Asset 14

Jaap Goudsmit weigerde voor coronagoeroe te spelen

Jaap Goudsmit weigerde voor coronagoeroe te spelen

Jaap Goudsmit manoeuvreerde zondagavond behendig tussen het wetenschappelijke en het persoonlijke, waarbij hij iedereen behalve zichzelf spaarde. Helaas was de samenhang in het gesprek lange tijd ver te zoeken, vond Marte Hoogenboom. ‘Hoe beminnelijk een Zomergast ook is, de avond laat zich niet zomaar vullen.’

Viroloog-epidemioloog Jaap Goudsmit zal heel goed hebben geweten met welke verwachtingen de gemiddelde kijker gisteravond voor de buis zat. Hij zei het zelf al in de promo in aanloop naar de uitzending: ‘We gaan het onvermijdelijk over corona hebben.’ Hoewel corona als rode draad door het interview liep, kwam de bezorgde kijker die om handvatten verlegen zat bedrogen uit.

Het was verstandig dat Goudsmit prioriteit gaf aan een stukje verwachtingsmanagement. Hij wenste zijn ideale televisieavond niet te beginnen met een beleefdheidspraatje, maar had verzocht direct een satirisch fragment van het Amerikaanse The Onion te tonen, dat zich slechts op één manier liet interpreteren: ik ben dan wel een viroloog, maar dat maakt mij geen Covid-kenner.

Vanaf dat moment was één ding heel duidelijk: verwacht van Goudsmit überhaupt geen al te boude uitspraken. Elk woord van de doorgewinterde wetenschapper was gewogen en genuanceerd genoeg bevonden. Aan grote beweringen en half onderbouwde conclusies zou hij vanavond niet doen. Wat overigens niet betekent dat Goudsmit zich achter zijn tanden verstopte, zoals strafpleiter Inez Weski twee weken geleden wel deed.

Goudsmit weigerde zijn collega-wetenschappers de les te lezen

Nee, de viroloog-epidemioloog liet zich gemakkelijk aan het praten brengen, was wendbaar en week schijnbaar moeiteloos van zijn gedachtegang af als Abbring daarom vroeg – maar bij het doen van uitspraken die hij niet kan staven trok hij de grens. Al vroeg op de avond moet Abbring de hoop hebben opgegeven haar gast een gewaagde sneer te kunnen ontlokken. Dat basketballen in zijn puberteit zijn depressie zou hebben verholpen, zoals de hypothese van een zelfonderzoek luidde, kon hij bijvoorbeeld bevestigen noch ontkennen, en dus wenste hij ‘geen minúút’ daarover te speculeren.

Ook een ander inkoppertje, dat zich al vroeg op de avond aanbood, sloeg Goudsmit af: hij weigerde zijn collega-wetenschappers die de afgelopen tijd regelmatig bij talkshows waren aangeschoven de les te lezen. ‘Hoe kun je nou een kenner zijn over iets wat totaal nieuw is?’ zei hij weliswaar, maar dat was vooral richting journalisten die hen maar wat graag tot coronagoeroes bombardeerden. Goudsmit was zich er maar al te zeer van bewust hoe gemakkelijk het is om achteraf kritiek te leveren op iemands uitspraken of optreden.

Dat is een les die Goudsmit zelf op een pijnlijke manier heeft geleerd. Nadat hij in 1990 ten onrechte had beweerd een aidsmedicijn te hebben ontdekt, deed hij er maar liefst tien jaar over ‘om weer aan wetenschap op niveau te kunnen doen’. Hij ging terug naar de basis, horen we hem schaamtevol vertellen, middelbareschoolniveau zelfs, en dat leerde hem gedegen en voorzichtig te werk te gaan – óók als je wordt geïnterviewd, zo bleek.

Tegenover Abbring zat een twee-eenheid van gedegen wetenschapper en feilbaar mens

Zeker het eerste uur maakte dat van Goudsmit een adembenemende Zomergast. En bovendien één met autoriteit: dat de bedachtzame wetenschapper zich weigerde te lenen voor soundbites en ondoordachte grote uitspraken, gaf zijn woorden waarde en geloofwaardigheid. Het feit dat Goudsmit het persoonlijke niet schuwde en niet bang was het boetekleed aan te trekken maakte dat tegenover Abbring een twee-eenheid zat van gedegen wetenschapper en feilbaar mens.

De onnodige interrupties van Abbring tolereerde de spraakgrage Goudsmit zonder ook maar een seconde de minzame glimlach van zijn gezicht te laten vertrekken. Dat zijn interviewer hem vaker niet dan wel liet uitpraten, leek hem niet te hinderen, ook al moet het gesmeek van duizenden kijkers om de man in hemelsnaam zijn verhaal te laten doen tot in Hilversum te horen zijn geweest.

Het moet gezegd dat enige sympathie voor Abbrings positie hier wel op zijn plaats is. Want hoe beminnelijk een Zomergast ook is, de avond laat zich niet zomaar vullen. Doordat Goudsmit zijn woorden zo zorgvuldig koos, en zich zo bewust was van wat hij níet wilde vertellen, ontbrak lange tijd een overstijgende blik. Tegelijkertijd ontbrak na veel fragmenten diepgang en scherpte – was Abbring bang dat haar gast te technisch zou worden?

Goudsmit betrok ons ook bij een van zijn meest recente levenslessen: er is een weg terug na vooruitgang

Die angst zou ongegrond zijn geweest, want Goudsmit bleek prima in staat om ingewikkelde materie toegankelijk te brengen. Dankzij zijn werk ‘in de industrie’ weet hij als geen ander dat mensen zich door theorie nu eenmaal niet eenvoudig laten overtuigen. Je moet het laten zíen: ‘Als je iets bedenkt, moet je erin geloven. Als je iets maakt, kan iedereen proeven dat het goed is.’

Die uitspraak ligt in de lijn van wat Jaap ‘Ik heb enorm respect voor cijfers’ Goudsmit als wetenschapper uitdraagt: betrouwbaarheid en onfeilbaarheid zijn van de hoogste prioriteit en het vertrouwen in de wetenschap mag onder geen beding worden geschaad – niet door haast of door maatschappelijke druk. Het klonk als een oproep aan alle ontwikkelaars van coronavaccins: maak niet de fout die ik in 1990 maakte, toen ik halsoverkop aids doodverklaarde.

Tegen het eind was er ook voor ons ruimte onder Goudsmits boetekleed. Hij betrok ons bij een van zijn meest recente levenslessen: er is een weg terug na vooruitgang – iets wat Goudsmit lange tijd niet inzag. Progressie kan ongedaan worden gemaakt – levensverwachtingen kunnen ook dálen –, en in de nasleep van de coronacrisis zal blijken of zo’n terugslag wordt ingezet of niet. De cijfers zullen het uitmaken, aldus de wetenschapper – die daarvoor al ettelijke malen had verzucht dat hij als viroloog geen invloed heeft op het gedrag van mensen. Men notere: ons gedrag zal het uitmaken.

De kijker die een vlammend coronabetoog had verwacht, was tegen het eind al afgehaakt

Het gaf Abbring de gelegenheid haar gast de avond enigszins aan elkaar te laten knopen. De serendipiteit, de toevallige omstandigheden, de allesoverschaduwende omstandigheden waarin iemand kan verkeren en waar je geen invloed op hebt – ze kwamen samen in Goudsmits (voor zijn doen verrassend stellige) oproep om vooral véél meer bescherming te bieden aan de kwetsbare mensen die onevenredig hard door de coronacrisis worden getroffen in hun gezondheid, in hun opleiding en in de kansen die ze hebben.

Voor de kijker die had verwacht een vlammend betoog te horen over coronabeleid en de koers die de wereld op gaat, zal het waarschijnlijk te laat zijn geweest: die was al afgehaakt. Of dat erg is? Ik denk het niet – het past immers in die les die Goudsmit gedurende de avond in de praktijk bracht: antwoorden zíjn niet hapklaar, wetenschap is een grillige en complexe wereld, en experts zijn experts binnen hun eigen vakgebied, geen alwetende orakels.

 

Mail

Marte Hoogenboom (Amersfoort, 1994 en Amsterdam, 2019) was eindredacteur, toen adjunct-hoofdredacteur, toen hoofdredacteur, toen magazinechef en nu weer eindredacteur bij Hard//hoofd. Tussen het uitstellen door schrijft ze aan haar debuut, dat in 2041 verschijnt.

Bram Dirven is oud-chef Illustratie van Hard//hoofd.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Wat je niet zult zien op tv

Wat je niet zult zien op tv

Hoe links is linkse televisie? Marthe van Bronkhorst kwam achter de schermen en kon haar ogen eigenlijk niet geloven. Lees meer

Hoeveel romcoms tot ik het voel? 1

Hoeveel romcoms tot ik het voel?

De liefde is een onuitputtelijke bron van inspiratie. In films, boeken en muziek blijven mensen proberen haar te vangen, en al die creatieve expressie wordt gretig geconsumeerd – ook door Nouhaila el Khannoussi, die ondanks haar fascinatie voor fictieve liefdes zelf nog nooit verliefd is geweest. In dit persoonlijke essay vraagt ze zich af wat verliefdheid eigenlijk is. Lees meer

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer