Asset 14

Overgangsvakantie

De vakantie is een ideaal moment voor lichte vormen van tienerrebellie: niet mee in de gondel en met je hoofd uit het tentje naast de caravan sigaretten roken. Maar de jaren glijden weg, en als je een decennium 'Interrailen' op je c.v. hebt staan, blijk je comfort ineens ook te kunnen waarderen. Rutger wordt langzaam ouder, of misschien wel gewoon volwassen: "Eigenlijk wilde ik dat het liefste, met haar in een stacaravan bij het strand. Met rust en overzicht."

Mijn broertje en ik hebben ieder onze eigen reeks fotoalbums. Hierin plakte mijn moeder met veel zorg een selectie van plaatjes, waarbij ze korte en langere biografische teksten schreef. In boek 2 (1987, ik was anderhalf) staat bijvoorbeeld: “Soms doe je of je papa bent en ga je weg om te werken, of hoor ik je praten tegen je dieren zoals wij tegen jou praten.” Maar naarmate de jaren vorderden en mijn verzet tegen mijn ouders langzaam groeide, nam haar toewijding gestaag af. De teksten werden steeds korter. Op de laatste foto van het laatste boek ben ik zestien en poseer ik met een vriend. Mijn moeder heeft erbij geschreven: “Geen idee wie dit is.”

In hetzelfde boek vind ik nog een symbolisch beeld. Ik zit op een plein in Venetië aan de voet van een fontein in een reisgids te lezen. De foto is van een afstand genomen en mijn figuur is met pen omcirkeld, zo klein ben ik tussen alle andere mensen. In de tekst voel ik mijn moeders pijn: “In de middag wilde je alleen op stap. Dat vonden we goed, je bent oud en wijs genoeg.”

Tijdens het proces van volwassenwording heeft iedereen zijn eigen manier om los te komen van de ouderlijke zorg. Sommigen lopen weg van huis, anderen kiezen voor klein puberaal protest en weer anderen nemen eenvoudigweg een aantal huishoudelijke taken op zich. Ik streed echter niet alleen tegen de macht van mijn ouders, maar tegen een hele levensstijl waar zij symbool voor stonden. Hun kantoorbanen, hun bridgeclub, hun boterhammen met hagelslag, het saaie dorp waar we woonden en onze campingvakanties vormden voor mij het angstbeeld van een leven vol clichés en burgerlijkheid, vol stilstand en gebrek aan avontuur. Allemaal zaken waar mijn favoriete cabaretiers en schrijvers zich tegen verzetten, en ik volgde hun voorbeeld.

Onafhankelijkheidsoorlog

Het was geen toeval dat ik me in Venetië voor het eerst losworstelde. De zomer was het ideale slagveld voor onze felle onafhankelijkheidsoorlog. Tijdens de jaarlijkse vakantie kwamen al mijn ergernissen samen, maar ontstonden er ook ontsnappingsmogelijkheden. Ik weet nog goed hoe bevrijd ik me voelde toen ik die middag alleen door de drijvende stad struinde. Ook al zag ik anderhalf uur later de rest van mijn familie vrolijk zwaaiend in een gondel voorbijvaren.

Die avond lag ik op mijn rug in mijn koepeltentje met mijn hoofd naar buiten sigaretten te roken. Ik mocht van mijn ouders niet in de stacaravan slapen omdat ik vaak laat thuis kwam en was dus verbannen naar een tentje. Duizelig van de nicotine staarde ik naar de sterren en haatte de wereld. Vanaf nu zou ik alles anders gaan doen. Nooit meer met mijn ouders op vakantie. Nooit meer naar een camping.

Afgelopen juli was dit tien jaar geleden. Ik kon tevreden terugkijken: ik had geen kantoorbaan en had al die tijd alleen tijdens muziekfestivals in een tentje geslapen. Mijn leven leek in niets op dat van mijn ouders, en ze waren er nog trots op ook. Toch kon ik mijn angst voor burgerlijkheid nog niet van me afschudden.

Ik was officieel te oud voor alle kortingen

Mijn leven was onvermijdelijk serieuzer geworden. Ik studeerde niet meer, betaalde belasting en had voor het eerst sinds lange tijd een vaste vriendin. Vorig jaar was ik met mijn beste vrienden op onze laatste Interrail-reis geweest. Hiermee hadden we symbolisch onze jeugd afgesloten; nu was ik officieel te oud voor alle kortingen. Volgens de wereld kon ik nu alles helemaal zelf betalen. Al deze elementen brachten de opstandige, bange puber in me naar boven. Hoe kon ik ouder worden zonder in mijn ouders te veranderen? Het voelde als een belangrijk moment, een cruciale zomervakantie, waarbij ik tijdens de laatste slag alsnog mijn langdurige strijd kon verliezen.

Illustratie: Charlotte Peys

Mijn vriendin en ik besloten in een impuls om naar Lissabon te gaan. In het vliegtuig keken we de intens sentimentele familiefilm We Bought A Zoo, en ik grapte tegen haar dat de papieren kotszakjes bij de dvd geleverd werden. We ergerden ons aan de drukke kinderen in de stoelen om ons heen en gniffelden om hun gespannen ouders die tegen elkaar sisten en snauwden. Wij hoorden niet bij hen.

Soep met vissenogen

De eerste dagen ontweken we de gebaande paden en maakten we het onszelf soms ongelofelijk moeilijk. We wilden verdwalen door onbekende buurten om op onontdekte schatten te stuiten, maar kregen vooral zware benen. We ontweken de toeristische attracties, maar werden achtervolgd door de authentieke, in elke toeristengids aangeprezen tram 28. We aten alleen in restaurants die geen Engelse kaart hadden en bestelden per ongeluk soep met vissenogen. Tijdens een dagje op het strand zeiden we tegen elkaar dat dit best fijn was, maar dat we er niet aan moesten denken om het een week achter elkaar te doen. Zo verpestten we langzaam onze eigen vakantie.

Het dieptepunt van deze geforceerde avontuurlijkheid vond plaats op de zesde dag. Ik had via WhatsApp een aantal Lissabon-tips van een vriendin gekregen, waaronder “leuke restaurantjes aan het water, onder de 25 april-brug”. We keken op de kaart en besloten erheen te lopen, door de onbekende wijken Sao Bento en Santos. We schatten dat het zo’n twee uur zou duren. Een mooie tocht.

Het was niet cliché en heel avontuurlijk. Maar het was ook verschrikkelijk kut.

Na vier uur lopen was de brug niet veel dichterbij gekomen. We liepen zwijgend langs een drukke autoweg, de rustige, saaie wijkjes ver achter ons. Maar we hielden vol, negeerden voorbijkomende bussen of acceptabele alternatieve restaurants. Na een aantal omzwervingen bereikten we om half elf ’s avonds eindelijk de boulevard. Het bleek een verschrikkelijke plek te zijn, waar mannen op stelten je hun dure restaurants in probeerden te lokken. Uitgehongerd namen we plaats aan een tafel naast een Portugees gezin met krijsende kinderen, die zo nu en dan overstemd werden door het helse kabaal van de trein op de brug boven ons hoofd. Het was niet cliché en heel avontuurlijk. Maar het was ook verschrikkelijk kut. Wat deden we onszelf aan?

Een jaar eerder, tijdens mijn laatste Interrail-reis, was ik in een soortgelijke situatie terechtgekomen. Ik had mijn minder reiservaren vrienden ervan verzekerd dat we in hostels moesten slapen, omdat ik daar op eerdere reizen veel mensen had ontmoet en dankzij tips van het personeel veel off the beaten track was gegaan. Maar de hostels die we tegenkwamen in Zuid-Frankrijk en Noord-Italië waren duur, vies en bleken soms zelfs niet te bestaan.

Ons hostel in Bologna lag een paar kilometer buiten de stad. Na betaling liepen we met onze wollen dekens langs de gore badkamer naar onze kale kamer, die we ongetwijfeld met een paar snurkende Japanners zouden delen. We namen verslagen plaats op onze bedden, als pas gearriveerde gevangenen, en keken elkaar veelbetekenend aan. Zonder iets te zeggen pakte een van mijn vrienden zijn iPhone (een door mij verboden hulpmiddel), zocht een goedkoop pension op en boekte het. Het was maar een paar euro duurder. We kregen ons geld terug van de hostelreceptie, namen de bus terug het stadscentrum in en toen we onze spullen neerzetten in de schone, mooie kamer met eigen badkamer, werden we overspoeld door het geluk van de Goede Beslissing. Waarom hadden we dit niet eerder gedaan?

Het was een echte overgangsvakantie, twijfelend tussen twee werelden.

Mijn vriendin en ik hielden onszelf ook voor de gek. We probeerden anders dan onze ouders te zijn, het cliché en de burgerlijkheid te omzeilen. Maar in onze drang naar avontuur negeerden we wat we eigenlijk wilden. Het was een echte overgangsvakantie, twijfelend tussen twee werelden. We hadden nog niet genoeg geld om in een hotel te slapen of een auto te huren, maar wel voor een bed and breakfast en een sushirestaurant. We dronken twee flessen wijn bij het eten, maar sloegen het nachtleven over. Zelfs in ons uiterlijk zag je de twijfel tussen twee werelden terug: zij zeulde een mooie reiskoffer op wieltjes mee, maar droeg ook een backpack op haar rug, terwijl ik mijn rolkoffertje met een paar ritsbewegingen kon omtoveren tot hippe rugzak.

Een tandem in de duinen

Na de brug-ervaring waren we steeds meer op onze reisgids gaan vertrouwen. Soms vroeg ik zelfs iemand de weg. Na een week zei ze: “Ik heb geen zin meer om in een stad te zijn. Zullen we kijken of we ergens in de natuur kunnen zijn. Bijvoorbeeld op een camping?” Ik slikte en begon toen langzaam te knikken. Eigenlijk wilde ik dat het liefste, met haar in een stacaravan bij het strand. Met rust en overzicht.

Je werpt jezelf als een boemerang zo ver mogelijk weg van alles wat je kent, om uiteindelijk weer op dezelfde plek terug te komen. Toch is het niet zo simpel. Mijn puberstrijd was niet onzinnig en had me daadwerkelijk een eigenzinnige levensinstelling opgeleverd. De angst voor stilstand had me echter zo verblind, dat ik ook vocht wanneer dat niet nodig was. Het werd een strijd tegen symbolen, en daarmee tegen mezelf. Avontuur moet in je hoofd zitten, dan maakt het niet uit of je op een tandem door de duinen fietst, of in een bruisende club in Brooklyn staat. Nou goed, een tandem blijft verschrikkelijk, maar u begrijpt mijn punt.

De camping was vol. Uiteindelijk kwamen we terecht in een pension in het mooie, relatief onbekende kustplaatsje Odeceixe. We raakten zelfs bevriend met een ander stel, twee Canadezen met wie we een liefde voor Louis CK en Bon Iver deelden. Toen ik tijdens ons eerste etentje bekende me best ongemakkelijk te voelen over deze volwassen situatie, lachte iedereen opgelucht, omdat ze hetzelfde dachten. We gingen elke dag naar het strand. Het was absoluut niet saai. En ik kwam eindelijk tot rust.

-

Dit stuk verschijnt vandaag ook in nrc next.

Mail

Rutger Lemm is schrijver, grappenmaker en scenarist. In 2015 verscheen zijn debuut, 'Een grootse mislukking'. Hij is een van de oprichters van Hard//hoofd.

Charlotte Peys is cultuurwetenschapper en illustrator en woont en werkt in Gent (België). Haar werk is steeds gebaseerd op observatie en onderzoek. Ze illustreert om te onthouden, te verzamelen, te vertellen, te ordenen en te onderzoeken.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
het laatste
Vacature voor hemelbestormers: Hard//hoofd zoekt makers!

Hard//hoofd zoekt talent!

Wij zoeken vrije geesten, rusteloze zielen en ambitieuze daedalussen die ons tijdschrift structureel willen komen versterken als lid van de redactie. Lees meer

 Dankzij haar hoef je niet zonder eten naar bed

Dankzij haar hoef je niet zonder eten naar bed

'Ik neem de eerste hap, dan neem jij de tweede,' zegt Sara Sadok, voor ze een hap neemt van een karameldonut. Lees meer

Hard//talk: Hoe serieus kan de studentendemocratie zichzelf nog nemen?

Hoe serieus kan de studentendemocratie zichzelf nog nemen?

Door haar eigen universiteit voor het gerecht te slepen, hoopt UvA-student Tammie Schoots de vrije en emancipatoire kern van het onderwijs te beschermen. Lees meer

Pictionary voor beginners

Pictionary voor beginners

"Ik wil je zeggen dat dit het moment is
het moment om mijn mond als een schelp aan je oren te leggen
en de hele wereld die nu zee is daar te horen ruisen." Lees meer

Column: The mask is the face

The mask is the face

Een versleten meubelstuk zet Eva van den Boogaard tijdens haar verhuizing aan het denken over de betekenis van uiterlijk vertoon. Lees meer

Beeldspraak: The City is a Choreography

Vraag de stad eens ten dans

Fotograaf Melissa Schriek heeft oog voor het subtiele en eigenaardige ritme van de stad. 'Zodra we de straat op gaan, worden we daar deel van.' Lees meer

Waarom ziektemetaforen niet vermeden hoeven worden

Waarom ziektemetaforen niet vermeden hoeven worden

Hoe kunnen we zorgen dat een ziekte ‘gewoon’ een ziekte is en het lijden niet wordt versterkt door de denkbeelden die we eropna houden? In een tijd waarin bijna 60% van de bevolking met een chronische ziekte leeft is het belangrijk stil te staan bij hoe een ziekte-idee van invloed kan zijn op de ervaring van het ziek zijn, stelt Tiare van Paridon. Lees meer

Tabak en rooksignalen

Tabak en rooksignalen

De verteller van dit verhaal leeft al meer dan twee jaar teruggetrokken in een blokhut in het bos, tot op een dag zijn voorraad tabak op is. Er zit niks anders op dan terug te keren naar de bewoonde wereld. Lees meer

 Geen regenboog op de refoschool

Geen regenboog op de refoschool

Jongeren op reformatorische scholen geven aan dat er in de praktijk best over verschillen in geaardheid kan worden gepraat, maar dat betekent niet dat ze zelf voor hun identiteit uit durven komen. Lees meer

'Beste Arie, wat als ik je zoon was?'

'Beste Arie, wat als ik je zoon was?'

De schrijver van deze brief ging tegelijkertijd en naar dezelfde school als de kinderen van minister Arie Slob, en leeft nog altijd met de wonden van de homofobie op die school. Lees meer

Alles Vijf Sterren: 38

(Amateur)kunst en de vrouwelijke Freek

Deze week worden onze redacteurs blij van dierenweetjes, vorken met persoonlijkheid en een podcast als vervanging voor het museum. Lees meer

Zilt

Zilt

''wij zeggen dat het niet erg is van de barsten
die we met onze vingertoppen volgen
als autowegen naar het zuiden''
Ellis Meeusen is één van de 160 klimaatdichters die samen de bundel Zwemlessen voor later maakten. Zij hebben één gedeelde zorg: de toestand van de aarde. Geïllustreerd door Lisette van der Maten. Lees meer

Column: Onherroepelijk nee

Onherroepelijk nee

Iduna Paalman leest brieven uit 1764 en herkent daar iets in: de angst voor het verlies van vrijheid. Lees meer

Het Vertrek (4) - De stortbui

Het Vertrek (4) - De stortbui

Klankkunstenaar Marieke van de Ven wekt met audio bestaande en imaginaire plekken tot leven. Ze maakte een podcastserie over vertrekken: betekent vertrekken weggaan, of juist ruimtes om je in thuis te voelen? Vandaag de vierde aflevering. Lees meer

Teleurstellende feministen

Teleurstellende feministen

Vivian Mac Gillavry voert gesprekken met vrienden over de discrepantie in het feminisme tussen theorie en keuzes in het persoonlijke leven. 'De definitie van feminisme is zo breed dat het lijkt alsof álles wat met keuzevrijheid en gelijkwaardigheid te maken heeft, onder de noemer geplaatst kan worden.' Lees meer

Tip: Tinder toch maar

Tinder toch maar

Nog geen jaar geleden schreef Emma Stomp de dating app af als een grabbelton zonder prijs. Maar na een succesvolle Tinder-date, slikt ze haar woorden weer in. Waar anders maak je in crisistijd kans op romantiek? Lees meer

Alles Vijf Sterren: Soundtrack voor donkere tijden 1

Soundtrack voor donkere tijden

Deze week geven onze redacteurs muzikaal advies om de rest van het jaar mee door te komen. Lees meer

Is dit nu wat ze bedoelen met tot stof wederkeren

Is dit nu wat ze bedoelen met tot stof wederkeren

''In de winter vermijd ik de hoofdstad. Er slapen meer mensen op straat dan ik aan het kind in mij kan uitleggen.'' Lies Jo Vandenhende is één van de 160 klimaatdichters die samen de bundel Zwemlessen voor later maakten. Zij hebben één gedeelde zorg: de toestand van de aarde. Geïllustreerd door Jamie Nee. Lees meer

De puinhopen van vier jaar Trump - een terugblik

De puinhopen van vier jaar Trump - een terugblik

Marthe van Bronkhorst ging langs in de crèche van het Witte Huis, om antwoord te vinden op de vraag: moeten we Donald nog vier jaar laten kleuteren? Lees meer

Hoe werkt een kunstenaar? 1

Hoe werkt een kunstenaar?

Hoe komt een kunstenaar tot nieuw materiaal? Drie makers wroeten in het uitgebreide archief van het Beeld en Geluid om er iets persoonlijks van te maken. Lees meer

Steun de makers van de toekomst. Sluit je aan bij Hard//hoofd.

Jouw steun maakt mogelijk dat wij onze makers een vrije ruimte kunnen blijven bieden en hen optimaal kunnen ondersteunen. Sluit je nu aan en ontvang kunst van talentvolle kunstenaars.

Sluit je aan