Illustratie: Elise van Iterson

Timo is boos op alle popartiesten, die netjes binnen de lijntjes blijven." />

Illustratie: Elise van Iterson

Timo is boos op alle popartiesten, die netjes binnen de lijntjes blijven." />
Asset 14

Metrisch buiten de paden

Timo maakt zich boos. Het is alsof vrijwel alle popmuzikanten ritmisch schilderen als Bob Ross-adepten, en keurig binnen de lijntjes blijven: kunnen ze überhaupt verder tellen dan vier?

Popmuziek is waanzinnig bekrompen. Ritmisch, in ieder geval. Tot die conclusie kom ik telkens weer, zo ook na het uitpluizen van Nederland's belangrijkste hitlijst, eind vorig jaar. Elk nummer uit de Top 40 van week 50 hanteert dezelfde maatsoort, op één na. Alleen in Charlie Brown van Coldplay kun je niet alsmaar tot vier tellen. Het is dus het enige nummer van de lijst dat niet in slechts een vierkwartsmaat (afgekort: 4/4) geschreven. En dat terwijl er zoveel prachtige alternatieven zijn.

Waar zijn het walsje ("een, twee, drie, een, twee, drie") en de zesachtste maat bijvoorbeeld? Deze worden nog redelijk vaak gebruikt in ballads. House of the Rising Sun van The Animals is misschien wel het bekendste voorbeeld, maar ook het debuutalbum van Coldplay staat er vol mee. Jeff Buckley werd wereldberoemd met Hallelujah (oorspronkelijk van Leonard Cohen), waarin je tot zes mag tellen.

De klassieker van Leonard Cohen. Tel maar mee: "Een, twee drie, vier, vijf zes."

Meer exotische maatsoorten zoals 5/4 of 7/4 vind je echter vrijwel nooit in de popmuziek, en daar is geen duidelijke verklaring voor. Vaak wordt gezegd dat het tellen in drieën en vieren natuurlijk aanvoelt: je hart zou kloppen in die ritmes, je kunt er gemakkelijk op dansen of headbangen, en het is het tempo waarin je loopt. Onzin, zeg ik. In Oosterse culturen worden "exotische" maatsoorten namelijk veel vaker gebruikt en wél als natuurlijk ervaren, zo is een groot deel van de Bulgaarse volksliedjes in 7/8 geschreven, en klassieke componisten als Béla Bartók verwerkten allerlei oneven ritmes in hun composities.

Illustratie: Elise van Iterson

Is het erg dat popmuzikanten zo bekrompen zijn, niet verder kijken dan hun neus - en recente geschiedenis - lang is, en slechts hun voorbeelden kopiëren? Jazeker, het belemmert de creativiteit en maakt van populaire muziek een ritmische eenheidsworst. Verreweg de meeste muzikanten hanteren de vierkwartsmaat bovendien niet zozeer vanwege een voorkeur, maar omdat ze gewoon geen andere maatsoorten kennen. Het is alsof een schilder alleen met geel en blauw zou verven, niet vanuit een stijlkeuze, maar domweg omdat hij niet weet dat de kleur rood ook bestaat.

De Servische zanger Zeljko Joksimovic vertolkt het Macedonische volksliedje Jovano, Jovanke, dat is geschreven in 7/8. Wie op YouTube zoekt vindt nog vele andere vertolkingen van het populaire nummer.

Gelukkig zijn er ook binnen de Westerse muziek mensen die buiten die lijntjes kleuren. Ik weet nog precies hoe ik voor het eerst in aanraking kwam met bijzondere maatsoorten: dankzij Radiohead. Als veertienjarige jongen fietste ik 's avonds hele einden naar vrienden die in afgelegen dorpen woonden, en tijdens die tochten door het donker werd ik gevuld met de duisternis van het meesterwerk Kid A (2000). Telkens wist ik niet wat me overkwam. Niet alleen door die huiveringwekkende falsetto van Thom Yorke, de elektronica of de psychotische blazers, maar ook door de mij volstrekt onbekende ritmes van "Morning Bell" en albumopener "Everything In It's Right Place".

Het bleek geen eenmalig uitstapje van de Engelse band: naast Kid A hebben ook Pablo Honey (1993), Hail to the Thief (2003) en In Rainbows (2007) een albumopener met ongebruikelijke maatsoorten, en hun gehele oeuvre staat vol ritmisch smulwerk. Gedurfde keuzes in tijden dat de popcultuur niet verder dan vier wil tellen, maar ook een duidelijk signaal: "Fuck it, al maakt het ons ontoegankelijk, dit is de mooiste muziek die we kunnen maken."

Radiohead speelt het 10/4-nummer "Everything In It's Right Place" in 2003 op Glastonbury. Het publiek doet haar best om mee te klappen, maar dat gaat niet geheel vlekkeloos.

Hoewel Radiohead waarschijnlijk één van de meest invloedrijke hedendaagse bands is ter wereld, worden hun experimentele maatsoorten - vreemd genoeg - vrijwel niet gekopieerd. Eind jaren vijftig schreef de Amerikaanse jazzsaxofonist Paul Desmond een ritmisch ongewoon nummer (met vijf tellen per maat) dat wél een gigantische impact had: "Take Five", uitgevoerd door The Dave Brubeck Quartet op het album Time Out (1959). Dit album werd een onwaarschijnlijk succes en bereikte de tweede plaats op de Billboard Pop Charts in Amerika. En dat is nogal wat voor een instrumentaal jazzalbum dat vol staat met tijdstudies. In het decennium erna kopieerden allerlei artiesten het ritme van "Take Five", waaronder "Autopsy" van de folkband Fairport Connection, "Living in the Past" van Jethro Tull en "River Man" van Nick Drake.

The Dave Brubeck Quartet vertolkt "Take Five", de meest populaire compositie in 5/4 aller tijden. Saxofonist Paul Desmond soleert moeiteloos over het ritme, en vanaf 2min47 doet zelfs drummer Joe Morello een solo.

Sindsdien zijn er nog enkele hits verschenen die metrisch buiten de gebaande paden traden, waaronder "Money" (1973) van Pink Floyd, "Golden Brown" (1982) van The Stranglers en "Hey Ya" (2003) van Outkast, maar veel invloed hebben deze nummers niet gehad op de popcultuur, die rigide vasthoudt aan de drie- en vierkwartsmaat. Dat is eeuwige zonde, want er valt ook daarbuiten zoveel moois te beleven, en dat hoeft helemaal niet ontoegankelijk te zijn.

De grote ongebruikelijke maatsoorten-playlist op Spotify en op Youtube

Timo stelde op Spotify en YouTube een mixtape samen met (veelal alternatieve) popnummers die ongebruikelijke maatsoorten hanteren, om te laten zien hoe natuurlijk die kunnen klinken. Met toelichtingen bij de nummers. Hij begint toegankelijk, en duikt steeds meer de diepte in. Luister de mixtape hier op Spotify of hier op YouTube.

1. Outkast - Hey Ya! (2003, 4/4 en af en toe 6/4): Dit is misschien wel een van de slimste popliedjes van het vorige decennium. Het is niet alleen heerlijk aanstekelijk, maar past ook nog eens een interessant ritmisch trucje toe. Nadat hij drie keer tot vier geteld heeft (kortom: drie vierkwartsmaten), stopt André 3000 er twee tellen extra tussen, en ook tekstueel komt hij daar briljant mee weg.

2. Coldplay - Charlie Brown (2011, 4/4 en af en toe 6/4): Chris Martin en de zijnen passen acht jaar later vrijwel dezelfde truc toe. Ze zijn echter niet zo consequent als Outkast.

3. Arcade Fire - Modern Man (2010, 4/4 met een extra'tje): Met The Suburbs won deze Canadese band in 2011 een Grammy. Het op dit album verschenen Modern Man is bijna ongrijpbaar met de halve tel extra die af en toe aan het einde van de maat wordt toegevoegd (voor het eerst op 0min08). Het is vrijwel onmogelijk om goed mee te tellen, maar als je er niet op let valt het ook niet op.

4. The Stranglers - Golden Brown (1981, afwisselend 6/8 en 7/8): Dit nummer over heroïne wisselt in het intro af tussen 6/8 en 7/8, en werd een behoorlijke hit: in Nederland behaalde hij de achtste positie in de Top 40, in Engeland zelfs de tweede.

5. The Dave Brubeck Quartet - Take Five (1959, 5/4): Geen nummer had grotere impact op het gebruik van 5/4 dan Take Five, dat een onwaarschijnlijk grote hit werd. De cd Time Out wordt nog altijd veel gedraaid in koffietentenketen Bagels & Beans, maar is eigenlijk veel meer dan achtergrondmuziek.

6. Lalo Schilfrin - Mission: Impossible (1966, 5/4): In de originele soundtrack bij de serie Mission: Impossible wordt louter een vijfkwartsmaat gebruikt, in de herbewerking voor de filmreeks is het couplet-gedeelte omgetoverd naar een vierkwartsmaat. Makkelijk, hoor.

7. Nick Drake - River Man (1970, 5/4): Deze veel te vroeg overleden singer-songwriter heeft het ritme van Take Five gekopieerd voor zijn nummer River Man, maar was daarin gelukkig minder opzichtig dan enkele van zijn tijdsgenoten...

8. Jethro Tull - Living In The Past (1972, 5/4): ... zoals Jethro Tull, dat met "Living In The Past" wel erg opzichtig flirt met het Take Five-ritme. Fairport Convention deed in 1969 hetzelfde met Autopsy.

9. Radiohead - Morning Bell (2000, 5/4): De meesters van de alternatieve maatsoorten op hun hoogtepunt, met een eigenwijze vijfkwartsbeat die door de militaristische drums, zwevende toetsen en spookachtige gitaar ieder op een eigen(wijze) manier wordt ingevuld. Ook in "15 Step" en "Everything In It's Right Place" hanteren de Britten 5/4.

10. Sufjan Stevens - Come On! Feel the Illinoise! (2005, 5/4): Vooruit, nog een vijfkwartscompositie. Sufjan Stevens is een hedendaagse, dwarse liedjesschrijver die je ook best een bijzonder goed componist mag noemen. Ook in dit nummer hoor je eigenlijk niet dat er een vreemde maatsoort wordt gebruikt, totdat je erop let. Andere vijfkwartsnummers zijn onder andere "Minds Made Up" van The Frames, "Water" van PJ Harvey, "Seven Days" van Sting en "English Roundabout" van XTC.

11. Pink Floyd - Money (1973, 7/4): Een van de bekendste nummers van Pink Floyd, en in ieder geval het bekendste nummer in zevenkwartsmaat. In de gitaarsolo wordt een meer rockende vierkwartsmaat geïntroduceerd, gitarist David Gilmour vertelde daarover te lui te zijn om in die exotische maatsoort te soleren.

12. Shaking Godspeed - GODSPEED (2010, 7/8): Shaking Godspeed zijn psychedelische bluesrockers uit de Achterhoek, die laten zien dat een zevenachtstemaat ook kan scheuren, en dat je er prima op kunt headbangen. Hoewel frontman Wout Kemkens me weleens vertelde dat hij een hekel heeft aan Pink Floyd, passen ze precies dezelfde truc toe als in Money: de gitaarsolo is in 4/4.

13. Patrick Watson - Luscious Life (2006, grotendeels 7/8): De Canadese Patrick Watson won met het album Close To Paradise de Polaris Prize (waarvoor dat jaar onder andere ook The Reminder van Feist en Neon Bible van Arcade Fire werden genomineerd). Daarop staat het zevenachtstenummer Luscious Life. Toen ik hem het nummer voor het eerst hoorde spelen - op Lowlands 2007 - kon ik de muziek nauwelijks bevatten. Wat een prachtige maatsoort! Andere nummers waarin zevenachtste en zevenkwarts maatsoorten voorkomen zijn "2 + 2 = 5" van Radiohead, "Dreaming in Metaphors" van Seal, "All You Need Is Love" van The Beatles (alleen het couplet) en "Foghorn" van de Nederlandse band Wolfendale.

14. Tool - Schism (2001, volstrekt ontelbaar, zelf zegt de band dat het overgrote deel in 6.5/8 is geschreven): Eigenlijk wilde ik geen metal of progrock in deze lijst zetten. Daarin worden vaker alternatieve maatsoorten gebruikt, maar meestal vanuit technische krachtpatserij. Schism van Tool stijgt daar bovenuit: ten eerste door een volstrekt absurde hoeveelheid maatwisselingen, maar ook door het onwaarschijnlijke succes. Ze kregen voor een Grammy voor Best Metal Performance en het nummer bleef lang in de hitlijsten.

Mail

Timo Pisart

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer