Asset 14

Maar verdomme, we hebben wel gelééfd

Verdomme, ik heb wel geleefd

In 2019 schreef ik een verhaal dat pagina voor pagina werkelijkheid werd. Life imitating art? Dat heb ik nooit gewild, ik wilde gewoon een steampunkfuturistisch toneelsprookje schrijven over horrorplagen in Hitchcock-stijl, begrijp je. Hoe dan ook, futurisme werd actualiteit. Het absurdste dat ik kon verzinnen, las ik later in de krant. Sprookjes bestaan. Nu, april 2024, ren ik, klokslag twaalf, weg van een kerkhof op weg naar een confrontatie met een reus. You can’t make this shit up.

In 2019 begin ik met schrijven. In één van de eerste scènes is mijn hoofdpersonage een kind dat van dieren houdt. Zijn vogeltje wordt door een dierenarts meegenomen ‘om haar rustig te maken.’ Ik verzin dat een wereldwijd hyperactiviteitsvirus bezit neemt van dieren, later springt het over op kinderen. Het wordt eerst verzwegen. Eind 2019, een halfjaar nadat ik het schrijf, neemt een wereldwijd luchtwegvirus bezit van dieren, later springt het over op mensen. Het wordt eerst verzwegen. En daarna – need I say more?

Ik lag me op mijn boot af te vragen of ik morgen nog aan de steiger zou liggen

Volgende scène: mijn personage, nu een biologiestudent, staat middenin het Wad metingen te doen. Zijn beste vriend waarschuwt hem voor de bodemactiviteit – wat doen die kleine graafbeestjes? En wordt de grond niet langzaam natter? Maar mijn hoofdpersoon is wat vloeistoffen betreft minder te boeien door het water, en meer door.. bier. In 2014 stond ik zelf nog metingen te doen als biologiestudent, ook ik interesseerde me minder voor water dan voor bier. Maar in juli 2023 – stortregen en storm Poly – lag ik me op mijn boot af te vragen of ik morgen nog aan de steiger zou liggen, en zo niet waar in het water ik wakker zou worden. Extreme regenval, extreme stormen, een brief van mijn bootverzekeraar dat ze zich vanwege de vele claims ‘genoodzaakt ziet de premie te verhogen.’

Elk verhaal begint klein. Waterstanden. Bodemdiertjes. ‘0,71 mm. 0,83 mm. Elke millimeter telt,’ zegt mijn personage als volwassen bioloog. In een andere scène, ontdekt een personage dat insecten, zijn bijenvolk, zich vreemd gedragen: ze vluchten. In het echte leven, in 2019, is 75 procent van het insectenvolume op aarde uitgestorven.

‘Mooi toch, dat de natuur zich zo aanpast?

In 2019 ga ik voor de eerste keer in mijn leven naar een Klimaatmars – als verslaggever, ik hou me voor dat ik er neutraal in sta. Ik interview bezorgde grootouders, die bang zijn dat hun kleinkinderen geen toekomst zullen hebben. En een patatboer, die verder niets heeft met klimaat, maar wel in de straat staat waar de mars langskomt: ‘Goed voor de zaken.’ De apocalypsfilm Don't look up draait nog niet in de bioscoop. In de centrale scène van mijn stuk probeert de hoofdpersoon de pers te overtuigen dat er iets mis is met een gigantische zwerm spreeuwen, die als een systeem denkt. De groep komt niet tot rust, maar blijft zwermen boven een grote boom. Maar de journalist kijkt niet op. Of toch, heel even is ze gefascineerd, dan gaat ze over tot de orde van de dag. ‘Mooi toch, dat de natuur zich zo aanpast? Het systeem denkt. Het systeem denkt dus nu dat het zomer is.’
Ik was die journalist, weet ik nu.

Mijn fictieve zee trekt zich heel ver terug in onnatuurlijk eb. De echte wereld gaat van droogterecord naar temperatuurpiek. In het toneelstuk beginnen duinvogels snelweggeluiden te imiteren. In het echte leven, 2021, krijgt prins Bernard toestemming om een Grand Prix te houden in natuurgebied Zandvoort.

Tweede akte.
Krekelgetjirp
Berber: (wijst omhoog) Weet je hoe ze dat geluid maken?
Lorna: Met hun pootjes wrijven?
Berber: Met de vleugeltjes.
Getjirp
Lorna: Ze stoppen niet echt hè?
Berber: Pas als ze een vrouwtje hebben gevonden. Ze moeten zorgen dat zij ze hoort.
Lorna: Maar hoe moeten ze dan wegvliegen? Als ze in gevaar zijn.
Berber: Dat kan dan niet. Het is óf vliegen óf tjirpen.
Lorna: Hebben ze wapens? Gif ofzo? Stekels?
Berber: Alleen hun vleugels
Lorna: Dus wat ze doen is eigenlijk heel gevaarlijk? En dat allemaal zodat de vrouwtjes ze horen?
Berber: Nou.. ja
Getjirp
Lorna: Dom, eigenlijk.

Dit verhaal is niet alleen maar kommer en kwel. In akte twee vindt mijn personage iemand. Zij komt van binnenuit het establishment, hij van buiten. Samen gaan ze de wereld beter maken. Hoe dat afloopt, zal ik hier niet vertellen. 2022: ik vind iemand. Hij komt van binnenuit het establishment, een groot vervuilend bedrijf, dat hij vanbinnen probeert te verbeteren. En ik… wat doe ik eigenlijk, behalve stukjes schrijven? Ik ga naar de klimaatmars in 2023 – nu als deelnemer. Ik maak me zorgen. En voor het eerst heb ik het gevoel dat ik onderdeel ben van een grote beweging, dat ik niet alleen sta. De gesprekken met mijn geliefde inspireren mij ook om me aan te sluiten bij een internationale protestorganisatie. Hoe verschillend we ook zijn, hij en ik gaan samen de wereld beter maken. Hoe dat afloopt, hebben jullie kunnen lezen.

Derde Akte.
Mijn hoofdpersoon probeert het nieuws te halen. Hij verstoort evenementen, festivals en blokkeert openbare wegen. Mensen om hem heen zeggen dat hij een drammer is geworden. 2023 in de echte wereld: Ik haal het nieuws. Het is niet positief. Ik ervaar hoe het is om liggend op de grond in mijn gezicht geslagen te worden, natgespoten te worden. Om op het nieuws te lezen dat alle demonstranten en ik droge kleren zouden hebben gehad. Nog erger: de psychologische manipulatie. Iemand die “ik ga je nu veel pijn doen” in je oor fluistert of “breng ze maar naar een andere stad.” Om urenlang vastgehouden te worden zonder tekst en uitleg. Een vriendin zegt dat ik een drammer ben geworden.

Wat mijn personage het meest verbaast? Niemand kan het iets schelen. Zelfs niet de mensen die hem beleefd aanhoren. Toch blijft hij zijn boodschap verkondigen. En mijn toneelstuk? Dat boeide, hooguit, een enkeling. Een theatermaker is maar een voorbijvliegend insect in een wereld vol prikkels. Al dat schrijven, al die hartkloppingen en slapeloze nachten van de maker ten spijt.

Ik denk aan R, en hoe haar dochtertje het woord ‘dood’ nog niet kent

En nu? Nu sta ik met mijn vrienden op de begrafenis van de vader van R en K. Zomers april, zwarte schaduwen van bladeren vallen op het witte grindpad. De lucht zoemt van warmte en een enkel insect. Er is regen voorspeld. Het mooie weer is eindig. Alles is eindig. Ik denk aan R, en hoe haar dochtertje het woord ‘dood’ nog niet kent, K, breedgeschouderd en kwetsbaar in zijn nog smetteloze blauwe pak. Ik denk aan mijn eigen vader en hoe we die straks ook in de grond zullen stoppen. Het smetteloze pak dat we dan voor mijn broer moeten kopen. De dag zindert van eindes. Q, een van mijn allerbeste vrienden, haalt herinneringen op aan de tijd dat we huisgenootjes waren: ‘Waren we maar weer roomies. Soms denk ik: 2019, dat was echt the prime.’ Ik probeer niet te huilen, kijk omlaag naar Q’s bergschoenen en zeg: ‘Wat heb je áán?’

Tot slot denk ik aan het slot van mijn toneelstuk. Mijn personage wordt gebeld door zijn ex-geliefde: ‘Kom terug. Hou op met die onzin en kom bij mij wonen.’ Hij noemt het ‘geen optie’ en heeft het ‘druk.’ Zo betaalt hij de ultieme prijs: hij doet het juiste, maar heeft zijn dierbaren er totaal voor opgeofferd.

De klok slaat twaalf. R, K en de anderen vragen me of ik nog mee ga lunchen.
‘Ik kan niet,’ zeg ik, ‘ik moet naar een protest.’ Ze lachen me uiteraard vierkant uit, ik mezelf ook. ‘Aha, welk A’tje is het deze keer?’ vraagt Q met een grijns, ‘A12? A10? A4'tje?'
‘Aandeelhoudersvergadering,’ mompel ik.
‘We zien je morgenavond wel weer.’ zeggen ze. ‘Wat doe je negen uur?’
'Om negen uur, of negen uur lang?’
K: ‘Negen uur lang. We willen een negen uur durende Lord Of The Rings Extended Version-marathon doen.’ Ik kan natuurlijk weer niet, ik moet een artikel schrijven over de klimaatdingen waar ik me immers zo’n zorgen om maak.

Eenmaal op de aandeelhoudersvergadering van de reus – de voedselreus in dit geval – voel ik alleen maar adrenaline. Maar buiten begint het schuldgevoel te knagen. Wat ben ik aan het doen? In mijn hoofd hoor ik de woorden van een beruchte activist: ‘This is all wrong. I shouldn't be up here.’ Waarom ben ik niet bij R en K? Ik wil hier niet zijn, maar ik ben bang. Heel bang. Voor een grimmige, vijandige toekomst. Vol hittestress, geel gras, en steeds legere schappen. Dan water, dan rellen, dan erger. Veel van mijn vrienden hebben kinderen, mijn ex waarschijnlijk ook. Wat voor wereld laten we aan hun achter? Kunnen zij überhaupt nog filmmarathons houden of zullen zij opgroeien in stress en chaos? Ik wil dit allemaal niet meer en ik ben moe. Maar stop ik met vechten voor deze wereld waar ik ook maar gewoon ongevraagd in ben geslingerd, deze aarde en al het leven erop, waar ik zo intens van hou?

Ik wil niet die ultieme prijs betalen. Aan het eind van het verhaal van mijn leven wil ik kunnen zeggen: ik heb in de zon gezeten, een gedicht gelezen, en ik ben een goede vriend geweest. Ik ben huisgenootjes met Q geweest. Heb met K negen uur durende Lord Of The Rings-marathons gehouden. Met R gewandeld en een taart gegeten bij café Latei. Er is een betere wereld waarin dat kan, zonder schuldgevoel. We zijn naar protesten gegaan. We hebben ook koprollen gemaakt, en vrij nutteloze tekeningen. We kwamen in actie. We hebben ook de tijd genomen, afspraken hopeloos laten uitlopen. We hebben gelachen, gedronken, en gedanst. Ik weiger ons kapot te laten maken - dat gun ik ze niet. Ik wil zeggen: ik heb gestreden, echt gestreden, maar ik heb ook gelééfd, verdomme. Ik heb geleefd.

Verdomme, ik heb wel geleefd 2

Na regen komt zon, na zon komt maan
Na maandag komt dinsdag en wonderdag bestaat niet
Na zaaien oogst, na oogsten graan
Na graan negen magen tot mest tot zaaitijd
Voor dag komt dauw, voor dauw koelt lucht
voor lucht zucht een boom en een berkenboom praat niet
In bomen nesten, in netten plastic
je goud en je zilver onze volgende maaltijd

Voor wegen wijken bomen, voor water wijken wijken
Voor wind wijkt alles behalve wij
in seinen zijn golven, in golven zijn seinen,
op hoogspanningslijnen daar zitten wij
Naar wegen gaan wagens, na wagen komt springen
Na manen en manen springt zee uit klei
Na leven komt dood, na dood komt springtij
Na eb komt altijd vloed, altijd.

Mail

Marthe van Bronkhorst (zij/haar) is schrijver, theatermaker en psycholoog en studeerde aan de VU Amsterdam en Harvard Medical School. Ze schreef voor onder meer Theater Ins Blau, Sonnevanck, Over het IJ festival, Kluger Hans, Meander, De Revisor en werkt aan een roman over duikers bij uitgeverij De Geus.

Jasmijn ter Stege (zij/haar) is illustrator werkend vanuit Den Haag. In haar werk laat ze graag kleurrijke metaforen, zachte vormen en stevige verhaallijnen het woord voor haar overnemen.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
Ik wil het woord tokkie nooit meer horen

Ik wil het woord tokkie nooit meer horen

"Ofwel we noemen mij voortaan een tokkie, en ik zal de titel met trots dragen. Of we stoppen met het gebruik van het woord tokkie en laten het weer alleen een familienaam zijn." In deze gastcolumn geeft Anne Schepers een ijzersterk pleidooi tegen het negatieve gebruik van het woord 'tokkie'. Lees meer

Tot morgen

Tot morgen

Na bijna vier jaar als columnist voor Hard//hoofd is het voor Eva tijd voor iets nieuws, maar afscheid nemen is niet haar ding. 'Dus lieve lezers: voor jullie nu een kus op de wang, en tot morgen!' Lees meer

Wat je niet zult zien op het nieuws

Wat je niet zult zien op het nieuws

Marthe van Bronkhorst beschrijft dat wat ongezien blijft op het nieuws over de demonstaties bij de UvA. 'Maar het is wel gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.' Lees meer

Mooi weer spelen

Mooi weer spelen

Als Aisha’s eerste therapiesessie niet voelt als de warme deken waar ze op hoopte, mist ze groepsgenoot S., die haar een spiegel voorhield. Lees meer

Alles wat ik wil en absoluut niet nodig heb

Alles wat ik wil en absoluut niet nodig heb

Wanneer Eva op bezoek is bij haar zus, vraagt die of Eva haar eicellen al in heeft laten vriezen. Het laat Eva nadenken over hoe ze de vraag 'Wil ik een kind?' überhaupt kan beantwoorden. 'De vraag omtrent het ouderschap is bij uitstek een gevoelskwestie, en mijn gevoel volgen is nooit mijn sterkste punt geweest.' Lees meer

Niet

Niet

'Naarmate die vakantie vorderde, begon ik die ‘niet’ te bezien in het licht van een oude angst die soms omhoogkomt. Wanneer namelijk mijn vriendin zei: ‘dat is een lantaarnpaal’ en ik zei ‘niet’, begon ik me af te vragen of we inderdaad wel dezelfde lantaarnpaal zagen.' In deze column schrijft Anne Schepers over het woord 'niet' en de gevolgen die het kan hebben voor een discussie. Lees meer

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn

Mijn week met morele ambitie: wat ik leerde ondanks Rutger Bregman

Marthe van Bronkhorst probeerde morele ambitie een week uit en leerde ervan - ondanks Rutger Bregman. Lees meer

Eva heeft u toegevoegd aan een nieuwe groepschat

Eva heeft u toegevoegd aan een nieuwe groepschat

Eva nodigt twee vrienden uit om bij haar te komen eten. Ze hoopt dat dit het begin zal zijn van een nieuwe vriendengroep. Lees meer

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn 1

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn

Marthe van Bronkhorst bekijkt hypocrisie als spectrum: hoe hypocriet ben jij op een schaal van Frans Bauer tot Johan Derksen? Lees meer

In je eentje achterblijven

In je eentje achterblijven

Als vriendin K. op een date gaat, denkt Eva van den Boogaard na over hun onuitgesproken pact. Zo lang ze beiden ongelukkig in de liefde zijn, hebben ze elkaar. Maar wat als er iemand dat pact uitstapt? Lees meer

Geld lenen

Geld lenen

‘Het spijt me,’ zeg ik. ‘Voor dit alles.’ Ik gebaar om me heen. ‘Voor Nederland.’ In deze column van Anne Schepers ontmoeten twee vrouwen, die uitkijken naar hun avond in een wijnbar, een man die een treinkaartje naar Ter Apel bij elkaar probeert te sprokkelen. Lees meer

Als je wordt uitgenodigd voor een euthanasiefeest, dan ga je

Als je wordt uitgenodigd voor een euthanasiefeest, dan ga je

'Als je je psycholoog écht een brevet van onkunde wil geven, moet je haar uitnodigen voor je euthanasiefeest.' Lees meer

Ik ook op jou

Ik ook op jou

Op een avond zegt iemand tegen Eva dat hij verliefd op haar is. Terwijl hij wacht op een antwoord, denkt Eva na over wat verliefd zijn eigenlijk is. Lees meer

Herhaalrecept

Herhaalrecept

Op een ochtend wordt Aisha Mansaray wakker in een parelmoeren bubbel. Ze onderzoekt hoe ze met haar depressie op de randen van de realiteit kan leven, zonder de grip erop te verliezen. ‘Mijn aandoening was een zuigend ding geweest dat zich om mij heen had gewikkeld, lelijk, en meer levend dan ik.’ Lees meer

Geen geld maakt ook niet gelukkig

Geen geld maakt ook niet gelukkig

Marthe van Bronkhorst maakt de balans op tussen S en M, die beide alles kwijt zijn: de een is ingebed in het zorgsysteem, de ander moet niks hebben van de verzorgingsstaat. Lees meer

‘Stel je voor dat het gewoon wérkt’

‘Stel je voor dat het gewoon wérkt’

Grootgebracht met het idee dat 'natuurlijke' oplossingen de voorkeur hebben boven synthetische medicatie stond Eva niet te springen om angstremmers te gaan gebruiken. Maar wat als het nou gewoon werkt? Lees meer

Column: Keihard chillen 2

Keihard chillen

Eva zet haar vraagtekens bij het fenomeen chillen. 'Eerlijk gezegd denk ik dat een wereld als deze, waarin fascisme oprukt, waarin genocide nog steeds bestaat, waarin het onrecht en de pijn en het verdriet van mijn schermen afspat, weinig reden geeft tot chillen.' Lees meer

We zijn tenminste allemaal nog mensen

We zijn tenminste allemaal nog mensen

In een overvolle trein ontwaart Aisha de eerste tekenen van het nieuwe verhaal waar ze - of iedereen? - naar op zoek is. Lees meer

Column: Dat heet ‘een gesprek voeren met elkaar’

Dat heet ‘een gesprek voeren met elkaar’

Als een vriendin van Eva op date gaat met een man waarmee Eva zelf al eerder afsprak, is ze erg benieuwd naar haar bevindingen. Lees meer

Column: Het glas wijn waar ik zin in heb bestaat niet

Het glas wijn waar ik zin in heb bestaat niet

Twee jaar geleden vroeg Eva nog aan een collega waarom ze niet dronk. Inmiddels laat ook zij de alcohol links liggen en is ze zelf degene die wordt bevraagd. Lees meer

Word trouwe lezer van Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Meld je aan als abonnee voor slechts €2,50 per maand en ontvang ons papieren magazine twee keer per jaar in de bus. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer