Illustratie: Gemma Pauwels

Fransen aten altijd al gezond, maar lopen nog niet echt warm voor andere groene maatregelen." />

Illustratie: Gemma Pauwels

Fransen aten altijd al gezond, maar lopen nog niet echt warm voor andere groene maatregelen." />
tickets
Asset 14

Parijs

De industrialisatie heeft ons in staat gesteld van alles meer, beter, groter, sneller te verkrijgen. Maar voor niets gaat de zon op: ook de negatieve kanten van onze op technologie gebaseerde maatschappij zijn ons inmiddels bekend. In hoeverre heeft dit biologisch verantwoorde geweten de Westerse wereld overal gelijk getroffen? Hardhoofd stuurde vijf redacteuren naar vijf steden voor een reportage over duurzaamheid: Parijs, Amsterdam, New York, Tel Aviv en Londen. Deel één van deze serie behandelt het eco-gevoel van de Parijzenaars.

Al is het voor een buitenstaander niet altijd duidelijk, ook in Frankrijk begint het ‘groene geweten’ voet aan de grond te krijgen. Langzaamaan verschijnen steeds meer fietsen en verschillende kleuren prullenbakken in het straatbeeld. Deze bio-lifestyle is echter pas de laatste vijf jaar op gang gekomen; later dan in andere West-Europese landen als Nederland en Engeland. Bovendien is het een stroming die voornamelijk door een fanatieke minderheid wordt aangehangen. Het zijn of de milieuactivisten, of de rijkelui die zich om de ethisch verantwoorde kweektoestanden van de komkommer bekommeren.

Bij de rest van het volk wordt alles wat met ‘bio’ te maken heeft al snel afgedaan als iets voor bobo’s; een afkorting voor bourgeois-bohémien, waarmee gedoeld wordt op de wat yup-achtige laag van de bevolking die genoeg geld heeft, maar pretendeert te leven als echte down-to-earth levensgenieters. Het hele bio-gedoe heeft nog een wat elitaire stempel, ook al is de intentie om goed voor het milieu te zorgen er wel bij het grootste deel van de bevolking. Oftewel, men zegt zich erg betrokken te voelen bij het milieu, en is zich bewust van de problematiek, maar komt zelf niet in actie en wenst ook niet lastiggevallen te worden met ecologische maatregelen die het persoonlijke leven slechts bemoeilijken. Men is liever lui dan moe en heeft een passieve soort welwillendheid.

Bourgondisch

Deze houding heeft te maken met het feit dat Fransen Bourgondiërs zijn, ook als ze in andere delen van de ‘zeshoek’ wonen dan de Bourgogne. De Fransen zweren bij kwaliteit, niet kwantiteit. Ze houden in de eerste plaats van eten. En dan niet op de manier waarop wij ook wel eens voldaan na een maaltijd ‘Zo hee, dát heeft gesmaakt’ kunnen zeggen, terwijl we overdreven over onze gevulde buiken wrijven. Neen, de gemiddelde Fransman heeft echt verstand van eten, is zich bewust van wat er allemaal ingeschoven wordt en praat het liefst de hele dag over voedsel. Voor, tijdens en na een groot diner zijn er, behalve misschien eventuele relatiecrises, weinig andere gespreksonderwerpen mogelijk.

Alles draait om eten. Tussen twaalf en twee uur ‘s middags hebben studenten geen colleges, zijn werknemers niet in hun oververhitte bureautjes te vinden en gaan kleine kinderen naar huis om te lunchen. In die zin zijn de Fransen enorm biologisch verantwoord: de kwaliteit van het voedsel wordt erg belangrijk gevonden en men neemt de tijd om te koken en te eten. Dit in tegenstelling tot elders in Europa, waar de enorme consumptie van magnetronmaaltijden (die er op gemaakt zijn om na zo min mogelijk kaakbewegingen je rectum te bereiken) de boventoon voert. De Fransoos eet gezond en groen. Ecopuntje voor hen.

Maar laat ons door de bomen het bos niet vergeten, want wat gebeurt er ná al dat eten? Wat gebeurt er met alle zorgvuldig leeg gelikte voedselkartonnetjes? Ook na de maaltijd houdt de Bourgondische genotsmodus aan, en buikt de Fransman liever uit dan dat hij het afval sorteert. In appartementencomplexen zijn wel verschillende prullenbakken te vinden voor onrecyclebare troep en karton/plastic of glas, maar binnenshuis wordt er niet veel aan scheiding gedaan, dus dat mooie initiatief verliest zijn nut al snel. In mijn vorige huishouden ben ik zelfs bijna onwel geworden omdat mijn huisgenoot een lege fles wijn in de prullenbak gooide… Het idee! Overigens schijnt hier ook niemand het begrip ‘opvouwen’ te kennen met betrekking tot melkpakken, lege pakken cornflakes of ander karton: alles gaat linea recta in oorspronkelijke staat het vuil in. Ze doen ook al niet aan statiegeld, wat meteen tot een ander probleempuntje leidt: waar komt het zakgeld van de Franse kindjes dan vandaan?

Illustratie: Gemma Pauwelss

Overigens probeert de gemeente van Parijs het wel; hier en daar staat zowel een gele als groene poubelle op straat. Beide zakken puilen dan echter uit met spullen die verdacht veel op elkaar lijken. Hetzelfde geldt trouwens voor de gescheiden afvalbakken in gebouwen: als de glasbak al vol zit, tant pis (‘jammer dan, pech gehad, boeiûh!’), dan verwordt glas plots tot niet-recyclebaar afval. Sowieso heeft men weinig kennis over welk soort afval herbruikbaar is. Zoals een vriend van me zei: "Tout le monde sait que les français sont des porcs."

Het is duidelijk dat recycling hier niet bepaald booming is, maar de hoeveelheden afval waar ze mee te maken krijgen helpen dan ook niet mee. Het liefst wordt elke eenheid afzonderlijk ingepakt, met als lichtend voorbeeld de yoghurtjes die in alle smaken en kleuren bestaan maar altijd in diezelfde 125 cl bakjes komen. Wanneer introduceert hier iemand eens yoghurt in een pak?! Als je een doosje thee koopt met twintig theezakjes erin, kan je er zeker van zijn dat elk zakje een eigen plastic jasje aan heeft. Op de markt wordt elke groente door een aparte plastic zak omgeven, die vervolgens, als een Matroesjka-pop, weer in andere plastic zakken wordt gestopt. Het ‘wilt u er een tasje bij?’ komt simpelweg niet in het winkelvocabulaire voor.

Als ik de winkelbediende er vriendelijk op wijs dat de zojuist gekochte tube tandpasta vast wel in mijn eigen tas past, en dat kracht bijzet met een inspirerend "bovendien is het beter voor het milieu", word ik met een ietwat wantrouwige blik en een beleefd flauw lachje aangekeken. Het zal ook wel met de Franse smetvrees te maken hebben; zolang de gekochte waar nog niet gedesinfecteerd zijn, loop je het gevaar dat ze je handen en binnenkant van je tas met allerlei bacteriën besmeuren. Bij de grotere supermarkten moet je ter ontmoediging inmiddels wel betalen voor je zakjes, zij het een schamele drie cent. Het is een beginnetje.

Vélib

De keuze van vervoer is bijna net zo belangrijk als hun voeding, dus verplaatsen Fransen zich ook het liefst met klasse. Auto’s en scooters zijn er in overvloed, en taxi’s goedkoper dan in Nederland (maar goed, waar niet). Zodoende wordt je snot in Parijs geheid zwart. Erg romantisch. Vier jaar geleden besloot de stad het roer letterlijk om te gooien en de kokette Franse billetjes op fietszadels te tillen. De Vélib (van ‘vélo libre’ – vrije/gratis fiets) lijkt een beetje op een verkapitaliseerde versie van het 'witte fietsenplan'. Overal in Parijs zijn punten waar een twintigtal fietsen staat. Daar kan je een abonnement kopen van een dag, week of jaar, en vervolgens kun je een half uur gratis fietsen en je fiets weer bij een willekeurig fietsstation afleveren; en dat zo vaak per dag als je wil, met tussenpozen van vijf minuten. Met dertig luttele euro’s per jaar zijn de kosten te verwaarlozen, en aangezien er overal zulke fietsen te vinden zijn is het nog vaak makkelijker dan de metro pakken.

Een topinitiatief dus, waarmee je de stad in al haar glorie langs je voorbij kan zien trekken, je niet urenlang per week onder de grond leeft en bovendien alle toetjes er van af kan fietsen. Maar de mensen die op de Vélibjes te vinden zijn, zijn meestal dagjestoeristen, Nederlanders met heimwee of Franse waaghalzen. Het verkeer is namelijk nog niet helemaal ingesteld op de tweewielers en wil nogal eens gevaarlijk uit de -al dan niet dode- hoek komen. Bovendien komt de Fransman liever niet bezweet op het werk aan en zit Parijs natuurlijk vól met heuvels. Er komen wel steeds meer fietspaden en wegaanduidingen, waarbij Amsterdam overigens als nadrukkelijk en verheven ‘zo willen wij het ook!’-voorbeeld geldt. Met uitlaatgassen als grootste bijdrager aan de Franse CO2-uitstoot doet de overheid er goed aan de stad steeds fietsvriendelijker te maken, maar de Parijzenaren zelf klauteren toch nog liever in de benauwde ondergrondse dan op de vélo.

Bobo-esque

Ondanks het bobo-esque imago wordt de zorg voor het milieu wel steeds hipper. De ecologische keurmerken duiken overal op en vanaf vorig jaar (!) worden er in grote getale spaarlampen verkocht. Ik heb alleen nog geen enkele Parijzenaar op het bezit ervan kunnen betrappen. En ik betwijfel dat de sfeervolle straatlantaarns hun zwoele gele schijnsel ooit in zullen ruilen voor een fel en koud, maar duurzaam licht. Wat energie betreft zijn ze overigens ook niet zulke grote vervuilers, omdat bijna 80% afkomstig is uit kerncentrales. Er wordt echter bepaald niet zuinig mee omgegaan. Fransen stoken bij het leven en zetten de verwarming liever op 25°C dan dat ze een trui aandoen. Bovendien behoort 75% van de Parijse huizen tot de laagste, en dus meest verspillende, energieklasse. En die stomme knipperlichtjes op de Eiffeltoren hoeven ook echt niet elke dag aan; scheelt de ville de la lumière toch flink wat uitstoot.

De Franse staat neemt slechts ten dele de verantwoordelijkheid op zich met initiatieven zoals de Vélib en met het plaatsen van gescheiden afvalbakken. Er zijn geen GroenLinks-achtige partijen die het milieu op de politieke agenda weten te zetten. Wat de bewustwording betreft blijft het volk afhankelijk van kleine particuliere groeperingen die documentaires en reclames maken, maar op hun beurt weinig directe invloed hebben op de dagelijkse gang van zaken. Hoewel het groene bewustzijn begint door te sijpelen, moeten de Fransen nog definitief over de streep getrokken worden om het heft ook daadwerkelijk in eigen handen te nemen. Vooralsnog wordt het ‘bio-handelen’ gezien als iets voor de intellectuele elite of bobo’s; voor hen die tijd en geld genoeg hebben om zich er druk over te maken. Zorg voor het milieu staat vooral gelijk aan moeite doen, en het zal nog wel even duren voordat die passieve houding zal veranderen. On vert-ra.

Mail

Brankele Frank

Gemma Pauwels is freelance illustrator en woont in Amsterdam.

Sluit je aan en verzamel kunst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor verbeelding en verhalen. Een niet-commercieel platform waar talent de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. Zonder advertenties en helemaal gratis.

En dat heeft resultaat. Hard//hoofd’ers Iduna Paalman en Joost Oomen werden dit jaar door de Volkskrant verkozen tot literair talent van het jaar.

Een plek als Hard//hoofd kan alleen bestaan met jouw steun. Sluit je daarom bij ons aan en ontvang kunstwerken van veelbelovende makers, een Hard//hoofd-tasje en voorrang voor ons jubileum.

Sluit je aan
het laatste
10 jaar Hard//hoofd in Het HEM

10 jaar Hard//hoofd in Het HEM

Op de eerste lentedag van dit decennium viert Hard//hoofd haar 10-jarig bestaan in Het HEM. Samen met de alchemisten van deze tijd toveren we Het HEM om tot nachtlaboratorium. Vier met ons mee! Lees meer

 Klimt achter de klimop

Klimt achter de klimop

Italiaanse tuinmannen bevrijdden een vrouw die zo'n 60 tot 100 miljoen euro waard blijkt. Het nieuws in beeld door Veerle van der Veer. Lees meer

Trotse mixtape

Trotse mixtape

Als je buren aan de deur komen bonzen, is dat om de link naar deze playlist te vragen. Lees meer

Automatische concepten 32

Het glas had jouw vorm

Thijs Joores bespreekt in zijn gedichten een donkere kant van trots: over het Imposter Syndrome en thuiskomen bij je ouders waar je kindertekeningen nog op het toilet hangen. Lees meer

Alles vijf sterren: 19

Trots op onze menselijkheid

Deze week worden we blij (en trots) van burlesque, zwart-witfoto's in elke kleur van de regenboog en het tweede seizoen van Sex Education. Lees meer

De humblebrag

De humblebrag

Anne Staal gaat in gesprek met haar miereneter, want er moet haar iets van het hart. Lees meer

Stemmen die wegsterven in de wind

Stemmen die wegsterven in de wind

Een auteur heeft zich teruggetrokken in een grauwe hotelkamer en werkt aan een boek, om niet te hoeven praten en niks uit te hoeven leggen. Voor zolang het duurt. Want van wie is het boek uiteindelijk: van de schrijver of van de lezers? Lees meer

 Wat betekent het om erbij te horen?

Wat betekent het om erbij te horen?

In deze extra Beeldspraak, speciaal voor de Trotse week, zoomt Alex Avgud in op de lichamen van zij die zich niet aan de norm wensen te houden: migranten, lhbt'ers of beide. Lees meer

Zondeval 2.0: hoe (niet) te leven in de klimaathel

Zondeval 2.0 Hoe (niet) te leven in de klimaathel

Terwijl de aarde warmer wordt dan goed voor ons is, ziet Iris Blaak dat mensen naar uitersten grijpen om hiermee om te gaan. Waar de een zijn kop in het zand steekt, neemt de ander juist het drastische besluit om zich niet meer voort te planten. Lees meer

Column: Jouw haar is ook mooi, hoor

Jouw haar is ook mooi, hoor

Iduna Paalman kan nog steeds met schaamte terugdenken aan die keer dat een jongen op het festival vond dat ze tof haar had, en hoe ze dat voor even geloofde. Lees meer

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand

Uiterlijk schoon is zowel een vloek als een zegen voor Jihane Chaara. Ze merkt dat het al te vaak het zicht ontneemt op alles wat er onder de oppervlakte aanwezig is. Ze zoekt haar heil in de filosofie van body neutrality. Lees meer

Trots zoals _ zich verhoudt tot _

Trots zoals _ zich verhoudt tot _

Yentl van Stokkum onderzoekt de trots die ze in haar dagelijks leven om zich heen ziet: in kleedkamers, in opgeruimde kamers en in primetime televisieprogramma's. Lees meer

Waarom etaleren we onze trots op sociale media?

Waarom etaleren we onze trots op sociale media?

Honger en rampspoed te over in de wereld, maar op sociale media ziet Wieneke van Koppen alleen maar voorspoed en persoonlijk geluk. Hoe zit dat? Ze gaat te rade bij emotie-psycholoog Ad Vingerhoets. Lees meer

Train je trots

Train je trots

Roos Wolthers besefte dat ze eigenlijk nooit trots is op zichzelf. Sterker nog: ze ziet vooral wat ze verkeerd doet. Maar trots kun je trainen. Een tip om je eigen prestaties te benoemen. Lees meer

Hard//hoofd hult zich in een fluwelen harnas

Hard//hoofd hult zich in een fluwelen harnas

Deze week paradeert, poseert en flaneert Hard//hoofd erop los, want wij zijn trots, en de hele wereld mag het weten. Lees meer

 Kikker-K'NEX

Kikker-K'NEX

Amerikaanse wetenschappers zijn erin geslaagd kleine robotjes te maken met levende cellen uit kikkerembryo's. Aida de Jong bracht het nieuws in beeld. Lees meer

 1

Lieflijkheid, comfort, en verbeelding

Deze week worden we blij van een boek van Jenny Slate, een fleecepyjama en de horoscopen van Rob Breszny. Lees meer

 1

Collectief protest is nodig voor individueel geluk

Wolter de Boer luisterde naar de kersttoespraak van de koning en was verheugd dat hij over onze geluksobsessie sprak. Wel liet de koning een paar belangrijke maatschappelijke factoren voor de ellende van individuen achterwege in zijn rede. Lees meer

Seoul 2

Seoul

Thijs Joores schreef deze ritmische gedichtencyclus tijdens de jaarwisseling in Seoul. Het begint kalm, maar eindigt in een wervelwind aan gedachten en reflecties. Lees meer

Petrov zit

Petrov zit

Maria draaide zich om en liep de kamer uit. Petrov staarde naar het bruine plastic, de hoorn, de zwart met witte cijfers. Zijn starre billen raakten het leer en zijn ogen werden naar het tafeltje naast het raam getrokken. Het tafeltje met de telefoon, ver buiten zijn bereik. Zijn gedachtes vormden woorden die hij niet... Lees meer

Sluit je aan en verzamel kunst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor verbeelding en verhalen. Een niet-commercieel platform waar talent de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. Het bestaan van zo’n platform is niet vanzelfsprekend. Sluit je daarom bij ons aan en ontvang kunst, een Hard//hoofd-tasje en voorrang voor ons jubileum.

Sluit je aan