Asset 14

Joost Oomen wil de maan bezielen

Joost Oomen wil de maan bezielen 3

Na dichtbundels en een novelle verscheen onlangs de eerste roman van Joost Oomen, Het Perenlied. Ik stopte de roman en twee mandarijnen in mijn tas en stapte in de trein naar Amsterdam om hem erover te spreken. Toen ik uitstapte, bleek een van de mandarijnen geplet: het boek zat onder het sap.

Toepasselijk, want Het Perenlied is een boek vol fruit. Het fruit zingt, net als allerlei andere kleine, alledaagse dingen, het Perenlied. Van het luisteren naar het Perenlied word je gelukkig, maar de meeste mensen horen het niet. De Bietenkoningin, de hoofdpersoon van de roman, hoort het Perenlied overal. Samen met haar geliefde probeert ze anderen, die afgeleid zijn door massa-vermaak, naar het Perenlied te laten luisteren.

Ik spreek Joost, die onlangs door de Volkskrant werd uitgeroepen tot het literaire talent van 2021, in zijn gloednieuwe atelier. Zó gloednieuw dat Joost de tweede stoel speciaal voor mij heeft aangeschaft (maar niet zo gloednieuw dat er nog kale muren zijn: die zijn volgeplakt met posters van watermeloenen en ezels met broeken aan).

Hoi Joost, in je boek komen zo ongeveer alle fruitsoorten voorbij, maar heb je zelf stiekem een favoriet?
‘Nu is het de lychee. Een lychee is zo'n waanzinnig raar ding. Je hebt die harde roze korst met stekels en je moet hem pellen als een eitje. Dan ontdek je daaronder iets dat lijkt op de oogbal van een geit. Als je die bal in je mond stopt, komt er een soort olijf uit. Er zitten drie totaal bizarre elementen in één lychee. Dat vind ik heel leuk, daarom ben ik er dol op. Ik geef toe dat het veel gedoe is voor de hoeveelheid vruchtvlees. Een appel is economischer, maar de lychee is een groter avontuur.’

Joost Oomen wil de maan bezielen 1

Het Perenlied gaat over genieten van kleine dingen. De hoofdpersonages denken dat vermaak, kunst en literatuur ervoor zorgen dat mensen dat niet meer kunnen. Hoe kijk je hier zelf naar? Uiteindelijk heb je toch een boek geschreven.
‘Zo zwart-wit als het in het boek wordt gesteld is het natuurlijk niet, ik kan erg genieten van een voorstelling of gedicht. Wat ik vervelend vind, is dat er duidelijk wordt afgesproken wanneer je iets mooi mag vinden en ergens van mag genieten. Als dat moment is afgelopen, dan moet je weer hard werken. De afspraak is dat je alleen mag genieten als je naar de schouwburg gaat, of naar het museum of een pretpark. Ik vind dat genieten geïncorporeerd moet zijn in het dagelijks leven.’

Hoe doe je dat?
‘Een tijd geleden was ik met mijn beste vriend Willie Darktrousers in de kroeg. Achterin was een keukentje en daar hing een schuimspaan. En die schuimspaan was zo mooi dat wij daar echt jubelend en superblij in die kroeg zaten, omdat het zo'n prachtige schuimspaan was, die zo mooi twinkelde. Dat zou ik iedereen zo gunnen, om zo gelukkig door de wereld te gaan. Door een schuimspaan, of een balkonreling, of meeuwen.’

In een ander interview zeg je dat het boek 0% autobiografisch is, maar jouw eigen enthousiasme voor kleine dingen, en jouw missie om dat over te brengen, valt samen met dat van de hoofdpersonages uit Het Perenlied.
‘Ik wilde het boek niet op mijzelf gericht maken, maar dat betekent niet dat het niet over de wereld om mij heen gaat. Het moest geëngageerd zijn. Dat vind ik belangrijk aan een jonge schrijver zijn nu, dat je in ieder geval probeert om iets bij te dragen aan de wereld. In mijn geval is dat proberen de wereld vrolijker te maken en de mensen lyrischer naar de wereld om hen heen te laten kijken. Andere geëngageerde schrijvers kaarten problemen aan, dat is heel belangrijk en daar heb ik veel respect voor. Maar ik wilde een vrolijk boek schrijven, laten zien hoe het anders kan. Die taak heb ik dan maar op me genomen. Maar het is nog niet goed genoeg. Nee, dat moet ik niet zeggen, het is wél goed genoeg.’

Waarom twijfel je?
‘Omdat het nog heftiger lyrisch kan. Nu het boek een tijdje uit en af is, denk ik wel: misschien had ik nóg wat harder het gaspedaal in kunnen trappen, maar aan de andere kant verlies je dan misschien de lezer en dan komt je boodschap niet meer over.’

Dus voor jouw gevoel is het boek nu een beetje een compromis?
‘Nou ja, het is een best normaal boek geworden, toch? Misschien had het wel een heel raar boek moeten worden. Ik weet het niet. Ik twijfel. Het is niet dat ik niet tevreden ben over wat het geworden is, maar ik wil graag weten hoe ver dat pad gaat dat ik ingeslagen ben met Het Perenlied. Het Perenlied is een vrolijk boek geworden, en nu wil ik kijken of ik iets kan maken waar die vervoering en dat enthousiasme de hele tijd de boventoon voeren. Of ik dan alsnog de lezer vast kan houden. Ja, wil ik dat? Ik wil ook een boek over de maan maken.’

Je omschrijft Het Perenlied steevast als ‘een vrolijk boek’, ook op de cover. Ik vond het enthousiast en teder, maar niet per se vrolijk.
‘Godverdomme. Waarom niet?’

De hoofdpersonages waren best eenzaam.
‘Maar aan het eind zijn ze allemaal gelukkig! Als jij zegt dat het eenzaam is, heb ik het misschien toch wel een beetje verprutst. Nu moet ik weer helemaal opnieuw beginnen.’

Misschien hebben we alleen een andere definitie van het woord ‘vrolijk’, Wanneer vind jij dat een boek vrolijk is?
‘Vrolijke schrijvers hebben veel zin om iets origineels te maken, zonder dat ze zich verliezen in spierballenvertoon, in:  'zo, ik ga nu eens even experimenteren, ik ga de literatuur veranderen', want dat vind ik stom. Ik wilde wel iets origineels maken met Het Perenlied, maar ik wilde absoluut niet dat het macho zou overkomen. Ik denk dat daar ook die vrolijkheid in zit, want vrolijkheid is niet macho.’

Vrolijkheid is origineel, op een eigenzinnige en oprechte manier?
‘Wel in de literatuur. Dat is het pad dat in de literatuur nog te weinig bewandeld is. Ik wil weer iets toevoegen aan die hele lange rij schrijvers die er al is geweest. Als ik niet iets nieuws kan brengen, dan is het niet de moeite van het maken waard.’

Joost Oomen wil de maan bezielen 5

Dat klinkt als best een grote opdracht aan jezelf. Werkt dat ooit verlammend, dat je je eigen werk gaat censureren?
‘Nee. Maar ik ben ook geprivilegieerd als de pest. Natuurlijk heb ik ook wel onzekerheden en denk ik soms: is het nou wel goed? Maar ik ben niet snel bang dat dingen niet gaan lukken. Wat ook helpt, is dat ik veel schrijvers ken. Ik heb geleerd dat schrijvers ook gewoon mensen zijn: knullig en onhandig en soms onhandelbaar. Laatst was ik aan het fietsen door Amsterdam en toen reed ik bijna Cees Nooteboom aan, en, nou ja, dat is Cees Nooteboom. Als je die gewoon kan aanrijden.’

Jij omringt je met andere schrijvers, veel van jouw vrienden schrijven ook. Is het moeilijk om je niet door hen te laten beïnvloeden, bij jezelf te blijven?
‘Toen ik met schrijven begon wel. Ik ging en ga veel om met Daniël Vis, die begon ook met schrijven. Ik dacht dat ik net als Daniël duistere gedichten moest schrijven. Op een gegeven moment kwam ik erachter dat dat helemaal niet bij mij paste. Pas op het moment dat ik daarmee brak, ben ik echt tevreden geworden met mijn werk. Er zijn bundels van mij verschenen waarvan ik nu denk: wat een kutpoëzie.’

Wat zijn je plannen nu je wel schrijft over dingen die bij jou passen? Net zei je dat je over de maan wil schrijven.
‘Ja, dat moet mijn volgende roman worden. Op de maan zijn die leuke Amerikaanse vlaggen neergezet, maar omdat er geen atmosfeer is komt de zonnestraling veel harder aan, en daarom zijn al die vlaggen nu wit. Dat vind ik zo'n leuk gegeven! Daar wil ik dan mee spelen.

De zon als hij valt en Het Perenlied hebben de bezieling van dingen als overkoepelende thematiek. Maar in die boeken gaat het over kleine, alledaagse dingen. Nu ik over de maan ga schrijven, wil ik hetzelfde bij iets heel groots proberen. Ik wil de maan bezielen. Ik wil weten hoe het voelt om met de maan te communiceren. In zekere zin is het wel een voortzetting, maar op een wat grotere schaal. Het moet ook een dikker boek worden.’

Afgelopen jaar was het voor veel mensen lastiger dan anders om vrolijk te zijn. Lukt het om naar het Perenlied te blijven luisteren?
‘Soms lukt het wel, soms lukt het niet. Net na de eerste lockdown ging ik buiten fietsen en toen hoorde ik het Perenlied overal, maar ik denk ook vaak fuck, hoe lang duurt dit nog?’

Zie je het luisteren naar het Perenlied ook nog steeds als een opdracht voor jezelf?
‘Ja. Ik schreef het boek in een dorpje vlakbij Sluis, in een schrijversresidentie. Ik had Franny en Zooey meegenomen, van J.D. Salinger. Zooey ziet nergens meer de zin van in, tot haar overleden broer haar uitlegt dat ze het moet doen voor ‘de dikke dame’: een vrouw die in het zuiden van de VS op haar veranda zit en die wil dat je je best doet en gelukkig bent. Je moet je visualiseren dat je het doet voor die lieve vrouw. Zoiets is ook de boodschap van Het Perenlied. Je bent het aan jezelf en aan de wereld verschuldigd om vrolijk te zijn, plezier te halen uit de dingen om je heen. Dat blijft ook voor mezelf een opdracht. Ik probeerde het in dat dorpje bij Sluis. Het was daar lelijk, maar het lukte mij blij te worden van de stoeptegels en de Aldi.’

Ik kan me voorstellen dat het schrijven van het boek een goede oefening was.
‘Ja, daarom is ook wel jammer dat het schrijven ervan een tijdje achter me ligt. Het was fijn om de hele tijd in die materie te zitten en te proberen om gelukkig zijn.’

Joost is even stil, dan verschijnt er een brutale glimlach op zijn gezicht.
‘Nu ben ik alleen nog maar interviews aan het doen.’

Joost Oomen wil de maan bezielen 2
We hopen voor Joost dat hij zich snel weer volledig op het schrijven kan richten en aan de slag kan gaan met het bezielen van de maan. Benieuwd geworden naar zijn werk?
Het Perenlied is momenteel in alle (online) boekhandels te krijgen.

Mail

Roos Wolthers (1997) studeerde literatuurwetenschap en Arts and Society, praat te snel en houdt bovengemiddeld veel van koekjes. // roos.wolthers@hardhoofd.com

Roos Wolthers

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Hoeveel romcoms tot ik het voel? 1

Hoeveel romcoms tot ik het voel?

De liefde is een onuitputtelijke bron van inspiratie. In films, boeken en muziek blijven mensen proberen haar te vangen, en al die creatieve expressie wordt gretig geconsumeerd – ook door Nouhaila el Khannoussi, die ondanks haar fascinatie voor fictieve liefdes zelf nog nooit verliefd is geweest. In dit persoonlijke essay vraagt ze zich af wat verliefdheid eigenlijk is. Lees meer

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer