Asset 14

Morgen ruikt naar tijgers

Morgen ruikt naar tijgers

‘Is het nog ver?’

‘Dat ligt eraan of de tijgers ons voor blijven.’

‘Zijn ze snel?’

‘Ja.’

‘Te snel?’

‘Niet voor ons.’

 

 

 

het begin

‘Zo ziet de vacht van een tijger er toch niet uit.’ Ellis hangt over de rugleuning van de bank en houdt een snee tijgerbrood voor het gezicht van haar broer.

‘Het is meer een luipaard,’ gaat ze verder, ‘of een giraf.’ Jefta pakt het brood uit haar hand. Met zijn duim en wijsvinger knijpt hij erin. Het brood veert niet terug. Er blijft een rond kuiltje achter na elke samendrukking van Jefta’s vingers. Hij volgt de rand van de korst en maakt een kuiltjeskader, alleen het midden van de snee behoudt zijn sponsachtige structuur.

‘Wie zegt dat er geen tijgers met een giraffenvacht zijn?’

‘Ik heb ze nog nooit gezien,’ antwoordt Ellis.

‘En dus bestaan ze niet?’ vraagt haar broer.

Ellis haalt haar schouders op. ‘Heb jij ze ooit gezien dan?’

Jefta schudt zijn hoofd. Hij geeft de snee brood terug aan Ellis. ‘Ze komen hier niet voor,’ zegt hij.

Ellis klimt over de rugleuning van de bank en gaat naast haar broer zitten. ‘Weet jij waar ze wel voorkomen?’ Ze maakt haar eigen vingerkuilen in het brood. Een goede spoorzoeker zou kunnen zien dat de andere afdrukken net iets groter zijn.

‘Niet precies,’ antwoordt haar broer.

‘Ongeveer?’ vraagt ze.

Jefta knikt.

‘We kunnen ze gaan zoeken,’ zegt hij. ‘Ik kan goed nadenken achter het stuur, al rijdend weet ik ze wel te vinden.’

Ellis kijkt naar de donkere vlekken op de bovenkant van het brood. Ze laat haar vinger langs de scheurtjes glijden.

‘Oké,’ zegt ze. ‘Ik wil die giraffentijgers vinden.’

 

 

de eerste dag

‘Is dit hem?’ Ellis stapt de garage van haar broers rugbyvriend binnen en kijkt door de achterruit van de bordeauxrode stationwagon. De stoelen van de achterbank zijn eruit gehaald. Ze zag niet eerder zo’n lege auto.

‘Een andere heb ik niet,’ grapt Louique. Hij en Jefta lopen achter Ellis aan. Ellis kende Louique tot nu toe alleen maar vanuit de verte, wanneer hij voor hun huis stond op zijn Tomos-brommer en Jefta op kwam pikken voor de training. ‘Het is een oudje van mijn ouders.’ Louique klopt de Mercedes liefkozend op het dak. ‘’81’

Ellis telt terug in de tijd. Ze was min-achtentwintig toen de auto gemaakt werd. In het vuil op de ruit schrijft ze haar naam.

‘Rijdt ie een beetje?’ vraagt haar broer.

‘Het schakelen gaat wat moeilijk, maar verder probleemloos,’ antwoordt Louique. Hij opent de motorkap. De jongens buigen zich over het binnenwerk. Ellis opent het bestuurdersportier en kruipt achter het stuur. Ze kan niet bij de pedalen. De neuzen van haar schoenen komen tot halverwege de vloermat. Ze drukt haar rechtervoet in de mat en geeft gas of remt, dat weet ze niet.

‘En, goedgekeurd?’ Louique steekt zijn hoofd om de motorkap.

Ellis knikt. Louique wijst naar het stuur en gebaart haar erop te drukken. Omdat ze niet weet waar de claxon zit, drukt ze met twee handen op het middenstuk. In de garage klapt het geluid tegen de muren en het plafond.

‘Verdomme!’ Jefta kijkt boos van de een naar de ander en schudt zijn hoofd. Louique en Ellis lachen.

‘Heb je die matras nog?’ vraagt Jefta en negeert de grijns op Louiques gezicht.

‘O ja, de matras.’ Louique gooit de motorkap dicht. De Mercedes schudt onder het neervallende gewicht. Heel even denkt Ellis dat de auto vanzelf is gaan rijden en tegen de muur zal botsen. Ze trekt haar handen van het stuur.

‘Het is een matrastopper, maar dik zat om op te slapen.’ Louique haalt de spanbanden van een opgerold matras en spreidt het ding in de achterbak uit. ‘Past precies. En hier bij het hoofdeind zetten mijn ouders meestal hun tassen,’ vertelt hij verder en wijst naar de strook ruimte aan het hoofdeinde van de matras.

