Asset 14

Het hol van de Tijger

Op 11 november 1918 kwam de Eerste Wereldoorlog ten einde. Onder de vredesverklaring stond onder meer de handtekening van Georges Clemenceau, de premier van Frankrijk. Guido van Eijck bezocht zijn voormalige woning in Parijs, nu een museum.

Daar stond hij, op de rand van het Niemandsland. De handen in witte stof gestoken. De een gebald boven het hoofd, de ander om een wandelstok geklemd. Een lange wollen jas om zijn gebogen schouders. De Tijger, Père la Victoire, premier Georges Clemenceau. Hij zou Frankrijk door de Grote Oorlog slepen. Hij schreeuwde naar de Duitse vijand: zuurkoolvreters, Teutoonse horde; samen krijgen we jullie klein!

Zijn hartstocht leek niet te rijmen met zijn spierwitte borstelsnor en melancholische ogen. Maar voor de ingegraven vijand aan de overkant verkende hij graag de grenzen van zijn beschaafde vocabulaire. Als steuntje in de rug van de manschappen: de helden van Frankrijk, die bevend in hun loopgraven wachtten op de volgende charge die van elk oogcontact met vrienden, broers of bevelhebbers het laatste kon maken.

Illustratie: postzegel die door de Engelsen boven Frankrijk gedropt werd in de Tweede Wereldoorlog

Getto voor de rijken

Zo'n groot man verdient een museum. En in Parijs is het er, zoals in Parijs voor alles een museum is.

Het Musée Clemenceau is gevestigd in zijn voormalige woonhuis. Voor ik naar binnen ga, loop ik een rondje door de wijk waar de staatsman woonde. Want die mag er wezen. Het zestiende arrondissement staat onder sommige linkse media wel bekend als "le ghetto des riches", een kenschets die ik bevestigd zie in de etalage van een lokale makelaar: een etage met vier kamers op het zuiden en uitzicht op de Eiffeltoren kost hier 2,65 miljoen euro.

Het had weinig gescheeld of de vastgoedprijzen hadden ook de Tijger verjaagd. Midden jaren 1920 overleed zijn huisbaas en stond de woning plots te koop. De Tijger had niet de middelen om een bod te doen. Na een aantal mislukte journalistieke avonturen had hij het niet breed. Een Amerikaanse bewonderaar – James Stuart Douglas, die zijn geld in de mijnbouw verdiende – kocht het appartement in 1926 en voorkwam dat de Tijger moest verhuizen. Direct na diens dood in november 1929 kocht de mecenas ook de rest van het appartement. Binnen twee jaar was het museum een feit.

Kabinettenvernietiger

Het museum oogt sober. Met minuscuul het woord 'museum' naast de bel en een vol gekriebeld Histoire de Paris informatiebordje op de stoep. Meer aanwijzingen dat hier eens de premier van Frankrijk woonde, krijgt de argeloze bezoeker niet.

Ik bel aan en twee deuren later heet een van de vier medewerkers van het museum mij welkom en overhandigt een audiotour. De vier vertrekken op de eerste verdieping vormen een rariteitenkabinet met persoonlijke parafernalia. De jas, handschoenen en hoed die hij droeg tijdens zijn bezoek aan de soldaten in de loopgraven. Een beeldje "gevonden in een antiekwinkel in Groot-Brittannië". Foto's en karikaturen. Schoolschriftjes. Ondertussen vertelt een vrouwenstem door mijn koptelefoon over het journalistenbestaan van de Tijger. Over zijn tijd als burgemeester van Montmartre en het vooruitstrevend beleid dat hij als minister en later premier voerde. "Social reforms ahead of their time", oordeelt zij. Hij was de linkse luis in de pels van het Franse establishment. De 'kabinettenvernietiger' noemden ze hem in de jaren 1880.

Ook zijn er geinige trivia. Neem de vitrine waarin twee grote handpistolen en een chique koffer liggen. Gedurende zijn leven vocht de Tijger een indrukwekkend aantal van vijftig duels uit: de ene helft met kruit, de andere met het zwaard. Voor negentiende-eeuwse politici was het niet ongebruikelijk om de politieke eer met geweld te redden, ook al was dat al lang niet meer toegestaan. In 1872 draaide de Tijger na afloop van een duel vijftien dagen de cel in.

Illustratie: De Tijger in duel in 1893

In een ander duel, in 1898, nam de Tijger het op tegen de beruchte, antisemitische journalist Édouard Drumont. In die jaren doorkliefde de Dreyfus-affaire de Franse samenleving. De joodse militair Albert Dreyfus zou voor de Duitsers hebben gespioneerd, foeterden rechtse opiniemakers. Volgens de medestanders van Dreyfus bewees die valse aanklacht hoe door en door antisemitisch het negentiende-eeuwse Frankrijk was.

De schrijver Zola, de bekendste aller dreyfusards, was een goede bekende van de Tijger en fel gekant tegen het antisemitisme. In de krant L'Aurore publiceerde hij zijn J'accuse, een open brief aan het Franse volk, waarin hij de overheid van ongebreidelde Jodenhaat betichtte. "Vergeet niet", dicteert mijn audiogids, "dat dit stuk een idee was van Clemenceau, politiek redacteur van die krant."

Op de begane grond neemt een neef van de Tijger de audiotour over. Ik betreed de leef- en werkvertrekken die vrijwel onaangetast bleven sinds hij er eind jaren twintig zijn laatste adem uitblies, en leer over de tics en eigenaardigheden van zijn oom, die steevast om drie uur 's nachts opstond. Waarschijnlijk een erfenis van de Grote Oorlog, toen hij het meestal met een uurtje slaap moest doen. Op de wastafel in de kleine badkamer liggen zeep en een hele grote tandenborstel. De Tijger waste en woog zich dagelijks; hoogst ongebruikelijk voor zijn tijd. De suikervrije chocolade en Engelse biscuits naast zijn bed verraden dat hij leed aan suikerziekte.

De beduidenden

In de woning lijk je even in contact te staan met de grote man zelf. Een intieme gewaarwording. De Nederlandse historicus Johan Huizinga beschreef het gevoel dat de fysieke aanraking van een overblijfsel uit het verleden teweeg kan brengen. "Een historische sensatie" noemde hij dat. Of het nu de muur van een middeleeuwse ruïne of een Romeinse kookpot is: raak het even aan en je waant je een fractie van een seconde een tijdreiziger.

Jammer genoeg laten de historische objecten in het Musée Clemenceau zich niet aanraken. Ze zijn veilig weggeboren achter glas en afscheidingslinten. Niettemin lijkt de Tijger overal aanwezig. Ik scan de boeken in zijn kast, loop over de kiezels in zijn tuin, en kijk de geschiedenis in de ogen.

Alsof ik een begraafplaats bezoek en een paar eeuwen aan stoffelijke overschotten mij nakijkt. Met één verschil: de doden langs de symmetrische paadjes van begraafplaats Montparnasse, de heuveltjes van Père Lachaise, of de vervallen adellijke mausolea van het nabijgelegen Cimetière de Passy zijn gelijk. Hun grootsheid is misschien af te lezen aan de omvang van de steen of de hoeveelheid bloemen die bewonderaars achterlieten, maar daaronder is iedereen even dood.

Nee dan historische musea. Daar wordt geschiedenis geschreven. Daar worden de beduidenden van de onbeduidenden gescheiden. En geen bezoeker van het Musée Clemenceau kan twijfelen aan de beduidendheid van de voormalige bewoner van dit pand (die trouwens 'de Tijger' heette omdat hij zo moedig was).

Voor ik vertrek, loop ik in de tuin achter het appartement een rondje over het grindpad. Niet ver daarachter, aan de Boulevard Delessert, was de Tijger bijna vroegtijdig aan zijn einde gekomen. Toen hij zich in 1919 liet rondchauffeuren, opende een anarchist het vuur. Hij loste zeven schoten en miste er zes. De ene kogel die wel raak was, bleef het hele verdere leven van de Tijger in zijn rug zitten. De dader ontsnapte op een haar na aan lynchpartij door een woedende menigte.

Zijn slachtoffer kende geen wrok. Hij redde de anarchist van de guillotine en zou hem nog vaak belachelijk maken. "We hebben net de vreselijkste oorlog uit de geschiedenis gewonnen, maar deze Fransman mist zes van de zeven schoten van dichtbij", zei hij. De Tijger kreeg je niet klein.

Guido van Eijck (1987) is historicus en freelance journalist. Hij schrijft onder meer voor de Volkskrant en De Groene Amsterdammer. Dit verhaal kwam tot stand dankzij een schrijversresidentie in Parijs, georganiseerd door de Vlaams-Nederlandse culturele organisatie deBuren.

Mail

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
het laatste
Automatische concepten 57

Word jezelf (ook als je dat niet wilt)

Rietveld-student Vivian Mac Gillavry vraagt haar docenten naar de beste adviezen die zij ooit kregen. Allereerst: beeldend kunstenaar en publicist Q.S. Serafijn. Lees meer

'De derde generatie kijkt met een bredere blik naar dekolonisatie, zien het in een mondiaal verband'

'De derde generatie kijkt met een bredere blik naar dekolonisatie, zien die in een mondiaal verband'

Curator en onderzoeker Maria Rey-Lamslag is een graag geziene gast in de cultuursector. Jason Keizer gaat met haar in gesprek over haar Indische roots, over hoe het koloniale verleden doorklinkt in haar werk en over haar 'Indotiteit'. Lees meer

Automatische concepten 56

Een Afrikaanse kritiek op het Antropoceen

In het Antropoceen zou 'de mens' een bepalende factor zijn in het verstoren van het klimaat en de biodiversiteit. Maar wie kan zich eigenlijk tot mens rekenen? En wie wordt als object behandeld? Grâce Ndjako verwerpt het Antropoceen als een eurocentrisch idee. Lees meer

Alles Vijf Sterren: Uitzonderingen

Uitzonderingen daargelaten

Deze week worden onze redacteurs blij van een maas in de wet, meermaals dezelfde film kijken en de kunst van Isabelle Wenzel. Lees meer

Ruimtes

Een vertrouwd lichaam om in samen te zijn

Een jaar geleden moest Charlotte de Beus opnieuw leren praten, lezen en schrijven. In deze drie gedichten onderzoekt ze met poëtische scherpte haar herstel en het lichaam als “een onbetrouwbare woning voor dakloze gedachtes.” Lees meer

Je partner slaan is nog geen doodvonnis voor je carrière

Je partner slaan is (nog) geen doodvonnis voor je carrière

Het onderscheid tussen de publieke en de privésfeer is soms vaag, maar geweld achter de voordeur zouden we nóóit door de vingers moeten zien, meent Jihane Chaara. Waarom komen zoveel publieke figuren ermee weg? Lees meer

'Naar buiten toe zijn we allemaal familie, zo gaat dat in de Molukse gemeenschap'

'Naar buiten toe zijn we allemaal familie, zo gaat dat in de Molukse gemeenschap'

'Ontdekken wie je voorouders zijn geeft kracht en vertrouwen.' Zainal Umarella heeft diep verdriet gekend, maar zijn toekomstbeeld is er een van hoop dat hij aan zijn kinderen wil meegeven. Lees meer

Geef geen namen aan koeien die je van plan bent te slachten

Geef geen namen aan koeien die je van plan bent te slachten

Een voorpublicatie uit de afstudeerbundel van Elianne van Elderen 'Geef geen namen aan koeien die je van plan bent te slachten'. Over opgroeien als buitenstaander in een dorp, een vluchtmisdrijf op een veulen, over drie vrienden en iemand die probeert om onvoorzichtig te worden. Lees meer

Kunst is werk

Kunst is werk

Brood noemen we essentieel, theater niet. Maar wat als je in het theater je brood verdient? Lees meer

Column: Over geld

Over geld

Eva vergelijkt de manier waarop ze toen en nu tegen geld aankijkt en hoe het verschil in inkomen binnen haar vriendengroep de verhoudingen heeft veranderd. Lees meer

 Klop, klop, wie is waar?

Klop, klop, wie is waar?

De klopjacht op de voortvluchtige militair Jürgen Conings doet de in België woonachtige Amerikaanse illustrator Sebastian Eisenberg denken aan iets wat in zijn thuisland zou gebeuren; niet in Europa. Lees meer

Flaneur versus voyeur

Flaneur versus voyeur

Sarah Vergaerde onderzoekt het doelloos ronddwalen én het al dan niet onopgemerkt gluren naar de ander aan de hand van boeken, films, podcasts en documentaires, waaronder My Amsterdam van Ed van der Elsken. Lees meer

Filmtrialoog: Ruben Brandt: Collector

Ruben Brandt: Collector

Onze redacteuren Jorne Vriens en Oscar Spaans en illustrator Friso Blankevoort bekeken de animatiefilm Ruben Brandt: Collector en zagen een verhaal dat niet in een andere vorm had kunnen worden verteld. Lees meer

Slaapkamerraam, wereld

Slaapkamerraam, wereld

Buiten is het nacht. Maar wat gebeurt er als je je ogen sluit? Dan kan het buiten net zo goed een zomerse dag in New York zijn. Of een sneeuwlandschap uit je jeugd. De mogelijkheden zijn eindeloos. Lees meer

Nieuws in beeld: Is het kunst of geeft het winst?

Is het kunst of geeft het winst?

Illustrator Loes van Gils kijkt met afgrijzen naar de afwegingen die het kabinet maakt. Dierentuinen, sportscholen en binnenzwembaden werden geopend, culturele instellingen moesten de deuren gesloten houden. Lees meer

Lang leve de slush pile 1

Lang leve de slush pile

Hoe kan literair Nederland inclusiever worden als het steeds vaker weigert ongevraagde manuscripten aan te nemen? Een pleidooi voor een openboekbeleid. Lees meer

'Het 'Indische zwijgen’ werd een collectief fenomeen omdat er niet geluisterd werd'

'Het 'Indische zwijgen' werd een collectief fenomeen omdat er niet geluisterd werd'

Myrthe Groot en Romée Mulder deden samen onderzoek naar hun familiegeschiedenissen. En ze begonnen een modelabel dat nauw met die persoonlijke zoektocht samenhangt: Guave. Lees meer

ALL-IN

Een levendig gebrek aan bescheidenheid

De allereerste kunsttrialoog op Hard//hoofd. Wat vonden redacteuren Jorne Vriens, Iris van der Werff en Vivian Mac Gillavry van de tentoonstelling ALL-INN in het HEM? Lees meer

Alles Vijf Sterren: Schreeuwen naar de televisie

Schreeuwen naar de televisie

Deze week worden onze redacteurs blij van het voetenwerk van Het nationale Ballet, de schoenen van Chantal Janzen en aandacht voor Palestijnse filmmaaksters. Lees meer

Hadden we dat altijd maar geweten

Hadden we dat altijd maar geweten

Emma Laura Schouten zit niet op de stoel van de schrijver, maar aan de andere kant van de tafel. Als manuscript-begeleider krijgt ze vaak de vraag of een tekst potentie heeft om Het Boek te worden. Maar heb je eigenlijk wel iets aan die vraag, en wat is het antwoord? Lees meer