Asset 14

Alleen eten, eenzaamheid en dinerende doden

Is alleen eten het toppunt van eenzaamheid, of is dat slechts onze perceptie? Joyce schuift aan bij enkele eters om er achter te komen waarom zij alleen aan tafel zitten.

I.

“Have you taken a colleague to lunch lately? Why not invite him or her out today?”

In zijn boek Never eat alone, verzamelt ene Keith Ferrazi tips om succesvol te worden. “You should always reach out for others, over breakfast, lunch, whatever”, schrijft hij.

Als constant uit eten gaan met collega’s de weg naar het succes is, dan blijf ik liever aan de grond.

Ik eet graag alleen. Het is iets wat ik zelf niet helemaal begrijp, want ik heb moeilijk met anderen alleen te zien eten, vooral oude mensen en mensen die dicht bij me staan, meer bepaald mijn ouders. Ik herinner me dat mijn moeder, toen ik nog op de middelbare school zat, vertelde dat ze was gaan winkelen in de stad en ’s middags in de Desiré De Lille een pannenkoek had gegeten. Het idee dat mijn moeder, die resolute spil van het gezin, de vrouw die verafgood werd door alle boerenkinkels uit ons dorp, in haar eentje een pannenkoek moest eten, vond ik onverdraaglijk. Een vrouw als mijn moeder kon en mocht niet alleen zijn, nooit alleen.

Alleen eten wordt zielig gevonden. Het wordt geassocieerd met eenzaamheid, zelf leg ik ook die link, maar ik kom er maar niet uit waarom. Er zijn avonden die ik doorbreng met hordes vrienden aan een feestelijke dis waarop de eenzaamheid me onverklaarbaar overvalt. Waar ik op zulke momenten naar verlang, is alleen zijn. Een blik soep opwarmen en dat op mijn bed opeten.

Mijn bericht op Facebook – ‘wie eet er vaak alleen?’ – lokt een heleboel reacties uit, stuk voor stuk in een privébericht. “Ik eet heel vaak alleen, omdat ik veel reis voor mijn werk”, schrijft een bevriend journaliste. “Soms is dat heel fijn – zoals alleen op restaurant in het buitenland, soms is het leuk om thuis alleen te eten, maar vaak is het ook echt balen. Dan hou ik de gordijnen dicht zodat de buren mij niet zien.”  Iemand anders schrijft: “Ik woon alleen en heb geen geld om vaak op restaurant te gaan. Op zich is het fijn omdat ik niet de beste eter ben, en dan ziet niemand het. Maar eigenlijk is het vooral kut.”

Illustratie: Elise van Iterson

II.

In een filiaal van restaurantketen Colmar aan de singel zijn alle tafeltjes minstens voor twee gedekt. Wanneer ik mijn notieblokje en een boek boven haal, de standaarduitrusting van menig alleeneter, ruimt een serveerster rap het tweede couvert af. Om me heen zijn er nog een handvol andere solitaire eters, de andere tafels zijn bezet door koppels, veelal gepensioneerden.

Achter mij zit een kale man. Hij heeft iets weg van mijn leraar catechese op de lagere school: een buikje onder een geruit hemd, handen met grijs haar op. Ik vraag of ik bij hem mag aanschuiven en dat mag. Hij heet Dirk, en ja, hij komt hier wel vaker, heel vaak zelfs. Maar nu, met de renovatiewerken die het restaurant heeft ondergaan, was het al een hele tijd geleden. “Alles is anders”, zegt hij, “de kleuren, het menu, de manager. En mijn vrouw is er niet meer. Dit is de eerste keer dat ik hier kom zonder haar.”

Daar is de serveerster met een steak au poivre, seignant gebakken, met frietjes.

“Mijn vrouw had MS. Al 25 jaar. Je kunt er weinig tegen doen, ik heb altijd voor haar gezorgd. De laatste tien jaar deed ze mee aan een onderzoek voor een nieuw medicijn. Op het einde bleek dat zij in de controlegroep zat, ze had al die jaren een placebo gekregen.”

Dirk staart naar zijn steak. “Na een tijd hadden we het wel door natuurlijk. We wisten dat dit kon gebeuren.”

Hij krijgt vochtige ogen neemt een slokje wijn. “Maar ze is niet dood gegaan aan MS”, zegt hij, en voor het eerst kijkt hij me aan, alsof hij nu pas beseft dat ik er ben. “Ze is gestorven op onze cruise op de Nijl eind vorig jaar. Tumor in de darmen.” De steak dampt niet meer en Dirk probeert zijn tranen weg te slikken. Dan vraagt hij me of ik hem alleen wil laten.

Schuin tegenover mij zit een man van middelbare leeftijd. Afwisselend tuurt hij op de schermpjes van zijn iPad en zijn iPhone. Hij draagt een pak, onder het pak vermoed ik een pezig lichaam. Hij drinkt van een karaf rode wijn. Hij heeft, zo blijkt wat later, het varkensgebraad besteld. Wanneer het bord arriveert, legt hij zijn gadgets opzij en eet werktuiglijk. Ik wacht tot hij klaar is voor ik vraag of ik erbij mag komen zitten.

Bertrand is vertegenwoordiger van een bedrijf in verwarmingssystemen. “Als ik ’s middags warm eet, hoef ik ’s avonds niet meer te koken”, zegt hij. “Ik kook niet graag voor mezelf. Sinds ik gescheiden ben eet ik iedere dag alleen. Er zijn collega’s die hun boterhammen in de auto opeten, dan eet ik liever hier. Het is wat duurder, maar hier zie ik mensen, is er beweging.”

Bertrand vertelt over het vertegenwoordigersleven, de vele uren in de auto, de vele deuren die voor zijn neus dichtslaan, het vele missen van zijn vrouw. “Mijn grootste wens is weer iemand vinden, iemand om hier samen mee te zitten. Waar ik het meest spijt van heb, is dat ik geen tweede kans heb gekregen. We zijn 27 jaar getrouwd geweest, en op een dag vroeg ze me: ‘Wie ben jij eigenlijk?’ Dat is het ergste wat ik ooit gehoord heb.”

 

III.

“You suffer from moderate loneliness”, luidt de diagnose op mijn scherm. In de krant lees ik dat eenzaamheid niet alleen iets is dat je overkomt door een gebrek aan sociale contacten, maar dat het vooral iets is wat je ervaart. Op de UCLA Loneliness Scale van de Amerikaanse psycholoog Daniel Russel scoor ik 23. Aan de hand van een vragenlijst - ‘Hoe vaak heb je het gevoel dat je niemand hebt om tegen te praten?’ - kun je te weten komen hoe eenzaam je bent: twintig punten is normaal en dertig extreem eenzaam. Ik lijd dus aan gemiddelde eenzaamheid, en blijkbaar is dat toch te veel, gezien de site mij aanraadt op zoek te gaan naar iemand om in vertrouwen mee te praten.

Eenzaamheid blijkt, zo lees ik in het artikel, in de genen te zitten: trait loneliness, is de term, karakteriële eenzaamheid. En dat heeft weinig te maken met of je dingen alleen moet doen of niet. Er zijn dagen dat ik ervan overtuigd ben dat ik alleen op de wereld ben, enkel een sms'je kan me uit zulke momenten van zelfmedelijden halen, maar vaker overvalt de eenzaamheid me in groter gezelschap: het onvermogen op te gaan in de groep, wat anderen zo makkelijk lijkt te lukken, laat me vervreemd en geïsoleerd voelen.

Het is ingewikkeld: alleen zijn leidt niet noodzakelijk tot eenzaamheid en samen zijn met anderen zorgt er niet per definitie voor dat je je verbonden voelt.

 

IV

In de film Eternal Sunshine of the Spotless Mind zitten Joel en Clementine samen op restaurant. Joel kijkt naar de troosteloze duo’s die hen omringen. Zijn wij zoals die saaie koppels waar je medelijden mee hebt in restaurants, vraagt hij zich af. “Are we the dining death?”

De Amerikaanse socioloog Eric Klinenberg heeft het in zijn boek Going Solo over deze dinerende doden: huwelijken of relaties die enkel onderhouden worden voor het gemak, of erger: uit angst voor eenzaamheid. Terwijl zo’n relatie veel meer kan vereenzamen dan alleen zijn, zegt Klinenberg. Hij wijst op het geschenk dat alleen zijn in zich kan hebben: in je eentje ben je volgens hem immers sneller geneigd dingen te ondernemen, precies om aan de eenzaamheid te ontsnappen. Op die manier krijg je meer kansen om te experimenteren en jezelf te ontwikkelen. Dat is veel minder eenzaam dan vast zitten in een huwelijk met iemand met wie je je niet verbonden voelt.

In restaurant Colmar zijn behalve Dirk en Bernard nog een handvol tafeltjes bezet door koppels die zwijgend voor zich uit staren. Een live demonstratie van Martin Parrs fotoreeks Bored couples. Terwijl ik om het buffet heen loop en mijn bord vollaad met tomate crevette en aardappelsla, spot ik nog een alleeneter. Een vrouw deze keer, iemand die me aan mijn oma doet denken: geblondeerd, hoog geföhnd kapsel, mantel met een luipaardprint. Ik vraag of ik bij haar mag aanschuiven. “Als het niet stoort dat ik samen met u eet?”

“Doet u gerust juffrouw, maar erg veel tijd heb ik niet”, zegt ze vriendelijk, terwijl ze een blik op haar flinterdunne polshorloge werpt. “Ik heb zo meteen afgesproken met een vriendin.” Ze vertelt: “Tien jaar ben ik alleen geweest, nadat mijn man me had verlaten. Nooit kwam ik buiten, niemand zag ik. Tot ik op een dag besloot dat het genoeg was. Ik heb me mooi aangekleed en ben iets gaan eten op de Keyserlei. Vanaf die dag heb ik dat iedere week gedaan, en zo heb ik veel mensen leren kennen. Onder andere die vriendin waar ik zo dadelijk mee naar de opera ga. En een man ook. Jawel, ik ben net 72 geworden, maar ik ben zo verliefd als een jong veulen. Als u me wilt excuseren? Ik moet me haasten nu.

Goedemiddag, en smakelijk.”

_______

Toen ik dit artikel klaar had, besefte ik dat ik nog steeds geen antwoord had op de vraag waarom alleen eten zielig wordt gevonden. Ja, ik had een positieve draai gegeven aan dit verhaal en dat stemde me tevreden, maar toen ik dezelfde avond met drie vrienden uit eten ging in een goedkope pizzatent, werd mijn keel opnieuw dichtgeknepen bij de aanblik van een vrouw van mijn moeders leeftijd die in haar eentje in het gejoel van de vrijdagavond zat wachten op haar pizza. Ik zag haar lippen bewegen: praatte ze tegen zichzelf? Ik stootte mijn vriend aan en knikte haar kant op. “Wat erg”, fluisterde ik, “Straks gaat ze weer naar huis en is er niemand. Dan gaat ze dood, zonder dat iemand het merkt, en wordt ze pas ontdekt als de buren haar ontbindende lijk beginnen te ruiken.” Mijn vriend keek me vol ongeloof aan. “Ik was net aan het denken: die mevrouw ziet er zo tevreden uit, wat mooi. Jij hebt een probleem: pessimisme heet dat. Of: projectie van je eigen angstgevoelens.”

_______

Er is nog iets wat ik in dit artikel had willen betrekken: deze Koreaanse die in haar eentje grote hoeveelheden voedsel tot zich neemt voor een gigantisch online publiek. Ik weet alleen bij god niet wat ik ermee of erover wil zeggen.

Mail

Joyce de Badts is Hard//hoofd-redactielid.