‘Sliepen jouw ouders ook in de auto?’ vraagt Ellis. Ze weet niet hoe Louiques ouders eruitzien. In plaats daarvan probeert ze zich haar eigen ouders slapend in de auto voor te stellen. Het lukt haar niet om hun lichamen dichtbij elkaar te zien.

‘Ze deden niet anders. Nu nog steeds, maar wel in een camper de laatste jaren. Mijn ma heeft het in d’r rug,’ antwoordt Louique.

‘Waar gingen ze heen?’ vraagt Ellis.

Louique haalt zijn schouders op.

‘Geen idee waar ze allemaal zijn geweest. Vaak aan zee volgens mij.’

‘Kunnen wij ook naar zee, Jefta?’

Haar broer zegt van niet en loopt naar buiten om de tassen op de oprit te pakken. Ellis stapt uit de auto. Op de ruit van de bestuurder zit onderin net genoeg stof om in te tekenen. Ze tekent de kop van een tijger. In plaats van strepen geeft ze hem een vacht met vlekken.

 

Morgen ruikt naar tijgers 1

 

Ellis drukt de pin van het autoslot omlaag. Hij verdwijnt in het raamvenster, duikt onder als de mollen in het spel die je met een hamer moet raken voor ze weer in hun hol verdwijnen. De auto bij de pomp naast die van hen is onbemand. Aan de hoofdsteunen zijn kledinghangers bevestigd. Er hangt een blazer aan de hanger van de bestuurdersstoel. Als je niet goed kijkt, zou het een zwevende romp kunnen zijn. Ellis kijkt net zo lang tot de hoofdsteun het hoofd van de romp is. In hun auto had haar moeder hoezen om de hoofdsteunen gedaan. Er zaten slijtageplekken in de steunen van de vorige eigenaren. De hoezen hadden een pied-de-poule motief. Ze ruziede met Jefta of het zwart met wit was of wit met zwart. In het patroon zag ze rennende mannetjes die elkaars hand vasthielden.

 

In het plasticfolie zit een geurboompje dat mensen aan hun achteruitkijkspiegel hangen. Bayside Breeze staat er op de voet van het boompje. Ellis kijkt naar haar broer. Die grijnst en start de auto.

 

‘Hier, heb je je zee,’ zegt Jefta zodra hij weer in de auto zit. Hij gooit een pakje in Ellis’ schoot. In het plasticfolie zit een geurboompje dat mensen aan hun achteruitkijkspiegel hangen. Bayside Breeze staat er op de voet van het boompje. Ellis kijkt naar haar broer. Die grijnst en start de auto.

‘Het is wel een erg zoete zee,’ concludeert Ellis zodra de verpakking open is. Ze houdt het boompje bij Jefta’s neus.

‘Ja, inderdaad. Een veel te mooie zee,’ zegt hij.

In plaats van de luchtverfrisser aan de binnenspiegel te hangen, hangt Ellis hem aan Jefta’s oor. De top van de boom tikt zijn oorlel aan. Het zeilbootje dat erop is afgebeeld, heeft bolle zeilen en koerst richting zijn kin. Als het bootje van de hanger zou kunnen varen, zou bij laagwater de kiel gekieteld worden door Jefta’s stoppelbaard.

‘Waarom wil je eigenlijk niet naar zee?’ Ze hangt het boompje aan haar eigen oor. De binnenkant van haar neus kriebelt door de sterke geur die eraf komt. In de walm kan ze vaag de wind die aan zee waait ruiken, een beetje viskraam, wier en gras.

‘Ik wil best naar zee, maar daar zijn de tijgers niet,’ antwoordt Jefta. Ellis haalt haar schouders op.

‘We kunnen een omweg maken.’

‘Nee, dat kunnen we niet,’ bijt Jefta haar toe.

Ellis haalt de geurhanger van haar oor. Ze legt haar duim op het zeilbootje. Het verdwijnt niet volledig. De achtersteven steekt uit. Ze schuift het geurboompje achter het wegennetboek in het deurvak.

 

‘Denk je dat papa en mama geloven dat we aan het kamperen zijn met Louique?’ vraagt Ellis.

‘Ja joh, Louique is zelf ook echt weg met zijn ouders, dus papa en mama kunnen hem niet per ongeluk tegenkomen in het centrum. En Louique weet ervan, hè,’ zegt Jefta.

Ellis opent het dashboardkastje. Er liggen wat verkreukelde bonnetjes, een lege verpakking Anta Flu keelpastilles, tandenstokers en een parkeerschijf.

‘Zal hij ons niet verraden?’ Ellis pakt de parkeerschijf en draait aan het wieltje.   

‘Nee, absoluut niet,’ antwoordt haar broer. ‘Hij weet van mijn plan.’

‘Hoe lang blijft hij weg?’ vraagt ze.   

‘Acht dagen.’

Ellis zet de parkeerschijf op half twaalf, het tijdstip dat ze Louiques oprit afreden.

‘Denk je dat we in acht dagen de giraffentijgers kunnen vinden?’

‘We moeten wel,’ antwoordt Jefta.

 

 

Dit fragment komt uit Francis Nagy’s afstudeerwerk Morgen ruikt naar tijgers, een novelle over de kracht van verbeelding en het verliezen daarvan. In de podcastserie De Tussenruimte Tapes vertelt Francis hoe haar novelle tot stand kwam, over haar werkproces en over tijgerbrood. De aflevering is hier te luisteren op Spotify. Ben je nieuwsgierig geworden en wil je Morgen ruikt naar tijgers helemaal lezen? De novelle (€12,50 excl. verzendkosten) is te bestellen via mail.

 

Mail

Francis Nagy (1995) schrijft verhalen wanneer het haar uitkomt. Ze is dol op details en observeert de wereld het liefst zonder er zelf aan deel te nemen. Van wat ze ziet, hoort en ruikt maakt ze verhalen, foto’s en verzamelingen. Eerder werk van haar verscheen op de website abcyourself en in 2019 won ze Write Now! met haar verhaal vruchtval.

Laila Nagy (1993) studeerde in 2017 cum laude af in Industrieel Product Ontwerpen aan de HAN. Momenteel werkt ze als packaging designer bij Philips. Haar illustraties zijn niet één thema of stijl. Ze tekent van alles en nog wat, zolang ze er zelf maar enthousiast van wordt.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
Lees meer
test
het laatste
Het sanatorium

Het sanatorium

Elin ligt roerloos op de ligstoel van een sanatorium, hoog in de bergen. Stil en uitgespreid op het terras wordt ze geconfronteerd met een doordringende geur, die ze niet kan identificeren. In dit surreële, filosofische verhaal zoekt Stefanie Gordin naar de betekenis en de verstikkende werking van rust. Lees meer

Dogs that cannot touch each other

Dogs that cannot touch each other

Een theatrale vertelling van Louky van Eijkelenburg over warmte, wrangheid en het controversiële kunstwerk 'Dogs That Cannot Touch Each Other'. Lees meer

Kwetsuur

KWETSUUR

Het prinsessenbed en de koffiepauze in een hospice vormen het decor van dit gedicht van Kim Liesa Wolgast. Koffie, lametta en aquarelpapier zijn de rekwisieten van het sterftheater, waar de tijd stilstaat en zich tegelijkertijd steeds herhaalt. Lees meer

Materiaal van een lichaam 1

Materiaal van een lichaam

In dit verhaal van Merel Nijhuis en beeld van Jasmijn Vermeeren exposeert een disabled kunstenaar haar werk tussen de zoemende TL-verlichting, kunstkijkers en hun opmerkingen. Ze probeert een balans te zoeken tussen genoeg informatie geven over haar werk en het ontwijken van de daaropvolgende validistische vragen. Lees meer

We willen het ook voor jou veilig houden

We willen het ook voor jou veilig houden

Claire heeft het voor elkaar: luxe kleding, een indrukwekkend cv en een leidinggevende functie. Tot ze op het matje wordt geroepen vanwege grensoverschrijdend gedrag. Claire snapt het niet. Wat is er gebeurd? Wanneer zijn de regels veranderd? Wie heeft de nieuwe normen bedacht? Emma Stomp duikt in dit verhaal in Claires hoofd en laat het... Lees meer

De onderste sport

De onderste sport

Walde groeit op onder de kassa in de supermarkt. Daar hoort hij de verhalen van alle klanten die bij zijn moeder afrekenen. In dit verhaal van Jelt Roos wordt onze drang ambitieuze levens te leiden bekeken door de lens van klassenongelijkheid. Is het beter om te streven of in je eigen vak te blijven? Lees meer

De ogen van Jeroen

De ogen van Jeroen

‘Ik stel me voor dat ik heel groot en heel sterk ben, dat ik zijn arm pak, die zo ver naar achteren draai dat hij breekt. Krak.’ In dit verhaal neemt Mayke Calis je mee in het gezinsleven van een ogenschijnlijk alledaagse familie, maar maakt het al snel plaats voor een naar gevoel in je buik. Lees meer

Auto Draft 13

Schoolzwemmen

Koen de Vries schreef een beklemmend verhaal over zwemles en monsters die zich schuilhouden achter de putjes. 'Vanaf de kant kun je hem echt niet zien, hoor. Hij komt pas tevoorschijn als je verdrinkt.'  Lees meer

Auto Draft 12

Laat dat, zei ik

Op de binnenplaats van een muf hostel verlangt een man naar erkenning bij zijn vrouwelijke kamergenoot. In Laat dat, zei ik legt Robin van Ommen onze verwachtingen over wederkerigheid in sociale interacties bloot. Met een surreële twist. Lees meer

Neil Armstrong (they/them) 1

Daar ben je, hier zijn we

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Ayden Carlo: 'Dit hier lijkt helemaal niet over jou te gaan en dat is precies waarom ik je schrijf.' Lees meer

Dwalend door dromen en sluierende schaduwen

Dwalend door dromen en sluierende schaduwen

Soms vraagt een kunsttentoonstelling om een andere vorm dan een standaard recensie. Dit is ook het geval bij ‘Sculpting the senses’ van Iris van Herpen in Kunsthal Rotterdam. Merel Wolfkamp ging er heen en beschrijft haar ervaring op een gevoelige, poëtische manier. Lees meer

Neil Armstrong (they/them)

Neil Armstrong (they/them)

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Trijntje van de Wouw: ‘Ze zoeken zo hard naar buitenaardse wezens dat ze niet zien hoeveel er nog te ontdekken valt recht voor hun neus.’ Lees meer

Zand erover

Zand erover

In dit verhaal van Anouk Harkmans ligt een verteller op het strand, alleen, met een steen op haar navel, en ze overdenkt een relatie die voorbij is. 'Wat als dit geen einde is? Wat als het einde al heeft plaatsgevonden – zonder zichtbare erosie – en dit niet meer is dan de onverhoopte poging om te doen alsof dat niet zo is?' Lees meer

Het kerstmaal

Het kerstmaal

Het ouderlijk huis: een kern waar velen van ons naar terugkeren met de feestdagen. Dingen horen daar te zijn zoals je ze hebt achtergelaten. Maar wat als dat niet meer zo is? Wat als dat fundament niet meer zo stevig blijkt te zijn? Thomas D'heer schrijft zacht over toenadering, weemoed en familie. Lees meer

Auto Draft 11

20240903 Fiat Punto

Met de handrem omlaag en handen aan het stuur rijdt Wim Landuyt je in dit gedicht langs zijn bloedlijn, van de pastasaus in zijn aderen tot in dit land van regels: een compilatie van zijn migratie. 'net als een geïmporteerde fiat punto / brandt mijn motor onder mijn huid' Lees meer

 1

Mijn doofheid door de jaren heen

In haar gedichten gaat Bareez Majid in gesprek met de nacht en verschillende vormen van stilte; van de stilte die volgt uit zwijgen om bestwil tot simpelweg niet kunnen spreken doordat je de taal niet kent, en van stilte uit angst van een gevlucht kind tot niet willen of kunnen luisteren naar de ander. Lees meer

Een eerste keer

Een eerste keer

In dit erotische verhaal vraagt Jochum Veenstra zich af of het opwindend kan zijn om constant expliciete consent te vragen, en of er dan ook echte consent tot stand komt. Een eerste keer is ook gepubliceerd als audioverhaal bij deBuren. 'Als onze monden elkaar raken, lijkt de vriendschap die we bij daglicht hebben weer tot leven te komen.' Lees meer

Balletles

Balletles

In een rumoerig café herinnert een groep meisjes zich heel helder: 'Meisjes zoals wij leren vroeg de kunst van de onwaarneembare volharding.' In dit korte verhaal neemt Marieke Ornelis je mee in een wereld vol witte panty's, billen op een koude vloer en honingachtig vocht, terwijl de intimiteit wegsmelt onder de toneellampen. Lees meer

Pomme d’amour 1

Pomme d’amour

In dit gedicht van Elise Vos vinden de glazen muiltjes en kikkerprinsen uit de klassieke sprookjes hun weg tussen de HR-medewerkers en stadsduiven met verminkte pootjes. Een hoofdpersoon zoekt diens plek in de wereld, terwijl mannen dwars door de ontknoping van het verhaal heen slapen. Lees meer

Ademruimte

Ademruimte

‘Hij kon toen alleen Catalaanse woorden fluisteren en zijn wijsvinger buigen om aan te geven wanneer hij naar buiten wilde om te roken.’ In Ademruimte, van Elisa Ros Villarte, keert het hoofdpersonage terug naar haar ouderlijk huis dat gevuld is met onbekend speelgoed, bevroren maaltijden en beladen vragen. Lees meer

Lees Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Schrijf je nu in voor slechts €3 per maand en ontvang in september je eerste papieren tijdschrift. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer!