Illustratie: Floris Solleveld

Stop met 'praten over' en doe iets nieuws!" />

Illustratie: Floris Solleveld

Stop met 'praten over' en doe iets nieuws!" />
Asset 14

Kunstkritiek op internet moet meer zijn

◊ Prijs

Prijs voor de Jonge Kunstkritiek

De Prijs voor de Jonge Kunstkritiek is vier jaar geleden opgericht, gemotiveerd door de alsmaar afkalvende ruimte voor kunstkritiek in de algemene media. Dit jaar lanceert de Prijs voor de Jonge Kunstkritiek samen met hard//hoofd een nieuwe categorie voor de beste internetkritiek. Met dit nieuwe onderdeel wordt ingespeeld op de veranderingen van de platformen voor kunstkritiek: van traditionele media naar blogs en andere sociale media. De nieuwe editie van de Prijs voor de Jonge Kunstkritiek bestaat daarmee uit drie categorieën: recensie, essay en internetkritiek. In deze categorieën worden maximaal 3 artikelen genomineerd om mee te dingen naar de hoofdprijs van € 7.500 (essay), € 5.000,- (recensie) en € 1.500 (internetkritiek).

De Prijs voor de Jonge Kunstkritiek staat open voor jong talent tot 35 jaar en wordt uitgereikt in de categorieën essay, recensie en internetkritiek. Deadline voor inzendingen is 1 september 2012.

Het gros van de online kunstkritiek voegt weinig toe aan het vitaal houden van het genre. Vrijwel alles had ook op papier kunnen staan. Floris beziet de huidige stand van zaken en kijkt hoe de kunstkritiek zich op internet echt zou kunnen vernieuwen.

De journalistiek staat onder druk, en de kunstkritiek vormt geen uitzondering. Al is het, zolang ettelijke bijlagen en tijdschriften worden gevuld door integere en intelligente mensen, onzin om van een 'crisis in de kunstkritiek' te spreken. Maar vernieuwing in het genre blijft uit. Terwijl de kunstpraktijk in toenemende mate de grenzen van de disciplines overstijgt of negeert, is de kunstkritiek nog steeds langs precies die grenzen verkaveld. Terwijl het gezag van critici afneemt – hun rol verandert van schiften en oordelen in commentaar langs de lijn – gaan ze unverfroren door met recensies schrijven. Terwijl de krantenjournalistiek wanhopig probeert aansluiting te vinden bij het internettijdperk, volgt de online kunstkritiek nog steeds hoofdzakelijk het dode-bomen-model: vrijwel alles dat geschreven wordt, past nog in een afdrukbaar format. Als er Iets Nieuws nodig is, zal dat van Het Web moeten komen. Maar is dat te verwachten?

Tot nog toe leidt kunstkritiek op internet een marginaal bestaan. Jawel, alle kunsttijdschriften hebben een website en daar staan blogs en filmpjes op. Er zijn zelfstandige internetplatforms zoals festivalkrant De Dodo, het 'Europese magazine' Café Babel, het open archief Ubuweb, de 'community' voor 20e- en 21e-eeuwse muziek muziekvan.nu, en het Vlaamse tijdschrift Rekto:Verso, dat sowieso gratis is en dus alle content ook vrij online kan zetten. Voor de literatuur zijn er De Reactor, Raster, De Contrabas, Ooteoote en nY. Maar al deze sites zijn op één of andere manier gesubsidieerd (behalve Ubuweb, dat heeft geen onkosten; het enige voorbeeld van een website voor kunstkritiek met een eigen verdienmodel, wereldwijd, is e-flux). En geen van deze sites kan qua impact op tegen het kunst- of boekenkatern van NRC, De Volkskrant of De Standaard.

Nu is geld en impact het probleem niet, zolang je niet per se rijk en beroemd wilt worden. De vraag is vooral: draagt het iets nieuws bij? Want de kunstkolommen van de landelijke dagbladen en het belangrijkste internationale kunstnieuws volgen, is al een opgave; wie gaat er dan ook nog al die sites lezen?

Show, don’t tell

Het internet heeft wel degelijk kwalitatieve voordelen. De belangrijkste daarvan voor de kunstkritiek zijn dat je kunt linken en embedden. Terwijl in de traditionele kunstkritiek nauwelijks aan bronvermelding wordt gedaan, en je maar op het idiosyncratische oordeel van de grote oordelaar moet vertrouwen, kan een webtekst transparanter zijn over hoe het oordeel tot stand komt. En je kunt het – vooral in de podiumkunsten – ook laten zien. Daardoor ben je niet afhankelijk van de tenenkrommende metaforen die muziek- en dansrecensenten meestal inzetten (“verstilde klanklandschappen”, “aftastende bewegingen”), en kan het publiek zelf zien waar je het over hebt. Probleem is wel dat iemand die documentatie en opnamen vrij toegankelijk online moet hebben gezet. Maar ook bij de huidige stand van zaken kun je al veel meer achtergrond bieden dan in een krantenrecensie, en hoef je dus minder te 'interpreteren'. (Want voor alle duidelijkheid, 'interpretatie' is gewoon een eufemisme voor associatief en onvolledig argumenteren.)

Illustratie: Floris Solleveld

Een ander groot voordeel van online kritiek is dat het een stuk gemakkelijker terug te vinden is. Een online platform is zijn eigen archief. Zo kun je ook makkelijker in opeenvolgende stukken een argument opbouwen (zie bijvoorbeeld hier een eerder stuk waarin ik uitvoeriger de merites van het kunstbloggen opsom). Een ander vaak genoemd voordeel van online journalistiek, dat het zo lekker snel gepost kan worden, telt bij kunstkritiek juist minder: het is geen breaking news, dus wat maakt het nou uit als je recensie binnen 1 uur in plaats van binnen een halve dag online staat? Evenmin zit er iemand te wachten op vlogs, podcasts van rondetafelgesprekken, sms-recensies en live tweets uit de zaal. Wel is het fijn dat je eenvoudig naderhand kunt corrigeren – want wie geen kleine vergissingen maakt, of zelfs blunders begaat, moet wel hele saaie stukken schrijven.

Doe iets nieuws

Die voordelen zijn niet heel revolutionair: het zijn eerder toevoegingen aan klassieke journalistieke mores. Alleen is er voor die mores op internet weinig plaats. Het web 2.0 dient vooral om dingen onder de aandacht te brengen: filmpjes delen op Facebook, leuke plaatjes op Tumblr en technorati-blogs. Lange stukken worden weggeklikt, en voor de zichtbaarheid van je recensies en beschouwingen ben je vaak afhankelijk van dezelfde culturele instellingen wiens programma je bespreekt. Online content wordt beschouwd als free publicity, of in elk geval eerder als PR dan als journalistiek. Wie heeft er tenslotte tijd om op zijn eigen houtje aan hoor en wederhoor te gaan doen? De enige echt bloeiende niche zijn de mode- en lifestyleblogs. Daar wordt immers een verkoopbaar product aangeprezen, daaraan valt geld te verdienen. Zie als afschrikwekkend voorbeeld nalden.net, waar design, muziek en andere creativiteit wordt geadverteerd als “lifestyle for the 2.0 generation”.

Michaël Zeeman spelen op je eigen blog heeft dan ook niet veel zin. Er zijn feitelijk drie opties voor de jonge internetscribent: sluit je aan bij een platform, zoek een niche, of doe iets nieuws.

Over de platforms hebben we het al gehad. Daar is inhoudelijk niks mis mee. (En hard//hoofd zoekt nog schrijvers!) Wat de niches betreft, die zijn er genoeg. Er is namelijk verdomd veel kunst die niet in de papieren media wordt besproken. Zelf schrijf ik al jaren over obscure avantgarde-muziek, contemporaine dans en interdisciplinaire kunstvormen. Dat wordt dan ook alleen gelezen door musici, dansers en mafkezen. Mij houdt het lekker bezig. Maar de digitale revolutie valt daarvan niet te verwachten.

Een einde aan het kastje kijken

Blijft over optie 3. Doe Iets Nieuws. Tenslotte is de traditionele kunstkritiek ook maar een tamelijk eenzijdig gebeuren waarbij je naar een voorstelling of tentoonstelling kijkt en daar vervolgens iets interessants over probeert te zeggen. Daaraan deugen twee dingen niet: (1) De criticus beschouwt het kunstwerk nog steeds als kijkkast en (2) het leidt tot een inflatie van 'betekenis', aan interessantige observaties en interpretaties. Het perverse gevolg daarvan is dat het aanzet tot het maken van 'interpreteerbare' kunst, die heel hard probeert 'gelaagd' te zijn. Zo cirkelen de hedendaagse kunst en de kunstkritiek om elkaar heen.

Om een einde te maken aan dat kastje kijken, is het nodig dat kunst en kunstkritiek nauwer met elkaar worden verweven. Tenslotte gaat het er niet om wie iets zegt, de kunstenaar, de criticus of desnoods een derde, en ook niet of het nou kunst is, maar dat er iets interessants wordt gedaan. Het is, kortom, tijd dat “The Blurring of Art and Life” ook in de kunstkritiek doordringt. En daar kan de online kunstkritiek aan bijdragen, door een ander voordeel van het internet: de zogenaamde intermedialiteit. (In feite is dat gewoon een duur woord voor linken en embedden.) Doordat tekst, geluid en beeld door elkaar heen lopen, ben je ook niet meer gebonden aan het stramien van 'praten-over'.

Hoe dat Iets Nieuws eruit moet zien laat zich niet voorschrijven, alleen uitproberen. Een eerste aanbeveling is meer eigen content, en minder web 2.0: niet stomweg sharen en reposten, maar tekst en beeld uit de eigen kweek. Wat je plaatst zou op zichzelf interessant moeten zijn, en niet alleen als commentaar op iets anders. Er zijn kunstenaars (te weinig!) die het uiten van beredeneerde opinies tot deel van hun kunstenaarschap hebben gemaakt. En er is een mismoedig stemmend overaanbod van nagesprekken en artist talks die wel wat kritischer zouden mogen. De opgave is nu om werken en ideeën op zo’n manier bij elkaar te brengen dat het geen pretentieuze potpourri wordt, maar een vorm van kunst zonder mystificaties, een vorm van kunstkritiek van binnenuit. De ingrediënten voor die verandering zijn er. Nu nog een beetje roeren, dan kan het gaan gisten en borrelen.

Mail

Floris Solleveld is Hard//hoofd-redactielid en overdag historicus en filosoof. Tussendoor tekent hij met inkt en penseel en schrijft over interdisciplinaire podiumkunsten. Of over politiek. Soms ook poëzie.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer