Asset 14

Niet

Niet

'Naarmate die vakantie vorderde, begon ik die ‘niet’ te bezien in het licht van een oude angst die soms omhoogkomt. Wanneer namelijk mijn vriendin zei: ‘dat is een lantaarnpaal’ en ik zei ‘niet’, begon ik me af te vragen of we inderdaad wel dezelfde lantaarnpaal zagen.' In deze column schrijft Anne Schepers over het woord 'niet' en de gevolgen die het kan hebben voor een discussie.

‘En dat hele gender-gedoe, daar is hij dus ook tegen.’
In de sprinter naar Amsterdam Centraal volg ik een luid gesprek tussen twee vrouwen.
‘Ja, echt,’ knikt de vrouw links, met gewatteerde blauwe jas en kortgeknipt haar. ‘Vaccinaties was hij natuurlijk al tegen. Nu is hij ook tegen abortus. Daar vind ik dan toch wel wat van.’
‘Weet je wat ik zo knap vind?’ De vrouw rechts, met halflang roodgeverfd haar, zit aan de overzijde van het gangpad. Ze buitelt over de woorden van haar reisgenote heen. ‘Dat hij dat dúrft te zeggen. Dat hij tegen de gangbare mening in durft te gaan. Want iedereen zegt: het zit zo,’
‘Ik lees nu een boek over empathie,’ onderbreekt de vrouw in het blauw. Ze grabbelt woest in haar tas. ‘Wij leren dat aan als we jong zijn. We worden gedrild om altijd beleefd te zijn, ja en amen te zeggen. Omdat we vrouwen zijn moeten we makkelijk zijn. Weet je hoeveel last je daar later van hebt?’
De vrouw met het rode haar steekt twee middelvingers op. ‘Makkelijk, gatver. Vroeger was ik zó makkelijk. Altijd maar makkelijk.’
‘Terwijl,’ vervolgt de ander, ‘als mijn zoontje op de iPad zit en we hebben bezoek, dan zeg ik hem dat hij de visite netjes gedag moet zeggen. Als kind haatte ik dat: dag mevrouw, dag meneer. En nu vraag ik het zelf van hem. Hij is zó eigen, waarom laat ik dat niet zo?’

De angst omvat dit: ik zit gevangen in mijn eigen hoofd en kan alleen door mijn eigen ogen naar buiten kijken. Zo zal ik nooit weten of ik echt hetzelfde zie als iemand anders

De trein stopt, het gesprek valt even stil terwijl de vrouwen opstaan om de mensen naast hen uit de trein te laten. Op het perron begint de omroepstem te spreken. Ik staar naar het perron en mijn gedachten dwalen naar een tienervakantie in Valencia, waar mijn vriendinnen en ik ons een week lang vermaakten door op elke simpele constatering te antwoorden met ‘niet’.
‘Die bus is blauw.’
‘Niet.’
‘Ik plas zowat in mijn broek.’
‘Niet.’
Enzovoorts.
Naarmate die vakantie vorderde, begon ik die ‘niet’ te bezien in het licht van een oude angst die soms omhoogkomt. Wanneer namelijk mijn vriendin zei: ‘dat is een lantaarnpaal’ en ik zei ‘niet’, begon ik me af te vragen of we inderdaad wel dezelfde lantaarnpaal zagen.
De angst omvat dit: ik zit gevangen in mijn eigen hoofd en kan alleen door mijn eigen ogen naar buiten kijken. Zo zal ik nooit weten of ik echt hetzelfde zie als iemand anders. Die blauwe bus kan blauw zijn, maar misschien is wat mijn vriendinnen daadwerkelijk als blauw zien voor mij wel de kleur bruin en andersom.

De ‘niet’-grap werkt het beste wanneer het een dichotomie betreft. Tijdens mijn studie politicologie ontaardden de discussies met een werkgroepgenoot die later FvD-kopstuk zou worden bijna elke week in geschreeuw, tot we ze terugvoerden tot één simpele dichotomie: hij vond dat de witte cis-man historisch gezien terecht superieur was aan mensen van alle andere genderidenteiten en huidskleuren, en ik vond van niet. Hieruit volgden twee zulke verschillende percepties van de wereld dat alle verdere discussies die we voerden zinloos waren: ze voerden altijd terug op deze welles-nietes.
Mijn oude angst wordt groter wanneer het onderwerp geen duidelijke tegenstelling bevat. Zo zijn er genoeg mensen die zich niet thuis voelen bij de indeling man of vrouw. Gelukkig kunnen we als mensen meerdere dingen tegelijk voelen en denken, die soms ook nog eens tegenstrijdig lijken aan elkaar. De aanhoorder kan hiermee twee dingen doen: ofwel ‘niet’ zeggen, zich er vanaf keren en het gender-gedoe noemen. Of je doet toch een poging door de ogen van de ander te kijken. Dan ontstaat context, nuance, voortschrijdend inzicht.
Wie meegaat in het narratief tegen vaccins en zelfbeschikking over de lichamen van vrouwen en queer personen, doet in essentie alle twee. Enerzijds accepteer je dat er iets anders aan de hand kan zijn dan je wordt voorgehouden. Anderzijds kom je niet verder dan de tienergrap: iemand vertelt je dat abortus een persoonlijk besluit en complex rouwproces omvat, je antwoordt met ‘niet’ en gaat verder met je dag.
Maar hetzelfde geldt voor iedereen die een anti-vaxxer wegzet als gek. Met wie gek is hoef je namelijk niet te praten. Daarmee zeg je ook ‘niet’, terwijl de tegenvraag juist moet zijn: ‘waarom?’ Hoe is iemand tot de gedachte gekomen, wat is de context? Waar komt het wantrouwen vandaan? De antwoorden op die vragen zijn een stuk interessanter dan alle manieren waarop je iemand voor gek kunt verklaren.

Hieruit volgden twee zulke verschillende percepties van de wereld dat alle verdere discussies die we voerden zinloos waren: ze voerden altijd terug op deze welles-nietes

De treindeuren sluiten en we trekken zachtjes op. De twee vrouwen vervolgen hun gesprek. Ze zitten nu naast elkaar in een zitje van vier. Het staat op een kleine verhoging en vormt daarmee een podium voor mijn medereizigers en ik.
‘Annie M.G. Schmidt heeft een liedje geschreven, speciaal voor ons en voor je zoon,’ zegt de vrouw met het rode haar en ze kijkt even de coupé in om te zien of ze de aandacht heeft. ‘Ik wil niet meer! Ik wil niet meer!’ schettert ze, ‘ik wil geen handjes geven!’

Ik wil niet zeggen elke keer:
Jawel mevrouw, jawel meneer.
Nee, nooit meer in m'n leven! –

Een heldere pling en druk op mijn oren: met hulp van de noise cancelling-optie op mijn oortjes sterft het gezang weg. Door de ruit van de trein staar ik naar de vervormde flatgebouwen, maar ik zie het zoontje van de blauwe vrouw voor me. Hij staart strak naar zijn iPad terwijl het bezoek breed armenzwaaiend door de kamer danst in een poging hem gedag te laten zeggen. Zijn moeder stapelt de vieze koffiekopjes van de salontafel op in haar handen. De jongen zegt het bezoek geen gedag: dat hoeft niet van zijn moeder. Maar wat doet hij dan wel? En welke les trekt hij hieruit, behalve dat mensen die zijn comfort komen verstoren raar zijn en geen aandacht verdienen?

Mail

Anne Schepers (1993) is schrijver. Ze werkt momenteel aan haar tweede boek, Het recht te vergeten. Eerder was ze journalist voor De Correspondent, EenVandaag en Buitenhof en publiceerde ze meerdere korte verhalen. Haar debuutroman De daden, over opgroeien in een achterstandswijk, is in 2023 uitgekomen bij Lebowski Publishers.

Anne Stalinski is een illustrator en cartoonist die graag tekent over de onvolkomenheden van het dagelijks leven. Ze woont in het hoge Noorden en laat elke kamerplant doodgaan (niet bewust!!).

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
Ik wil het woord tokkie nooit meer horen

Ik wil het woord tokkie nooit meer horen

"Ofwel we noemen mij voortaan een tokkie, en ik zal de titel met trots dragen. Of we stoppen met het gebruik van het woord tokkie en laten het weer alleen een familienaam zijn." In deze gastcolumn geeft Anne Schepers een ijzersterk pleidooi tegen het negatieve gebruik van het woord 'tokkie'. Lees meer

Tot morgen

Tot morgen

Na bijna vier jaar als columnist voor Hard//hoofd is het voor Eva tijd voor iets nieuws, maar afscheid nemen is niet haar ding. 'Dus lieve lezers: voor jullie nu een kus op de wang, en tot morgen!' Lees meer

Wat je niet zult zien op het nieuws

Wat je niet zult zien op het nieuws

Marthe van Bronkhorst beschrijft dat wat ongezien blijft op het nieuws over de demonstaties bij de UvA. 'Maar het is wel gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.' Lees meer

Mooi weer spelen

Mooi weer spelen

Als Aisha’s eerste therapiesessie niet voelt als de warme deken waar ze op hoopte, mist ze groepsgenoot S., die haar een spiegel voorhield. Lees meer

Verdomme, ik heb wel geleefd

Maar verdomme, we hebben wel gelééfd

Marthe van Bronkhorst schreef in 2019 een toneelstuk dat bijna volledig werkelijkheid is geworden. Kan ze de slotscène nog weren uit de realiteit? Lees meer

Alles wat ik wil en absoluut niet nodig heb

Alles wat ik wil en absoluut niet nodig heb

Wanneer Eva op bezoek is bij haar zus, vraagt die of Eva haar eicellen al in heeft laten vriezen. Het laat Eva nadenken over hoe ze de vraag 'Wil ik een kind?' überhaupt kan beantwoorden. 'De vraag omtrent het ouderschap is bij uitstek een gevoelskwestie, en mijn gevoel volgen is nooit mijn sterkste punt geweest.' Lees meer

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn

Mijn week met morele ambitie: wat ik leerde ondanks Rutger Bregman

Marthe van Bronkhorst probeerde morele ambitie een week uit en leerde ervan - ondanks Rutger Bregman. Lees meer

Eva heeft u toegevoegd aan een nieuwe groepschat

Eva heeft u toegevoegd aan een nieuwe groepschat

Eva nodigt twee vrienden uit om bij haar te komen eten. Ze hoopt dat dit het begin zal zijn van een nieuwe vriendengroep. Lees meer

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn 1

Links, wees niet zo bang om hypocriet te zijn

Marthe van Bronkhorst bekijkt hypocrisie als spectrum: hoe hypocriet ben jij op een schaal van Frans Bauer tot Johan Derksen? Lees meer

In je eentje achterblijven

In je eentje achterblijven

Als vriendin K. op een date gaat, denkt Eva van den Boogaard na over hun onuitgesproken pact. Zo lang ze beiden ongelukkig in de liefde zijn, hebben ze elkaar. Maar wat als er iemand dat pact uitstapt? Lees meer

Geld lenen

Geld lenen

‘Het spijt me,’ zeg ik. ‘Voor dit alles.’ Ik gebaar om me heen. ‘Voor Nederland.’ In deze column van Anne Schepers ontmoeten twee vrouwen, die uitkijken naar hun avond in een wijnbar, een man die een treinkaartje naar Ter Apel bij elkaar probeert te sprokkelen. Lees meer

Als je wordt uitgenodigd voor een euthanasiefeest, dan ga je

Als je wordt uitgenodigd voor een euthanasiefeest, dan ga je

'Als je je psycholoog écht een brevet van onkunde wil geven, moet je haar uitnodigen voor je euthanasiefeest.' Lees meer

Ik ook op jou

Ik ook op jou

Op een avond zegt iemand tegen Eva dat hij verliefd op haar is. Terwijl hij wacht op een antwoord, denkt Eva na over wat verliefd zijn eigenlijk is. Lees meer

Herhaalrecept

Herhaalrecept

Op een ochtend wordt Aisha Mansaray wakker in een parelmoeren bubbel. Ze onderzoekt hoe ze met haar depressie op de randen van de realiteit kan leven, zonder de grip erop te verliezen. ‘Mijn aandoening was een zuigend ding geweest dat zich om mij heen had gewikkeld, lelijk, en meer levend dan ik.’ Lees meer

Geen geld maakt ook niet gelukkig

Geen geld maakt ook niet gelukkig

Marthe van Bronkhorst maakt de balans op tussen S en M, die beide alles kwijt zijn: de een is ingebed in het zorgsysteem, de ander moet niks hebben van de verzorgingsstaat. Lees meer

‘Stel je voor dat het gewoon wérkt’

‘Stel je voor dat het gewoon wérkt’

Grootgebracht met het idee dat 'natuurlijke' oplossingen de voorkeur hebben boven synthetische medicatie stond Eva niet te springen om angstremmers te gaan gebruiken. Maar wat als het nou gewoon werkt? Lees meer

Column: Keihard chillen 2

Keihard chillen

Eva zet haar vraagtekens bij het fenomeen chillen. 'Eerlijk gezegd denk ik dat een wereld als deze, waarin fascisme oprukt, waarin genocide nog steeds bestaat, waarin het onrecht en de pijn en het verdriet van mijn schermen afspat, weinig reden geeft tot chillen.' Lees meer

We zijn tenminste allemaal nog mensen

We zijn tenminste allemaal nog mensen

In een overvolle trein ontwaart Aisha de eerste tekenen van het nieuwe verhaal waar ze - of iedereen? - naar op zoek is. Lees meer

Column: Dat heet ‘een gesprek voeren met elkaar’

Dat heet ‘een gesprek voeren met elkaar’

Als een vriendin van Eva op date gaat met een man waarmee Eva zelf al eerder afsprak, is ze erg benieuwd naar haar bevindingen. Lees meer

Column: Het glas wijn waar ik zin in heb bestaat niet

Het glas wijn waar ik zin in heb bestaat niet

Twee jaar geleden vroeg Eva nog aan een collega waarom ze niet dronk. Inmiddels laat ook zij de alcohol links liggen en is ze zelf degene die wordt bevraagd. Lees meer

Word trouwe lezer van Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Meld je aan als abonnee voor slechts €2,50 per maand en ontvang ons papieren magazine twee keer per jaar in de bus. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer