Asset 14

Oud en Nieuw

Speciaal voor de Apocalypsweek schreef Tim Fraanje dit korte verhaal waarin alles vlamt, knalt en langzaam uitdooft.

Alles ligt braak. Overal rulle handdoeken, vuile onderbroeken, een sigarettenpeuk uitgedrukt in een halve limoen, glazen vol as. Ik wrijf over het klamme laken waar ik onder lig, ik zoek instinctief naar je huid maar grijp in iets drekkigs. Ik kan je wel horen, je snurkt soms en schuift onrustig, maar waar ben je dan? Ik kom half overeind en zoek je silhouet maar het licht is te grijs en te fel. Het prikt in mijn ogen. Snel ga ik weer achterover liggen, in de grillige schaduw die mijn planten werpen vanaf de vensterbank. Ik geef ze te veel water, maar snoei ze nooit. Het zijn kale, verwrongen moerastakken geworden. Mijn hoofd doet erg veel pijn. Wat een ellende.

gif-ruiters

Ik had dit kunnen zien aankomen, daar hoef je geen Nostradamus voor te zijn. Vannacht stonden we nog samen op het dak van een herenhuis, het miezerde en het regende vonken. In de ene hand een sterretje, in de andere een flink glas champagne. Onhandig omhelsden we elkaar. Het vuurwerk, de lachende, schreeuwende, wangzoenende mensen, alles leek onscherp behalve je mond die zei: '...eigenlijk is het ook gewoon leuk samen. We beginnen weer opnieuw...' En dat deden we, de glazen rinkelden zwaarmoedig, we tongden innig en om ons heen leek alles stil te vallen, alsof we in het oog van een wervelstorm stonden.

Ik ben half van de bank gevallen. Mijn benen liggen er nog op, maar de rest van mijn lichaam ligt in de ravage die we hebben gemaakt voordat we gisteravond naar het feest gingen. Het wás leuk, bijna romantisch zelfs. We luisterden harde muziek en dronken alvast wat zoetige cocktails; Caprinha's en Cuba Libres, wat te veel eigenlijk. Een stuk of zes, de zevende namen we mee op de fiets. Toen we net voor middernacht binnenstommelden bij onze vrienden hadden we de champagne eigenlijk al niet meer nodig om het sociale ongemak van de nieuwjaarswensen te verdoven.

Al ging je wel huilen toen je voor de zoveelste keer verloor met Risk. Het is maar een spelletje hoor, zei ik.

Je bent wakker geworden van mijn onhandige katergedrag. 'Gelukkig nieuwjaar,' zeg ik maar je reageert niet echt en bromt alleen een afstandelijk goedemorgen. Echt gelukkig zijn we al een tijdje niet meer geweest, maar ik vond onze relatie nog prima werkbaar. Dat familieweekend tijdens de kerst, bijvoorbeeld, hebben we samen prima doorstaan. Het troosteloos tropische zwemparadijs. De entertainer die op zijn keyboard eindeloos kerstliedjes speelde tijdens het diner. De gesprekken over studies en werk met aangetrouwde tantes. Het prefab interieur van de bungalow, we sleepten elkaar erdoorheen. Al ging je wel huilen toen je voor de zoveelste keer verloor met Risk. Het is maar een spelletje hoor, zei ik. Mensen lachten. Jij keek triest naar buiten, de besneeuwde nacht in. Teder verontschuldigend aaide ik je onder tafel over je been, maar ergens was ik ook wel trots op mijn glorieuze annexatie van Azië. Ik had je legers uitgeroeid tot ver in Kamtsjatka. Jij ging naar bed, ik speelde een laatste potje met wie nog durfde. Toen ik onze kamer binnensloop en naast je kroop, was je nog wakker. Je lag te woelen en wilde met me praten. Ik wist al wat er kwam, twijfels en zorgen. 'Ik ben echt heel moe schatje,' lalde ik. '...welterusten.'

Na onze kus op het dak was ik in een jubelstemming. Toen we van de ladder klommen probeerde ik steeds een sport over te slaan en verloor bijna mijn evenwicht. Ik pakte je arm vast en hoewel het even spannend was, vielen we niet. We waren samen in balans, als twee gracieuze balletdansers. Je schudde gespeeld geërgerd je hoofd. 'Stel je nou niet zo aan...' Ik gaf je een stralende glimlach, sprong het laatste stukje, maakte een pirouette en huppelde weg, de barbarij van het feest in. Ik keek om waar je bleef, je was in gesprek geraakt met een vriendin van je. Jullie gezichten stonden ernstig, het ging zeker weer over haar relatie met een marinier, die altijd maandenlang op een boot zat. En nog steeds vond ze het gek dat het niet werkte. Iemand zei: '…hoe maak je ook alweer een Margarita? Triple sec, citroensap?' 'En tequila!' wist ik. Ik ging wel even een fles zoeken. Jou raakte ik toen kwijt. De tequila vond ik ook niet, hoe erg ik ook mijn best deed en uit elk glas dat ik zag staan een paar slokjes nam om te proeven.

Ik voelde hoe ik steeds leuker werd. Ik gaf een soloshow van een half uur weg bij de karaokeset. Ik danste op een Ikea-stoel van pershout totdat hij in elkaar zakte. Baldadig kuste ik vrienden (m/v) op hun mond. Ik vond mijn weg naar de draaitafel. Plaat na plaat, een plastic fles met iets rosé-achtigs erin. Steeds minder mensen op de dansvloer, maar de echte diehards bleven natuurlijk gewoon. Met zijn drieën zwalkten ze in een polonaise. Marten voorop, rood aangelopen in een door overmatig shaggebruik aangewakkerde hoestbui, daarachter Jacques met een vaal misselijkheidsgezicht en achteraan Famke, haar wangen zwart van de uitgelopen mascara. Ze zoende deze avond met allebei de andere polonaiselopers.

Ik voelde hoe ik steeds leuker werd. Ik gaf een soloshow van een half uur weg bij de karaokeset.

Jij stond sip in een hoekje. Ik zwaaide uitgelaten, terwijl ik met mijn andere hand de volumeknop nog een tandje verder opendraaide. De eerste januarizon diende zich aan. Mijn laatste discohit ook. Misschien moesten we maar eens naar huis. Althans, dat vond jij. Ik lag euforisch op straat. Al een half uur. Ik wilde nog niet mee. Argumenten kaatsten heen en weer tussen de stille gebouwen. 'Ga nou mee,' 'Ik lig zo lekker' 'Ik wil...' 'Ja ik weet dat je naar huis wilt! Dan gaan we toch verdomme naar huis!' Ik sprong op mijn fiets, de tweede poging was raak en ik fietste zo hard dat je me niet bij kon houden. Ik was erg snel thuis en stiekem ook wel moe. Ik wilde de deur opendoen en gaan slapen, maar jij had de sleutel. Je stuurde me een berichtje: 'ik slaap niet bij jou vanavond, lijkt me beter. x'. Maar je moest wel, je moest de deur voor me opendoen. Ik stuurde terug: 'koM NAAR HIEF, DUER IS OP SLOT XXXXX IK HOU VAN J'. Ik dankte autocorrect voor het enigszins beperken van de taalschade. Terwijl ik op je wachtte, leegde ik mijn maag in de vlinderstruik naast de voordeur.

En nu ben je toch bij me. Je ligt in je eentje in mijn tweepersoonsbed. 'Wil je koffie?' vraag ik. 'Nee, ik wil dat je sorry zegt.' Ik zeg het en al weet ik niet meer precies waarvoor, ik voel het schuldgevoel tot diep in mijn botten.

Ik had, toen we eenmaal binnen waren, eerst een halfuur tegen de tegels in de douche aangehangen, warm shampoowater stroomde in mijn apathische ogen en in mijn zure mond. Maar het hielp niet, ik voelde me niet schoon. Jij was gebleven om te kijken of alles wel goed kwam. Je zat op een stoel, op de overloop. Ik schoof langs je heen, maar half afgedroogd. Ik begon mezelf de trap naar mijn zolderkamer op te slepen. Je zei: 'ik ga naar mijn eigen huis, doei,' en ik meende vervreemding te horen in dat woord. Je spuugde het uit en het vloog me naar de keel. Ik draaide me naar je om, in totale paniek.

In een poging mijn waardigheid te herwinnen, trok ik met een groot gebaar het tochtgordijn dat voor de trap hing om me heen.

'Ik heb je nodig!' riep ik. 'Waarom ga je weg?' Je was stil en staarde naar mijn voeten die op de eerste trede van de trap stonden. Ik volgde je blik. Wat was er mis met mijn voeten? Ik had mijn teennagels niet geknipt, was dat het? Gezeik altijd. Terwijl ik zuchtend mijn pupillen sarcastisch omhoog rolde zag ik in een flits de rest van mijn lichaam. Ik besefte me dat ik een nogal groteske scène aan het schoppen was: ik was nog steeds naakt. In een poging mijn waardigheid te herwinnen, trok ik met een groot gebaar het tochtgordijn dat voor de trap hing om me heen. De gordijnringen sprongen in het rond. Het werd de slechtste Griekse tragikomedie. Met mijn handen om mijn noodtoga geklemd hield ik een eindeloze monoloog. Waarom moet het altijd zo ingewikkeld zijn? Waarom al die emoties? Waarom die afstand? Waarom kunnen we niet gewoon normaal doen tegen elkaar? Jij kromp ineen aan mijn voeten. Je velde fluisterend het oordeel: 'het is klaar nu. Hou op.' Je schreeuwde: 'Hou op!' Ik zakte in elkaar, liet het gordijn los dat scheef bleef hangen in dramatische plooien. De show was over.

Vroeger werd ik op oudjaarsnacht altijd uit bed gehaald om naar het vuurwerk te kijken. Bibberend met een dekbed om mijn kinderschouders stond ik dan in de ouderlijke slaapkamer en tuurde door het raam. Aan de overkant staken ze grote Chinese vuurpijlen in een met zand gevulde wijnfles. Drie deuren verder hadden ze Romeinse kaarsen die vuurballen de lucht in zouden schieten. Dat beloofde wat! Veilig vanachter glas wachtte ik op het schouwspel. De buurman, meneer Bernárd, kwam naar buiten gelopen. Het schijnsel van een sigaar verlichtte zijn gelige snor en weerspiegelde in zijn bril met de getinte glazen. Meneer Bernárd had elk jaar een duizendklapper, illegaal uit België. Met stoere bewegingen en een triomfantelijk gezicht zagen we hem over de stoep voor ons huis kruipen om het gigantische explosief uit te rollen. Over de stoep voor zijn eigen huis, over onze stoep, helemaal tot aan het eind van de straat. Zijn vrouw en dochter stonden in de deuropening naar hem te kijken, bezorgd maar ook een beetje meewarig. De secondewijzer tikte voor de laatste keer dat jaar naar de 12. De buurman hield zijn bolknak bij de lont. Daarna zagen we niets meer. Kruitdamp en een heleboel herrie ontnamen ons de kleurenpracht en het vrolijk ijle gefluit dat waarschijnlijk door andere buurtbewoners geproduceerd werd. Meneer Bernárd knalde altijd het hardst.

Ik doe de deur voor je open om je uit te laten. 'Wanneer zie ik je weer?' 'Voorlopig even niet.' Het miezert nog steeds. Overal liggen vuurwerkresten - slierten rood papier die ooit hevig gevonkt hebben worden zompig en vallen
    langzaam
             uit
                elkaar.

Beeld: Tim Fraanje

Mail

Tim Fraanje (M.A.) draait aan knopjes in synthpop-duo Big Hare en organiseert een experimenteel festival dat Sneeuw en Ruis heet. Hij houdt van knutselen, mooischrijverij, zoete cocktails en dansen in misplaatste outfits.

Hard//hoofd is gratis en
heeft geen advertenties

Steun Hard//hoofd

Ontvang persoonlijke brieven
van redacteuren

Inschrijven

Steun de makers van de toekomst

Hard//hoofd is een vrije ruimte voor nieuwe makers. Een niet-commercieel platform waar talent online en offline de ruimte krijgt om te experimenteren en zich te ontwikkelen. We zijn bewust gratis toegankelijk en advertentievrij. Wij geloven dat nieuwe makers vooral een scherpe en eigenzinnige stem kunnen ontwikkelen als zij niet worden verleid tot clickbait en sensatie: die vrijheid vormt de basis voor originele verbeelding en nieuwe verhalen.

Steun ons

  • Foto van Marte Hoogenboom
    Marte HoogenboomHoofdredacteur
  • Foto van Mark de Boorder
    Mark de BoorderUitgever
  • Foto van Kiki Bolwijn
    Kiki BolwijnAdjunct-hoofdredacteur, chef Literair
  • Foto van Sander Veldhuizen
    Sander VeldhuizenUitgeefassistent
Lees meer
het laatste
Praat met mij, niet met de tekst

Praat met mij, niet met de tekst

Wout Waanders is niet alleen dichter en deel van een sexy boyband, maar ook schrijfcoach. Advies geven is natuurlijk leuk en aardig, maar wat gebeurt er als je zelf vastloopt tijdens het schrijven? Kan je jezelf terug de inspiratie in coachen? Alvast een tip: pak geen rode pen.  Lees meer

Een dag uit het leven

Een dag in het hoofd van een lichaam dat niet uit bed raakt

Er zijn zoveel dingen die je zou kunnen zijn. Bioboer, au-pair à Paris, muze, schrijver, schilder, heks... En tegelijk heb je maar één leven om al je ambities in waar te maken. Lies Jo Vandenhende deconstrueert deze tragiek liefdevol door ons een dag mee te nemen in het hoofd van een lichaam dat niet uit bed raakt. Met een illustratie van Tonke Koppelaar. Lees meer

Een ritje maken

Een ritje maken

In dit verhaal van Sonja Buljevac maken Renée en haar oma een wandeling bij de boulevard van Vlissingen. Terwijl haar oma volop geniet, wordt Renée geconfronteerd met de gebeurtenissen van de vorige nacht. Lees meer

De dochter van Baba Yaga met illustratie van Micky Dirkzwager

De dochter van Baba Yaga

Saar, een slapeloze studente, leeft op dubbeldrop en kan haar ex niet vergeten. Op een nacht belt ze haar moeder. ‘Vanaf mijn drieëntwintigste werd het allemaal beter, Saar.’ Is er hoop? Een rauw sprookje van Lena Plantinga over het herstellen van je vrouwelijke intuïtie, of pogingen doen tot. Lees meer

Alsof het stil was 1

Alsof het stil was

In dit korte verhaal van Janna Claudius slapen een van elkaar vervreemde moeder en dochter een nachtje op dezelfde kamer. Lees meer

De tanden van opa

De tanden van opa

Bart en zijn vader brengen het kunstgebit van Barts opa terug naar een Duitse soldaat. Een verhaal van Pieter Drift over het onkenbare verleden en de anoniem gestorven vijand die we nooit helemaal zullen kennen. Lees meer

Ik Zeg Emily

Het verlangen naar Emily is simpel

De debuutbundel van Yentl van Stokkum bevindt zich tussen poëzie en spookverhaal in, waarin een jonge dichter het graf bezoekt van een door haar geliefde schrijver en bezeten terugkeert. Lees meer

Automatische concepten 51

[Hier komt nog iets]

Roos Vlogman is sinds het schrijven van haar eigen roman geobsedeerd door het verschil tussen verzinnen en vertellen. Gaat het vertellen haar zelf altijd makkelijk af? Lees haar tips om inspiratie te krijgen van naaktkatten, op tijd te stoppen met schrijven en om soms net te doen alsof je geen ambities hebt. Lees meer

Kleine witte slang (reptiel

Kleine witte slang (reptiel)

Drie mensen zorgen samen voor een kleine witte slang. De slang lijkt alleen niets van hen aan te willen nemen. Is dat iets ergs, of wordt er een probleem gemaakt waar geen oplossing voor is? Een kort verhaal van Eva Salman over een advertentie op marktplaats, een stoel waarin nooit iemand zit en over hoe soms je best doen niet alles oplost. Lees meer

Kinken in een ruggengraat

Kinken in een ruggengraat

''We liggen samen in bed en ik vraag je om een herhaling van de tijd.
‘Herhaling bestaat niet,’ zeg je, ‘alleen verandering.’''
Een kort verhaal van Welmoed Jonas over hoe nachtvlinders elkaar kunnen vinden in het donker en het wachten op een nieuwe huid. Lees meer

Het Hoofd//stuk: Een ongepland moederboek

Een ongepland moederboek

Helena Hoogenkamp vertelt over hoe haar debuutroman helemaal geen verhaal over moeders moest worden, maar over liefde. Uiteindelijk schreef ze óók over moeders, maar vooral over een verlangen dat zo groot is dat niet uitgesproken kan worden. Maar wat laat je weg en wat vertel je juist wel als je wil vertellen over het onzegbare? Lees meer

Vitamine D

Vitamine D

De hoofdpersoon van dit korte verhaal spreekt met haar therapeut af in de trein. Lekker efficiënt en zo krijgt ze korting op de sessie. Nadeel is wel dat de andere forenzen zich met de therapie gaan bemoeien. Of is dat juist een voordeel? Lees meer

Asrest 1

Nieuwe materialen voor de huid

Voor de Klimaatweek schreef Pieter Van de Walle een gedicht bij het element water, waarin een onheilspellende stilte voor de storm weerklinkt. Lees meer

Asrest

Asrest

Voor de Klimaatweek schreef Meliza De Vries een gedicht bij het element vuur, vol vlammen die telkens weer vergeten worden. Lees meer

onder ons vergeten

onder ons vergeten

Voor de Klimaatweek schreef Johannes Lievens een gedicht bij het element aarde, over vallen en loslaten. Lees meer

De hitte is zwaar als ze op je valt

Voor de Klimaatweek schreef Anke Verschueren een gedicht bij het element lucht, waarin iemand bijzondere souvenirs van omzwervingen verzamelt. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (IV)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (IV)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

 1

Waarom ik geen danser kon worden

In het Hoofd//stuk doen schrijvers een poging om de weg naar het verhaal vast te leggen. Welke tips hadden zij willen krijgen toen ze begonnen? Welk advies zullen ze nooit en dan ook nooit meer opvolgen? Wat is hun advies? Lees het in het Hoofd//stuk. Annelies van Wijk trapt af met de vraag hoe je (g)een alwetende verteller wordt. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (III)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (III)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (II)

Een dag op een gesloten psychiatrische afdeling ten tijde van de pandemie (II)

Doris ter Horst werkt als psychiater in opleiding. Door de coronacrisis wordt ze als behandelaar voor nog meer ethische dilemma's gesteld dan normaal. In haar vierluik geeft ze het woord aan haar (fictieve) patiënten. Een inkijkje in een dag op een gesloten afdeling tijdens een pandemie. Lees meer