Asset 14

Bloemen uit Holland

Kort verhaal: Bloemen uit Holland

Alleen maar boeken van Dostojevski lezen, daar kom je niet mee weg – zo ervaart de hoofdpersoon van dit korte verhaal. Zijn moeder stuurt hem naar een bloemenkwekerij om te gaan werken voor de kost.

Het was zo’n periode in mijn leven waarvan ik achteraf ging denken: pas daarna werd alles beter.

Het was net juli toen mijn vriendin me verliet voor een gozer die wél een rijbewijs had en ook nog eens een woordje Italiaans sprak. Aan de telefoon vertelde ze dat ze al op internet had gekeken naar Toscaanse campings die ze, mocht ze te zijner tijd besluiten dat te willen, met hem kon bezoeken.

Zelf bleef ik liever de hele zomer op zolder zitten. Na de examens had ik een stapel Russen van school gejat, als ik een beetje opschoot zou ik in augustus in elk geval Dostojevski kunnen uitlezen. Maar jammer genoeg had mijn moeder een heel ander idee.

‘Je dacht toch niet dat je de hele zomer op je reet kon blijven zitten,’ blèrde ze. ‘Wie niet meer naar school gaat moet werken voor de kost.’ Ze belde wat rond en voor ik het wist had ik een baantje in een bloemenkwekerij net buiten de stad.

Ik kwam terecht in een ploeg met Pieter, die met een kruiwagen door de kassen liep om de tot bloei gekomen bloemtoppen af te knippen, en Moes, die telkens vier of vijf bloemen van min of meer gelijke grootte bij elkaar moest zoeken om die met een elastiekje te bundelen. Zelf moest ik vooral met potten sjouwen. Van het verwarmde gedeelte van het kassencomplex naar het onverwarmde gedeelte en weer terug.

Pieter praatte altijd over zijn favoriete tv-programma’s. En Moes leverde daar dan commentaar op. ‘Jij gaat nevernooit een vriendin vinden,’ zei Moes tenminste één keer per dag. ‘Als zo’n griet van tv bij je aan zou bellen, zou je niet eens open durven doen.’

Het werk was niet echt verheffend.

‘Als ik genoeg heb gespaard,’ zei Pieter, terwijl hij met een Big Mac naar de sterren wees, ‘ga ik mijn eigen kwekerij beginnen. In Amerika.'

Om mijn hoofd tenminste nog een beetje bezig te houden, schreef ik af en toe wat op in een schriftje dat ik bij me droeg in mijn binnenzak. Over de vogels die ik door de koude, blauwe lucht zag vliegen, of over het slootje achter de schuur waar we in moesten pissen.

Een keer, toen het heel erg heet was en we tot laat hadden doorgewerkt, gingen we met z’n drieën de stad in. Of nou ja, met zijn drieën: Moes zat zo’n beetje de hele avond achter de vrouwen aan. Ondertussen hingen Pieter en ik met een biertje aan de bar en keken we toe hoe die meisjes zich zo snel mogelijk uit de voeten maakten.

‘s Nachts, vlak voor we naar huis gingen, rookten we nog wat op een bankje aan de gracht. ‘Als ik genoeg heb gespaard,’ zei Pieter, terwijl hij met een Big Mac naar de sterren wees, ‘ga ik mijn eigen kwekerij beginnen. In Amerika. Je weet toch dat ze in de hele wereld zitten te wachten op de Nederlandse bloemen-knowhow?’

Een tijdje ging het elke vrijdag zo. We werkten tot een uur of vier en trokken dan ons eerste biertje open. Ik had in die periode weinig anders te doen, na een paar keer begon ik er al op maandag naar uit te kijken. Maar toen kwam er een vrijdag die heel anders verliep.

Vlak voor de pauze kwam Pieter binnenstormen. ‘Ze is zwanger, ze is zwanger, ze is al fucking lang zwanger,’ riep hij uit, zo hard dat er een echo door de kassen klonk. Wat bleek: het was Pieter toch gelukt om een vriendin te vinden. En blijkbaar hadden ze niet bepaald stilgezeten.

Een paar maanden later gingen we met z’n allen op kraamvisite. Als cadeautje namen we een boeket uit de kwekerij mee. ‘Eigenlijk hadden jullie haar Hyacinth moeten noemen,’ zei Moes een paar keer. ‘Of Iris, of Fleurtje. Zou dat niet wat wezen? Als het Iris of Fleurtje was geworden?’

 

In de jaren die volgden zoop ik op vrijdag alleen nog met mensen die thuis geen tv hadden staan.

Ondertussen stond ik daar maar, aan het voeteneinde van het bed van Pieter en zijn vriendin, te staren naar de pluisjes in het tapijt op de vloer. Ik wist niet of het door die baby kwam, maar langzaam bekroop me het gevoel dat er ergens, waar ook ter wereld, een andere groep mensen zat te wachten tot ik me eindelijk bij hen kwam voegen.

‘Ben je daar eindelijk?’ zou het meisje van mijn dromen tegen me zeggen. ‘We zijn nog niet begonnen, we hebben eerst nog even op jou gewacht.’

Omdat Pieter een tijdje niet kon komen werken, werd hij vervangen door een Pool die geen Nederlands sprak. En telkens als ik hem iets uit probeerde te leggen, dacht ik: had Moes maar gelijk gehad, had Pieter maar nooit een vriendin kunnen vinden.

Toen die Pool ook nog eens begon te zeiken over de sterkte van de koffie, diende ik mijn ontslag in.

Ik ging studeren, verhuisde naar een andere stad. In de jaren die volgden zoop ik op vrijdag alleen nog met mensen die thuis geen tv hadden staan.

Pieter en Moes heb ik al die tijd niet meer gesproken. Maar telkens als ik langs zo’n kassencomplex rijd, moet ik even aan ze denken.

Misschien is het Pieter toch nog gelukt om zijn bloemen-knowhow naar Amerika te brengen, denk ik dan. Misschien rijdt hij op dit moment in een Cadillac door Californië, langs zo’n uithangbord van Coca-Cola. Of zit hij aan het hoofd van zo’n grote vergadertafel. Cowboyhoed op, sigaar in zijn mond. In november wil hij een gooi doen naar het gouverneurschap, en hij wil hier en nu weten of hij op zijn mensen kan rekenen.

‘s Avonds gaat hij samen met zijn inmiddels volwassen dochter naar een vijfsterrenrestaurant op de bovenste verdieping van het Empire State Building (zijn tweede vrouw, uit een familie met oud geld uit New England, mag niet mee).

‘Weet je nog,’ zegt zijn dochter. ‘Dat je vroeger in Holland zelf de bloemen moest knippen?’

Pieter weet het nog wel, maar hij wil het er niet over hebben. Hij zet zijn mes in zijn T-bone-steak en haalt koeltjes zijn schouders op.

Mail

Elko Born komt uit Londen, maar woont al een tijdje in Amsterdam. Hij was eerst journalist, nu schrijft hij korte verhalen voor literaire tijdschriften. Later wil hij geschiedenisleraar worden in een dorpje in Engeland.

Jesse Strikwerda is illustrator en één van de drie winnnaars van de Fiep Westendorp stimuleringsprijs 2015.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
Lees meer
het laatste
Een huis vol water

Een huis vol water

'Hoe leg je aan iemand die de wereld al kent uit dat hij zo kwaad niet is?' Een kort verhaal over verdriet en troost. Lees meer

Meissie

Meissie

Dit seizoen warmt Hard//hoofd zich aan de zomer in een samenwerking met de Seizoenszine: een reeks zines waarin wordt samengewerkt door schrijvers, illustratoren en fotografen om het seizoen te omvatten. Deze week is de beurt aan Mel Kikkert. Lees meer

Scheerlijn - Haring

Scheerlijn - Haring

Dit seizoen warmt Hard//hoofd zich aan de zomer in een samenwerking met de Seizoenszine: een reeks zines waarin wordt samengewerkt door schrijvers, illustratoren en fotografen om het seizoen te omvatten. Deze week is de beurt aan Liene Schipper. Lees meer

Een Betonskelet leggen (fragment)

Vertigo

Dit seizoen warmt Hard//hoofd zich aan de zomer in een samenwerking met de Seizoenszine: een reeks zines waarin wordt samengewerkt door schrijvers, illustratoren en fotografen om het seizoen te omvatten. Deze week is de beurt aan Ceren Uzuner. Lees meer

8 + 5 + 36 + 9

8 + 5 + 36 + 9

Het leven van de hoofdpersoon van dit korte verhaal speelt zich af in een kleine bubbel van drie personen: haar beste vriendin, het vriendje van haar beste vriendin en zijzelf. Een bubbel die vroeg of laat onvermijdelijk uiteen zal spatten. Lees meer

Re: Hier (CONCEPT)

Hier

In de interviewserie ‘Tijdsvensters’ laten De Bedachtzamen steeds een creatieve denker reflecteren op het begrip ‘tijd’. Op Hard//hoofd reageren collega’s in stijl. Vandaag: Anne Chris van Doesburg reageert op de reflecties van dichter Ingmar Heytze. Lees meer

Aantekeningen uit Aalten

Aantekeningen uit Aalten

Willemijn Kranendonk reflecteert in deze gedichtenreeks over koolmeesjes en eenzaamheid op haar verhuizing naar de Achterhoek. Lees meer

Pleinvrees

Pleinvrees

Ezra Hakze onderzoekt in deze actuele gedichtenreeks verschillende ervaringen die te maken hebben met thuis zijn. Lees meer

Vrije val

Vrije val

Een bekend gevoel voor velen: vastzitten op een feestje waar je niet wilt zijn. De vrouw in dit verhaal zoekt naar manieren om zichzelf en haar gebroken hart staande te houden in het nachtelijk gewoel. Lees meer

Hoe de zwarte dichteres May Ayim een slavenfort veroverde

Hoe de zwarte dichteres May Ayim een slavenfort veroverde

Een promenade die oorspronkelijk naar de oprichter van het fort was vernoemd, kreeg niet lang geleden een nieuwe naam. Lees meer

Magma

Magma in mijn onderbuik

'Bij Cas liet ik los dat het drie uur ’s nachts was, dat ik morgen om acht uur op mijn werk moest zijn.' Een kort verhaal van Joanne van Beek. Lees meer

Zoek naar de oorsprong

Zoek naar de oorsprong

Babeth Fonchie schreef drie gedichten over geknutselde ouderfiguren en vroege herinneringen. Lees meer

Ons hulsel ligt verscholen

Emma Zuiderveen onderzoekt de digitale werkelijkheid in deze twee gedichten over performance, schijn en vega-worst. Lees meer

Automatische concepten 36

So simple that we couldn't

Twee mannen zoeken antwoorden op vragen die ze niet begrijpen, om tot een allesomvattend inzicht te komen. Lees meer

Hemellichaamgedichten

Alle sterrenstelsels drijven langzaam uit elkaar

Yentl van Stokkum is behoorlijk fan van sterrenkunde. Voor de Kosmische Week schreef ze een reeks gedichten over astronauten, zwarte gaten en afgebeeld worden met een stralenkrans (ook al ben je daar eigenlijk te bescheiden voor). Lees meer

De aarde als jukebox

De aarde als jukebox

Imre van Son nodigt je met dit verhaal uit om deel te nemen aan een kosmische Zoom-vergadering. Wees gewaarschuwd: ‘Subtiele signalen die je in een offline-gesprek opvangt – lichaamstaal gezichtsuitdrukkingen, robot-expressie – ontbreken of worden vertekend in een online conversatie.’ Lees meer

Wat zich ontvouwt in de ruimte

Wat zich ontvouwt in de ruimte

Al jaren kijkt Marte Hoogenboom uit naar de lancering van James Webb, de opvolger van de beroemde Hubble-telescoop. We doen alles om onze plek in het heelal te begrijpen, terwijl we soms alleen maar willen horen dat het wel goedkomt met ons. Lees meer

Het Archief der Verloren Gedachten

Het Archief der Verloren Gedachten

Voor de Kosmische Week schreef Annemieke Dannenberg een kort verhaal over Gijsje Nachtegaal: een eenzame oudere die op zoek is naar een verloren gedachte... en daarbij wordt geholpen door een mysterieus call-center. Lees meer

Azul

Azul

'Azul', een kort verhaal van Nora van Arkel, verkent de uitwassen van een driehoeksverhouding. Hoe verwerk je verlies wanneer je aan de kant bent gezet? Lees meer

 1

Op de plaats rust

‘Het is best ingewikkeld om te beseffen dat iemand dood is als je diegene niet dood hebt gezien. Zonder die bevestiging blijft de dood altijd een suggestie.’ Annelies van Wijk schreef een kort verhaal over hoe het besef van de dood maar moeizaam inzinkt. Lees meer

Steun de makers van de toekomst. Sluit je aan bij Hard//hoofd.

Jouw steun maakt mogelijk dat wij onze makers een vrije ruimte kunnen blijven bieden en hen optimaal kunnen ondersteunen. Sluit je nu aan en ontvang kunst van talentvolle kunstenaars.

Sluit je aan