Fotografeer geen junkies. En als het dan toch per ongeluk gebeurt, tag ze dan niet op Facebook." /> Fotografeer geen junkies. En als het dan toch per ongeluk gebeurt, tag ze dan niet op Facebook." />
Asset 14

Junkies

Er zijn junkies in ons pand. Ik heb ze niet met eigen ogen gezien, maar de uitgespreide stukjes aluminiumfolie met het zwarte goedje in het midden vormen het onmiskenbare bewijs. Toen ik het rituele hoopje in een hokje van het trappenhuis voor het eerst opmerkte, hurkte ik en staarde er gefascineerd naar. Ik heb in mijn leven eigenlijk nog nooit iemand drugs zien gebruiken, hoewel het toch regelmatig in mijn omgeving gebeurd moet zijn. Ik hoorde dan achteraf dat “echt iedereen aan de coke was” of dat “de hele groep ‘em hard tripte op fucking lekkere XTC”. Het was alsof iedereen snel een lijntje nam op het moment dat ik naar de WC ging en het geheel weer snel onder een bierviltje schoof bij mijn terugkomst. “Hé man, waar was je? Aaaah holy fuck! Wat sta je daar nou? Ga zitten man! Neem plááts!”

Eigenlijk verstoppen alle illegale uitwassen zich voor mij. Toen ik nog in een buitenwijk woonde, las ik wekelijks in de krant over moorden, verkrachtingen en drugsdeals die bij mij om de hoek plaatsvonden. Maar als ik met mijn plastic tas naar de buurtsuper liep, verborgen alle gangsters vlug hun stiletto’s en boksbeugels achter hun rug, veegden gehaast het bloed van de stoep en zwaaiden glimlachend samen met hun tandeloze slachtoffers naar de nietsvermoedende buurman. De criminaliteit was als de toverwereld van Harry Potter, het Madrid van Sinterklaas en god mag weten waar de tandenfee woont: een onzichtbare plek waarvan ik zeker wist dat het bestond, maar waarvan ik alleen maar geruchten en vage sporen opving. Ik wist het wachtwoord niet en niemand stuurde me een uitnodiging.

Deze junkies zijn slordiger. Ik had er eentje zien morrelen aan onze voordeur, waarna ze zo vlug mogelijk met gebogen rug wegstrompelde bij het horen van mijn voetstappen, als een verlegen zombie. “Er woont een dealer hier,” fluisterde een buurvrouw met een mix van angst en sensatiedrift. Ik zou anders nooit met haar gesproken hebben en vond haar heel vriendelijk en bovendien aantrekkelijk voor haar leeftijd, die zich alleen subtiel kenbaar maakte door middel van de kleine rimpels rond haar grote bruine ogen. Ook anderen onderbreken hun gebruikelijke autistische staar bij de postvakjes om hun zorgen met me te delen. Zo brengen de junkies ons als buurtbewoners dichter bij elkaar. Als ze geld hadden voor een PR-strategie zouden ze die slogan op een poster kunnen zetten om hun imago te verbeteren, maar ze hebben waarschijnlijk andere prioriteiten.

Moeten deze werelden wel versmelten? Een vriend van een vriend van mij had ooit in Lissabon foto’s gemaakt van spuitende junkies in een steegje. Deze werden zo boos dat ze hem vastgrepen en hun vuile naalden in hem staken. De jongen moest drie maanden lang talloze medicijnen slikken om de waarschijnlijke ontluiking van het HIV-virus tegen te gaan. Fotografeer geen junkies. En als het dan toch per ongeluk gebeurt, tag ze dan niet op Facebook.

Misschien moet ik vrienden met een junkie worden. Zijn aanvankelijke vijandigheid voor een normale burger zal smelten en hij zal me zijn wereld laten zien, die veel onverwachts mooie kanten zal blijken te kennen, maar ik zal hem er toch bovenop helpen zodat hij eindigt met een leuk gezinnetje en een prima baan. Of nog beter, ik zal een romance beginnen met een vale, maar nog mooie junkin, een liefde die de wereld zal inspireren om nooit meer op drugsgebruikers neer te kijken. Wat zullen ze opkijken op het familiefeest, vooral mijn oom die nooit naar de grote stad gaat omdat hij zeker weet dat zijn auto dan gestolen wordt. “Ze heeft even een shot nodig,” zal ik liefdevol tegen mijn oma opmerken als mijn graatmagere lief naar de WC vertrekt. Mijn oma zal waarschijnlijk nog welwillend glimlachen ook, de schat.

Ik heb wel een vermoeden wie de dealer is. Een paar weken eerder nam ik een pakketje in ontvangst dat bestemd was voor twee verdiepingen lager – ik moet een van de weinigen geweest zijn die op dinsdag om half drie thuis was. ’s Avonds klopte ik aan. "Wie is daar?" sprak een mannenstem. "De buurman," zei ik na enig aarzelen. De deur ging open en daar stond hij, naakt op een grote pyjamabroek met regenboogstrepen na. Zijn korte blonde haar stak alle kanten op en zijn rossige baardje was twee tot drie dagen op weg, maar zijn blik was scherp en vriendelijk. Achter hem zag ik zijn huis, hetzelfde als het mijne, maar donkerder en viezer, met rare kamerschermen kriskras door de ruimte verspreid en okere Indonesische doeken aan de muur. “Dit is voor jou,” zei ik uiteindelijk maar, onhandig met het pakketje zwaaiend. Hij keek verheugd, alsof hij al maanden op deze post wachtte. Was het een geldteller? Een weegschaal? De afgehakte hand van een concurrent? Had ik dat toen maar gevraagd, maar hij sloeg de deur al dicht.

Hij woont op nummer 61. Ik zou weer kunnen aankloppen om te vragen of zijn klanten hun troep kunnen meenemen, omdat ik niets tegen hun aanwezigheid en gewoontes heb, als ik er maar niets van merk. Ik wil simpelweg dat de werelden weer gescheiden worden. Ik zou niet van hem verwachten dat hij het zelf zou opruimen, omdat hij daarmee uiteraard zijn schuld zou toegeven, als de persoon die subtiel begint te wapperen nadat hij een scheet heeft gelaten. Dit is ook de reden dat de andere bewoners de drugsresten met rust laten, alsof ze willen zeggen: “Het zijn niet mijn junkies.” Maar de schoonmakers komen maar een keer per maand en misschien hebben ze een junkieverleden waar ze niet mee geconfronteerd willen worden en zal de aanblik van het zwartgebrande restje heroïne hun met moeite uitgebannen verslaving terugbrengen, waarna ze hun schoonmaakspullen verkopen aan ranzige corpsballen die net hun leven willen beteren, om even later in een steegje die heerlijk troostende walmen tot zich te nemen.

Dat zal de dealer begrijpen en hij zal voortaan zijn deals niet alleen eindigen met “en je kent mij niet”, maar ook met “hou het trappenhuis schoon, eikels. Denk aan de buren.” De buurvrouw met de grote bruine ogen zou niet weten dat ik verantwoordelijk ben voor de plotseling brandschone gemeenschappelijke ruimten, voor de terugkeer van de magische wezens naar hun eigen wereld, maar ze zou het voelen en ze zou me, zichzelf verbazend met haar eigen stoutmoedigheid, bij haar thuis uitnodigen voor een koffie en harde, licht wanhopige seks.

Mail

Stephan M. Horvath

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer

Oh Sultan, pахмат, maar ik voel niet hetzelfde

Oh Sultan, pахмат, maar ik voel niet hetzelfde

Na een paardentocht in Kirgizië wordt voor Jip van Steenis duidelijk dat haar connectie met gids Sultan een andere wending nam dan ze had verwacht. Wat gaat er allemaal verloren in de interculturele vertaling wanneer je als toerist een band opbouwt met iemand in het buitenland? En hoe begeef je je in deze heteronormatieve dynamiek als biseksueel, in een land waar je niet queer mag of durft te zijn? Lees meer

Sigrid Kaag blijft diplomatisch bij Zomergasten, heel even komt ze los

Sigrid Kaag blijft diplomatisch bij Zomergasten, heel even komt ze los

Janine Abbring begint het gesprek met de woorden: “Je bent de afgelopen paar jaren veelvuldig bekeken door andermans ogen, maar vanavond kies jij de beelden.” Dat zet meteen de toon, maar roept ook de vraag op: zal doorgewinterde diplomaat Sigrid Kaag, met haar altijd politiek correcte antwoorden, het achterste van haar tong laten zien, of... Lees meer

Dingen die ik nooit gedaan heb

Dingen die ik nooit gedaan heb

Op een warme avond in een koele loods loopt een jonge vrouw een bekende professor tegen het lijf. Met de geur van opgedroogd zweet en de aanblik van een duur kapsel neemt Faye Schumacher ons mee in een ontmoeting tussen Vanessa en Meneer de Professor. Lees meer