Illustratie: Elise van Iterson

Rutger overpeinst de vele vrouwelijke afwijzingen die hij sinds groep 5 heeft gekregen." />

Illustratie: Elise van Iterson

Rutger overpeinst de vele vrouwelijke afwijzingen die hij sinds groep 5 heeft gekregen." />
Asset 14

Briefje, schoolfeest, Facebook

Je hebt mannen die prima met andere mannen, dieren, moeders, zussen en lelijke vrouwen kunnen omgaan, maar in het bijzijn van een enigszins aantrekkelijk lid van het andere geslacht verworden tot een trillend hoopje mens. Aan de andere kant van het spectrum heb je de ietwat oppervlakkige, nietsontziende seksmachines die vrouwen bespelen als doedelzakken en voor niets en niemand bang zijn. Ik ben de vreemde combinatie van beide archetypes. Ik kan de ene dag met aalgladde praatjes doodonschuldige vrouwen het bed in praten en de volgende dag in totale paniek stamelend anekdotes over mijn kat opratelen. Ik ben soms een player, soms een nerd. Ik ben een nayer. Een plerd.

Al van vroeg af aan probeer ik wanhopig de regels van het spel der liefde in de vingers te krijgen. Aan het begin van groep 5 veranderde ik van basisschool. De opwinding die met de komst van the new kid in town gepaard ging, leverde me direct zoveel verkeringverzoeken op, dat ik voor vier knikkers per week een onderbouwer moest inhuren om alle met moeder’s parfum besprenkelde briefjes te beantwoorden en de uitnodigingen voor ‘Doen, Durf of de Waarheid’ bij te houden. Na een aantal kortstondige maar heftige relaties, waarbij meerdere malen hand in hand werd gelopen en er zelfs voorzichtig was gekust tijdens het spelen van Boompje Tik, raakte ik wat verveeld. Ik had een uitdaging nodig.

’s Avonds in bed klikte ik mijn leeslampje aan - gedempt door de deken omdat mijn vader altijd checkte of er nog licht onder de deur door kwam - en bekeek de klassenlijst. Nikki Lammers kon ik dus ook doorstrepen: nadat ze huisarrest had gekregen was onze romance tot een tragisch einde gekomen. Ik gleed met mijn vinger langs de namen: Lisalotte Hoogstra – al gehad, Samantha van den Boogaard – was ik klaar mee, Nancy de Wit – been there, done that. Misschien had ik op dat moment moeten realiseren dat ik een 10-jarig sletje was. Maar mijn blik viel plotseling op het onderste deel van de lijst: GROEP 6! Dat ik daar niet eerder aan had gedacht! Sarah Veenstra, de elfjarige dochter van mijn tandarts, was mijn doel, zo besloot ik. Een duivelse lach ontsnapte mijn keel, wat me op een reprimande van mijn vader kwam te staan.

De volgende dag werd de procedure in gang gezet: zodra ze haar tafel verliet om haar potlood te slijpen, legde ik het briefje op haar tafel: “Lieve Sarah, wil je verkering? Ja/nee (doorstrepen wat niet van toepassing is).” Na ontdekking van het briefje ontstond er bij de puntenslijper een hevig giechelend overleg van de meisjes uit groep 6. Na de pauze, waarin ik ongeconcentreerd meedeed met een potje knikkeren zodat ik twee bonkers verloor, lag het Antwoord op mijn tafel. Op de ene kant stonden drie grote letters: ‘NEE.’ Op de achterkant stond: ‘Omdat je een sukkel bent.’

Op de middelbare school merkte ik helemaal dat mijn technieken versleten waren. De eerste dag besloot ik dat ik verliefd was op Natalia, een danseres uit 1A met lang zwart haar. Dus deed ik wat ik altijd deed: eerst verspreidde ik het gerucht dat ik haar leuk vond, om vervolgens te wachten tot ik via haar vriendinnen zou horen hoe ze erover dacht, waarna ik met een briefje de relatie zou kunnen bezegelen.

Tijdens gym kwamen de meisjes uit mijn klas naar me toe: “Vind jij Natalia leuk? Zooohooo! Haha!” Ik begreep er niets van. Zo hoorde dit niet te gaan! Toen de school uitging had ik nog geen ‘antwoord’ van Natalia en was ik de hele middag geplaagd. Ik verliet het gebouw. Verderop zag ik Natalia haar fiets losmaken. Dit was mijn kans om het goed te maken. Ik tikte op haar schouder, bij het omdraaien kietelde haar haar mijn gezicht. Ze keek me een beetje verveeld aan. “Ja?” “Hoi,” zei ik, “jij bent Natalia toch? Ik ben Rutger. Je hebt misschien gehoord dat ik je leuk vind. Maar eh… Dat is dus niet zo. Dus. Dat je het weet.” Ze haalde haar schouders op. “Oke!” zei ze en fietste weg. ‘Ha! Dat zal haar leren,’ dacht ik, niet helemaal zeker van mijn zaak.

Illustratie: Elise van Iterson

Net toen ik een beetje door had hoe het op de middelbare school moest (flirten op de gang, toeslaan tijdens schoolfeesten), ging ik studeren en kon ik weer van voor af aan beginnen. In clubs sprak ik altijd meisjes aan die alleen stonden, omdat dat het veiligst was. Ik vergat echter dat dat niet alleen voor mij gold en dat deze meisjes daarom altijd de hoogste verdedigingsmuur opbouwen. De blondine naast wie ik plaatsnam en aan wie ik keurig vroeg hoe ze de muziek vond, zei eenvoudigweg: “Wil je alsjeblieft weggaan?” Een andere avond stapte ik naar een meisje wiens vriendinnen net naar de bar waren gelopen. Ik zei: “Zo. Nu sta je opeens alleen.” Ze keek me spottend aan. “What?” Ah, Engels. In feite een herkansing voor mijn rampzalige openingszin. Maar nee: “I said: So. now you’re standing alone all of a sudden.” Ze draaide zich om en verdween in de mensenmassa.

Nu dacht ik dat ik het spelletje inmiddels wel weer onder de knie had. Al die jaren van stuntelen leken voorbij. Tijdens Oud en Nieuw versierde ik zelfs voor het eerst een meisje in een club. Na afloop zette ik vakkundig de nieuwe procedure in werking: grappig sms'je met voorstel tot afspraak, toevoegen op Facebook en wachten maar. Haar antwoord zou met vrienden aan een grondige analyse onderworpen worden: staat er een knipoogje in, met hoeveel x-jes sluit ze af, wat bedoelt ze precies met ‘lijkt me op zich leuk maar ik kan alleen overdag’?

Nu liet haar bericht plotseling op zich wachten. Fuck, ze was echt leuk. Ik consulteerde mijn adviseurs en het antwoord was eenduidig: bellen, je kan niet anders. Verdomme, ze hadden gelijk. Ik zou levensecht, spontaan contact met haar moeten hebben. Het angstzweet brak me uit. Op Facebook kun je je profielfoto veranderen, een sms'je kun je zorgvuldig construeren, maar een telefoongesprek vergt het maximale van je improvisatievermogen. Een vriend gaf me nog een gouden tip: zorg wel dat je iets aan het doen bent en even tussendoor belt, niets is zo dodelijk als iemand in een stille kamer. Dus toog ik naar de Albert Heijn om daar een half uur met een mango in mijn ene en mijn telefoon in mijn andere hand aarzelend rond te dwalen. Uiteindelijk drukte ik bij de broodafdeling op het groene telefoontje.

“Hallo?”
“Heee!”
“He, hoe is het?”
“Goed, goed. Even boodschappen aan het doen. Jij?”
“Ik ben aan het poetsen.”
“Ah, je huis of iemand anders?”
“…mijn huis.”
“Ah ok. Zeg, ik zag dit nummer op mijn kuit geschreven staan, dus ik dacht: ik bel het even. Wie ben jij eigenlijk?”
“Wat? Ik versta je slecht?”
“Ik zei: dit nummer stond op mijn arm getatoeëerd, dus ik dacht: ik bel het even. Met wie spreek ik?”
“Huh? Stond het niet in je telefoon?”
“Nee… Laat maar, stom grapje.”
“Ah.”
“… [supermarktgeluid]”
“Hallo?”
“Zullen we dinsdag wat drinken?”
“Ja, dat lijkt me leuk.”
“Ok. Misschien ook naar de film? We zien wel.”
“Dat is goed.”
“Mooi, zie je dan.”

Ik werkte jarenlang met briefjes, roddels, grapjes, schoolfeesten, Facebook en sms'jes. Maar je kunt ook gewoon iemand bellen en wat gaan drinken. Ik was het bijna vergeten.

Deze column werd voorgelezen op 10 januari tijdens 'Hard//hoofd Offline', de maandelijkse live-avond in het Parooltheater (volgende aflevering op 14 februari, met o.a. een nieuwe column)

Mail

Rutger Lemm is schrijver, grappenmaker en scenarist. In 2015 verscheen zijn debuut, 'Een grootse mislukking'. Hij is een van de oprichters van Hard//hoofd.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
het laatste
Column: Over geld

Over geld

Eva vergelijkt de manier waarop ze toen en nu tegen geld aankijkt en hoe het verschil in inkomen binnen haar vriendengroep de verhoudingen heeft veranderd. Lees meer

Stukje

Stukje

Marthe van Bronkhorst gelooft het niet: Al die schrijfadviezen van grote namen die beweren hun muze gevonden te hebben. Een oude Griekse visie op inspiratie was dat je zelf niet de inspiratie op moest zoeken, maar dat de muze jóú moest vinden. Ach, wat je maar vooruit brengt. En anders ga je gewoon net zolang boodschappen doen totdat je een ''stukje'' gevonden hebt? Lees meer

Tompouce 1

Tompouce

Eva vraagt zich af waarom de documentatie van haar jeugd ineens leuk moet zijn nu haar moeder alle oude videobanden heeft laten digitaliseren. Lees meer

Alleen samen krijgen we u eronder

Alleen samen krijgen we u eronder

Mark Rutte is het niet vergeten, vanaf vandaag wordt alles soepel! Geef vooral weer die drie zoenen en alsjeblieft: dicht op de mond graag. Waarom zou je denken aan de uitgeputte zorg en de oplopende IC-cijfers als je ook aan jezelf kan denken? Nou dan. Lees meer

Met (voor het eerst!) een illustratie van Melcher Oosterman. Lees meer

Column: Inferno onder de roltrap

Inferno onder de roltrap

Een defecte roltrap op het station herinnert Eva eraan hoe ze als kind soms verborgen werelden en niet per se bestaande systemen waarnam. Lees meer

De nobele kunst van het missen

De nobele kunst van het missen

Marthe van Bronkhorst mist een hoop dingen in haar leven. Haarelastiekjes, de deuk in de bank die ze maakte in het vakantiehuisje, en ze kan maar niet vergeten dat Philip Freriks gestopt is met het journaal. (kom terug, Philip!). Maar waar komt dit missen vandaan?
Met (voor de laatste keer!) een illustratie van Jessica Bacuna. Lees meer

Column: Wasverzachter

Wasverzachter

Een fietstochtje met twee vrienden voert Eva naar een nieuwbouwwijk, waar het leven bij nader inzien toch zo slecht nog niet zou zijn. Lees meer

Een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen, maar een kiezer wel

Een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen, maar een kiezer wel

Marthe van Bronkhorst verdiept zich ter voorbereiding van de verkiezingen in de Archieven der Vergeten Partijen. Ook dit jaar zijn er maar liefst 37 verkiesbare partijen. Wie zijn hen voorgegaan, en zat er dan echt niet een bij die de tand des tijds had moeten overleven? Lees meer

Column: Dingen die we niet gehoord hebben

Dingen die we niet gehoord hebben

Een gehoorbeschadiging is wat Eva van den Boogaard met haar opa gemeen heeft. Verder weet ze niet veel over hem en zijn oorlogsverleden, behalve dat het opgelopen trauma ook zijn nageslacht raakte. Lees meer

Sommige dagen kun je niet oplossen

Sommige dagen kun je niet oplossen

Twee geliefden die niet in elkaar opgaan blijven individuen en in Duo Penotti is eigenlijk best veel van jezelf terug te vinden. Marthe van Bronkhorst neemt een kijkje in haar ijskast, denkt na over wat je bewaart in je vriezer en komt tot de conclusie dat er voor sommige dingen geen oplossing bestaat. Lees meer

Hoe je de maanden op je knokkels telt en andere vragen

Hoe je maanden op knokkels telt en andere vragen

Voor welke simpele zaken heb jij nooit meer opnieuw naar uitleg durven vragen? Voor Vivian MacGillavry was het maanden tellen op haar knokkels. Maar toen ze dat aan een vriendin durfde op te biechten, ontdekte ze iets moois. Lees meer

Interfriention

Interfriention

Eva van den Boogaard viert een vriendschapsjubileum met vriendin I. en blikt terug op een andere vriendschap, die kort daarvoor ten einde moest komen. Lees meer

Tip van Else Boer Wees een meeloper

Wees een meeloper

Soms is een meeloper zijn gewoon een heel goed plan. Schrijver Else Boer legt uit waarom aan de hand van haar nieuwste niet-originele hobby: schaken. Lees meer

Zonder mijn moeder

Zonder mijn moeder

Het wel of niet aanschaffen van een kunstwerk voert Eva van den Boogaard terug naar tijden waarin ze nog niet alle beslissingen zelf nam. Lees meer

Column: In de kruipruimte

In de kruipruimte

In het huis dat Eva van den Boogaard bewoont, bevindt zich een kruipruimte dat de nodige vragen oproept. Lees meer

Column: Veelzeggende kiepau

Veelzeggende kiepauto

In haar laatste column op Hard//hoofd deelt Iduna Paalman een mistroostig inzicht: hoe beter we kunnen praten, hoe minder we kunnen zeggen. Toch brengt het haar tot een hartverwarmende conclusie. Lees meer

Schuldig

Schuldig

Marthe van Bronkhorst maakt een innerlijke reis om haar overleden grootvader te gedenken, die met andere bedoelingen naar Indonesië reisde dan zij lange tijd dacht. Lees meer

 Vergeet de zomer maar (niet)

Vergeet de zomer maar (niet)

Nu fysiek reizen wereldwijd onmogelijk is, rest de verbeelding: fotograaf Cleo Goossens neemt ons mee naar de zonnige uithoeken van onze fantasie. Lees meer

Column: Rommelklanken

Rommelklanken

Het vele videobellen van de afgelopen tijd doet Eva van den Boogaard de waarde inzien van zogenaamde 'rommelklanken'. Lees meer

Tip: Laat alles vallen 1

Laat alles vallen

Annelies van Wijk onderzoekt haar fascinatie voor alledaagse objecten die onverwacht te pletter vallen. Een tip om zelf ook eens als een brokstuk te gronde te gaan, wie weet welke schoonheid er nog oprijst uit de scherven. Lees meer