Het kabinet-Rutte probeert met een harde aanpak het kwaad uit te bannen. Dat is zinloos en gevaarlijk." /> Het kabinet-Rutte probeert met een harde aanpak het kwaad uit te bannen. Dat is zinloos en gevaarlijk." />
Asset 14

Het ongrijpbare kwaad

Is het kwaad te bestrijden? De geschiedenis bewijst dat het zich altijd omvormt en daardoor altijd buiten onze bestrijding blijft. Ook het kabinet-Rutte lijkt met de harde aanpak deze illusie na te streven. Dit is gevaarlijk. Je kunt je beter concentreren op het versterken van het goede.

In de laatste maand van 2011 konden filmrecensenten nog vlug een titel aan hun eindejaarslijstjes met favorieten toevoegen: We Need To Talk About Kevin, van regisseuse Lynne Ramsay. In de film, gebaseerd op de gelijknamige roman van Lionel Shriver, wordt een moeder gedwongen om terug te kijken op haar opvoedingmethodes nadat haar zoon Kevin een bloedbad aanricht op zijn middelbare school. Naarmate we vaker heen en weer schieten tussen haar miserabele leven in het heden en haar verleden met de opgroeiende Kevin, realiseren we ons dat zij niet medeschuldig is aan de misdaad van haar tienerzoon, hoezeer haar omgeving dat ook wil geloven. We leren de jonge Kevin kennen als iemand die inherent kwaadaardig is, pure evil. Zijn moeder is niet de meest handige pedagoog, maar het lijkt erop dat de zwartharige jongen op geen enkele manier te corrigeren was en onvermijdelijk tot een monster zou uitgroeien. Het kwaad is onvoorspelbaar en dus onbeheersbaar, aldus de film.

Dit is een opmerkelijke invalshoek in ons huidige gepsychologiseerde tijdperk, waar de context van de misdaad een belangrijk onderdeel van de strafrechtelijke schuldvraag is. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de sociale omgeving van de verdachte, het verleden en de opvoeding van de verdachte, alsmede de zelfcorrigerende taak van de maatschappij. Waarom zagen de buren niets? Deze methode suggereert dat kwade uitwassen voorkomen kunnen worden: als iedereen een perfecte opvoeding geniet, goed sociaal contact opbouwt en goed gecontroleerd wordt door de maatschappij en overheid, zal er nooit meer iemand vermoord worden. We Need To Talk About Kevin gaat hier recht tegenin, met de onprettige boodschap dat we bepaalde kwaadaardige zaken niet kunnen voorkomen of verklaren.

Het kabinet-Rutte I heeft ook niet zo op de gepsychologiseerde rechtspraak. Binnen de nieuwrechtse politiek wordt dit afgedaan als een slappe, linkse hobby. Zij wijzen op de onverbeterlijkheid van bepaalde criminelen. Net als de schrijver van We Need To Talk About Kevin zeggen onze beleidmakers dat we niet altijd naar de omstandigheden van een misdaad hoeven te kijken. Maar anders dan de makers van het boek en de film blijven zij geloven in de beheersbaarheid van dit kwaad, door middel van de bekende harde aanpak. Deze verharding van het rechtssysteem is overal zichtbaar. In de media verschijnen de laatste tijd veel berichten over uit de hand gelopen politiegeweld, zoals bij de Sinterklaasdemonstranten of de gehandicapte oud-voetballer Edu Nandlal. Premier Mark Rutte greep het vreemde voorval met AZ-doelman Esteban aan om zijn begrip voor eigenrichting uit te drukken. Eerder sprak hij al zijn steun uit voor de mannen die een inbreker zo toetakelden dat hij in een coma terechtkwam.

Hoofdrolspeler Tilda Swinton met de verschillende 'Kevins'

Maar is het kwaad beheersbaar? In het dorp waar ik opgroeide had je ook een aantal Kevins. De ergste was Nathan (dit is een valse naam, omdat ik nog steeds bang voor hem ben). De blik in zijn ogen was ook pure evil. Hij was niet eng op een lompe manier; Nathan was een klein mannetje en sloeg zelden iemand. Nee, Nathan had het berekenende voorkomen van iemand die op een uiterst rationele manier plannen smeedde om anderen ongeluk te bezorgen. Juist zijn rust en zwijgzaamheid maakten dat er een enorme dreiging van hem uitging.

Op een middag besloot ik om samen met mijn broertje het voetbalveldje naast ons huis van echte doelpalen te voorzien, in plaats van de eeuwige hoopjes jassen. In de garage zaagden we aan vier planken een punt en togen hiermee trots naar onze grasmat. Het resultaat mocht er zijn, eindelijk zouden onze discussies over ‘binnenkant paal’ opgelost zijn en konden we ons nog meer als onze helden van televisie voelen. We waren net aan onze eerste wedstrijd bezig, toen plotseling Nathan met een golfkarretje de hoek om kwam rijden. Ik weet niet hoe een elfjarig jongetje aan een golfkarretje kwam, maar zo was het. Hij zei niets, keek ons niet eens aan, maar reed heel zakelijk tegen de eerste paal, die met een tragikomische traagheid naar de grond ging. Zo reed hij het hele veldje rond, kalm ons plezier kapot makend. Mijn broertje en ik stonden aan de grond genageld. Nathan reed weg, waarschijnlijk om op zijn kamertje hamsters te martelen.

Kevin keek zijn moeder in de ogen, Nathan keek mij in de ogen. Beiden voelden we een onverklaarbare rilling, een bepaalde machteloosheid. Twee jaar geleden ontmoette ik tijdens een journalistenreis in Israel de toen 82-jarige Gabriel Bach, een van de aanklagers tijdens het Eichmann-proces uit 1961. Hij vertelde over zijn eerste ontmoeting met ‘de architect van de Jodenmoord’. Ook hij werd bang van de vreemde rust in de ogen en de serene beleefdheid van zijn opponent.

In twee beroemde boeken over dit proces wordt een verklaring gezocht voor dit gevoel. In De Zaak 40/61 van Harry Mulisch en Eichmann in Jeruzalem van Hanna Arendt voelen beide auteurs zich ongemakkelijk als toeschouwers bij de historische rechtszaak. De Israëlische aanklagers probeerden van Adolf Eichmann een monster te maken, maar Mulisch zag slechts “een wat groezelige, verkouden man met een bril op”. Eichmann was niet kwaadaardig zoals we dat gewend zijn, het was een koele bureaucraat die bevelen opvolgde – tot in het extreme.

De conclusie van Mulisch en Arendt is dan ook dat het kwaad niet te vangen is, doordat het zo gewoon kan zijn. Arendt spreekt van ‘de banaliteit van het kwaad’: “Het verontrustende aan Eichmann was juist, dat hij een uit velen was, en dat deze velen geen geperverteerden en geen sadisten, maar juist angstig en beangstigend normale mensen waren – en zijn. Vanuit onze rechtsinstellingen en aan onze ethische maatstaven gemeten was deze ‘normaalheid’ veel schrikwekkender dan alle gruwelen tezamen […].” De aanklagers probeerden Eichmann beheersbaar te maken door hem af te schilderen als de duivel, maar zijn zaak toont juist aan dat het kwaad zich overal kan manifesteren en dus van een banale onvoorspelbaarheid is.

Het Christendom verdeelde de wereld in Goed en Kwaad. De pure kwaadaardigheid van Kevin en Nathan passen mooi binnen dit idee. Maar de Christenen geloven ook dat deze kracht door het Goede (de liefde van God) verdreven kan te worden. Tijdens de twintigste eeuw nam de macht van deze religie af en nuanceerde dit zwart-wit beeld, maar het idee van beheersbaarheid van het kwaad bleef overeind.

De nieuwrechtse politiek heeft nu goed begrepen dat er voor sommige vormen van kwaad geen verklaring te vinden is, of dat nu in de psyche of de duivelse zonde is. Er bestaat geen sluitende definitie. De koele gewelddadigheid van Kevin en de rationele genocide van Eichmann zijn daardoor nauwelijks te signaleren, laat staan tegen te houden. Maar in plaats van zich hierbij neer te leggen, verharden ze de strijd tegen een ongrijpbare vijand. Dat is zinloos en gevaarlijk. Natuurlijk, we zijn bang voor wat we niet begrijpen. Maar je kunt je aandacht beter richten op zaken waar je wel invloed op kunt uitoefenen.

Het kwaad zal zich nooit helemaal laten vangen, juist vanwege zijn onvoorspelbaarheid. Aan het einde van We Need To Talk About Kevin ben je er als kijker net volledig van overtuigd dat de jongen door en door slecht is en het verdient om in de gevangenis te rotten, als hij tijdens het bezoekuur in de gevangenis plotseling zijn moeder in de armen valt.

Dat had ik niet zien aankomen.

Dit artikel verscheen eerder in nrc.next. Lees hier de reactie van Simone van Saarloos op filosofie.nl

Mail

Rutger Lemm is schrijver, grappenmaker en scenarist. In 2015 verscheen zijn debuut, 'Een grootse mislukking'. Hij is een van de oprichters van Hard//hoofd.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer