Asset 14

Karaoke in het dodenpaviljoen

De eerste van drie reportages over de pyschiatrische kliniek Willem Arntsz Hoeve in Den Dolder. Over camera’s, karaoke en mailaccounts.

Het is karaoke-avond in De Wissel, het alcoholvrije café van de Willem Arntsz Hoeve. Er zijn misschien twaalf mensen, maar het glimmende meisje draagt een kleurige feestjurk. Haar lippen zijn rood en haar haren zijn zorgvuldig in model gebracht. Haar ogen fonkelen. Ze staat bijna de hele avond op het podium. Ze zingt de soundtrack van Grease en daarna Love Don’t Cost a Thing van J-Lo. Ze zingt All the Things She Said van t.A.T.u  en ze hoort je niet als je vraagt of ze nog wat thee wil.

Zodra het glimmende meisje de microfoon afgeeft, schakelt de muziek naar Nederlandstalig.

“Annet wil zingen,” zegt de jongen die net nog aan het darten was.
Annet zit zwijgend aan een tafeltje, een forse vrouw van in de vijftig.
“Laat Annet nou even zingen. Wat gaan we zingen?”
Oh Oh Den Haag,” zegt Annet. Ze komt er tenslotte vandaan.

Het lied begint, maar Annet krijgt even geen geluid uit haar keel. Daarnet, toen ze nog geen microfoon had, zong ze luidkeels mee: "Tell me more, tell me more, was it love at first sight?" Een schurende stem, doorrookt en doorleefd. Maar nu iedereen kijkt en wacht tot ze begint met zingen– nu gaat het niet. Haar ogen gaan naar de microfoon en naar het scherm. Ze leunt heen en weer op de maat. Maar haar mond blijft dicht.

“We zingen samen,” zegt de jongen, “dan is het een duet.” En hij houdt de microfoon voor haar mond, heel geduldig. Het hele lied door, ook als zij stil blijft.

Oh Oh Den Haag is afgelopen. Een Surinaamse man neemt de microfoon. Zittend op het podium zingt hij Waarom van André Hazes, met een rollende stem die niets terughoudt.

Deze avond doet mij denken aan mijn bezoek aan Beiroet. Toen ik daar uitging viel me op dat iedereen deelde in een onuitgesproken vastberadenheid om er iets bruisends van te maken, als het moest tegen de klippen op. Het leven was er ingewikkeld en juist daarom was het belangrijk om af en toe voluit in stijl te feesten. Een goede cocktail mixen wordt dan halszaak. Hetzelfde gevoel overvalt mij vanavond, al drinken we geen cocktails maar Fernandez. Alle twaalf aanwezigen galmen mee:

Ik zou zo graag, geloof me toch,
met jou willen praten, dansen door de nacht
maar dat soort dromen komen nooit uit
'k blijf altijd eenzaam…

Een rustig leven in een fraaie streek

Het complex van de Willem Arntsz Hoeve ligt in de bossen vlakbij Utrecht. Omzoomd door een spoorlijn, een golfbaan met achttien holes, en het dorpje Den Dolder.

Wie er naartoe fietst vanaf het station, betreedt het terrein haast zonder het te merken. Je neemt een klein paadje, komt uit op een woonerf met wat rijtjeswoningen er om heen. Het erf lijkt dood te lopen, maar als je beter kijkt zie je dat het fietspad verder gaat. Je rijdt een smal bruggetje over en komt langs een bord: ‘Camera's waken over uw en onze eigendommen.’

Dan ben je er. Rechts zie je het jongerenpaviljoen, links de kantoren en het ouderenpaviljoen. Van buiten gezien zijn deze gebouwen inwisselbaar; in elkaar geschoven blokkendozen uit eind jaren zestig. Het jongerenpaviljoen is bijna leeg nu, want het moet sluiten. Net als het ouderenpaviljoen.

Foto: Josephine Drehmanns

Wat blijft er over? De tbs-kliniek, waar psychiatrische patiënten behandeld worden die een delict hebben gepleegd na het uitzitten van hun straf. Twee gebouwen voor mensen die langdurig zorg nodig hebben. Een gebouw voor mensen die naast een psychiatrische stoornis ook een verstandelijke beperking hebben, en een apart paviljoen – 'de bunker' – voor mensen die een verstandelijke beperking en een psychiatrische stoornis hebben én een delict hebben gepleegd. Er zijn gesloten en open afdelingen, en er zijn ‘oefenhuisjes’ voor wie zich voorbereidt op begeleid wonen - daar zit het minste controle op.

Wie van het ene naar het andere uiteinde van het terrein wil lopen, doet er goed aan om er een kwartier voor uit trekken. Je komt langs kassen met bloemen en aangeharkte tuintjes. Een kringloopwinkeltje. Café De Wissel, waar dinsdag de kapper komt en donderdag pannenkoeken worden gebakken. Overal strekt het bos zijn tentakels uit; wat leeg staat wordt overgenomen. Op de kluit van een omgevallen boom begint een jonge berk te groeien.

Foto: Josephine Drehmanns

Toen de Wilem Arntsz Stichting in 1905 grond kocht bij ‘halteplaats Den Dolder’ (het dorp bestond nog niet, de trein stopte er wel) was dat mede vanuit de toen heersende gedachte dat wie in psychische nood zat, baat had bij rust, ruimte, en een natuurlijke omgeving. De grond bij Den Dolder was goedkoop, misschien mede omdat het er stonk vanwege de daar pas geopende zeepfabriek. Er kon dus lekker veel grond worden gekocht, zodat er ruimte was voor uitbreidingen. "Zoo lijkt het niet onwaarschijnlijk," schreef de eerste directeur Willem Cox, "dat de verpleging der patiënten zal kunnen geven, wat men redelijkerwijze daarvan mag verwachten; herstel, waar het mogelijk is – een rustig leven in een fraaie streek, die gemakkelijk te bereiken is, waar het niet anders kan."

Als eerste werd een boerderij gebouwd met een slaapzaal voor zes patiënten en een kamer voor twee ‘boerenverplegers.’ Daarna volgden het directiegebouw, de gehoorszaal, en het bedrijfsgebouw. Patiëntenpaviljoens, werkplaatsen, dienstwoningen. Het mortuarium. Het terrein is bezaaid met een potpourri aan panden uit verschillende jaren, van verschillende tekentafels, maar ik vraag me af of het hier nu drukker is dan in 1912. Het voormalige directiegebouw wacht op kopers, en paviljoen Jeltje is gekraakt.

Het kompas en de deken

Ik ben hier om inhoud te verzamelen voor een boek over het leven in een psychiatrische kliniek. Een reisgids met een twist, over het mentale leven van een inrichting. Het woord is aan de bewoners. Zij, en niet de behandelaars, zijn immers de experts op dit gebied. Ik vraag ze naar hun levensmotto, naar de behandeltaal, naar advies voor nieuwe groepsgenoten (iedereen woont hier in een soort woongroep.) Ik schuif aan bij dagbesteding of het avondeten en ik probeer mijn vragen uit.

De beste kwaliteit die een mens kan hebben? “Vriendelijkheid."
Het belangrijkste in het leven? “De dingen zo eenvoudig mogelijk houden, verder zorgen dat het een beetje gezellig is.”
Waarom geen mailaccount? “Er is niemand die mij een bericht zou sturen.”


Foto: Josephine Drehmanns

Mijn huis heet Het Vijfde Seizoen. Ooit gebouwd als paviljoen voor 'onrustige vrouwen'. Gebruikt als kolenhok, verbouwd tot werkplaats, sinds 1998 een kunstenaarsverblijf waar elk kwartaal iemand anders woont en werkt. “Het terrein voelt alsof iemand er een plakje uit heeft gesneden maar niemand weet meer waar,” zegt bewoonster Maaike. Zo voel ik me ook. Alsof iemand een zware deken over mijn interne kompas heeft gegooid: de naald wil niet meer draaien, in plaats daarvan tolt mijn hoofd.

Soms wonen mensen hier lang. Tijdens een wandeling maak ik kennis met Rik, die alles drie keer zegt. "Vijfde Seizoen? Vijfde Seizoen? Vijfde Seizoen? Dat ken ik nog, dat ken ik nog, dat ken ik nog. Uit de jaren tachtig.”

Een dennenboom zien is een dennenboom zijn

“Als ik tegen de boom ga staan voel ik me er mee versmelten,” zegt Lars. “Ik groei door de ringen heen en vorm een onderdeel van de boom.” Het is half acht 's avonds. Ik ben op de koffie in de woonkamer van één van de vele woongroepen die er zijn op het terrein. Ik ken hier nog niemand maar toch mag ik op de verjaardag van Sanjay komen. Op tafel staat slagroomtaart, zo een met chocolaatjes en mandarijnpartjes erop.

“Heeft iemand zin om voor Sanjay te zingen?” vraagt de mevrouw van de verpleging. Lars begint en drie medebewoners vallen in. Het klinkt gemeend maar voorzichtig. Het derde hoeraatje blijft uit.

Terwijl Sanjay zijn nieuwe horloge om zijn pols probeert te leggen, vraag ik Lars naar zijn favoriete plek op het terrein. Hij vertelt over de boom. Waar die precies staat, weet hij niet. Ergens aan de rand, waar de kliniek opgaat in de bossen.

“Met de boom vergroeien is een heerlijk gevoel,” zegt Lars.

Bomen duiken overal op. Tijdens mijn vorige project Lelystad Handboek vroeg ik basisschoolkinderen wat het belangrijkste is wat er bestaat. Hun antwoord: 'Bomen en een vader en moeder'. En nu zijn de bomen er weer. Lars is niet de enige die van ze houdt. Wanneer ik naar mijn huis fiets, zie ik een forse vrouw haar armen om een eik heen slaan, haar ogen dicht, haar wang tegen de bast gevleid.

Tweestromenland

In de weekenden is alles anders. Mijn man Jan komt met zijn saxofoon, en blaast het hele huis schoon. Het stromen en kabbelen van constant rondgepompt verwarmingswater maakt dat wij ons wanen in een tweestromenland. Het terrein verandert in een uitvalsbasis voor wandelaars. Ze lopen vlak bij ons raam langs. Wij zwaaien. Wat door de week gebeurd is, bezinkt – een beetje. Ik heb op dit moment meer tijd voor mensen en voor naar mijn omgeving kijken dan ik gewend ben.

Tijdens het ontbijt overweeg ik even om hierna een camping in Noord Groningen te beginnen, of om anderszins de boel de boel te laten. “Indiase Brahmanen snijden hun leven toch ook in twee delen,” mijmer ik met mijn mond vol ei.
“Eén deel om je overal in te storten en één deel voor de verdieping.”

Er is hier ruimte en mensen zijn geduldig met elkaar. Jan en ik lopen keihard zingend (The Lady in Red van Chris Isaac) door het huis en er stampen geen boze bovenburen op ons plafond. “Als ik dit thuis doe denken ze allemaal dat ik gek ben,” zegt Jan.

Foto: Josephine Drehmanns

Op mijn tweede avond hier staan twee sterk uitziende mannen voor mijn deur. Het is al donker en ik aarzel of ik open zal doen. We praten met elkaar in de deuropening. Waar wonen ze?
In de tbs-kliniek.
“Goh leuk,” zeg ik, en kan mezelf wel voor mijn kop slaan want dat is natuurlijk helemaal niet leuk.

Ze hebben begrepen dat de nieuwe kunstenaar er is. Ze komen even kennismaken. We schudden handen. Ze vragen hoe lang ik er al ben. Of ik schilder.
“Wat is het grootste verschil tussen hier wonen en ergens anders wonen?” vraag ik.
“Hier is het veiliger,” zeggen ze.
“Het tolerantiegehalte is hoger,” zegt de een.
“Het tempo ligt lager,” vult de ander aan.

Ze zijn het eens: buiten de kliniek is het maar eng.
“Eerst kon ik prima buiten voor mijn gevoel, maar nu vind ik het moeilijk. Je leert het af.”
“Laatst at ik in een restaurant. Ik hoorde wel wat de mensen zeiden, maar ik kon het niet meer plaatsen. Toen dacht ik: ik kan dit niet meer…”

Later vraag ik het ook aan andere bewoners: wat is het grootste verschil tussen binnen en buiten?
“Vergeleken met de rest van de wereld is het hier rozengeur en maneschijn," zegt een jongen in de tbs-kliniek.
En een dame in het ouderenpaviljoen stopt een briefje in mijn hand. Er staat op: "Wij zitten hier in het paviljoen des doods.”

Jantine Wijnja is kunstenaar en schrijfster. Tot en met 31 maart woont en werkt zij in Het Vijfde Seizoen, als artist in residence op het terrein van  de Willem Arntsz Hoeve. Ze verzamelt er de inhoud voor het boek Reisgids Den Dolder, een reisgids met een twist over het mentale landschap van de instelling.

Haar verblijf en de resulterende publicatie worden mede mogelijk gemaakt door het Mondriaan Fonds, Stichting Stokroos, Prins Bernhard Cultuurfonds, KfHeinfonds, en Altrecht GGZ.

Alle namen van bewoners in het artikel zijn verzonnen.

Mail

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
:NikeSkims: ‘ontworpen voor de moderne ballerina’ maar stoot ballet van het podium

NikeSkims: ‘ontworpen voor de moderne ballerina’ maar stoot ballet van het podium

‘Kunnen product en inspiratie niet een pas-de-deux zijn?’ Loïs Blank ontleedt de nieuwe NikeSkims-collectie voor ‘de moderne ballerina’: het contrast tussen het stereotiepe idee van ballet dat door Kim Kardashian verkocht wordt, en hoe ballet echt is; discipline en herhaling, topsport en kunst. Moet het product een podium geven aan de ambacht waar de inspiratie vandaan kwam? Lees meer

:Oproep: Het Rode Oor 2026

Oproep: Het Rode Oor 2026

Dit jaar bestaat de erotisch schrijfwedstrijd Het Rode Oor 10 jaar en dat vieren we! In de 2.168 korte verhalen die werden ingezonden kwam een hoop voorspelbaars voorbij. Kan jij spelen met het cliché en welk erotisch cliché doet jou het hardst cringen? De deadline 16 april 2026. Lees meer

De ogen van Jeroen

De ogen van Jeroen

‘Ik stel me voor dat ik heel groot en heel sterk ben, dat ik zijn arm pak, die zo ver naar achteren draai dat hij breekt. Krak.’ In dit verhaal neemt Mayke Calis je mee in het gezinsleven van een ogenschijnlijk alledaagse familie, maar maakt het al snel plaats voor een naar gevoel in je buik. Lees meer

Auto Draft 13

Schoolzwemmen

Koen de Vries schreef een beklemmend verhaal over zwemles en monsters die zich schuilhouden achter de putjes. 'Vanaf de kant kun je hem echt niet zien, hoor. Hij komt pas tevoorschijn als je verdrinkt.'  Lees meer

Laatste woorden

Laatste woorden

Na een overlijden in de familie, vraagt Vera Corben zich af welke geluiden permanent in ons hoofd wonen. Is dat de score van het leven? Hoe klinkt die dan? En is de dood dan niet meer dan de afwezigheid van dat geluid? Lees meer

Dit regeerakkoord is niet echt

Dit regeerakkoord is niet echt

Samenwerken in een groepsproject — soms is niets erger, constateert Marthe van Bronkhorst: 'Dilan wil namelijk veel liever met Geert, Gidi, Joost of Lidewij. Henri en Rob willen misschien met Jesse, maar durven niet.' Lees meer

Tmettigh x tseghnas 8

Tmettigh x tseghnas

'Ontvreemd en onthéémd,' schrijft Imane Karroumi El Bouchtati over Riffijnse sieraden. Wat betekent dit zilver voor haar en haar identiteit? Lees meer

Hard//hoofd zoekt een nieuwe chef Kunst

Hard//hoofd zoekt een nieuwe chef Kunst

We zoeken een nieuwe chef Kunst! Reageren kan tot zondag 22 februari 2026. Lees meer

Auto Draft 12

Laat dat, zei ik

Op de binnenplaats van een muf hostel verlangt een man naar erkenning bij zijn vrouwelijke kamergenoot. In Laat dat, zei ik legt Robin van Ommen onze verwachtingen over wederkerigheid in sociale interacties bloot. Met een surreële twist. Lees meer

Mijn AI-persona staat alles beeldig, maar waarom vertelt ze me niet dat die trui kriebelt? 2

Mijn AI-persona staat alles beeldig, maar waarom vertelt ze me niet dat die trui kriebelt?

Het is de AI-era. Terwijl modemerken paraderen met virtuele modellen en digitale pasvormen, wordt het lichaam steeds minder relevant in hoe kleding wordt verkocht. Loïs Blank vraagt zich af wat er van mode overblijft als het lichaam niet langer nodig is. Lees meer

Vrijheid is geen taart

Vrijheid is geen taart

Wat te doen wanneer het je allemaal even te veel wordt in dit leven? Sharvin Ramjan bezocht in 2023 maar liefst tweemaal Isaac Juliens tentoonstelling What Freedom Is To Me. Ook Juliens oudere werk lijkt weinig aan relevantie te verliezen. ‘Hoe mooi zou het zijn als we de fantasierijke wereld en visie van Isaac Julien met beide handen uit het scherm trekken en met ons meedragen in de dagelijkse sleur van het leven?’ Lees meer

Neil Armstrong (they/them) 1

Daar ben je, hier zijn we

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Ayden Carlo: 'Dit hier lijkt helemaal niet over jou te gaan en dat is precies waarom ik je schrijf.' Lees meer

We herkennen vroege signalen van partnergeweld, maar als een bevriende staat geweld pleegt zijn we ineens stekeblind

We herkennen vroege signalen van partnergeweld, maar als een bevriende staat geweld pleegt zijn we ineens stekeblind

Wat als je ogen werken, maar je de patronen niet herkent? Marthe van Bronkhorst kijkt terug op een week van sneeuw en ICE. Lees meer

Dwalend door dromen en sluierende schaduwen

Dwalend door dromen en sluierende schaduwen

Soms vraagt een kunsttentoonstelling om een andere vorm dan een standaard recensie. Dit is ook het geval bij ‘Sculpting the senses’ van Iris van Herpen in Kunsthal Rotterdam. Merel Wolfkamp ging er heen en beschrijft haar ervaring op een gevoelige, poëtische manier. Lees meer

Neil Armstrong (they/them)

Neil Armstrong (they/them)

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Trijntje van de Wouw: ‘Ze zoeken zo hard naar buitenaardse wezens dat ze niet zien hoeveel er nog te ontdekken valt recht voor hun neus.’ Lees meer

 1

Beste Dimitri

In november 2025 organiseerden fotofestivals BredaPhoto en Pride Photo samen met Tilt de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’. Daarin onderstreepten en vierden we het belang om in alle vrijheid te kunnen zijn wie je wilt zijn. Vier queer auteurs schreven een brief aan een van de geportretteerden. Lees meer

Taal als brug tussen AI en de menselijke creatie

Taal als brug tussen AI en de menselijke creatie

In een wereld waarin talen verdwijnen en technologie oprukt, stelt Axel Van den Eynden de vraag: kan AI een dode taal weer tot leven wekken? In een reflectieve zoektocht onderzoekt hij de (on)macht van digitale vooruitgang, en de verbindende kracht van taal, verhalen en woorden. Lees meer

Zand erover

Zand erover

In dit verhaal van Anouk Harkmans ligt een verteller op het strand, alleen, met een steen op haar navel, en ze overdenkt een relatie die voorbij is. 'Wat als dit geen einde is? Wat als het einde al heeft plaatsgevonden – zonder zichtbare erosie – en dit niet meer is dan de onverhoopte poging om te doen alsof dat niet zo is?' Lees meer

Het is tijd om op een totaal andere manier naar de wereld te kijken

Het is tijd om op een totaal andere manier naar de wereld te kijken

Wat is magie? Een mysterieuze familiering gaf Marthe van Bronkhorst een ander perspectief. Lees meer

Het kerstmaal

Het kerstmaal

Het ouderlijk huis: een kern waar velen van ons naar terugkeren met de feestdagen. Dingen horen daar te zijn zoals je ze hebt achtergelaten. Maar wat als dat niet meer zo is? Wat als dat fundament niet meer zo stevig blijkt te zijn? Thomas D'heer schrijft zacht over toenadering, weemoed en familie. Lees meer

Lees Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Schrijf je nu in voor slechts €3 per maand en ontvang in september je eerste papieren tijdschrift. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer!