien. Een uitgestorven soort, net als de reuzenalk. Ik vind dat het verhaal van de reuzenalk ook verteld moet worden. Zet de vogel, of toch ten minste zijn verhaal, in het midden van de zaal, naast de buidelwolf. Maak er een Galerij der Uitgestorven Dieren van. Begrijp me niet verkeerd: de Galerij der Dinosauriërs is natuurlijk ook een galerij van uitgestorven dieren. Maar de dinosauriërs zijn uitgestorven toen een kilometers brede asteroïde insloeg op het schiereiland Yucatán, zo’n 66 miljoen jaar geleden. De reuzenalk en de buidelwolf daarentegen stierven uit omdat de mens op deze planeet inslaat. Het is belangrijk dat dat verhaal verteld wordt, zodat we ons bewust zijn van wat onze rol kan zijn. Wees geen Jón Brandsson, zegt de reuzenalk op zijn houten plankje. Het is nog niet te laat.

Mail

Hendrik Berg is een essayist die actuele thema's verbindt met vergeten verhalen uit het verleden. Hij woont en werkt in Brussel, en zijn essays gaan vaak over die stad.

Ilse Groot Nuelend (1998) vertelt verhalen in woord, audio en beeld. Ze verzamelt inspiratie uit haar omgeving en ervaringen, trekt deze uit elkaar en plaatst ze weer in nieuwe fictieve werelden.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
:Kraamtranen: hoe de postpartum depressie de roze wolk van het moederschap doorprikt

Kraamtranen: hoe de postpartum depressie de roze wolk van het moederschap doorprikt

In ons collectieve geheugen lijkt er weinig plaats voor moeders* die na de bevalling lijden aan depressieve gevoelens: deze verhalen ondermijnen het klassieke beeld van het moederschap als een roze wolk. Gelukkig brengen steeds meer vertellingen nuance aan, waarbij de vraag rijst in hoeverre we als maatschappij verantwoordelijkheid dragen voor de eenzaamheid die kersverse moeders kan overvallen. Een essay door Anne Louïse van den Dool. Lees meer

:Over taboedoorbrekende literatuur en langharige auteurs: I Hate Henry

Over taboedoorbrekende literatuur en langharige auteurs: I Hate Henry

Is literatuur links of rechts? Sarah Neutkens duikt in twee klassiekers en gaat na of ze wel zo links zijn als vaak wordt beweerd. Lees meer

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

over samen niet weten

Anne Louïse van den Dool won met het essay 'Een middenwereld: over samen niet weten' de derde plaats van Hooray for the Essay 2026. Lees meer

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

Tweede plaats Hooray for the Essay 2026 - Dat is dan jouw waarheid

Saar Lermytte won de tweede plek van Hooray for the Essay 2026 met het essay Dat is dan jouw waarheid Lees meer

Steen 1

Steen

Stel je eens voor hoe een relatie met een steen kan beginnen, hoe die eruitziet en waarin jullie elkaar zullen vinden. Sjoukje Kamphorst neemt je mee op een literaire reis langs verloren zwerfkeien, gebarsten geliefdes en zinloos geploeter. ‘Wat een steen te zeggen heeft, kan alleen maar van groot gewicht zijn.’ Lees meer

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

Winnaar Hooray for the Essay 2026 - Wat zo is

Melissa Dhondt won de eerste prijs van Hooray for the Essay 2026, met haar essay ‘Wat zo is’ waarin ze haar moeders relatie tot alcohol op een invoelende manier beschrijft. De wedstrijd is een samenwerking tussen DeBuren, Rekto:Verso en Hard//hoofd. Lees meer

Nieuwe Mina’s, oude lessen

Nieuwe Mina’s, oude lessen

Rocher Koendjbiharie en Tamara Hartman schreven een essay over de Nederlandse geschiedenis van het feminisme en kritiek op de Dolle Mina’s binnen een kader van intersectionaliteit voor een boekpublicatie van de Dolle Mina’s. Er kwam feedback dat het stuk ‘te moeilijk’ en niet ‘speels’ genoeg was – een vanoudse kritiek wanneer over racisme of witheid geschreven wordt. Ze besloten zich terug te trekken en plaatsten dit incident binnen de context van systematische witheid van de Dolle Mina’s. Nu lees je het essay hier, op Hard//hoofd. Lees meer

Laatste woorden

Laatste woorden

Na een overlijden in de familie, vraagt Vera Corben zich af welke geluiden permanent in ons hoofd wonen. Is dat de score van het leven? Hoe klinkt die dan? En is de dood dan niet meer dan de afwezigheid van dat geluid? Lees meer

Tmettigh x tseghnas 8

Tmettigh x tseghnas

'Ontvreemd en onthéémd,' schrijft Imane Karroumi El Bouchtati over Riffijnse sieraden. Wat betekent dit zilver voor haar en haar identiteit? Lees meer

Neil Armstrong (they/them) 1

Daar ben je, hier zijn we

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Ayden Carlo: 'Dit hier lijkt helemaal niet over jou te gaan en dat is precies waarom ik je schrijf.' Lees meer

We herkennen vroege signalen van partnergeweld, maar als een bevriende staat geweld pleegt zijn we ineens stekeblind

We herkennen vroege signalen van partnergeweld, maar als een bevriende staat geweld pleegt zijn we ineens stekeblind

Wat als je ogen werken, maar je de patronen niet herkent? Marthe van Bronkhorst kijkt terug op een week van sneeuw en ICE. Lees meer

Neil Armstrong (they/them)

Neil Armstrong (they/them)

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Trijntje van de Wouw: ‘Ze zoeken zo hard naar buitenaardse wezens dat ze niet zien hoeveel er nog te ontdekken valt recht voor hun neus.’ Lees meer

 1

Beste Dimitri

In november 2025 organiseerden fotofestivals BredaPhoto en Pride Photo samen met Tilt de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’. Daarin onderstreepten en vierden we het belang om in alle vrijheid te kunnen zijn wie je wilt zijn. Vier queer auteurs schreven een brief aan een van de geportretteerden. Lees meer

Taal als brug tussen AI en de menselijke creatie

Taal als brug tussen AI en de menselijke creatie

In een wereld waarin talen verdwijnen en technologie oprukt, stelt Axel Van den Eynden de vraag: kan AI een dode taal weer tot leven wekken? In een reflectieve zoektocht onderzoekt hij de (on)macht van digitale vooruitgang, en de verbindende kracht van taal, verhalen en woorden. Lees meer

Het is tijd om op een totaal andere manier naar de wereld te kijken

Het is tijd om op een totaal andere manier naar de wereld te kijken

Wat is magie? Een mysterieuze familiering gaf Marthe van Bronkhorst een ander perspectief. Lees meer

Lees dit boek vooral niet

Lees dit boek vooral niet

Wat doe je als je een boek leest dat totaal schuurt met je wereldbeeld, maar wel goed geschreven is? Dit overkwam boekenblogger Maartje van Tessel, toen ze een berichtje kreeg van een debutant met de vraag of ze zijn boek wilde lezen. Het zet haar aan het denken over wat literatuur kan en mag zijn. Lees meer

Waarom stellen journalisten zo weinig vragen?

Waarom stellen journalisten zo weinig vragen?

Bij de media heerst ziekte, journalisten stellen te weinig vragen. Fausto en Marthe van Bronkhorst komen met een behandelplan. Lees meer

Essaywedstrijd: 'Dat is dan jouw waarheid' Hooray for the Essay 2026

[Deadline verstreken] Essaywedstrijd: 'Dat is dan jouw waarheid' Hooray for the Essay 2026

In deze editie van Hooray for the Essay dagen we je uit om na te denken over waarheid. Reageer voor 19 januari. Lees meer

Politiek is de olifant in de kamer, maar modejournalistiek trekt de deur liever dicht

Politiek is de olifant in de kamer, maar modejournalistiek trekt de deur liever dicht

Mode lijkt glanzend en zorgeloos, maar er schuilt een wereld van politiek achter. Loïs Blank vraagt zich af: wie bepaalt eigenlijk welke verhalen verteld mogen worden? Wat gebeurt er met de progressieve stemmen van een bedrijf dat vooral voor de winst gaat? Lees meer

Suriname - van onafhankelijk land naar natie

Suriname - van onafhankelijk land naar natie

Op 25 november is het 50 jaar geleden dat Suriname onafhankelijk werd van Nederland. Kevin Headley bespreekt hoe de onafhankelijkheid van Suriname tot stand is gekomen en hoe het zich verder ontwikkelt tot natie: van politieke geschiedenis tot hedendaagse successen. Lees meer

Lees Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Schrijf je nu in voor slechts €3 per maand en ontvang in september je eerste papieren tijdschrift. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer!