Asset 14

Sprekende vogels

Meer weten over Belgen? Vraag het aan Joyce, ons Vlaamse redactielid. Ze kan tegen een stootje.

“Ik zou een vijs moeten hebben voor het ophangsysteem.” Mijn lief staat op een ladder in de galerie in Amsterdam. Martin, de galerist, kijkt hem niet-begrijpend aan. “Een wat?”, vraagt hij in lichte paniek, want het laddertje ziet er weinig stabiel uit. “Een vijs, voor het ophangsysteem”, met zijn hand maakt hij een draaibeweging naar de plug die al in het plafond zit. Dan klaart Martins gezicht op, “oh, je bedoelt een schroef!”, en hij schiet in de lach.

Martin en Pietje houden een galerie op de Amsterdamse Bloemgracht en zijn in niets de clichématige Hollander die de gemiddelde Vlaming zich voorstelt bij de gemiddelde Nederlander (luid, in groep, vrouw in kuitbroek, man met roze hemd). Behalve dan dat Pietje Pietje heet, wat echt alleen maar in Nederland kan. (‘Pietje’ betekent in Vlaanderen net zoveel als ‘pikje’, maar we vinden haar zo aardig dat we er niet mee lachen.)

Het blijft altijd leuk op café, de verschillen tussen Belgen en Nederlanders vergelijken, uitvergroten, elkaars taaltje imiteren, een volk omzetten tot een typetje. Iedere Vlaming denkt dat hij een Nederlander moeiteloos kan imiteren, en doet dat dan ook veelvuldig. Het is simpel: je begint gewoon iedere zin met ‘Nou’, ‘gezellig’ of ‘lekker’ en stopt er een paar keer ‘sodemieter’, ‘hartstikke’, ‘kut’ of ‘tering’ in. Tot daar reikt het vocabularium dat de imitatie-Nederlander bezigt. Ik kan me voorstellen dat Nederlanders precies hetzelfde doen met Vlamingen. Hoe dat moet klinken, daar heb ik geen idee van.

Toch heb ik het gevoel dat er iets is veranderd in het soort van lachen, aan beide kanten van de grens. Hollandermoppen zijn niet meer wat ze geweest zijn. Lachen met de ‘gierigen ollander’ bijvoorbeeld, is hopeloos ouderwets. Iedereen die in de horeca werkt weet het: Nederlanders zijn de allergulsten met fooien.

Illustratie: Liesbeth de Feyter

Volgens mij zijn ook Belgenmoppen anders dan vroeger. Het idee van die domme, slome Belg lijkt getaand. Het lijkt me een meer vertederd soort van lachen geworden. Belgen zijn timide, schattige wezentjes, met een grappig archaïsch taaltje, dat idee. Een beetje zoals je vertederd lacht om de eerste woordjes van een peuter. Of om een sprekende vogel. Bovendien lijkt de Nederlander verward om dat Vlaanderen-Wallonië-mysterie. Hoe zit dat nu, mag je wel ‘Vlaams’ zeggen, of Belgisch, of toch gewoon Nederlands? Daar lijken ze toch mee in te zitten, die Nederlanders. Bekommerd om het gevoelige Vlaamse, euh, Belgische hartje.

Hard//hoofd wil Belgen betrekken bij haar redactie, wat een prima idee is, want hoe Vlamingen zich kunnen ergeren aan de Hollandse uitspraak, zo jaloers zijn ze op het gevatte en scherpe geschreven en gezongen Hollandse woord. De nieuwe aanwinst… ben ik. Trots dat ik ben. Een paar weken geleden werd ik ingewijd achter de schermen van de redactie, het discussieforum waar alle ideeën voorgesteld en uitgewerkt worden. Op dat forum werd er gediscussieerd over hoe er meer Belgen bij de site betrokken konden worden. Iemand ontdekte het Vlaams woordenboek en toen volgde er een lijstje van ‘rare’ Belgische woorden die met vertedering en verbazing werden onthaald: lavabo, chauffage, mazout, verschieten, poep, chacoche, caoutchouc botten,…

Maar dan komt er protest:
Vinden Belgen het wel leuk om te lezen over ‘leuke woorden’ die Nederlanders leuk vinden...?
Goeie vraag, en ik neem het als mijn taak op om hierop te antwoorden, zodat jullie investering in een Belg toch de moeite loont: ik was inderdaad verbaasd dat de woorden die opgesomd werden raar bevonden werden. Dus in dat opzicht is het redelijk informatief en wel leuk. Anderzijds kreeg ik nog meer het gevoel dat we sprekende vogels zijn.

We kunnen toch ook een lijst met mooie Nederlandse woorden maken voor de Belgen? Piketanissie, misjpoge, mesjogge,…
Inderdaad, dat zou leuk kunnen zijn. Ik kende alleen dat laatste woord. Mag ik er alvast wat woorden aan toevoegen: beppen, fröbelen, tuthola, ouwehoeren. Kijk, van dit soort woorden lig ik dan weer slap.

De discussie gaat voort. Sommige redacteurs vinden dat Vlamingen creatiever zijn met de Nederlandse taal:
Het gaat (..)om het gegeven dat we Engelse woorden pikken zonder ook maar enige moeite te doen om ze te 'vernederlandsen'. (...).

Er volgt een voorstel om in navolging van dat creatieve Vlaams (‘wandelmenneke’ in plaats van mp3-speler) een tip te schrijven: verzin je eigen woorden. Eerst en vooral: het is waar, in Vlaanderen moeten we soms onze lach inhouden als we een volwassene op de openbare omroep horen zeggen: “we hebben afgesproken om elkaar hier te meeten”. Het klopt dat Nederlanders wel wat driest tekeer gaan met hun Engelse woorden. Maar wees gerust, in Vlaanderen gebeurt dat net zo goed en we voeren hier precies dezelfde discussies. Waar gaat dat héén met het Nederlands! Krantenkolommen vol. Ten tweede: wandelmenneke is geen, ik herhaal, geen Vlaams woord. In geen enkele streek. En wiegenwacht (in plaats van babysitter) ook niet.

De hard//hoofdredactie vervolgt de discussie:
Waarom moeten woorden dan "vernederlandsen"? (…) Het is (…) eerder een cultuurverschil. Vroeger hadden wij veel Franse (…) leenwoorden, tegenwoordig Engelse. In Vlaanderen is dat sentiment veel groter, vanwege de weigering om Franse woorden te gebruiken. Er zijn dus ook voornamelijk veel Franse woorden die een Nederlandse variant hebben (droogsliertmachine ipv centrifuge). Het Frans en het Duits hebben ook veel 'eigen' woorden (Festplatte = harde schijf, ordinateur = computer), maar zowel de Duitsers als de Vlamingen zeggen dan weer 'job' in plaats van 'baan.'

Een mooie nuancerende tussenkomst. Grotendeels waar ook, hoewel Franse leenwoorden echt niet zomaar uit sentiment gemeden worden. Ja, van gallicismen krijgt de Vlaamse leraar Nederlands de creeps (haha), maar de directe connotatie met de Franse taal en bijgevolg het trauma van de Waalse overheersing, daar denkt geen (jonge) mens meer aan. En de jongere generatie, die gaat voor Engels. Het vervangen van punaise door duimspijker of vélo door rijwiel, ligt toch al een flinke generatie achter ons. (By the way: ‘droogsliertmachine’? Sommige Vlamingen zeggen wel ‘droogzwierder’ en dat klinkt inderdaad idioot. Droogkast is meer ingeburgerd.)
Over de verschillen tussen Nederlands Nederlands en Vlaams Nederlands kun je inderdaad kolommen vol schrijven. Net zoals De Standaard en NRC Handelsblad twee weken geleden nog deden. Maar kun je er iets meer mee dan lachen? Moet er iets meer mee gebeuren dan lachen? Ach.

Er blijken vooral veel misverstanden te leven. Over het gebruik van ‘u’ en ‘gij’ bijvoorbeeld. Maar kijk. Ik ben hier, uw redactie-Belg. Vraag mij de oren van het hoofd over al uw Belgische twijfels, angsten, vooroordelen of nachtmerries en ik zal proberen te verhelderen! En wees niet bang om ook mij op het redactieforum even hard aan te pakken als uw collegae. Een Belg kan best tegen een stootje. Ik ken jullie nog niet, maar ik weet nu al: ik zie jullie graag.

Mail

Joyce de Badts is Hard//hoofd-redactielid.

Liesbeth de Feyter studeerde schilderkunst en beeldverhalen aan Sint Lucas in Brussel. Ze werkt als freelance illustrator en striptekenaar en maakt poëtische beelden met een luguber kantje.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer

Oh Sultan, pахмат, maar ik voel niet hetzelfde

Oh Sultan, pахмат, maar ik voel niet hetzelfde

Na een paardentocht in Kirgizië wordt voor Jip van Steenis duidelijk dat haar connectie met gids Sultan een andere wending nam dan ze had verwacht. Wat gaat er allemaal verloren in de interculturele vertaling wanneer je als toerist een band opbouwt met iemand in het buitenland? En hoe begeef je je in deze heteronormatieve dynamiek als biseksueel, in een land waar je niet queer mag of durft te zijn? Lees meer

Sigrid Kaag blijft diplomatisch bij Zomergasten, heel even komt ze los

Sigrid Kaag blijft diplomatisch bij Zomergasten, heel even komt ze los

Janine Abbring begint het gesprek met de woorden: “Je bent de afgelopen paar jaren veelvuldig bekeken door andermans ogen, maar vanavond kies jij de beelden.” Dat zet meteen de toon, maar roept ook de vraag op: zal doorgewinterde diplomaat Sigrid Kaag, met haar altijd politiek correcte antwoorden, het achterste van haar tong laten zien, of... Lees meer