Hard//hoofd

Zomerboek 'Summer of 2069'
Pony play

Pony play

Tekst Lieke Knijnenburg

Kan pijn erotisch zijn? Wie bepaalt wat we beschouwen als (ab)normale seksualiteit? En komen die verlangens uit onszelf of vormen we ons naar normen en verwachtingen die ons opgelegd worden? Lieke Knijnenburg verkent in dit artikel het verband tussen extreme erotische verlangens, seksualiteit en identiteit.


Hoe broos is de scheidslijn tussen pijn en genot? Ik vraag het me af terwijl ik kijk naar iets wat een pony play event wordt genoemd. Ik zie mensen verkleed als paarden en menners. Ze draven onschuldig met elkaar door het bos en trekken karren voort waar anderen in zitten. Er is sprake van ongemak en pijn. De tuigjes zitten strak. ‘Je kan amper ademen’, vertelt Nicky, die even uit haar rol als paard valt om haar verhaal te doen. Maar het is lieflijk, kneuterig bijna. Het zou me niet verbazen als ze het evenement afsluiten met een grote, warme groepsknuffel. Maar het lieflijke verdwijnt in de tweede scène. Hier zien we een man die zich vrijwillig laat vastbinden door ‘sensualiste’ Katharine op iets wat lijkt op een tandartsstoel. Ze naait zijn lippen aan elkaar met naald en draad.

Het schouwspel is onderdeel van een aflevering van Je zal het maar zijn over BDSM, kort voor 'Bondage, Discipline, Sadisme en Masochisme' en de verzamelnaam voor seksuele praktijken waarbij macht en pijn geërotiseerd worden. Bij BDSM is er geen sprake van wat we normaal begrijpen onder seks, maar de (seksuele) spanning en het genot zijn er zeker. Wat ik als pijnlijk ervaar, kan dus voor iemand anders genotvol zijn. Maar waar komen die verschillende verlangens naar bepaalde vormen van genot dan vandaan? De naam van het programma lijkt te suggereren dat BDSM iets is dat je bent. Alsof 'ponyplayen' iets is wat altijd al besloten lag in iemands binnenste. Het past goed bij het identiteitsdiscours van de afgelopen jaren waarbij bepaalde (seksuele) praktijken of voorkeuren worden begrepen als identiteit. Begrijpelijk. Identiteit geeft een veilig thuis, het kan worden opgevat als iets wat je bent en niet zozeer iets wat je kiest om te doen. Dit neemt een bepaalde verantwoordelijkheid weg - je kan nu eenmaal niet anders - en biedt een duidelijk beeld voor jezelf en voor anderen. Geen verwarring.
Verlangens worden in grote mate bepaald door de maatschappij waarin we leven

Het opnemen van een identiteit kan ook bevrijdend werken, vooral als mensen zich verenigen rond een gedeelde identiteit. Maar soms slaat deze bevrijding om in een gevangenis. Bijvoorbeeld als er rigide normen ontstaan over hoe een bepaalde identiteit moet worden uitgedragen. Het doet me denken aan de paradoxale uitspraak van Hannah Gatsby in haar comedyshow Nanette: ‘I am not really good at being gay’. Ze vertelt verontwaardigd hoe ze na een van haar shows te horen kreeg van een zelfbenoemde woordvoerder van de lesbische gemeenschap dat haar optreden niet voldoende ‘lesbian content’ bevatte. Had ze dan niet het hele optreden lang op het podium gestaan?

We kunnen onze verlangens ook beschouwen als iets wat buiten ons vorm krijgt. Volgens Michel Foucault zijn het de normen in de maatschappij die ons vormen. Deze regels zijn ongeschreven regels en hangen samen met wetenschappen die vastleggen wat normaal is en dus goed. Ze bepalen mee hoe we ons zouden moeten gedragen en kleden, maar ook wie en hoe we zouden moeten liefhebben. Verlangens die we hoogstpersoonlijk achten, zoals onze seksualiteit, liggen dus niet zozeer in ons besloten, klaar om ontdekt of bevrijd te worden. Integendeel, verlangens worden in grote mate bepaald door de maatschappij waarin we leven. Frank Mulder laat bijvoorbeeld in een artikel voor De Groene Amsterdammer zien hoe onze seksuele verlangens steeds meer de beelden spiegelen die de porno-industrie ons aanreikt. Onze seksuele verlangens komen dus niet geheel uit onszelf.

Op zich is dit niet problematisch, maar er zijn altijd mensen die niet in het ‘normale’ plaatje passen. Buitenstaanders worden vaak gepathologiseerd, buitengesloten of op een andere manier gemarginaliseerd. Zo werd SM tot 2013 nog als mentale stoornis opgenomen in de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders - zeg maar de Bijbel van de psychiatrie. Of het nu met wederzijdse instemming en genot plaatsvond of niet. Een seksuele voorkeur voor SM kon een reden zijn om mensen op te nemen en te behandelen, maar ook om kinderen bij hun ouders weg te halen. Na een lang gevoerde strijd door de National Coalition for Sexual Freedom zijn er door de jaren heen aanpassingen gemaakt en wordt SM nu enkel als een stoornis gezien als de seksuele praktijken (ongewenste) schadelijke effecten hebben op de betrokkenen. Een hele vooruitgang.

Toch worden mensen die aan BDSM doen nog steeds gepsychologiseerd. Zo wordt ook in Je zal het maar zijn aan Katherine gevraagd of haar seksuele verlangens misschien te maken hebben met het gedrag van haar dominante vader vroeger. Dit soort vragen wekken de indruk dat er wel iets met je aan de hand moet zijn als je dit soort verlangens hebt. Onderzoek heeft nochtans uitgewezen dat mensen die aan BDSM doen niet meer of minder psychiatrische en seksuele klachten hebben dan andere volwassenen. Voor een oorzaak van BDSM-verlangens neem je daarom misschien beter de samenleving eens onder de loep.  Wat binnen de muren van de slaapkamer gebeurt – of in het bos, een kelder of waar dan ook eigenlijk – is hier niet los van te zien. Het persoonlijke is politiek.
Wat subversief is, verandert door de tijd heen

Hoewel hij zelden sprak over zijn persoonlijke escapades was het niet onbekend dat Foucault zelf ook aardig wat experimenteerde met de grenzen van zijn verlangens, onder andere met drugs en SM. In een interview voor The Advocate beschrijft hij SM als ‘de schepping van nieuwe mogelijkheden voor genot die vroeger ondenkbaar waren’. Dat genot de vorm aan moet nemen van seks - lees penetratie - tussen een verliefde man en vrouw werd in deze subcultuur radicaal in twijfel getrokken. Foucault was bovendien niet de enige die SM verdedigde als subversieve praktijk in een tijd waarin het nog vooral als schadelijke pathologie werd gezien. Gayle Rubin richtte in 1978 de lesbische SM-groep Samois op en mengde zich daarmee actief in het debat dat bekend staat als de sex wars. In de Amerikaanse feministische bewegingen bestond op dat moment namelijk een verhitte controverse omtrent seksualiteit en in het bijzonder porno. Het ene kamp zag porno als toonbeeld van de vrouwelijke onderdrukking, het andere kamp als onderdeel van de seksuele bevrijding van de vrouw. Vergelijkbare kampen ontstonden rond SM. Rubin verdedigde SM tegen de feministen die het zagen als een geritualiseerde vorm van seksueel misbruik. Ze benadrukte dat de rollen ‘onderdanig’ en ‘dominant’ op elk moment konden worden omgedraaid en volgens haar konden buitenstaanders nog wat leren van de nadruk die SM-liefhebbers leggen op toestemming.

Intussen is er een hoop veranderd. Vijftig tinten grijs kan je nu zonder al te veel gêne in de trein lezen. Laatst stuitte een vriendin op een Tinderprofiel van iemand die BDSM in zijn bio had opgetekend. En als Vice in hoog tempo over iets begint te publiceren, dan weet je dat het eigenlijk al geen taboe meer is. In Vice België stond onlangs een artikel over een studentenvereniging voor SM-liefhebbers. De journaliste liep ook een dag mee met Tom en zijn BDSM-radiozender, en deed verslag van een nacht in de sekskelder de Kit Kat club in Berlijn. Is BDSM hip? Gebeurt er nu met BDSM wat er in de jaren tachtig gebeurde met punk? Hoelang nog voordat H&M T-shirts laat drukken met teksten als Live, Love, BDSM en de subversieve praktijk gereduceerd wordt tot een onschuldige modestijl voor zestienjarigen? Ik geef toe, dat is nu zeker nog iets te bont, maar op het moment dat Nike in het kader van Just do it een emotionele reclame maakt over iemand die durft uit te komen voor zijn BDSM-verlangens, zal je hier misschien nog aan terugdenken.

Wat subversief is, verandert door de tijd heen. Foucault drukte ons op het hart om zelf nieuwe verlangens en nieuwe vormen van genot te creëren - buiten de bestaande en dwingende normen van de maatschappij om. Seks is geen fataliteit, stelde hij, maar een mogelijkheid tot het creëren van nieuwe vormen van liefde, van vriendschap, van leven.




Beeld: rocky_204 via Flickr.


We willen je iets vertellen. Hard//hoofd is al bijna tien jaar een vrijhaven voor jonge en experimentele kunst, journalistiek en literatuur. Een walhalla voor hemelbestormers en constructieve twijfelaars, een speeltuin voor talentvolle dromers en ontheemde jonge honden. Elke dag verschijnen op onze site eigenzinnige artikelen, verhalen, poëzie, kunst, fotografie en illustraties van onze jonge makers. Én onze site is helemaal gratis. Hoe graag we ook zouden willen; zonder jou kunnen we dit niet blijven doen. We hebben namelijk te weinig inkomsten om dit vol te houden. Met jouw hulp kunnen we de journalistiek, kunst en literatuur van de toekomst mogelijk blijven maken, en zelfs versterken. Als je ons steunt, dan maken wij jou meteen kunstverzamelaar door je speciaal geselecteerde kunstwerken toe te sturen. Verzamel kunst en help je favoriete tijdschrift het volgende decennium door. We zullen je eeuwig dankbaar zijn. Draag Hard//hoofd een warm hart toe. Word kunstverzamelaar
Deel
Lieke Knijnenburg
b
a
a

Hard//hoofd vecht voor de vrijheid van jonge makers om te kunnen maken wat ze willen. Word nu kunstverzamelaar en ontvang een gesigneerde Jan Hoek (én een prachtig Hard//hoofd-tasje).

Steun Hard//Hoofd