Asset 14

Tante Bep

Familie Overdijk: Tante Bep 1

Afkomstig uit een klein gezin en opgegroeid zonder ooms of tantes, kreeg Ferry Wieringa er bij zijn trouwen een grote schoonfamilie bij. Het contact bleef met de jaren beperkt tot verjaardagen, huwelijken, ziekenbezoek en begrafenissen. Tot zijn vrouw besloot haar ooms en tantes te gaan tekenen. Zes weken lang verschijnt elke dinsdag een verhaal.

Bep was de oudste thuis. Terwijl moeder kinderen baarde (twaalf), zorgde Bep voor de rest van het gezin en het huishouden. Toen moeder overleed, beloofde ze voor haar zwakbegaafde broertje te blijven zorgen. Nog steeds woont Wout in de buurt.

Bep is getrouwd met Gijs. Hun huwelijk was ‘een moetje’. Gijs is een praatgrage man, om niet te zeggen: hij kan zijn mond niet houden. Als oud-vrachtwagenchauffeur is hij gek van auto’s. Bij ons voorlaatste bezoek liet hij mij zijn trots zien: een mosgroene Mercedes C-klasse. Hij had dit buitenkansje via zijn zoon Raymond gekocht, een garagehouder. We begaven ons naar een garagebox. Gijs dicht de buren jaloerse gedachten toe en is bang dat ze zijn Mercedes zullen bekrassen. De deur van de box zwaaide open.

‘Zó, mooi ding, Gijs. Maar wat staat-ie dicht tegen de muur aan.’

‘Ja, wat daggie, dat ik dat zomaar doe?’ De wagen stond zo opdat eventuele dieven hem er niet uit konden rollen. Met het stuurslot erop zouden ze de deurpost op hun weg treffen.

Op de vloer lagen latjes die aangaven waar de auto moest staan, op de muur waren stroken tapijt geplakt die lakschade moesten voorkomen, onder het dak was plastic gespannen mocht er lekkage ontstaan.

De wagen werd de box uitgereden. Daarna keken we enige minuten naar het motorblok waarbij Gijs technische specificaties opdiende. Ik vertelde over mijn werk als privéchauffeur.

Gijs: ‘Grote wagens zeker?’

Ik somde de Duitse, Franse, Zweedse automerken op waarin ik heb gereden, waarna Gijs vertelde dat de beste auto’s toch echt uit Duitsland komen. ‘En Mercedes is de allerbeste.’ Mijn voorliefdes (Italiaanse- en Franse merken) zette hij weg als ‘technisch gepiel’. Met een klap gooide hij de motorkap dicht. ‘Even rijden?’

Bij ons bezoek een half jaar later voor deze portretserie treffen Monica en ik geen Mercedes meer in de garagebox. Het blijkt een pijnlijk dossier. Iets met koppelingsplaten. Zoon Raymond had die nagekeken en naar de knoppen geholpen, aldus Gijs. Het is een van de redenen dat Gijs niets meer met hem te maken wil hebben.

Met Ron, hun andere zoon, had Gijs al een conflict.

Als Bep, Monica, Gijs en ik later in zijn nieuwe auto – een Citroën – op weg zijn naar hun derde zoon, geeft Gijs huizenhoog op over Franse merken. ‘Betere auto’s, vind je nie?’ Als hij optrekt, vraagt hij aan de achterbank: ‘Pittig of nie?’ Het rijgedrag van mede-weggebruikers wordt becommentarieerd en als hem op een rotonde geen voorrang dreigt te worden verleend, geeft hij, bijna tachtig jaar of niet, er een dot gas bij.

‘Gijs denk je d’r om,’ reageert Bep die naast hem zit. ‘Je zit niet alleen in de auto.’

‘Hij héb geen voorrang. Ik héb voorrang.’

De enige van de drie zoons met wie ze ononderbroken contact hebben, is Michel. Al zegt Bep later dat zíj haar zoons wel spreekt, maar buiten Gijs om. Michel woont in een begeleid-wonen-project: 24-uurs zorg, eten wordt klaargemaakt, financiën worden beheerd. Ik ken Michel van verhalen en foto’s. Op één foto heeft hij prachtige krullende bakkebaarden en een baard waar een rabbijn een puntje aan kan zuigen. ‘Oh ja,’ zegt Bep, ‘dat was zijn orthodoxe periode. Maar nu is hij geen jood meer.’

Gijs zwijgt.

Ons bezoek is aangekondigd bij de leiding. Op tafel zijn een compleet thee- en koffieservies klaargezet met een schaal met koekjes. Op de grond staat de volgende gang: een fles prik met een schaaltje leverworst en chips. Michel zit in zijn fauteuil te wachten. Bep had gezegd dat hij nu in de jaren vijftig en zestig leeft. Voor meubels, platen en kleedjes gaat hij naar de plaatselijke kringloopwinkel waar hij kind aan huis is. Aan de wanden hangen zijn schilderijen. Hij schildert veel bomen, zijn begeleider vond dat het met die engelen maar eens afgelopen moest zijn. Michel vertelt over de taxichauffeur die hem laatst naar de stad bracht en die maar bleef klagen. ‘Maar klagen mag niet van het geloof.’ In de stad werd er ook nog eens aan alle kanten aan hem getrokken. ‘Bij de kassa van de Hema lag allemaal snoep dat me aanriep: “Je moet me kopen, je moet me kopen.”’ Om deze stemmen het zwijgen op te leggen, neemt hij medicijnen. Schilderen helpt ook. En hij maakt muziek.

Hij neemt plaats achter zijn elektrische orgel. Terwijl hij het apparaat instelt, vertelt hij dat het niet lang duurt voordat er wezens vanuit de ruimte op aarde zullen neerdalen omdat wij er een zooitje van maken. Zijn muziek bestaat uit lang aangehouden tonen die sferisch aandoen.

Gijs: ‘Hij heeft nog een kamer. Ja, het is groot hier hoor.’ Het blijkt een ‘toekomstkamer’ waar de wanden met aluminiumfolie zijn bedekt.

Later in de auto vertelt Bep dat ze blij is dat Michel zo’n goede zorg krijgt. ‘Ik heb altijd voor hem gezorgd maar het is te veel. Wout, Michel… Ik heb voor iedereen gezorgd. Nu wil ik leven.’

Vanachter het stuur klinkt het: ‘Wat zeg je nou? Je leeft toch?’

‘Familie Overdijk’ van Monica Overdijk (www.monicaoverdijk.nl) is tot 17 juni te zien in Amsterdam-West in de etalages van ‘Kunsttraject’ in de Dirk Hartoghstraat 41 en 45; Van Heemskerckstraat 42 en 46; Roggeveenstraat 109 en 165. Toegang vrij, dag en nacht te bezoeken.

Mail

Ferry Wieringa (1975) schrijft over ogenschijnlijk onbeduidende levens en plekken. In zijn verhalen spelen figuranten de hoofdrol en schuift de achtergrond naar het voorplan.

Monica Overdijk is beeldend kunstenaar.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
Lees meer
test
het laatste
Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer