Asset 14

Jachtseizoen

Jachtseizoen

Aanstaande zaterdag presenteert De Nieuwe Oost | Wintertuin het chapbook van Marjolein Takman. Een chapbook is wat een ep voor een muzikant is: een eerste proeve van het kunnen van de schrijver. Marjolein Takman schreef de novelle Jachtseizoen waarin de verhalen van een invaldocente en een schoolmeisje, beide op zoek naar een rigoureuze uitweg, samenkomen. Hard//hoofd publiceert alvast een voorproefje.

Marianne hoort de leerlingen voor ze de deur ziet. Hun stemmen zijn hoog. Er is haar vaak verteld dat een klas in het eerste uur het fijnst is om te hebben, want dan zijn ze nog geconcentreerd en rustig. Als ze het lokaal binnenkomt, staan alle leerlingen rond één tafel in het midden van het lokaal. Marianne kan niet zien wat er aan de tafel gebeurt.
‘Willen jullie gaan zitten?’ zegt ze luid. Meteen bedenkt ze dat ze eerst ‘goedemorgen’ had moeten zeggen. Benader je leerlingen beleefd, dan doen ze dat ook bij jou. De leerlingen sloffen naar een tafel en zakken in een stoel. Het gebeurt allemaal zo traag dat Marianne het idee heeft dat ze naar een slow-motionopname zit te kijken. Het is vroeg, houdt ze zichzelf voor. Het puberbrein komt pas op gang na tien uur ’s ochtends. Daar moet ze begrip voor tonen.
‘Wie ben jij?’ vraagt een meisje. Ze schuift haar tas richting de vensterbank.
‘Jullie mogen Marianne zeggen. Ik geef jullie de komende drie maanden Duits,’ zegt Marianne.
‘Waar is meneer Renner?’
‘Die is er even niet.’
‘Waarom niet?’
‘Familieomstandigheden.’ Dat is een term die de meeste mogelijkheden wel overlapt, denkt Marianne. Ze draait zich om naar het bord.
‘Is er iemand dood? Zijn moeder? Zijn vrouw?’
‘Hij heeft toch geen vrouw, slome. Hij is homo.’
‘Echt niet. Hij heeft een vrouw. Dat heeft hij een keer verteld.’
‘Hij is een flikker, ik zeg het je.’
Verschillende leerlingen beginnen door elkaar te roepen. Marianne kan niet verstaan wat er precies gezegd wordt. Aan de tafels die het dichtst bij het bureau rechtsvoor in het lokaal staan, zitten twee meisjes. De een kijkt naar buiten, terwijl de ander haar haar invlecht. Marianne legt haar tas op het bureau en haalt haar map met lesvoorbereidingen eruit.
‘Ik heb echt zin in een ijsje,’ zegt het meisje van wie de haren worden ingevlochten.

Marianne loopt naar het bureau en trekt aan een lade. De lade gaat niet open. De lades eronder openen ook niet. In het open vak van het bureau ligt alleen een pakje kauwgom en een versleten exemplaar van Das Parfum. Marianne pakt het boek even op. Het is een goedkope editie, waarschijnlijk speciaal voor scholieren. Thuis heeft ze een gebonden versie met een voorwoord van een vooraanstaand Duits literatuurwetenschapper. Ze kreeg het toen ze slaagde voor haar eindexamen. In de kaft stond een boodschap van haar ouders: ‘Voor de beste aanstaande docente.’ Ze had zich nog niet eens ingeschreven voor de studie. Op de achtergrond klinkt het geluid van schuivende stoelen. Iemand trekt een blikje frisdrank open. Marianne kijkt nog eens naar de rand onder het bord, waar het krijt normaal gesproken ligt. Ze haalt haar wijsvinger over de rand om kleine stukjes krijt te ontdekken. Haar hele hand wordt wit van het krijtstof, maar ze vindt niks waar ze mee kan schrijven. Iets in Marianne schreeuwt dat dit een crisissituatie is.
‘Er moet toch ergens krijt zijn,’ mompelt ze.

Daarna werd ik steeds vaker verdrietig van doodnormale dingen.

Achterin de klas heeft een groepje zich weer verzameld rond één tafel. Ze speurt alles af, zelfs de vloer. Moet ze het aan de leerlingen vragen? Het meisje wiens haar wordt ingevlochten kijkt haar al een tijdje vragend aan.
‘Luister,’ roept Marianne, ‘ik ben even krijt halen. Als ik terug ben, wil ik dat iedereen zit.’
Ze loopt weg zonder de reactie van de leerlingen af te wachten. De gang is nog net zo leeg, alleen is er tegenover de deur van het lokaal een prullenbak omgevallen. Naast de bak ligt het afval dat eruit is gerold. Marianne twijfelt even of ze het op moet ruimen, maar besluit dat het spoedig vervolgen van haar les net iets meer prioriteit heeft.

***

De laatste meters van de brandgang waren bezaaid met papier en lege dozen. Ik sloeg rechtsaf. Dit was een straat die doodloopt voor auto’s. De huizen stonden in een halve cirkel. Ik zag vaders en moeders die probeerden hun kinderen en al hun spullen in een
auto te dirigeren.
Toen ik naar die mensen stond te kijken, moest ik denken aan de keer dat ik friet ging halen met moeder. Ik was ongeveer tien jaar. In de snackbar zaten een paar oude mensen aan een tafel tegen elkaar te zwijgen. Wij stonden op ons eten te wachten en één oude vrouw begon ineens tegen me te praten. Ze vroeg hoe het met me ging, of ik naar school ging, wat ik van school vond. Het waren allemaal vragen waar ik een antwoord op wist, maar ik vond het zo raar dat ik niks terugzei. Moeder negeerde de hele situatie. Buiten zei ze dat die vrouw vast wilde praten. Daarna werd ik steeds vaker verdrietig van doodnormale dingen. Als ik kinderen zag spelen, kon ik er alleen maar aan denken dat ze ook zouden eindigen als zwijgende mensen in een snackbar. Er landde een frisbee voor mijn voeten. Ik onderdrukte de neiging om hem verder weg te smijten, stapte eroverheen en liep tussen de huizen door richting het park.

Ik moest een drukke straat oversteken om in het park te komen. Terwijl ik wachtte tot er geen auto’s meer waren, kwam er een vrouw met een kinderwagen naast me staan. Er lag een kindje in de wagen. Ik had geen idee of het een jongetje of een meisje was, maar het lachte naar me. Ineens realiseerde ik me weer wat ik ging doen, en dat ik het plan eigenlijk een beetje vergeten was tijdens het lopen. Ik focuste me op de overkant van de straat. Er kwam een auto aan, maar toch stak ik over. De auto stopte, en terecht. Ik was kwaad en niks kon me in de weg staan.

Zaterdag 21 april en dinsdag 24 april wordt Jachtseizoen samen met twee andere chapbooks gepresenteerd in respectievelijk Nijmegen en Amsterdam. Reserveer hier, er zijn nog een paar plekken. De novelle is ook online te bestellen, dat kan hier.

Mail

Marjolein Takman Marjolein Takman (1991) schrijft proza en non-fictie. Ze houdt van het vertellen van verhalen, en doet dat regelmatig op diverse podia. In april 2018 verschijnt haar chapbook Jachtseizoen bij De Nieuwe Oost | Wintertuin.

Marina Tadic

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer