Was hij een verhuisdoos, dan zou Kasper voor zich spreken in zijn nieuwe huis. Maar verhuisdozen masturberen niet in een oude sok." /> Was hij een verhuisdoos, dan zou Kasper voor zich spreken in zijn nieuwe huis. Maar verhuisdozen masturberen niet in een oude sok." />
Asset 14

Logeren bij mezelf

Het schijnt dat Bob Dylan, die toch vele aardige huisjes zal bezitten, op zijn zeventigste nog steeds niets liever doet dan wat hij op zijn twintigste deed: ’s avonds laat bij half bekenden aanbellen met een vaag verhaal om vervolgens bij ze op de bank in slaap te dommelen. Ik begrijp dat wel, juist iemand die zijn leven lang voer voor exegeten is geweest, wil eventjes helemaal niets mogen zijn in de schemer van een onbekende ruimte. Hij is gereduceerd tot een meubelstuk en mag zich dus zo gedragen: voor zich sprekend. Als Bob Dylan bij mij zou aanbellen zou ik mijn verbazing en trots niet laten merken. Ik zou hem een vers gestreken pyjama overhandigen, laten zien waar hij de handdoeken kan vinden en hem een goedenacht wensen. Dan zou ik naar bed toe gaan en natuurlijk de hele nacht wakker liggen, want “fucking Bob Dylan ligt op mijn bank te pitten.” Met mijn oren ga ik op zoek naar de muzikaliteit van zijn gesnurk en wijsheden die hij slaappratend openbaart, maar het enige dat ik hoor is het bonken van mijn eigen hart. De volgende dag blijkt hij vertrokken wanneer ik opsta, zoals het hoort. Ik zie dat hij een kop koffie heeft gedronken. Netjes afgespoeld staat het bewijsstuk in de gootsteen. Zo te zien heeft de songsmid niet ontbeten. Waarschijnlijk koopt hij onderweg wel een broodje.

Twee weken terug belde ik ’s avonds laat bij mezelf aan. Er werd niet opengedaan, wat niet zo vreemd was, want de rest van het gezin was die middag afgereisd naar mijn schoonfamilie voor de kerstdagen. Ik zou de volgende dag volgen, maar eerst moest ik een nacht alleen doorbrengen in ons nieuwe huis. Mijn excuus was dat we de katten onmogelijk zo lang alleen konden laten, maar eigenlijk wilde ik in alle eenzaamheid hier zijn. Dit was immers de plek waar ik mogelijk de rest van mijn dagen zou slijten. Vanwege vele linkerhanden was het mij de afgelopen week verboden dit terrein te betreden. Mijn klussende wederhelft wilde dat ik haar niet voor de voeten zou lopen; zij vond dat ik beter bij mijn ouders kon onderduiken, om daar onze kleine te verzorgen. Ik doe mij graag voor als feminist, maar je kan ook zeggen dat het lot genadig is. Met een luier kan ik nu eenmaal beter uit de voeten dan met een combinatietang. Mijn geliefde had zich de plek met parketlijm en grondverf allang eigen gemaakt, maar ik moest mijn weg nog zien te vinden.

Illustratie: Tejo Verstappen

Ik deed mijn voordeur open met de sleutels die als onbekende indringers hingen aan de bos. Het voelde nog niet bepaald als thuis komen, want de poezen kwamen mij niet begroeten. Die waren vast verdwaald in dit kolossale, drie etages tellende kasteel. De woonkamer was gevuld met dozen. Dat ik mij in de woonkamer bevond wist ik doordat op elke doos ‘woonkamer’ geschreven stond. Tussen de dozen lag een matras. In deze omgeving kon ik beter een verhuisdoos dan een meubelstuk zijn. Ik zou voor zich spreken in de tijdelijke chaos.

Maar verhuisdozen stoppen geen pizza in de oven, masturberen niet in een oude sok en kijken geen deeveedee van Koot en Bie. Toen ik al deze zaken gedaan had, in de vergeefse hoop daarmee een verschil te maken, wilde ik alleen nog naar het plafond staren en mij inbeelden dat ik overal kon zijn. Het was een plek waar ik was, maar daarmee was alles gezegd. Deze plek kon nog van alles worden. En dat zou ook gebeuren. De dozen zouden worden uitgepakt, het huis zou worden ingericht, het leven zou hier verder gaan. Er zou geschreven, gekookt, gespeeld, geruzied en gezopen worden hier. Een kind zou hier haar eerste stapjes wagen, haar eerste woordjes zeggen. Dat wist ik wel, maar op dit moment leek het slechts een vage mogelijkheid. Voor hetzelfde geld waren de verhuisdozen gevuld met stenen en zou ik heel ergens anders wakker worden. Misschien was ik wel Nelson Mandela met een delirium.

Uiteindelijk ging het leven toch verder. Ik moest de vervreemding overwinnen door de dozen open te maken om te zien dat ze niet gevuld waren met stenen, maar met mijn spullen, spullen die onderdeel uitmaken van de chronologie van een leven, die meehelpen te maken wie ik ben. Gisteren heb ik de platenkast ingeruimd en nu voelt het huis als meer dan een mogelijkheid, het voelt als een plek die is waar ik ben. Alleen mijn LP’s van Dylan heb ik in hun doos gelaten. Mocht de beste man hier ooit aanbellen, hoeft hij zichzelf tenminste niet tegen te komen.

Mail

Kasper van Royen is Hard//hoofd-redactielid, is naast vader ook filosoof, ex-docent, ex-dichter, ex-echtgenoot, popfetisjist en postbode.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kris van der Voorn
    Kris van der VoornAdjunct-hoofdredacteur
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
het laatste
Column: Ik wens je alle goeds

Ik wens je alle goeds

Een afwijzing komt Eva koud op haar dak vallen. ‘Ik vond hem leuk, hij vond mij ook leuk, hij vond mij dus niet leuk, ik ben gewoon niet leuk genoeg.’ Lees meer

Koop de roze bril

Koop de roze bril

Lang geloofde Shulamit Löwensteyn dat een ingebouwd stapelbed de oplossing zou zijn voor al haar moeilijkheden. Had ze daar gelijk in? Een tip over tulpen, taart en het kopen van troost. Lees meer

Column: Het enige woord dat het omschrijft

Het enige woord dat het omschrijft

Het voorlopig laatste uitstapje naar de bios met haar vader krijgt voor Eva een duistere lading. Lees meer

Kon je maar aanbeden worden

Kon je maar aanbeden worden

Hologrammen, goud licht en een religieus lam laten Marthe van Bronkhorst zich klein voelen tijdens een kerkbezoek. Lees meer

Wees talentloos

Wees talentloos

Tijdens een date raakt Wolter de Boer verwikkeld in een socratisch vraaggesprek rond talent. Een tip over het afschaffen van aanleg. Lees meer

'Het kán dus wel.'

'Het kán dus wel'

Eva is dolblij voor (en stikjaloers op) haar smoorverliefde vriendin. Lees meer

Column

In een te specifieke vorm geslepen

Op ieder potje past een dekseltje, toch? Marthe van Bronkhorst vraagt zich af of ze daarvoor niet té veel eigenaardigheden heeft: "Als ik nog groter groei, dan moet een bosbrand mij snoeien. En wat voor allesverzengende liefde moet dat zijn waardoor het specifieke houtsnijwerkje dat je bent geworden af fikt, helemaal ombuigt, en opnieuw wortel schiet?" Lees meer

Column: Ik ben geen dreumes, ik ben Julie!

Ik ben geen dreumes, ik ben Julie!

Eva's nichtje van twee geeft tijdens een bezoek aan de speeltuin blijk van een opvallende afkeer van hokjesdenken. Lees meer

Breek het brutalisme

Breek het brutalisme

In een distrack over het brutalisme maakt Marthe van Bronkhorst duidelijk dat ze helemaal klaar is met de betonnen architectuurstijl: "Wat is de deal met al die bouw freaking putten, nog minder fundament voor kunst dan vier keer Rutte?" Lees meer

Column: Zullen we vrienden worden?

Zullen we vrienden worden?

Corona of geen corona, Eva blijft haar sociale cirkel onderhouden en zo nodig verversen met aanwas. Lees meer

Column: Tegen vrienden zeg ik nooit goed 'doei'

Tegen vrienden zeg ik nooit goed 'doei'

Over de dood van haar grootouders dacht Eva van den Boogaard vroeger wel na, maar over die van een goede vriend? Lees meer

Achtbaantester 1

Achtbaantester

Marthe van Bronkhorst hangt op de kop in een looping en weet één ding zeker: achtbanen worden alleen spannend als ze een goed verhaal hebben. Lees meer

Column: Weten of je ooit moeder wil worden

Weten of je ooit moeder wil worden

Eva wordt geconfronteerd met de beruchte wel-of-geen-kinderen-vraag en zet de voor- en nadelen tegenover elkaar. Lees meer

Vrees de cocon niet: ze is nog warm

Vrees de cocon niet

Nu de feestjes voorzichtig weer op gang komen, beseft Rijk Kistemaker hoeveel hij níet heeft gemist. Gestrand tussen veganistische sneakers en gesprekken over Jeff Bezos verzint hij voor zichzelf een stiller leven. Een tip over verlangen naar lauwe thee en warme cocons. Lees meer

Alles Vijf Sterren: Steek die maar in je zak!

Steek die maar in je zak!

Deze week worden onze redacteurs blij van enthousiaste opstekers (op gepast volume), kunst in je broekzak en een wisselaccount op Twitter. Lees meer

De maakbare mens

De maakbare mens

Zijn mensen net als machines? Het bezoek van een monteur laat Marthe van Bronkhorst nadenken over haar eigen bedrading. Lees meer

Column: Tot op het bot

Tot op het bot

Een oude brief van een vriendin voert Eva terug naar een periode waarin het wat minder lekker met haar ging. Lees meer

Framer geframed

Framer geframed

Marthe van Bronkhorst ziet haar angst onder ogen en besluit haar ervaring als psycholoog te verrijken door zelf de patiënt te worden. De belangrijkste les? Ook therapeuten weten niet alles. Lees meer

Dingen die niet kloppen, maar die ik wel geloof

Dingen die niet kloppen, maar die ik wel geloof

Hoe goedgelovig mag een mens eigenlijk zijn? Waar Eva van den Boogaard soms dwangmatig eerlijk is, blijkt haar neef F. regelmatig informatie aan haar te verstrekken die niet klopt. Lees meer

 Weet je nog, de nacht?

Weet je nog, de nacht?

Het ‘vergeten’ nachtleven krabbelt terug, en onze eigen lichamen blijken zich als gisteren te herinneren hoe ze van hun eigen bewegingen kunnen genieten. Lees meer