Gastschrijfster Merel Kamps' ergernissen over het nodeloze chique-doen in de naamgeving van een doodgewoon 'lekker groot brood'. " /> Gastschrijfster Merel Kamps' ergernissen over het nodeloze chique-doen in de naamgeving van een doodgewoon 'lekker groot brood'. " />
Asset 14

De onzin die ons gevoerd wordt

Geregeld handelen mensen tegen hun eigen principes in. Iedereen doet wel altijd heel principieel over principes –zoals het ook hoort– maar ik denk dat we het er eigenlijk allemaal over eens zijn, dat principes beter getypeerd worden door de woorden “in principe wel, maar..” dan door een Kantiaanse stelligheid. Ik zelf handel in ieder geval minstens twee keer per week tegen mijn principes in. Twee keer per week bezoek ik namelijk een bepaalde chique bakkersketen, waarvan ik de naam hier niet zal noemen. Sinds een noodlottige dag zo’n zes maanden geleden ben ik namelijk verzot op een brood dat daar verkocht wordt. Voordat ik ga uitleggen waarom een bezoek aan deze bakkersketen eigenlijk tegen mijn principes ingaat, wil ik hier eerst een wat aandacht besteden aan het onweerstaanbare brood in kwestie.

Mensen die dagelijks niet meer weten te bedenken dan enkele sneetjes tijgerwit of Zaanse Snijder kunnen hier ophouden met lezen. Enkel echte broodliefhebbers zullen de diepte van mijn dilemma aanvoelen. Dit is namelijk niet zomaar een brood, dit is de koning onder de broden, het ambrozijn. Op het eerste gezicht wellicht niets bijzonders, zoals ook Aladdin een ruwe diamant is; het is net niet vierkant –sommige dagen vierkanter dan andere– en donkerbruin van kleur. De korst is bezaaid met een licht decadente variëteit aan zaden en –nu komt het– zout! Door deze eenvoudige, doch briljante toevoeging, is dit brood uitermate geschikt om er een gekookt ei op te eten. Maar ook geroosterd –het liefst een beetje aangebrand– met alleen een beetje boter is het niet te versmaden. In het licht van het bestaan van dit brood, krijgt de uitdrukking “ water en brood” voor mij iets heel aantrekkelijks.

Maar, hoewel mijn liefde voor dit brood diep gaat, blijft het toch een brood. Bij de keten in kwestie hebben ze hun bewondering voor hun eigen creatie echter niet in bedwang kunnen houden en het brood, heel overdreven een Franse mannennaam meegegeven. En hier is het dat mijn principes beginnen op te spelen. Nu kan het zijn dat de bakker die dit brood het leven schonk, na weken worstelen, wikken en wegen met bloem, zaden en zout, zo ontzettend trots was dat hij het zijn eigen Franse naam meegaf. In dat geval zou de naam nog iets van de authentieke, rustieke charme hebben, die hij probeert op te roepen. Maar het feit dat het hier een Nederlandse bakkersketen betreft en niet een “boulangerie” ergens op de loofboomgrens in de Franse Pyreneeën, en de onafgebakken broden waarschijnlijk gewoon op een industrieterrein ergens bij Sloterdijk door Ghanezen in kratten worden gestopt voor transport, maakt het voor mij onacceptabel dat het brood deze naam draagt.

Het principe waartegen dit ingaat doop ik bij deze het principe van “nodeloze chiquedoenerij” en ik ben me bewust van het pleonastische karakter van deze term. Aan ‘nodeloze chiquedoenerij’ maakt deze keten zich zonder blikken of blozen zes dagen per week in twaalf filialen schuldig. Een brood heet namelijk niet een brood, maar een “pavé”. En een bepaald brood, van een slordige 70 cm doorsnede heet niet een “bizar groot brood” of een “megalomane bakkerscreatie”, maar een “pavé grand-mère”, alsof er ook maar één oma is die fysiek in staat is om dit wagenwiel van een brood mee naar huis te torsen voor haar bloedjes van kleinkinderen. Ook hebben ze een doodnormale klinker in de naam van hun keten vervangen door een dandyachtige i grecque, zoals ook makelaarskantoren geneigd zijn te doen. Maar dit alles is niet het ergste.

Nog maar kort geleden toen ik dolgelukkig-maar-met-schuldgevoel met mijn zilte aankoop de winkel verliet en nog eens achterom keek, viel mijn oog op een briefje dat op de deur geplakt was. Er stond op dat de winkel op zoek was naar “broodambassadeurs”. Broodambassadeurs? Worden er mensen uitgezonden naar verre oorden om daar in wit gepleisterde gebouwen Het Brood te vertegenwoordigen? Ik las de functieomschrijving: Parttime verkopen van broden en zo nu en dan wat sneetjes brood beleggen. Dat stond er niet zo uiteraard, maar daar kwam het wel op neer. Ik denk dat er heel wat ambassadeurs nogal op hun tenen getrapt zullen zijn als ze hier lucht van krijgen. Het dilemma was nu compleet. Ik wilde dat brood –sinds ik dit brood had geproefd, was immers ieder ander brood een zoutloze hap geworden– maar zij die mij het brood kunnen verschaffen, hadden mijn hoogst persoonlijke wet tegen nodeloze chiquedoenerij al zo vaak met de voet getreden, dat ik het eigenlijk niet meer met goed geweten kon kopen. Wat nu te doen?

Vandaag zwierf ik met precies dit dilemma in mijn hoofd over de website van mijn bakker, terwijl ik –jawel– op een sneetje van het brood, dat een Franse naam draagt, kauwde. Na de enigszins pathetisch verwoorde ontstaansgeschiedenis van de broden te hebben gelezen, klikte ik, eigenlijk al bij wijze van afscheid, de productenlijst aan. De hoop op een bevredigende oplossing van mijn dilemma had ik al opgegeven toen ik op de productenlijst de volgende term tegenkwam: 'Pestostengel'. Bij het zien van dit monsterlijke, maar vooral kinderlijk eenvoudige en alles behalve pretentieuze woord, verdween mijn dilemma als sneeuw voor de zon. Blijkbaar heeft er iemand binnen de keten op de rem getrapt toen één van de bakkers aankwam met zijn nieuwe creatie.

“Ik noem hem: 'Obélisque Italien!'"
“Nee," heeft toen iemand gezegd, “genoeg is genoeg. We noemen het een ‘pestostengel’ en daarmee uit!”

Merel Kamp (1983) is altijd op zoek naar het concrete maar raakt daarbij permanent verdwaald in het abstracte. Van wijsbegeerte naar de kunstacademie dan weer naar wijsbegeerte, terug naar de kunstacademie, en opnieuw naar wijsbegeerte. Het allerliefst hanteert zij eigenlijk een schroefboormachine.

Mail

Merel Kamp

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Verwijzing naar de tijd dat heksen smolten in water uit meisjeshanden

Geïnspireerd door de blikken man uit The Wizard of Oz leidt Elise Vos je over het pad van gele klinkers. Ondanks de bescherming die ons harnas biedt, bevat het kieren die toelaten wat we niet zouden willen voelen. Bovendien: wie wil nu afgestompt raken? Lees meer

Rouw en haar contouren

Rouw en haar contouren

Wat gebeurt er als je grootste angst werkelijkheid wordt? Vorig jaar verloor Ivana Kalaš haar vader. In dit essay onderzoekt ze rouw en angst. Wat als juist het verlies je dichter bij het leven brengt? ‘Zoals je vroeger naar een eclips zou kijken via een cd, kom ik in contact met rouw: via haar contouren.’ Lees meer

Lucifers

Lucifers

‘Het begon met een gat, een gat in de zon.’ Terwijl de opa van Jung-hoo blind wordt, verdwijnt de zon langzaamaan uit de lucht. Met deze alternatieve geschiedenis duikt Siep Hendriks in de commercialisatie van het leven, de mens en diens karakter. Lees meer

Auto Draft 24

Een caleidoscoop van verlangen

‘De zoektocht naar een gemeenschap gaat door. Een gemeenschap die mijn caleidoscopische zijn kan accepteren, waarin ik niet hoef te kiezen tussen delen van mezelf, waarin ik niet exotisch, verdund of onverenigbaar ben.’ In dit essay beschrijft Rocher Koendjbiharie welke moeilijkheden hij ondervindt in zijn levenslange zoektocht naar een gemeenschap waarvan hij zich volwaardig onderdeel kan voelen. Lees meer

Eat the rich! Or get eaten?

Eat the rich! Or get eaten?

‘Munch Musk’, ‘bite Bezos’ of ‘suck Zuck’? Stijn Voogt onderzoekt hoe ook aan kapitaalkritiek flink geld verdiend kan worden. ‘Eat-the-rich-films wakkeren geen honger naar verandering aan, maar lijken deze vooral te stillen.’ Lees meer

Bubbel

Bubbel

‘Ik probeer te begrijpen waarom ik de hele tijd overal onderdoor glip, ook onder de term lesbie, het is een woord waarvan ik de ingang niet vind.’ Tijdens een schrijfresidentie in Parijs verkent Leonore Spee de spanning tussen identiteit, verlangen en lichamelijkheid. Het wordt een zoektocht naar het overbruggen van afstand – tussen mensen en steden, liefdes en labels, gedachten en ervaringen, en hoofd en lijf. Lees meer

Vlindereffect

Vlindereffect

Een wapenfabriek is van nature een harde, troosteloze plek, maar zo kleurrijk als in dit verhaal, heb je het nog nooit gezien. Drie dystopische levens komen samen rondom een fabriek, waardoor de donkerte van de oorlogsindustrie feilloos bloot komt te liggen. Fester Vogels geeft ons drie perspectieven op een vlijmscherpe ontwikkeling, kritisch en tegelijkertijd zó beeldend dat het aan je scherm wil ontsnappen. Lees meer

De stilte (is niet het antwoord)

De stilte (is niet het antwoord)

Stilte. Sinds Marthe van Bronkhorst die zelf niet meer kan horen, luistert ze er heel anders naar. Echte stilte is zeldzaam in ons leven, of lijkt dat maar zo? In delen van mijn oor is het stil. Na een ongelukje deze zomer zijn de trilhaartjes beschadigd. Dat hoor ik niet, want het lichaam overcompenseert daarvoor... Lees meer

Meehuilen met ijskruid

Meehuilen met ijskruid

‘We zijn zo ver verwijderd van ons eigen eten dat we kunst nodig hebben om die verbinding zichtbaar te maken.’ Lisanne Brouwer laaft zich aan (theater)kunst met voedsel in de hoofdrol en neemt je mee in de manieren waarop kunstenaars ecologisch bewustzijn aan de eettafel creëren. Het blijkt een ontdekking van zowel verlangen als walging. Lees meer

De gisting

De gisting

Mara van Herpen vertelt het poëtische en surrealistische verhaal van Toni. Hen werkt in een broodfabriek en begint daardoor te gisten en te schimmelen en verandert in… Ja, in wat eigenlijk? Lees meer

We moeten vaker synchroon dansen

We moeten vaker synchroon dansen

‘Ik betrap mezelf erop dat het moeilijk is hoopvol te zijn in deze tijden, soms voelt het zelfs verkeerd.’ Toch vindt Loïs in haar column ruimte voor hoop. Niet door ons terug te trekken, maar door ons uit te spreken én elkaar te vinden. Minder polarisatie, meer synchronisatie. Lees meer

Soms mis ik mijn handen

Soms mis ik mijn handen

‘Soms mis ik de magnetron / soep uit blik / ingevroren aardappels in partjes.’ Middels essay en poëzie illustreert Martijn van Bruggen met stekende precisie het verband tussen voedsel en klasse en wat het betekent je aan te moeten passen naar hiërarchisch geladen verwachtingen. Lees meer

Moeder van een mislukt idee

Moeder van een mislukt idee

‘Breek ik een idee echt af zoals een zwangerschap beëindigd wordt?’ Roosje van der Kamp voelt een grote noodzaak om iets blijvends te creëren, maar komt niet verder dan vluchtig neergepende fragmenten in haar notities. In dit essay onderzoekt ze – naast de vraag of ouderschap eventueel een valide, tweede optie is – haar worsteling met het professionele schrijverschap. Lees meer

Auto Draft 23

we verbleven in ledikanten / in het huis met zeventig kinderen

'Dat ik gil in een vreemde taal / elke moedertaal breekt zonder bekenden.' Wat voor sporen laat het na als je je moedertaal verliest? Waar blijft de taal en hoe verhoudt je je tot je eigen identiteit na gedwongen migratie? In dit gedicht vangt Bożena Kacica de rouw en de vervreemding die volgden. Lees meer

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

Als taal de werkelijkheid schept, wat doet oorlogstaal dan?

In de media wemelt het van oorlogstaal. Marthe van Bronkhorst laat zien hoe je de frames kan herkennen: 'Sterf je liever terwijl je je verdedigt of passief?' Lees meer

Denkbeeldige ruimte

Denkbeeldige ruimte

In dit essay onderzoekt Sytske Frederika van Koeveringe hoe schrijven een ruimte opent waarin kwetsbaarheid, verbinding en saamhorigheid zichtbaar worden. ‘Sinds ik ziek ben, voel ik bij vlagen een afgesneden gevoel van de medemens die geen kanker van binnenuit kent.’ Lees meer

Meneer Ouka en de streep

Meneer Ouka en de streep

'‘Het gaat over uw kabouter,’ zegt meneer Ouka.' En dat doet het: in dit verhaal verheft Makki Aimar een niet-lachende tuinkabouter tot het glinsterende middelpunt van zijn verhaal. Waar ieder ander een tuinkabouter niet eens zou zien staan, lijkt het voor de hoofdpersoon in dit verhaal een metafoor voor zingeving te worden. Met dit verhaal won Makki Aimar de schrijfwedstrijd 'Door de ogen van Palomar', georganiseerd door uitgeverij Cossee en Hard//hoofd. Lees meer

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

No Spend September, maar zou het leven niet meer moeten zijn dan vaste lasten?

Brengt tijdelijke onthouding van kleding, koffie en verjaardagscadeaus ons dichter bij een koopwoning? Of is het enkel in onze dromen dat een financiële detox grote, blijvende veranderingen weet te bewerkstelligen? Loïs Blank vraagt zich af wat er buiten beeld raakt wanneer we ons verliezen in de survival van No Spend September. Lees meer

:Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen 2

Verdreven naar de zee: Een zoektocht naar de onvertelde verhalen van Vietnamese bootvluchtelingen

Lam Ngo was vierentwintig toen hij vluchtte uit een ideologisch verscheurd Vietnam. In dit essay vertelt hij hoe hij weer leerde luisteren naar de pijnlijke en lang verzwegen herinneringen, hoe het was om in Nederland opnieuw te moeten beginnen en over de blijvende band met zijn geboortestad Saigon. ‘Want pas als we zien wat er verzwegen is, kunnen we echt luisteren.’ Lees meer

 1

pantser / piertotum locomotor

In deze twee gedichten van Roan Kasanmonadi kijken we naar een aflevering van Kamp Van Koningsbrugge, leren we onszelf op te rollen als pissebedden, en vliegen de zwaarden, harnassen en kikkers je om de oren. Lees meer