Asset 14

Oud vuil

Componist/producent Martin van 't Veld maakte een compositie die volledig is opgebouwd uit de geluiden van etenswaren en keukengerei. Ontwerper Judith van der Velden illustreerde deze muziek en Maartje schreef een kort verhaal naar aanleiding van dit beeld en deze klanken. Het resultaat: een verontrustend verhaal waarin alles gepureerd moet worden.

Compositie Martin van 't Veld

Zijn moeders kersenhouten boekenkast was het laatste meubelstuk dat hij op Marktplaats had gezet. Na het eerste bod had hij Dylan uit Almere meteen gemaild. Nu Hessel had besloten dat ook de antieke boekenkast moest verdwijnen, wilde hij er graag zo snel mogelijk vanaf. Dylan en zijn vriendin kwamen een kwartier te laat. Ze waren jonger dan hij had verwacht. Jonger en fletser, alsof het hen niet veel kon schelen. Ze hadden een lelijke auto, ze zochten een kast voor hun stomme dvd’s. Ongeïnteresseerd hadden ze de kast in hun gehuurde aanhangwagen getild en nu probeerden ze in de smalle straat te keren. Door het raam volgde hij hun gestuntel. Toen ze eindelijk wegreden, zag hij pas dat de muren ooit roomwit moesten zijn geweest. De kast had een bleke rechthoek achtergelaten op het behang. Een schaduw van iets wat er niet meer was.

Zijn moeder had in haar hele leven nooit een sigaret opgestoken en van hem kon de gele aanslag ook niet komen, hij rookte onder de afzuigkap. Noodgedwongen. De eerste dag had de buurvrouw al aangeklopt om over de stank te klagen. Oude mensen hebben de tijd om de kleinste veranderingen op te merken, daarom had hij zo’n hekel aan bejaarden. Toen zijn ouders hadden besloten hun intrek te nemen in dit appartementencomplex, een seniorenflat hoewel ze net vijftig waren, had hij hen de huid vol gescholden. Ze probeerden van hem af te komen, had hij geschreeuwd. Zijn vader had gezwegen, zijn moeder was begonnen de afwasmachine in te ruimen. De afgelopen dagen kwam dat gevoel steeds terug. Alsof hij opeens weer twintig was en werd weggeschoffeld. Zijn ouders waren zonder hem verdergegaan met hun leven. Zijn kop jeukte. Hij weigerde zijn moeders shampoo te gebruiken. Ze was al zo aanwezig. Het lege huis rook naar haar. Er hing zelfs een flard van zijn vader, hoewel die al meer dan vijftien jaar weg was.

Volgens de online kleurwaaier van de Gamma was het behang twee tinten donkerder geworden, van Ivoor naar Rustiek Geluk. Geen rook, maar ordinaire viezigheid had daarvoor gezorgd. Hoeveel vuil scheidt een mens uit in een leven, en waar komt het vandaan? Hessel dacht aan de gele kragen van zijn polo’s, de oksels van zijn T-shirts. Hij nam zich voor het bed te verschonen, maar realiseerde zich meteen dat het niets zou uitmaken. Mensen worden altijd vies, ook als ze niet meer buiten komen.

Na de witte rechthoek op de muur zag hij opeens ook de grijze aanslag rond de lichtschakelaars, het doffe vet op de deurposten. Ook de vormen van het tv-meubel en het bijzettafeltje hadden zich afgetekend in het behang.
Toen hij klein was, was vrijdag de dag waarop zijn moeder stofzuigde en dweilde. Dan was de bank zijn vlot en zij het zeemonster. Hij gooide zijn hengel naar haar uit. Zij sleurde hem mee het water in en gaf hem de kieteldood. Samen schrobden ze tot de vloer glansde en het in huis naar plastic viooltjes rook. Hun huis, haar huis, dit huis. De plekken liepen door elkaar. Soms dacht hij dat hij zijn moeder hoorde zingen. Dan vluchtte hij naar de keuken en rookte hij een jointje.

De eerste weken gaf het hem een goed gevoel niets nodig te hebben. Bij elke verkoop voelde hij zich sterker worden. Bovendien werden de ruimtes groter naarmate er minder in stond. Maar elke ontruiming van een kamer bereikt een punt waarop dit omslaat. Nu zelfs de boekenkast weg was, gaf de woonkamer hem een beklemmend gevoel. De bleke vlekken in het behang kwamen op hem af. Het gordijn werd een gigantische mond en het plafond leek tergend langzaam naar beneden te zakken. Opeens miste hij de tweezitter met de kriebelende bekleding die aan ouderwetse teddyberen deed denken, bedoeld om te kijken niet te knuffelen. Hessel twijfelde of hij het behang nu van de muur moest trekken of moest proberen om het schoon te maken. Nee, besloot hij, muren hoeven niet te worden afgenomen. Daar mag al het vuil van je bestaan zich verzamelen.

Nadat haar man was verhuisd – tegen vrienden zei ze dat hij op vakantie was – was zijn moeder een kapperszaak begonnen in zijn slaapkamer. Sinds de verhuizing sliepen ze niet meer naast elkaar, hun ritmes waren eenvoudigweg te verschillend, had zijn moeder gezegd. Vijftien jaar later had Hessel de hele eerste week van zijn verblijf nodig gehad om de kapsalon leeg te ruimen. Daarna had hij zijn vaders bed, dat al die jaren tegen de muur had gestaan, het bewijs dat ze toch nog hoopte dat hij terug zou komen, voor het raam gezet. Dat leek hem mooi, als je niet uit bed komt kun je maar beter van het uitzicht genieten.

Er werd nog regelmatig aangebeld door buren die geknipt wilden worden. Dan zei hij dat ze blind was geworden, meestal namen ze daar genoegen mee. Een keer was er een vrouwtje teruggekomen. Ze vond het zo sneu, zei ze, terwijl ze zich met een boeketje van de benzinepomp naar binnen probeerde te wringen.
“Ze was een goede vriendin.” Hij knikte, maar hield zijn voet achter de deur.
“Ik heb haar ooit een schilderijtje cadeau gegeven. Een bloemenveld”, hield het dametje vol. “Het is toch niet teveel gevraagd als ik dat nu weer terugneem?”
“Alles is al weg. Spijtig. Als ik het geweten had…” De deur dicht. Zodra ze de straat uit was had hij het lijstje van de muur gerukt. Samen met de bloemen belandde het bij het grofvuil dat zich op de stoep onder het keukenraam had opgehoopt. Vuilniszakken. Luxaflex. Een hanglamp en de stofzuiger. Daaronder ook zijn moeders tafellakens en de sierkussentjes. Dingen die hij aan de straatstenen niet kwijt zou raken. Het huis raakte leeg en op het internet zocht hij naar nieuwe meubels, maar zijn creditcard was geblokkeerd en die van zijn moeder verlopen.

Het geld kwam goed van pas, maar hij verkocht de meubels vooral omdat de donkere vetplekken op de armleuningen, de slijtage van de bekleding en de kringen op het tafelblad hem misselijk maakten. Ook de wietplanten in zijn moeders voormalige slaapkamer, geschikt omdat daar de zon het langst scheen, waren een hobby. De opbrengst was net genoeg voor eigen gebruik. Hij leefde zuinig en kwam alleen buiten om boodschappen te doen. Als iemand er naar vroeg, zei hij dat het tijdelijk was.

Illustratie: Judith van der Velden

Zittend op het aanrecht naast het fornuis verwijderde hij de laatste advertentie van Marktplaats. Daarna rookte hij de uren weg terwijl hij verdwaalde in de eindeloze stroom nutteloze voetbalnieuwsberichten. Hessel kwam pas weer bij zinnen toen hij zijn moeder van de slaapkamer naar de wc hoorde schuifelen. Het was tijd voor haar middageten. Uit de koelkast haalde hij een kan, klotsend gleed de beige vloeistof in het kommetje.
Zijn moeder was gehoorzaam, ze at alles wat hij haar voerde als het maar vloeibaar was. Ze leek elke dag jonger te worden. Misschien kwam dat ook wel door de slabber. Vandaag dacht ze echter dat hij haar man was. Het was vanochtend al begonnen en hij had geprobeerd stoned genoeg te worden om kalm te blijven. Maar ze bleef hem roepen met de naam van zijn vader. De klootzak. Toen het eten op was klemde hij haar beide handen om een glas water. Drinken kon ze gelukkig nog zelf. Hessel wilde opstaan maar zijn moeder trok hem op bed. Het glas viel. Haar blinde vingers gleden over zijn been en grepen zijn kruis. Hij sloeg haar, net iets te hard. Ze huilde niet, ze was het gewend, hij was tenslotte zijn vader. Meteen had hij spijt.
“Mam? Ik ga even naar de supermarkt, heb je nog iets nodig?”

De caissière zei dat ze het lief van hem vond dat hij zo voor zijn moeder zorgde. Daarna schoof ze hem een punt rijstevlaai toe waarvan de uiterste houdbaarheid die dag zou verstrijken.
“Wel snel opeten, anders kun je er goed ziek van worden. Legionella of zo...” Hij knikte, maar hield zijn adem in terwijl hij de boodschappen inpakte. Stupiditeit is ook besmettelijk.

Thuis begon hij meteen aan het avondeten. Hij wilde klaar zijn, voetbal kijken en een jointje roken. In dit huis duurden de dagen langer dan hij kon verdragen. Zijn voetzolen kriebelden, alsof hij over brandnetels had gelopen. Alleen het schrapen langs de tegelvoegen bracht verlichting. Hessel probeerde zich te concentreren op de kipnuggets in de pan. Als kind at hij niks liever, maar met zijn vader verdwenen ook de tripjes naar de snackbar. Hij bakte en pureerde, maalde een paar vitaminepillen en strooide het roze stof over haar bord. Het vloeibare eten kleurde donkerrood. Zijn moeder jammerde iets vanuit de slaapkamer. Geschrokken bedacht hij dat de deur niet op slot zat, straks stond ze weer in de deuropening, in haar negligé, met borsten tot haar navel.

“Hessel, Hessel…” haar stem klonk klagerig, als een klein kind dat opgetild wil worden. Niet per se omdat het moe is, maar gewoon omdat het kan. Zijn voeten brandden. Het aanrecht leek steeds dieper weg te zakken. De gaspitten van het fornuis waren onmiskenbaar groter dan gisteren. De gang naar haar kamer liep opeens schuin af.

Zijn moeder smakte en lachte naar hem. Hij voerde haar kleine hapjes. “En nu het toetje!” Na elke lepel schraapte hij de restjes taartpap van haar droge lippen. Hij bracht ze opnieuw naar haar mond en hoopte vurig dat ze zich in de houdbaarheidsdatum vergist hadden.

Mail

Maartje Smits Maartje Smits is schrijvend detective en imker. In 2015 verscheen haar dichtbundel Als je een meisje bent bij uitgeverij De Harmonie.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer