Asset 14

Een bui

Een bui

In dit verhaal neemt Tessel Veneboer je mee naar hartje Parijs. Een jonge vrouw en een oudere man treffen elkaar. Terwijl ze praten over films, de wijn en ‘de meertaligheid van zijn twee dochters’, verschuift haar blik op de stad om haar heen en op haarzelf.

Als ze hem het café ziet binnenkomen, draait ze haar hoofd naar het boek dat voor haar op tafel ligt. Vanuit haar ooghoek ziet ze hem plaatsnemen aan een tafel bij de deur. Ze kijkt op van het boek en steekt haar hand in de lucht, maar hij lijkt haar niet te registreren. Hij herkent haar niet. Misschien is hij, net als zij, iemand die zo stelselmatig op tijd is dat hij ervan uitgaat altijd de eerste te zijn. Enigszins verward legt ze haar hand terug op tafel. Hij zal haar vanzelf wel opmerken. Na een minuut of twee ziet ze hem vanuit haar ooghoek opstaan en een gebaar van herkenning maken. Hij schuift snel zijn tafeltje naar voren, waardoor een leeg bierglas tuimelt maar net niet omvalt. Zonder het bijna-ongeluk te registreren, loopt hij op haar af.

Eenmaal tegenover haar vraagt hij of ze echt limonade aan het drinken is. Ze haalt haar schouders op. Alhoewel er in dit café aan de toog moet worden besteld, wenkt hij de vrouw die verderop een tafeltje aan het schoonmaken is om een biertje te bestellen voor zichzelf. Doe mij ook maar een, zegt ze snel en iets te luid. Het is het einde van een hete zomerdag die ze heeft doorgebracht met menstruatiekrampen op een benauwd kantoor.

Tussen grote slokken bier door praten ze over zijn werk als politiek adviseur, de meertaligheid van zijn twee dochters (ze spreken vier talen) en klaagt hij over de bouwchaos in de stad. Ze moet van hem aannemen hoe slecht de wijn is in dit café, hier kan je niet anders dan bier drinken. Om die reden komt hij liever in het café verderop in de straat, daar is de wijn véél beter – daar hebben ze tenminste een degelijke Chardonnay – een feit dat hem in lachen doet uitbarsten.

Ondertussen goed beneveld kijkt ze om zich heen terwijl hij ratelt. De eigenares van het café niet meegerekend, is de man tegenover haar de oudste in de ruimte. Aan elk van de smalle tafeltjes zit een groepje twintigers met elegante tweedehands kleren, ze lachen en stoten elkaar vriendelijk aan terwijl ze handig sigaretten rollen.

De zenuwen die zich ’s middags samen met de menstruatiekrampen meester van haar hadden gemaakt, waren haar eigen schuld geweest. Ze had minder moeten zeggen van tevoren. Ze leunt achterover en kijkt langs hem heen het café in. Hij woont al lang in Parijs, maar groeide op in Duitsland. Ze probeert zich voor te stellen hoe zijn studententijd eruitzag. Schreef hij zijn scripties met de hand? Hij moet de val van de muur meegemaakt hebben als jonge twintiger.

Misschien is hij, net als zij, iemand die zo stelselmatig op tijd is dat hij ervan uitgaat altijd de eerste te zijn.

Middenin een verhaal over een ex, niet de moeder van zijn dochters maar een andere, wordt hij gebeld door een van zijn dochters. Op het scherm van zijn telefoon verschijnt een foto van een blond meisje van ongeveer tien jaar. Hij verontschuldigt zich, maar zij gebaart dat hij gerust op kan opnemen.

‘Hey kiddo.’

Als hij zijn dochter gerust begint te stellen over de aardrijkskundetoets van morgen staat ze op om naar de wc te gaan. Bij terugkomst zit hij met gekromde rug op zijn telefoon te scrollen. Zonder haar iets te vragen bestelt hij nog twee glazen bier. Zij vraagt hem of hij rookt, iets dat ze al wist van zijn profiel, maar ze vindt het prettig hem bij elke vraag van haar kant te zien opleven. Hij bevestigt verrast.

Buiten is het niet minder warm dan in het café maar er blaast een zachte wind door de straat. De donkere rue Saint-Séverin ligt er verlaten bij. Behalve het zachte gesprek van twee jongens in loshangende spijkerbroeken die hun strakgerolde sigaretten roken, is er hier van de drukke stad niet veel te horen. Als de jongens stoppen met praten werpt ze een blik hun kant op om te zien of ze luisteren naar de man naast wie ze tegen de muur staat geleund. Nu ze niet langer tegenover elkaar zitten, valt haar zijn bescheiden lengte op. Ze neemt een stap terug om het verschil minder zichtbaar te maken. Ze kijkt langs hem heen, naar de jongens die tegen de muur leunen en zacht tegen elkaar praten terwijl de man blijft vertellen.

Hij grinnikt over hoe zijn vrienden allemaal gescheiden zijn of een affaire hebben en geeft haar een klopje op haar schouder. ‘Had ik dat allemaal maar geweten op jouw leeftijd.’ Weer die verdomd harde lach. Zwijgend turen ze de straat in tot hij haar vraagt of ze ‘die Amerikaanse film over Parijs’ wel eens heeft gezien. Hij vindt het een prachtige film. Het deed hem Parijs door de ogen van een buitenstaander zien en de stad opnieuw waarderen. De Amerikaanse toeristenblik, denkt ze. En natuurlijk houdt hij van Parijs. Hij had al twee keer laten vallen dat hij onderaan de Sacré-coeur woont.

Ze moet die film echt eens zien, dringt hij aan. Hij baalt dat hij niet op de titel kan komen. Ze mompelt de eerste titel die in haar opkomt maar hij hoort haar niet. Ze weet behoorlijk zeker dat ze weet welke film hij bedoelt en noemt de titel nog een keer, maar dan in het Frans. Tevergeefs. Hij gaat door. ‘Je weet wel, zo’n film van een bekende Amerikaanse regisseur. Hij heeft meer films gemaakt met steden in de titel.

‘Komen er misschien schrijvers voor in de film?’ vraagt ze. Klopt, de film gaat over beroemde schrijvers die in Parijs geleefd hebben. Wie dan, pretendeert ze, misschien een van die Amerikanen? Scott Fitzgerald of bijvoorbeeld Hemingway? Met verbazing stemt hij in, ze spelen allebei een belangrijke rol in de film, en neemt een stevige slok. Ze bekijkt de rimpels op zijn gezicht terwijl hij vertelt hoe hij na het zien van de Amerikaanse film het bioscoopje in Montmartre uitliep en spontaan een wandeling langs de Seine maakte. Heerlijk was die wandeling geweest, om zijn omgeving eens echt goed in zich op te nemen en te genieten van de schoonheid van de stad.

*

Een dag eerder had zij de Boulevard Raspail afgestruind op zoek naar een cadeau. Het boek moest tweedehands zijn want de ontvanger mocht niet denken dat ze veel moeite doet voor een souvenir. Lichte lectuur maar persoonlijk, zo’n cadeau past bij een nog ongevormde vriendschap. Op de lange boulevard ging ze elke winkel met ‘occasions’ binnen en liet haar vingers over de lange rijen boeken glijden. Alle boeken die bij de letter G waren ondergebracht, flipte ze met een vinger naar zich toe, maar zonder dat het gewilde boek tevoorschijn kwam, duwde ze de rijen kaften steeds weer terug op hun plek. Dit ritueel had ze herhaald bij elke doos boeken die ze tegenkwam op de boulevard. Hoe langer het niet lukte om het betreffende boek te vinden, hoe meer alle andere mogelijke romans die ze in principe net zo goed cadeau zou kunnen doen haar tegen begonnen te staan. Bij de metrohalte aan het einde van de lange boulevard liet ze zich door de roltrap naar het ondergrondse voeren, waar de koelte haar frustratie enigszins verlichtte.

*

Zijn sigaret is al tien minuten op maar ze staan nog tegen de muur naast het café aangeleund. De twee spijkerbroeken stampen hun sigaretten uit op de grond en lopen naar binnen. Een van de twee kijkt haar strak aan terwijl hij de deur openhoudt voor zijn vriend. Haar blik volgt zijn rug als hij plaatsneemt op een kruk aan de toog en met twee vingers zijn bestelling doorgeeft.

Ze weet behoorlijk zeker dat ze weet welke film hij bedoelt en noemt de titel nog een keer, maar dan in het Frans. Tevergeefs.

Ze stelt voor om naar zijn huis te gaan. De twee straten die ze naar zijn huis afleggen, zwijgen ze. Ze voelt zich moe worden en de krampen in haar onderbuik verergeren. Als ze achter hem aan een smal trappenhuis opklimt naar de derde verdieping ziet ze zichzelf. In zijn woonkamer met hoge plafonds en gevulde boekenkasten lijkt hij alweer zo klein. Hij verontschuldigt zich dat hij geen goeie wijn in huis heeft, terwijl dat toch echt zijn ding is. Ze gaat op de bank zitten en gebaart dat hij naast haar moet komen zitten. Ze praten over zijn studietijd, zijn ‘quartier’, het aantal vierkante meters van zijn appartement en over de boeken in zijn kast die ze allebei gelezen hebben. Ondertussen onderneemt hij geen enkele poging om dichter bij haar te komen.

*

‘s Ochtends ligt ze op zijn bank terwijl hij papieren ordent en haar vertelt over een goeie vriend van hem die via een datingapp een meisje ontmoette dat hem verzocht haar in de lift van een hotel te ontmoeten, haar in de kamer tweehonderd euro te overhandigen en haar daarna, hij verontschuldigt zich eerst voordat hij de woorden uitspreekt, te neuken als een hoer. Als ze hem een paar logistieke vragen voorlegt – bleef dat meisje dan in de lift op en neer gaan tot hij binnenstapte, had ze hem van tevoren gezegd wat ze zou dragen zodat hij haar kon herkennen – blijkt dat hij het zelf was geweest die haar wens om betaald te worden voor seks had ingewilligd.

*

Als ze een paar dagen later de rue Saint-Séverin langsloopt, denkt ze aan zijn handen. Ze had het vertederend gevonden dat hij om James Salter kon huilen, maar een man die met zoveel oprechte bewondering over Woody Allen spreekt, kan ze moeilijk serieus nemen. Hij had zelfs letterlijk geciteerd uit de film. ‘Paris is the most beautiful in the rain.’ Om het dubieuze gedrag van de regisseur gaf ze niet veel, maar had ze dat romantisch moeten vinden? De namen van grote kunstenaars en schrijvers die Parijs heeft voortgebracht, werden aan haar overhandigd alsof ze zelf nog nooit een geschiedenisboek had opengeslagen. Tegen wie sprak hij eigenlijk? Deed het er toe tegen wie hij had gesproken?

Maar, denkt ze nu, als ze ergens dat cadeau zou moeten kunnen vinden, is het in deze stad. Ze verlaat de rue Saint-Séverin en slaat de hoek om naar een grote boulevard. In de steeg klonk het verkeer ver weg, maar op de boulevard wordt ze omringd door ongeduldig getoeter en piepende banden. Onder een luifel van het zoveelste antiquariaat bekijkt ze de stapels boeken die in houten kisten zijn gestouwd. Behendig beweegt ze alle exemplaren bij de G naar zich toe tot ze eindelijk de naam van de betreffende auteur ziet verschijnen. Haar opwinding maakt meteen plaats voor teleurstelling, want het blijkt een andere titel te zijn van dezelfde auteur. Een roman die ze zelf niet gelezen heeft en dus moeilijker cadeau kan doen. Ze wil juist die ene ervaring doorgeven. De lange elegante zinnen die op een mechanisch ritme lijken te zijn geschreven en hoe G het Parijse nachtleven vult met bezwete lichamen, veelbelovende outfits, muziek en gefluisterde gesprekken. Ze koopt het versleten exemplaar van de verkeerde roman voor zichzelf.

Als ze vanonder de luifel van de boekhandel de hectische boulevard op stapt begint het te regenen. Ze loopt over de steeds leger wordende stoep en passeert opeengehoopte groepjes mensen die zich verschuilen onder het glas van bushokjes, gestreepte luifels, en parasols van restaurants. Ze glimlacht. Natuurlijk, nu moet ze hem gelijk geven: de uitgestrekte straten, grommende rijen auto’s, de telefoongesprekken die haar passeren, de natte straatstenen. De stad klinkt anders.

Deze tekst kwam tot stand in het kader van een residentieproject van het Vlaams-Nederlands Huis deBuren in samenwerking met de stichting Biermans-Lapôtre.

Mail

Tessel Veneboer is als doctoraatsstudent verbonden aan de vakgroep Engelse letterkunde van de Universiteit Gent waar ze de rol van seksualiteit in hedendaagse experimentele literatuur onderzoekt.

Jaantje Anna is een illustrator die zich laat inspireren door mensen. Ze wil contact maken met anderen om vervolgens hun verhalen te verbeelden in haar illustraties. Door deze verhalen te delen wil ze mensen aan elkaar voorstellen en verbinden.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven
test
het laatste
Het sanatorium

Het sanatorium

Elin ligt roerloos op de ligstoel van een sanatorium, hoog in de bergen. Stil en uitgespreid op het terras wordt ze geconfronteerd met een doordringende geur, die ze niet kan identificeren. In dit surreële, filosofische verhaal zoekt Stefanie Gordin naar de betekenis en de verstikkende werking van rust. Lees meer

Dogs that cannot touch each other

Dogs that cannot touch each other

Een theatrale vertelling van Louky van Eijkelenburg over warmte, wrangheid en het controversiële kunstwerk 'Dogs That Cannot Touch Each Other'. Lees meer

Kwetsuur

KWETSUUR

Het prinsessenbed en de koffiepauze in een hospice vormen het decor van dit gedicht van Kim Liesa Wolgast. Koffie, lametta en aquarelpapier zijn de rekwisieten van het sterftheater, waar de tijd stilstaat en zich tegelijkertijd steeds herhaalt. Lees meer

Materiaal van een lichaam 1

Materiaal van een lichaam

In dit verhaal van Merel Nijhuis en beeld van Jasmijn Vermeeren exposeert een disabled kunstenaar haar werk tussen de zoemende TL-verlichting, kunstkijkers en hun opmerkingen. Ze probeert een balans te zoeken tussen genoeg informatie geven over haar werk en het ontwijken van de daaropvolgende validistische vragen. Lees meer

We willen het ook voor jou veilig houden

We willen het ook voor jou veilig houden

Claire heeft het voor elkaar: luxe kleding, een indrukwekkend cv en een leidinggevende functie. Tot ze op het matje wordt geroepen vanwege grensoverschrijdend gedrag. Claire snapt het niet. Wat is er gebeurd? Wanneer zijn de regels veranderd? Wie heeft de nieuwe normen bedacht? Emma Stomp duikt in dit verhaal in Claires hoofd en laat het... Lees meer

De onderste sport

De onderste sport

Walde groeit op onder de kassa in de supermarkt. Daar hoort hij de verhalen van alle klanten die bij zijn moeder afrekenen. In dit verhaal van Jelt Roos wordt onze drang ambitieuze levens te leiden bekeken door de lens van klassenongelijkheid. Is het beter om te streven of in je eigen vak te blijven? Lees meer

De ogen van Jeroen

De ogen van Jeroen

‘Ik stel me voor dat ik heel groot en heel sterk ben, dat ik zijn arm pak, die zo ver naar achteren draai dat hij breekt. Krak.’ In dit verhaal neemt Mayke Calis je mee in het gezinsleven van een ogenschijnlijk alledaagse familie, maar maakt het al snel plaats voor een naar gevoel in je buik. Lees meer

Auto Draft 13

Schoolzwemmen

Koen de Vries schreef een beklemmend verhaal over zwemles en monsters die zich schuilhouden achter de putjes. 'Vanaf de kant kun je hem echt niet zien, hoor. Hij komt pas tevoorschijn als je verdrinkt.'  Lees meer

Auto Draft 12

Laat dat, zei ik

Op de binnenplaats van een muf hostel verlangt een man naar erkenning bij zijn vrouwelijke kamergenoot. In Laat dat, zei ik legt Robin van Ommen onze verwachtingen over wederkerigheid in sociale interacties bloot. Met een surreële twist. Lees meer

Neil Armstrong (they/them) 1

Daar ben je, hier zijn we

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Ayden Carlo: 'Dit hier lijkt helemaal niet over jou te gaan en dat is precies waarom ik je schrijf.' Lees meer

Dwalend door dromen en sluierende schaduwen

Dwalend door dromen en sluierende schaduwen

Soms vraagt een kunsttentoonstelling om een andere vorm dan een standaard recensie. Dit is ook het geval bij ‘Sculpting the senses’ van Iris van Herpen in Kunsthal Rotterdam. Merel Wolfkamp ging er heen en beschrijft haar ervaring op een gevoelige, poëtische manier. Lees meer

Neil Armstrong (they/them)

Neil Armstrong (they/them)

BredaPhoto, Pride Photo en Tilt organiseerden de tentoonstelling ‘Levenslijnen – queer verhalen in beeld’ en vroegen vier queer auteurs een brief te schrijven aan een geportretteerde. Vandaag lees je de brief van Trijntje van de Wouw: ‘Ze zoeken zo hard naar buitenaardse wezens dat ze niet zien hoeveel er nog te ontdekken valt recht voor hun neus.’ Lees meer

Zand erover

Zand erover

In dit verhaal van Anouk Harkmans ligt een verteller op het strand, alleen, met een steen op haar navel, en ze overdenkt een relatie die voorbij is. 'Wat als dit geen einde is? Wat als het einde al heeft plaatsgevonden – zonder zichtbare erosie – en dit niet meer is dan de onverhoopte poging om te doen alsof dat niet zo is?' Lees meer

Het kerstmaal

Het kerstmaal

Het ouderlijk huis: een kern waar velen van ons naar terugkeren met de feestdagen. Dingen horen daar te zijn zoals je ze hebt achtergelaten. Maar wat als dat niet meer zo is? Wat als dat fundament niet meer zo stevig blijkt te zijn? Thomas D'heer schrijft zacht over toenadering, weemoed en familie. Lees meer

Auto Draft 11

20240903 Fiat Punto

Met de handrem omlaag en handen aan het stuur rijdt Wim Landuyt je in dit gedicht langs zijn bloedlijn, van de pastasaus in zijn aderen tot in dit land van regels: een compilatie van zijn migratie. 'net als een geïmporteerde fiat punto / brandt mijn motor onder mijn huid' Lees meer

 1

Mijn doofheid door de jaren heen

In haar gedichten gaat Bareez Majid in gesprek met de nacht en verschillende vormen van stilte; van de stilte die volgt uit zwijgen om bestwil tot simpelweg niet kunnen spreken doordat je de taal niet kent, en van stilte uit angst van een gevlucht kind tot niet willen of kunnen luisteren naar de ander. Lees meer

Een eerste keer

Een eerste keer

In dit erotische verhaal vraagt Jochum Veenstra zich af of het opwindend kan zijn om constant expliciete consent te vragen, en of er dan ook echte consent tot stand komt. Een eerste keer is ook gepubliceerd als audioverhaal bij deBuren. 'Als onze monden elkaar raken, lijkt de vriendschap die we bij daglicht hebben weer tot leven te komen.' Lees meer

Balletles

Balletles

In een rumoerig café herinnert een groep meisjes zich heel helder: 'Meisjes zoals wij leren vroeg de kunst van de onwaarneembare volharding.' In dit korte verhaal neemt Marieke Ornelis je mee in een wereld vol witte panty's, billen op een koude vloer en honingachtig vocht, terwijl de intimiteit wegsmelt onder de toneellampen. Lees meer

Pomme d’amour 1

Pomme d’amour

In dit gedicht van Elise Vos vinden de glazen muiltjes en kikkerprinsen uit de klassieke sprookjes hun weg tussen de HR-medewerkers en stadsduiven met verminkte pootjes. Een hoofdpersoon zoekt diens plek in de wereld, terwijl mannen dwars door de ontknoping van het verhaal heen slapen. Lees meer

Ademruimte

Ademruimte

‘Hij kon toen alleen Catalaanse woorden fluisteren en zijn wijsvinger buigen om aan te geven wanneer hij naar buiten wilde om te roken.’ In Ademruimte, van Elisa Ros Villarte, keert het hoofdpersonage terug naar haar ouderlijk huis dat gevuld is met onbekend speelgoed, bevroren maaltijden en beladen vragen. Lees meer

Lees Hard//hoofd op papier!

Hard//hoofd verschijnt vanaf nu twee keer per jaar op papier! Dankzij de hulp van onze lezers kunnen we nog vaker een podium bieden aan aanstormend talent. Schrijf je nu in voor slechts €3 per maand en ontvang in september je eerste papieren tijdschrift. Veel leesplezier!

Word trouwe lezer!