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer

Het weefsel van geheugen

Het weefsel van geheugen

Vanaf de jaren zestig strijdden avant-garde kunstenaars Ana Lupas en Magdalena Abakanowicz tegen het vooroordeel dat textiel alleen decoratief kan zijn. Sander Bortier laat zien dat hun verwantschap verder gaat dan het innovatieve gebruik van het materiaal dat mede door hen van betekenis verschoof, van traditioneel naar subversief. Vezels werden drager van een stille taal: een vertaling van menselijke kwetsbaarheid binnen een collectieve orde. Lees meer

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Westerse schoonheidsidealen onder een hoofddoek

Tessy Ouwens kreeg op jonge leeftijd te maken met onrealistische schoonheidsidealen en dit leidde tot een strijd met haar eigen lichaam en zelfbeeld. Onverwachts was het de islam en het bedekken van haar lichaam, dat haar uit deze strijd hielp. ‘Met mijn hoofddoek op, voelde mijn lichaam voor het eerst weer als de mijne.’ Lees meer

 1

Zinkstukken

Dealen met fysieke ongemakken, de dood, en afgelegen, kale landschappen spelen vaak een centrale rol in de boeken van Jilt Jorritsma - zelfs zijn proefschrift ging over zinkende steden. Het is daarom niet verrassend dat Jilt Jorritsma gegrepen werd door de Biesbosch en haar spookachtige arbeidshistorie toen literair productiehuis Tilt en Cultuurfonds Noord-Brabant hem vroegen het achtste Brabants Boek Present te schrijven. De verhalen die hij ontdekte en opschreef zijn des te grilliger - vandaag lichten we alvast een tipje van de sluier. Lees meer

:De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

De DSM is science fiction, iedereen is gek: psychiater Jim van Os in de laatste Zomergasten

Hij wil de DSM weggooien, spreekt controversieel over euthanasie, drank, de ggz... wat niet? Wie ís de allerlaatste Zomergast? Psychiater Jim van Os, dus. ‘Wat je uiteindelijk nodig hebt, is een ander mens.’ Lees meer

Oh Sultan, pахмат, maar ik voel niet hetzelfde

Oh Sultan, pахмат, maar ik voel niet hetzelfde

Na een paardentocht in Kirgizië wordt voor Jip van Steenis duidelijk dat haar connectie met gids Sultan een andere wending nam dan ze had verwacht. Wat gaat er allemaal verloren in de interculturele vertaling wanneer je als toerist een band opbouwt met iemand in het buitenland? En hoe begeef je je in deze heteronormatieve dynamiek als biseksueel, in een land waar je niet queer mag of durft te zijn? Lees meer

Sigrid Kaag blijft diplomatisch bij Zomergasten, heel even komt ze los

Sigrid Kaag blijft diplomatisch bij Zomergasten, heel even komt ze los

Janine Abbring begint het gesprek met de woorden: “Je bent de afgelopen paar jaren veelvuldig bekeken door andermans ogen, maar vanavond kies jij de beelden.” Dat zet meteen de toon, maar roept ook de vraag op: zal doorgewinterde diplomaat Sigrid Kaag, met haar altijd politiek correcte antwoorden, het achterste van haar tong laten zien, of... Lees meer

Dingen die ik nooit gedaan heb

Dingen die ik nooit gedaan heb

Op een warme avond in een koele loods loopt een jonge vrouw een bekende professor tegen het lijf. Met de geur van opgedroogd zweet en de aanblik van een duur kapsel neemt Faye Schumacher ons mee in een ontmoeting tussen Vanessa en Meneer de Professor. Lees meer

:Zomergast Tommy Wieringa ziet ruimte: 'Er is nog heel veel te redden'

Zomergast Tommy Wieringa ziet ruimte: 'Er is nog heel veel te redden'

Tommy Wieringa verleidt je op fantastische wijze om samen met hem een doodlopende steeg in te lopen. Met een lach en een handig gebaar wijst hij de kijker op de fonkelende scherven onder ieders voeten. 'Er is nog heel veel te redden.' Lees meer

Zolang je me maar niet in pumps begraaft

Zolang je me maar niet in pumps begraaft

'Een uitvaart is toch meer voor de nabestaanden.' Steef probeert zichzelf een houding te geven wanneer ze hoort dat haar vervreemde zus is overleden. Nadine Ronde neemt je mee in de eerste stadia van het rouwproces dat begint met een ongemakkelijk potje airhockey, een Super Mario PEZ-dispenser en gesprekken over de prijsstijging van komijnekaas. Lees meer