Misschien wordt het tijd dat we ons relativisme opzij zetten en weer in Grote Woorden gaan praten." /> Misschien wordt het tijd dat we ons relativisme opzij zetten en weer in Grote Woorden gaan praten." />
Asset 14

De gêne voorbij

De twintiger van nu is niet gewend om te praten over idealen. Hij of zij is zich bewust van de betrekkelijkheid van ons bestaan. Toch zou men zich kunnen afvragen of wij als mens niet zijn doorgeschoten in dat relativisme. Misschien wordt het weer eens tijd om dit morele ongemak bij het grofvuil te zetten.

‘De pionier van de beleveniscultuur, waarin experiment en het breken met morele en sociale conventies doelen op zichzelf zijn geworden.’, luidt de beschrijving van onderzoeksbureau Motivaction wanneer men spreekt over een deel van mijn generatie: de ‘postmoderne hedonist’. Deze beschrijving, die vooral op gaat voor een jong (hoog opgeleide) stedelijke groep, komt voort uit het Mentality-model: ontwikkeld door onderzoeksbureau Motivaction om de Nederlandse samenleving in te delen in een aantal sociale milieus. Die milieus gaan voorbij aan traditionele graadmeters, zoals leeftijd, geslacht, opleiding en inkomen, en beschrijven hoofdzakelijk het leefpatroon en de belevingswereld van deze groep.

Ondanks het feit dat het voorbij gaan aan deze traditionele graadmeters de nodige kritiek verdient, komt deze archetypering natuurlijk niet zomaar uit de lucht vallen. In veel gevallen komt het overeen met wat ik, als jonge hoog opgeleide stedeling, om mij heen ervaar en zie. Met name die postmoderne houding: dat speelse, relativerende en anti-autoritaire karakter van mijn generatie, is diep geworteld in onze geestestoestand.

Die mentale huishouding heeft zich gevormd in een tijd waarin het geloof in grote ideologieën, onder een deel van onze bevolking (lees: culturele elite), achterwegen zijn gelaten, waarheid een wankel begrip is geworden en vooruitgangsgeloof ferme kritiek heeft ontvangen. In die tijdsgeest zijn wij volwassen geworden. Enerzijds een zegen, want het heeft ons tot realistische, inschikkende en sociale wezens gemaakt. Anderzijds een loden last. Die typische postmoderne houding, het relativisme, is daarbij van een middel tot doel verheven. En precies daar zit dan ook de crux. Want ‘mijn generatie’ neemt namelijk geen ‘grote’ woorden in de mond, keert zich niet tot de Heilige Schrift of een of andere maatschappijbrede ideologie. Nee, wij zijn de kinderen van Lyotard, Lacan, Barthes, Foucault, Rorty, en bovenal van Nietzsche. Voor ons geen god. Die God was al dood toen wij op aarde kwamen, die heeft nooit geleefd.

Wij hebben geen weet van de grote idealen, van de strijd voor een universele ethiek. Wij krijgen het niet uit onze strot, het voelt onprettig, bijna vies. Waren het onze ouders die opgezadeld werden met de kerk, wij werden belast met een cultuur van relativisme, van individualiteit en persoonlijke vrijheid. Over de waarheid, het goede, het schone, daar praten wij niet over. Wij moeten ons bewegen in een wereld van onzekerheid, van parallelle waarheden, van verschillende overtuigingen en handelswijzen. Hoe vaak galmt het adagium ‘de waarheid, het goede en het kwade is een subjectieve aangelegenheid’ wel niet door de publieke ruimte. Zelfs het universitaire leven, dé plek van het vrije denken, biedt geen ruimte meer voor deze ‘grote’ vragen. Nee, daar verschuilt iedereen zich achter zijn expertise. Essentiële vragen over de zin van het leven, over goed en kwaad - over schoonheid en het morele - zijn vragen die niet meer passen bij de sceptische en bescheiden wetenschapper van nu. Best vreemd eigenlijk, aangezien juist deze mensen niet om deze vragen heen kunnen.

De constatering dat men geen besef meer heeft van wat wel en niet goed is voor onze wereld, is daarentegen, naar mijn mening, niet de juiste. Wij weten wel degelijk wat als goed of fout kan worden bestempeld. Diep van binnen zit dat besef er wel degelijk. Het is echter de gêne, het psychologische ongemak, dat ons er van weerhoudt om hier openlijk over te praten. Waren het onze ouders die hun stem verhieven tegen de Nederlandse kleinburgerlijkheid, daarmee hebben ze ons, twee decennia later, vertroeteld en klein gehouden. Het grote broer of zus syndroom zou men dat ook wel kunnen noemen; die heeft immers alle paden al bewandeld, overal al over nagedacht en bovenal een overmatig verantwoordelijkheidsgevoel. Wij zijn opgevoed met een bescheiden wereldbeeld. ‘Hou het maar dicht bij huis, dat is al moeilijk genoeg’ is dan ook een zin die zich ferm heeft genesteld in ons geestelijk gestel.

De persoon die een poging waagt om over vooruitgang en positieve waarden te spreken, wordt acuut verpulverd door een peloton van realisten. Susan Neiman, moraal filosofe, is er zo een die het behoorlijk te verduren krijgt. De onlangs overleden literatuurrecensent Michaël Zeeman omschreef haar denken als volgt: ‘Je zou haar onbekommerdheid kunnen omschrijven als filosofie voor het Obamatijdperk: je niet generen voor je intelligentie en onbeschaamd morele vragen stellen.’ Met haar boek ‘Morele helderheid: goed en kwaad in de 21ste eeuw’ breekt ze namelijk een lans voor een ‘volwassen idealisme’. Een streven naar een betere wereld, zonder daarbij te vervallen in dogmatisme of een utopistische denktrant. Voor Neiman is vooruitgang wel degelijk mogelijk. Ook al is de afstand tussen een ideale wereld en de strenge werkelijkheid nooit volledig te overbruggen, deze afstand kleiner maken is wel degelijk mogelijk. Het ongemak, dat ook ik, als product van mijn tijd - een tijd vol met scepsis en verlammend relativisme -ervaar bij enige vorm van idealistische retoriek, is volgens Neiman een verkeerde start. ‘Mensen zijn zich er voor gaan schamen dat ze oordelen over goed en kwaad. Het is juist door onze diepe menselijkheid dat we ons een betere wereld voor kunnen stellen en ons daar vervolgens voor in willen spannen,’ aldus Neiman.

Neiman staat niet alleen in haar strijd voor morele helderheid. Zeer recentelijk verscheen (jawel, van Nederlandse bodem) het boek ‘Adel van de geest’ van Rob Riemen. In plaats van het politiek spectrum, waar Nieman haar kritiek op richt, wendt Riemen zich tot het milieu van het intellect, de weldenkende mens. In een vurig pleidooi, mooi geschreven en met héél veel grote woorden, verdedigt Riemen met hulp van Socrates, Spinoza, Goethe en Thomas Mann, het klassieke humanistische ideaal: zelf denken en samen leven. Riemen beschuldigt de hedendaagse intellectueel van wegkijkgedrag, van een dodelijk moreel relativisme. De postmoderne scepsis, mijn geestelijke vader, is volgens de essayist Riemen het grootste gevaar voor onze westerse beschaving. Zij heeft haar functie gehad, zij heeft de boel goed door elkaar gehusseld, maar is volgens Riemen een lange traditie van denken over het goede, het ware en het schone uit het oog verloren. De vraag hoe waarachtig te leven heeft de hedendaagse intellectueel in zijn ‘innerlijke bestaan’ al lang geleden verlaten. Hij is verworden tot een beklemmende twijfelaar.

Misschien is de verdedigingsrede van Riemen te mooi om waar te zijn. Misschien is het allemaal wel theoretisch gezwets. En ja, scepticisme heeft inderdaad een functie. Maar is dat nou wel wat wij willen, wat ik wil? Die grote woorden altijd maar inslikken, terwijl we er eigenlijk best graag over willen praten? Mogen wij, de generatie Y en alles wat daar op volgt, dan niet meer zelf nadenken over die ‘grote’ woorden? Mogen wij geen hoop koesteren voor een betere wereld, mogen wij niet nadenken, het eens of oneens zijn over het goede, het ware en het schone? Recentelijk beschreef Arnon Grunberg in Vrij Nederland (19 dec. 2009) maatschappelijke engagement als ‘het mobiliseren van de tranen van de massa’. Grunberg opperde zelfs dat hij wel het nihilistische spook wilde zijn die door Europa zal blijven waaien. Persoonlijk wens ik meneer Grunberg daar heel veel succes mee. Ik, daarentegen, ga liever in zee met Neiman en Riemen.

Ruben Jacobs (1984) studeert sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Mail

Verzamel kunst en steun ons
of word magazine abonnee

Sluit je aan

Wil je meer Hard//hoofd?
Meld je aan voor een nieuwsbrief!

Schrijf je in
test
het laatste
Vruchtvlees

Ontuig

Een ik verkent nieuwsgierig diens pulserende vleeslichaam, trekt zich terug in de kieren van hun zijn en vergroeit tot een thuis. Moni Zwitserloot onderzoekt met behulp van bodyhorror-ervaringen en relaties die buiten het menselijke liggen. Lees meer

:Meta x Kylie Jenner: hoe vrouwen het verdienmodel zijn van mannen ten koste van vrouwen

Meta x Kylie Jenner: hoe vrouwen het verdienmodel zijn van mannen ten koste van vrouwen

In haar column onderzoekt Loïs Blank hoe smart glasses, AI-assistenten en marketingcampagnes laten zien dat technologische vooruitgang vaak leunt op de lichamen, stemmen en veiligheid van vrouwen. Waarom blijven juist mannen het meeste verdienen aan een systeem dat zo afhankelijk is van vrouwen? Lees meer

:Archieven van West-Papua: Over narratieven, liederen en wat als kennis telt

Archieven van West-Papua: Over narratieven, liederen en wat als kennis telt

Wanneer haar opa na vijftig jaar terugkeert naar zijn geboorteland, realiseert Julia Jouwe zich pas hoezeer het ontbreken van West-Papua in het collectieve geheugen van Nederland invloed op haar heeft. Lees meer

CLICKBAIT

CLICKBAIT

Een vrouw filmt zichzelf 24/7 en laat haar acties bepalen door wat anonieme usernames vertellen. In de fysieke wereld heeft ze bijna niets, online heeft ze duizenden fans die haar aanbidden. Hoe kun je macht vinden in kwetsbaarheid? Ankie Klut onderzoekt de grens tussen het verlangen om gezien te worden en de behoefte om jezelf te verbergen achter een digitaal masker. Lees meer

Zien is beminnen 1

Een pluchen harnas

Aan de hand van een berenjas, het COC, een appelgroene broek, non-binair zijn en een rode cabrio neemt Tom Kniesmeijer je mee in de kronieken van zijn eigen genderbeleving. Lees meer

:Met stiekem ‘gay’-gedrag heeft de manosphere niets te maken

Met stiekem ‘gay’-gedrag heeft de manosphere niets te maken

'De manosphere zal niet worden ontmaskerd als we haar van een soort stiekeme homoseksualiteit betichten, maar wel door nauwkeurig te kijken hoe ze werkt en deze manieren van competitie en erkenning te ontmantelen.' Lars Meijer deelt zijn reactie op de column van Marthe Bronkhorst over de manosphere. Lees meer

Als ik Nederland in één woord kon opsommen, zou het dit zijn 1

Als ik Nederland in één woord kon opsommen, zou het dit zijn

Marthe van Bronkhorst sonjabakkert langs de geest van Nederland. 'De drie-eenheid bedrog, bedrijven, en een schijnheilige geest lijkt een patroon in de Nederlandse volksaard.' Lees meer

Zien is beminnen

de bank en de schoot

In deze twee gedichten neemt Sophia Blyden je mee terug naar de jaren negentig en naar de warmte van de schoot van je geliefde. Ze liet zich voor deze gedichten inspireren door twee werken in Museum Arnhem. Lees meer

Zien is beminnen 2

Zien is beminnen

Olave Nduwanje besteedt uren met haar lichaam, kijkt beminnend, en deelt haar ‘poreuze plooien, tastbare rondingen, vochtige openingen, en ademsnakkende lediging’ met anderen. Dit lukt haar nu, na dertig jaar, door haar realiteit te analyseren, in de spiegel te kijken en door porno te maken. Lees meer

Oproepbeeld voor ons jubileumnummer BUBBELS, het tiende nummer van Hard//hoofd Magazine!

Oproep voor inzendingen voor ons jubileumnummer BUBBELS – het tiende nummer van Hard//hoofd Magazine!

Hoe bubbelig voel jij je? Stuur vóór 1 september je pitch in en draag met een (beeld)verhaal, essay, poëzie of kunstkritiek bij aan het magazine BUBBELS! Lees meer

Kunnen we even kappen met al dat normactivisme? 1

Kunnen we even kappen met al dat normactivisme?

Loïs Blank ziet een verschuiving in wat er wordt geroepen in columns, aan talkshowtafels en op sociale media. In haar column onderzoekt ze de opvallende drang om het huwelijk, heteroseksualiteit en zelfs het willen hebben kinderen te verdedigen. Wordt de norm daadwerkelijk bedreigd, of is ze gewoon snel geïntimideerd? Lees meer

Auto Draft 17

Gemarginaliseerde Heiligdommen

Hoe bouw je een heiligdom voor mensen die in de fysieke wereld zelden een monument krijgen? Ida Hondelink bespreekt de indie videogame Plum Road Tea Dream die iets heel bijzonders biedt; een plek van herinnering, herdenking en vruchtbare grond voor intieme gesprekken over queer en van kleur zijn. Lees meer

Shirin Abedi maakt een kunstwerk voor onze kunstverzamelaars: ‘Ik wil de poëzie laten zien die naast de politieke werkelijkheid bestaat’

Shirin Abedi maakte het kunstwerk voor onze kunstverzamelaars: ‘Ik wil de poëzie laten zien die naast de politieke werkelijkheid bestaat’

Als dank voor je investering in de toekomst van onafhankelijke kunst en cultuur ontvang je één of twee keer per jaar een kunstwerk van een veelbelovende maker. Binnenkort valt een kunstwerk van fotograaf Shirin Abedi op de mat bij onze kunstverzamelaars. Welke dat precies is, blijft nog even geheim, maar in gesprek met kunstcurator Sander Bortier vertelt Abedi over haar blik op solidariteit, diaspora en de kracht van beelden die ruimte maken voor nuance. Lees meer

Out-of-office-reply

Waarom iedere Nederlander een ton moet krijgen

Marthe van Bronkhorst is momenteel afwezig en kan haar mail niet beantwoorden. Dit wil ze nog doorgeven: Lees meer

Dit maakten onze 1.700 kunstverzamelaars mogelijk in 2025 1

Dit maakten onze 1.700 kunstverzamelaars mogelijk in 2025

Kunstverzamelaars dragen bij aan onze missie om nieuw talent te ondersteunen en een vrije ruimte te bieden. We leggen graag uit hoe we de donaties in 2025 hebben besteed. Lees meer

Over hoe je echtheid kan dragen

Over hoe je echtheid kan dragen

Leren riempjes die uitdagend uitsteken, of juist veilig verstopt tussen sokken in een mandje. In dit essay reflecteert Imme van Zuilekom op de strapon: die zowel zachtheid, hardheid en samenzijn bevat. Lees meer

Auto Draft 16

Weer thuis voelen in een wegwerpwereld

Onderzoeksprogramma Reparatie Remise vroeg schrijvers, kunstenaars en denkers te reflecteren op reparatie als culturele, sociale en politieke praktijk. In dit essay onderzoekt Lieke Knijnenburg wat het betekent om zorg te dragen voor spullen in een wereld die draait op snelheid, vervanging en voortdurende vernieuwing. Lees meer

 1

Schrijfwedstrijd: door de ogen van Palomar

Stuur vóór 19 juli in voor de schrijfwedstrijd van Hard//hoofd en uitgeverij Cossee. Neem de lezers van jouw kortverhaal bij de hand en laat hen opnieuw kijken en luisteren naar (voelen en denken over) situaties, mensen, objecten, beelden die we allemaal kennen. Of toch niet? Lees meer

Zijn de manosphere-mannen niet stiekem een beetje gay?

Zijn de manosphere-mannen niet stiekem een beetje gay?

Marthe van Bronkhorst ziet het licht na een bezoek aan de MediaMarkt en de sportschool: is er wel zoveel verschil tussen mannenliefde en de manosphere? 'Ik ben maar op één plek in mijn leven nóg vuiler aangekeken dan in de MediaMarkt: de squat corner van de sportschool.' Lees meer

Verwachtingen

Verwachtingen

In dit openhartige en genuanceerde essay deelt Sharon van Oost haar twijfels bij het grootbrengen van een jongen in deze vrouwonvriendelijke wereld. Hoeveel ruimte zal ze hem geven? Heeft ze zijn gender niet al te veel bepaald? Hoe kan ze hem helpen om zelf uit te vinden wat mannelijkheid voor hem betekent? Lees meer

Hard//hoofd zoekt vóór 31 juli 150 nieuwe lezers!

Hard//hoofd verschijnt weer op papier! In ‘Sporen’ verkennen we waar we vandaan komen en wat we achterlaten: digitaal, ecologisch en sociaal. Ben jij ons al op het spoor? Word vóór 31 juli trouwe lezer voor slechts €3 per maand en ontvang in september 120 pagina’s literatuur op de mat. Veel leesplezier!

Word abonnee!